Belangrijk: Voor het goed functioneren van nrc.nl maken wij gebruik van cookies (meer informatie).
Hiervoor hebben wij wel eerst je toestemming nodig. Klik op de groene knop als je hiermee akkoord gaat.

Hoe de PVV een raadsheer uit de Hoge Raad weerde

Deze week is strafrechtexpert en advocaat-generaal Diederik Aben wat mij betreft de hoogste eer te beurt gevallen die in juridisch én politiek Nederland voorhanden is. Hij is niet benoemd in de Hoge Raad der Nederlanden. En wel omdat de PVV dat verhinderde en de vaste Kamercommissie voor Veiligheid en Justitie daarin mee ging. De Hoge Raad liet hem deze maand op de voordracht braaf naar de laatste plaats zakken.Het hoogste rechtscollege en de Kamer zwichtten aldus voor het PVV-dreigement de rel rondom de benoeming van hoogleraar Ybo Buruma van dit najaar nog eens dunnetjes over te doen. Diens ernstige tekortkoming was betrokkenheid bij de PvdA, waar de PVV uiteraard niet mee uit de voeten kon. De Kamer negeerde dat en benoemde hem toch. Diederik Aben is door de PVV op de zwarte lijst gezet omdat hij de verkeerde mening had over de wrakingskamer in het proces Wilders. Aben vond destijds de beslissing om de rechters te vervangen namelijk onnodig, slecht gemotiveerd en strijdig met de jurisprudentie. Deze ‘persoonlijke notitie’ lekte uit en zorgde voor rumoer, waarna het parket het uitlekken ‘betreurde’.

Dit alles deed hem deze maand in de Kamer de das om. Geert Wilders vond Aben destijds een „blijkbaar bevooroordeelde advocaat-generaal die in zijn vrije tijd zijn gewraakte vriendjes meent te moeten verdedigen”. Zoals bekend is Wilders geen vriend van onafhankelijke rechtspraak. Zijn maatstaf was toen, en nu, eenvoudig. Wie voor mij is, deugt. Wie niet, die niet.

Het Kamerlid Lilian Helder (PVV) noemde Aben in het vertrouwelijk overleg van de Kamercommissie daarom onacceptabel als lid van de Hoge Raad, expliciet vanwege deze notitie. Als Aben bij de topdrie van kandidaten zou worden gehandhaafd, zou de PVV luid tegen zijn benoeming protesteren. Aangezien dat de tweede keer zou zijn dat er politieke ophef over een nieuwe raadsheer ontstaat, lijdt het gezag van de Hoge Raad weer schade.

Voor die redenering zwichtte de meerderheid van de vaste Kamercommissie. Misschien is het nog te vroeg voor deze benoeming, mompelden de andere partijen vroom. Liever niet weer zo’n circus met schriftelijke stemmingen, die bijvoorbeeld nodig waren om Buruma in de Hoge Raad te krijgen. En dus kozen Kamer en Hoge Raad eieren voor hun geld en wijzigden de voordracht. Haastig wegscharrelen voor de PVV dus. Niemand die het ziet want het is allemaal vertrouwelijk.

Had het hoogste rechtscollege hier een keuze? Was dit opzichtig verlies van ruggengraat of gewoon tactisch handelen? Als het deze keer niet lukt Aben erdoor te krijgen, dan misschien een volgende keer, zo kan president Geert Corstens hebben gedacht. Dan is deze tegenslag tijdelijk, zowel voor persoon als instituut. Een mens loopt in het leven weleens vaker een postje mis, nietwaar? En wie wint er bij een confrontatie met een Kamer die kennelijk breed bezwaren heeft? Overstag gaan was hier dus wijsheid.

Maar een feit is ook dat de Kamercommissie louter politieke bezwaren van een fractie tegen een ervaren magistraat heeft gehonoreerd. En wel omdat een fractievoorzitter in een strafproces met deze magistraat te maken kreeg, al was het maar zijdelings. Alle rechters zijn gewaarschuwd: pas op met Wilders of je carrière lijdt eronder. Feitelijk heeft het Kamerlid Helder de Kamer én de Hoge Raad naar haar hand weten te zetten. Dat opent perspectieven! Bij de PVV is eenieder die kritiek heeft op de partij of de leider persona non grata. Als het lukt om een nieuwe raadsheer met de verkeerde mening over Wilders uit de Hoge Raad te weren, is er meer mogelijk. Hindermacht is ook macht en er zijn héél veel benoemde functies waarin de Kamer een rol speelt. De PVV-lijstjes met ongewenste personen hebben een gouden toekomst. Zeker als instituten en partijen daar kennelijk makkelijk de ruimte voor bieden.

En zo werden er afgelopen dinsdag om vijf over vier bij wijze van hamerstuk in de Tweede Kamer drie nieuwe raadsheren benoemd: Theo Groeneveld, Jules Wortel en Dineke de Groot. Iedereen tevreden. Theo Groeneveld is bekend als fiscalist – hij zat een poosje in het bestuur van de Raad voor de Rechtspraak. Wortel is een voormalige Amsterdamse officier bekend als fraudebestrijder. De Groot is rechter, tevens bijzonder hoogleraar rechtspraak en conflictoplossing die onlangs een knap proefschrift schreef.

Zal Aben ooit tot raadsheer in de Hoge Raad worden benoemd? Als deze kwestie buiten deze kolommen een beetje vaart krijgt, wordt de herrie groter en slinken zijn kansen. Tenzij een Kamermeerderheid zijn ruggengraat terugvindt en de rechtspraak tegen politiek opportunisme en revanchisme beschermt. Zoals het ook hoort. Toch?

Reageren? Nuanceren en argumenteren verplicht. Volledige naamsvermelding.

Geplaatst in:
Staatsrecht
Lees meer over:
Hoge Raad
proces Wilders

126 reacties op 'Hoe de PVV een raadsheer uit de Hoge Raad weerde'

peter klein

´Zoals bekend is Wilders geen vriend van onafhankelijke rechtspraak.´
Wat is dat nou weer voor onzin. Rechtspraak kan in woord onafhankelijk zijn, in daad politiek gemotiveerd. Dat komt in het buitenland voor, maar evenzeer in Nederland. Denk even aan het prces tegen Jnamaart. Daarvan is bekend dat die zaak NU HEEL ANDERS BEHANDELD ZOU WORDEN.
Om een analogie te maken: Het CPB, het Centraal Plan Bureau, doet het voorkomen of haar adviezen gespeend zijn van politieke vooringenomenheid. Totdat laatst bij een advies bleek, dat ze was uitgegaan van de haalbaarheid op socialitische leest, en daarmee in strijd zijnde mogelijkheden bewust verontachtzaamd had, want politiek ongewenst.
Tom Schalken zal zich ook als een professional beschouwen, die louter het wel en wee van goede rechtshandhaving op het oog heeft. Maar toch vreemd dat weer dat bij de serie van Human over het proces wilders hij zegt, dat ie eindelijk zijn woord mag doen-´voor het eerst´!- , terwijl de media vol hebben gestaan met zijn verhaal, inclusief een boek.

Kortom: jensma zit hier weer een partij wegduiken voor de onwelgevallige werkelijkheid te praktiseren. Sinda Fortuijn niks geleerd.

lyngbakken

Allereerst: ik denk dat Aben heel geschikt is als raadsheer in de Hoge Raad, en ik was het helemaal eens met zijn uitgelekte notitie. Dat was ik niet alleen, ik heb bijna geen jurist gesproken die het niet met die notitie eens was.

Toch vraag ik mij af wat de Hoge Raad heeft bezield om Aben nu al op de voordracht te zetten. Niet alleen ik, maar ook de andere juristen die ik sprak over zijn notitie verwachtten dat het uitlekken ervan zou betekenen dat hij een benoeming in de HR voorlopig wel kon vergeten. Zijn dergelijke geluiden niet gehoord bij de juristen van de Hoge Raad?
Het was wijs geweest als de Hoge Raad nog even had gewacht met de voordracht. Daar hadden we meer aan gehad dan aan de wijsheid die nu kennelijk alsnog gekomen is: een wijsheid achteraf.

Daardoor is niet alleen Aben beschadigd, maar ook de drie personen die nu wel op de voordracht staan. Kennelijk zijn zij wel zodanig ¨PVV-freundlich¨ dat ze door de PVV-beugel kunnen. Als ze dat ook zijn is dat voor hen geen punt. Maar als ze dat niet zijn, is door de gevolgde procedure aan hen een onterechte geur blijven kleven.

Dan de PVV: wat een stelletje kleinzerige, rancuneuze schoolpleinkleuters is dat toch!
En het is niet de eerste keer. Dat bleek al eerder uit de door jou, Folkert, genoemde toestanden rond de benoeming van Ybo Buruma, en ook uit de gang van zaken in het proces Wilders. Met het uitgangspunt ¨wie niet voor mij is, is tegen mij¨ is verklaarbaar dat Wilders de rechtbank in zijn 3 wrakingsverzoeken partijdig vond, terwijl zij dat niet was.
Het gaat bij die rancune niet alleen om leden van de rechterlijke macht, maar ook van de uitvoerende macht, de politie. Denk maar aan de toestanden rond het twitterbericht (de PVV is fascistisch) van de Drentse politiekorpschef Gerda Dijksman. Ook mocht bijv. korpschef Welten van Amsterdam niet zeggen dat hij niet zat te wachten op animal cops.

Het gaat om rancune, maar ik vermoed dat de PVV Tweede Kamerfractie wel een legitimatie van haar handelen kan geven: dat de Tweede Kamer als democratisch gekozen orgaan de hoogste staatsmacht is waaraan de andere (niet democratische machten) ondergeschikt zijn.
Juist om platte wraak door de overheid tegen de gaan, bedacht Montesquieu echter de trias politica, waarin geen van de staatsmachten het absoluut voor het zeggen heeft, maar in balans wordt gehouden door de andere. Elk van de staatsmachten wordt bevolkt door mensen met hun driften. Daarom heeft elk van de staatsmachten tegenwicht nodig. Het balansmodel zoals eerder op dit forum besproken.

Nut en noodzaak daarvan zijn maar al te duidelijk in dit voorbeeld, overigens niet alleen aan de kant van de PVV. Bij een balansdenken zou de Hoge Raad niet zo naïef zijn geweest als ze zich heeft betoond.

Maar het gaat om meer dan de balans. De opstelling van de PVV creëert een angstcultuur en (als het zo doorgaat) een overheidsapparaat dat alleen nog bestaat uit ja-knikkers.
Dat heeft kennelijk ook de Tweede Kamer al bevangen, want die heeft zich hier laf en als een ja-knikker opgesteld, in plaats van het debat aan te gaan. Het terugleggen van de bal bij de HR was geen oplossing: er was al te veel schade. Ga dan de strijd aan en laat zien waarom de rechtsstaat belangrijk is en -niet te vergeten- wat een stelletje rancuneuze schoolpleinkleuters die PVV is. Laat Wilders zien dat je als kamerlid boven de rechtszaak moet staan die je tegen je wil moest voeren.
De Tweede Kamer is ook de plek bij uitstek voor een dergelijk debat.

Ik vrees dat dit niet de laatste keer is geweest, maar hoop dat de volgende keer het balansmodel bij alle staatsmachten echt tussen de oren zit en dat de Tweede Kamer wel gewoon haar rug recht houdt en de strijd aangaat.

tjark reininga

In de VS is het een goede gewoonte dat voor benoemingen als deze in de Senaat openbare hoorzittingen met de kandidaten gehouden worden, waarna de voordracht al dan niet wordt bekrachtigd. de benoemingen van dit jaar in de zogenoemde Hoge Colleges van Staat (Raad van Staten, Algemene Rekenkamer e.a.) laten opnieuw de zwakte zien van de in Nederland gebruikelijke vertrouwelijke procedures. Alleen al om die reden ligt het voor de hand ook hier naar de Amerikaanse procedure te kijken.
Daarin zouden kandidaten, nadat ze in een min of meer technische sollicitatieprocedure van het betreffende college zelf zijn voorgedragen (bij voorkeur in een meervoudige voordracht), door (een commissie van) de Eerste Kamer gehoord moeten worden, waarna deze kamer de voordracht bekrachtigd en de benoeming door de Kroon volgt. deze procedure zou ook gevolgd kunnen worden voor de leden van de Hoge Raad, de kroonleden van de Sociaal Economische Raad.
Bovendien zou in een hiervan afgeleide procedure ook de benoeming van burgemeesters, comissarissen van de Koning en dijkgraven worden geregeld, dat geeft meer transparantie en democratische betrokkenheid

Koos den Boer

Gelukkig de afrekeing is begonnen hé! Wat vroeger PvdA en CDA deden doet nu gelukkig de PVV: politiek onwelgevallige bvenoemingen torpederen: zo is hbet land altijd geweest als het op belangrijke sociale/bestuurlijke functies aankomt. Dus typisch Nederlands en niets mis mee! Alleen een beetje zuur van de lionkse rakkers!

Har Davids

Ik ben niet veel meer dan een leek in deze, maar het lijkt mij dat de Kamercommissie wel iets meer professionaliteit had mogen tonen. De her Aben heeft, lijkt mij, als jurist stelling genomen in de wrakingskwestie die de heer Wilders betrof. De rancuneuze wijze waarop de PVV andermans vrijheden en, bij deze aanstellingen, wenst te beperken, en de steun die daarin gegeven wordt door derden kan op deze manier tot een Berufsverbot leiden voor ieder die de PVV tegen de haren in strijkt. Ironisch dat VVD en PVV beiden het woord ‘vrijheid’ in de naam voeren, maar niet langer lijken te weten wat dat begrip inhoudt als het anderen betreft.

Michiel Jonker

Uit het artikel wordt me niet volledig duidelijk wat de respectieve rollen van de Hoge Raad en de TK-commissie zijn bij de voorbereiding van de benoeming. Doet de HR eerst een voordracht, wordt die daarna (vertrouwelijk) besproken in de TK-commissie en wordt de uitkomst van dat overleg vervolgens teruggemeld aan de HR? Heeft de HR de bevoegdheid om een eigen voordracht door te zetten, ondanks eventuele bezwaren van de TK-commissie?

Of is dit allemaal in de wandelgangen afgehandeld?

Het grootste probleem voor de legimiteit van de rechterlijke macht lijkt niet zozeer druk van Wilders en andere bestuurders te zijn, als wel een gebrek aan zelfvertrouwen en rechtsstatelijke ruggegraat bij rechters zelf – een diepe angst voor een conflict dat de zaken op scherp zou kunnen zetten, maar ook zou verhelderen. Het zal wel met de poldercultuur te maken hebben.

Met zijn (eerste, succesvolle) eis tot wraking legde Wilders destijds de vinger op een wonde plek, namelijk dat ten minste één rechter zich, blijkens een opmerking ter zitting, onvoldoende bewust was wat het betekent om als rechter niet vooringenomen te zijn. Of dit tot een toewijzing van het wrakingsverzoek had moeten leiden, is een andere vraag. Persoonlijk vond ik het, in de omstandigheden destijds, wel een goed signaal aan alle rechters om ze op dat punt weer scherp te krijgen. De juridische finesses en jurisprudentie ken ik niet. Wel herinner ik me een hilarische Fokke en Sukke-cartoon, waarin de twee vogels het in in de rol van rechters nog eens dunnetjes overdeden.

Het pijnlijke aan het niet benoemen van Aben is niet dat er in de TK-commissie kritiek op hem werd geuit (waarvoor is die commissie er anders, het is toch geen stempelmachine?), maar het gebrek aan transparantie en het feit dat de HR kennelijk (als Jensma’s stelling klopt) niet op grond van inhoudelijke argumenten de voordracht wijzigde, maar alleen om openlijk conflict te voorkomen. Nu dit alsnog bekend is geworden, gaat de HR er misschien alsnog inhoudelijke redenen bijzoeken, d.w.z. Aben nog verder “offeren”, maar dat zou niet heel geloofwaardig meer zijn.

Waarom die “vertrouwelijkheid”? Wordt het niet tijd dat we overschakelen naar een openlijke discussie over de benoeming van hoge rechters, waarin zowel de Hoge Raad als politieke partijen stelling kunnen nemen? In Amerika worden kandidaten voor het Supreme Court door de president voorgedragen en vervolgens publiekelijk ondervraagd door volksvertegenwoordigers. Dat leidt tot de nodige demagogie, en het succes van de kandidatuur is afhankelijk van politieke besluitvorming in een gepolariseerd tweepartijen-stelsel. Wat we in Nederland zouden kunnen doen, is de bevoegdheid om een voordracht te doen, bij de Hoge Raad laten, maar de Tweede Kamer de bevoegdheid geven om op die voordracht publiekelijk een niet-bindend commentaar te leveren.

Paul Freijzer

Goed dat de journalist van de NRC aandacht heeft besteed aan de dubieuze procedure (door interventie van de PVV via de beschreven vorm van chantage) van een benoeming in de Hoge Raad ipv een integere benoeming op uitsluitend kwaliteit en ervaring. Jammer dat het artikel niet de voorpagina van het NRC heeft gehaald met een grote kop in vooral in vette letters. Maar, NRC ga a.u.b. wel stug door met de onderzoeksjournalistiek en breng misstanden cq dubieuze praktijken prominent in beeld (bij grote voorkeur op de voorpagina graag). Hiermee zal de NRC haar niveau van kwaliteitskrant nog meeer onderstrepen.

a.zecha

Dat in een westerse fatsoenlijke democratische rechtsstaat de trias politica in ere wordt gehouden is te wensen vermits een belangenverstrengeling tussen deze drie staatsmachten mijns inziens schade berokkend aan de kwaliteit van een democratische rechtsstaat.

De zeer evidente partijpolitieke aanstelling van de vice-voorzitter in het hoogste rechtscollege voor bestuurszaken is één van de recente voorbeelden waarbij het gehalte van een democratische rechtsstaat onder druk komt te staan en daardoor ook de betrouwbaarheid van zowel het hoogste bestuursrechtscollege alsook van de rechtsstaat.

De feitelijke informatie die in het onderhavig artikel wordt verstrekt is mijns inziens wederom een duidelijk signaal binnen een korte tijdsspanne in welke richting de democratische rechtsstaat, de Staat der Nederlanden, klaarblijkelijk voortgaat zich te ontwikkelen; kennelijk tesamen met een collaborerend instede met een onafhankelijk controlerend/corrigerend parlement.
a.zecha

N. van Dijke

Inderdaad: Wilders is geen vriend van onafhankelijke rechtspraak. Het woord rechtspraak betekent volgens hem een keuzemenu waar men naar believen uit kan kiezen en de rechtspraak is er altijd voor een ander niet voor Wilders, die staat boven de wet. En de politiek vindt het wel best…voor hen is hij een nuttige figuur om de eigen macht door te zetten.

bas kraag

De selectieve verontwaardiging van links begint ziekelijke vormen aan te nemen. Als mede door bemoeienis van de PVV een andere dan de door de Linkse Kerk beoogde kandidaat wordt benoemd vliegt men de luid krijsend gordijnen in, als daarentegen middels allerlei manipulaties en machinaties ergens weer eens een linkse discipel wordt benoemd is de stilte oorverdovend..

H.D. Gelderloos

Raak. Wees niet verbaasd als er maandag kamervragen komen waarin wordt gesuggereerd om de redactie van recht en bestuur te ontslaan.

Vrijheid van meningsuiting is blijkbaar te reguleren. Daarmee keren we terug naar een primitieve samenleving; steeds als meneer iets op zichzelf zou kunnen betrekken volgt een beroepsverbod.

karel groot

Dagelijks wordt de PVV geestelijk geterroriseerd door partijen als PvdA GL D66 SP met steun van de bijna volledige aan hen gelieerde schrijvende en beeldende pers. Er vindt openlijk karaktermoord plaats op leden van de PVV die naar buiten treden. De argumenten zijn er niet of van kwalitatief laag allooi. Deze agressie geschiedt om hun macht in stand te houden. Die macht zit veelal in het ambtrenarenapparaat, onderwijs, gezondheidszorg en de juridische afdeling. Is het dan zo gek dat de PVV haar eisen stelt in de profielschets? Allereerst dient er jurische kwaliteit te worden geboden door de nieuwe jurist en natuurlijk ook een partij politiek neutrale staqnspunt en niet een bij voorbaat anti PVV stellingname. Dat is volkomen logisch of willen PvdA SP D66 en GL dat de PVV zelf gaat meedoen aan hun achterlijkheid? Het moet niet gekker worden.

CCh Mout

Ja, de NRC. tot voor kort het PVV clubblad, komt er pas laat achter dat de PVV staat voor Partij voor Vrijheidsbeneming en ander ongerief. Nu zijn de ogen van Jensma tenminste open gegaan. Niet zeker is of de hele reactie nu “om” is. Laten we het hopen.
Opvallend is dat de Kamercommissie die over de voordrachten HR gaat geen rechte rug heeft. Wie zitten daar in? Je zou denken dat weldenkende kamerleden mej. Helder een zwemoefening in de Hofvijver zouden hebben aangeboden, om haar te leren in een fatsoenlijk politiek Haags milieu (bestaat dat nog?) het hoofd boven water te houden.
Opvallend mag zeker ook genoemd worden dat de HR onder Corstens, in deze zaak een op “De HR in oorlogstijd” gelijkende houding vertoond. “Ubi Justitia Deficiunt Incipit Bellum” was het motto waaronder de Raad recht sprak. Is dit motto uitgewist? Het lijkt erop: mr Aben moet zijn gebruik maken van het vrije woord bekopen met een carriere stop.
Met de terugtrekking van de voordracht Aben is een deal gesloten met de Hindermacht.
Fatsoenlijke rechters zouden dat niet moeten doen. Bij de volgende voordracht staat de HR met de pet in de hand bij de Kamercommissie…

C.Ch. Mout

Jeroen Nijenhuis

Ik heb het artikel vandaag met stijgende ontzetting gelezen. De strekking van de blog kan ik volledig onderschrijven. Het is zeer, zeer te betreuren dat zowel de kamer als de hoge raad geen ruggengraat toonden in deze. Als enkel grijze muizen mogen worden benoemd die nooit pvv-vijandig zijn geweest in woord en geschrift gaan we het pad van de gelijkschakeling op.

Rob Kragting

Hoezo bestaan er geen “lijstjes”? In de praktijk blijkt dit wel zo te werken, het beroepsverbod voor “linkschmensen”. Wat Bosma ook mag schreeuwen. Zie ook http://stophetgevaarwilders.blogspot.com/

Sander van der Linden

Gelukkig schudt Wilders het door en door incestueueze wereldje van de rechtspraak eens even duchtig op. Dat er slechte verliezers in deze tak van sport huizen is evident. In het steeds eenzamere bos huilt deze verslaggever nog even een stevig potje mee. Ik zou zeggen: kritiek en transparantie. Wen er maar aan. Al het gehuil en gejammer over populisme (vorige artikel) en onderbuikgevoelens ten spijt.

p.gorissen

Electoraal gewin heeft er wederom voor gezorgd dat de irreele visie van de PVV wordt gevolgd. Hebben de partijen geen ruggegraat meer?

Wieb ten Wolde

Goed stuk. Jammer dat Henk en Ingrid dit niet lezen.

R.E. Meyer

De politiek en vele journalisten weigeren in te zien dat de PVV een anti-democratische beweging is. Men verwacht normale afwegingen en reacties van deze club. Dit is zeer naief.
De haters van de PVV, vooral haat tegen elders geborenen,komt steeds weer boven. De onwenselijke PVV-inmenging bij de benoeming van rechters zal verergeren. Dit soort bewegingen dsikwalificeert personen met oneigenlijke argumenten, en vraagt zelf aan anderen niet naar de onoirbare praktijken te kijken van de vertegenwoordigers van de stichting PVV te kijken.
Ik nodig u uit te kijken naar de argumenten welke de NSB gebruikte in periode 36-45 om JODEN uit o.a. bestuurlijke funkties te weren en die welke de PVV van Wilders gebruikte om de benoemingen van de staatssecretarissen Aboutaleb en Albayrak, beiden IMMIGRANT,te saboteren in 2007.
Zie de Handelingen van de Tweede Kamer van 15 februari 2007 en de Handelingen van de Tweede Kamer van 14 december 1937 waar het NSB-kamerlid DIETERS het woord voert over DE JODEN.
Daarmee is alles gezegd, argumentatie is exact hetzelfde.

Peter Lotman

Wat is er trouwens verkeerd aan de eis van de PVV dat de Hoge Raad enigszins een afspiegeling van de samenleving moet zijn, – en niet alleen een banenmachine voor links-activistische rechters? Eén Buruma is voldoende.

R.T. de Vries

De mate waarin een ondemocratische eenmansbeweging de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht openlijk tracht aan te tasten is werkelijk griezelig groot.
Griezeliger vind ik alleen nog de mate waarin ze daarin slaagt door hoe weinig de Kamer en -commissie blijkbaar hechten aan zorgvuldige scheiding van de machten c.q. een van de beginselen van een zuivere democratie!

R.T. de Vries

Moet overigens wel bekennen dat ik niet méér informatie heb dan dit artikel en berichtgeving van de afgelopen tijd over dit een verwante onderwerpen; ik ben geenszins een deskundige.

Adriaan de Milde

Politieke stabiliteit is een groot goed als het betekent dat er daadkrachtig opgetreden kan worden en het land een schipper met een duidelijke koers aan het roer heeft staan. Je kunt beredeneren dat daar zo nu en dan een voordragen persoon voor moet sneuvelen.
Maar bij de huidige malaise op nagenoeg alle beleidsterreinen, is van daadkracht bij deze gedoogde coalitie geen sprake, en zijn we waarschijnlijk niet slechter af met een verdeelde linkse coalitie.
Met andere woorden: regering en kamerleden, houdt alstublieft uw rug recht, en laat u niet koeioneren door zogenaamde gedoogpartners. Er valt niets meer te gedogen; laat ons nu niet (voor niets) ook nog onze integriteit verliezen.
Adriaan de Milde

Kees Cornelder

Aha, de PVV heeft dus het principe van het ‘Berufsverbot’ ontdekt.
Wel….. dat wordt dus met gelijke munt gaan terugbetalen!

Voorstel: elke PVVer in raad, staten of parlement op een zwarte websitelijst zetten die openlijk te raadplegen is voor iedereen die antecedenten wil onderzoeken van degenen die solliciteren, opdrachten willen binnenhalen, in een verenigings- of stichtingsbestuur willen zitten etc.
Nut? Kaf moet van koren gescheiden kunnen worden.

Wie zaait die zal oogsten.

Kees de Jongen

“Toch?”? Twijfelt de schrijver aan de juistheid van zijn stellingname of is het een (overbodige) retorische vraag? Laten we maar uitgaan van het laatste.

Om de vraag ‘toch’ te beantwoorden: als een Kamermeerderheid inderdaad de oren laat hangen naar Geert Wilders zoals in het artikel beschreven, dan is dat heel treurig.

paul christiaan

Is de NRC niet zelf ook debet aan deze selectie door een meneer een podium te geven voor abjecte opvattingen, auteur van een boek waarin statistieken worden verdraaid, mensen verkeerd worden geciteerd (J. de Kadt) en anderen verdacht gemaakt, waarin integere denkers (Hayek) leugens in de mond worden gelegd ( tussen sociaal-democraten en nazi’s bestaat geen verschil), en bovenal door een hoofdredacteur die het een ‘goed boek’ vond?

Roel Stern

De PVV gaat het nog ver schoppen met respectloosheid en opkomen voor het eigen belang als enige herkenbare politieke drijfveren. Wat een ellende dat in Nederland de onmacht om met deze oeroude mechanismen om te gaan zo verbijsterend groot is!

Erik van den Berge

Een volk dat voor tirannen zwicht

Erik van den Berge

zal meer dan lijf en goed verliezen

Erik van den Berge

dan dooft het licht

Peter Vollebregt

Ongelooflijk! Eerst Donner via de achterkameretjes bij de Raad van State naar binnen duwen en nu kunnen alleen de vriendjes van Wilders nog benoemd worden in de Hoge Raad. Nederland is nu de facto een Bananenrepubliek. En wat doet de rechterlijke macht nu? Dit is gewoon ronduit gevaarlijk!

Martijn Hoogeland

Waarmee dan weer eens duidelijk wordt dat PVV een fascistische beweging is die lak heeft aan democratie en meritocratie. En net zoals vroeger linkse zaken werden gedoogd die niet zo handig waren (volle WAO, geen inburgering) wat leidde tot een breed gevoeld onbehagen, houden de politici nu weer hun mond terwijl de slinger naar rechts doorschiet, allemaal voor in het kader van polderen/ gedogen. Het wordt hoog tijd voor een waarachtige liberale partij: één die vrijheden gunt aan mensen, zonder anderen overmatig te hinderen. Het kan niet zo zijn dat de luimen van een persoon het leven van zoveel anderen (negatief) beïnvloedt.

Frank Roos

Waarheid en principes zijn voor deze Kamercommissie als een schilderij in een onverlichte kamer. Hol populisme regeert dit land. En dan maakt men zich zorgen om de economie. De crisis is een griepje vergeleken met het bruine gevaar dat hier woekert.

Hendrik de Kruijk

Aben miste de voor de Hoge Raad zo noodzakelijke “politieke antenne” toen hij besloot zich als buitenstaander uit te laten over de zaak Wilders. Juristen die “persoonlijke notities” over zo’n belangrijke en vooral gevoelige zaak (laten) lekken, horen niet in de Hoge Raad thuis. Niet de inhoud van de notitie is relevant – die kan juridisch volledig juist zijn – maar de reden waarom hij deze notitie schreef en lekte. Indien Aben invloed wilde uitoefenen met de dit schrijven, heeft zijn dadendrang zich nu tegen hem gekeerd. Indien hij slechts een wetenschappelijke beschouwing schreef, is hij er niet in geslaagd dit duidelijk met de buitenwereld te communiceren. Ik wil geen leden van de Hoge Raad die met “gelekte” documenten invloed proberen uit te oefenen of die slecht communiceren over gevoelige documenten. Folkert Jensema heeft hier blijkbaar minder moeite mee. Of zijn misschien de vijanden van de PVV zijn vrienden?

Willem Toose

Het feit dat het omtrent Aben eerder lekte maakt hem voor iedere mogelijke voordracht tot benoeming ongeschikt omdat het dan waarschijnlijk weer zal lekken.

Luberta Hasper

Heeft men in de Tweede Kamer dan nooit van de Trias Politica gehoord? Hoever kan een volksvertegenwoordiging afgaan….. Zover als het volk toestaat. Tijd voor protest! We moeten ons verstand weer gaan gebruiken en leren van de lessen uit de geschiedenis. Nu moeten we ons schamen voor dit soort acties in Den Haag. Wanneer komen er weer politici voor wie we respect krijgen? Over een land in crisis gesproken…..

e.smid

‘Hij is niet benoemd in de Hoge Raad der Nederlanden.En wel omdat de PVV dat verhinderde en de vaste Kamercommissie voor Veiligheid en Justitie daarin mee ging.’ aldus bovenstaand artikel. Willen we
voorkomen dat een politieke partij (zoals Wilders) invloed krijgt
op de benoemingen, dan moet men juist niet,om verdere moeilijkheden te voorkomen, gedwee de wil van die partij volgen.Daarmee wordt die partij juist in de kaart gespeeld en krijgt dus haar zin.(Afbraak van het onafhankelijke rechtssysteem).Protesteren,hoe moeilijk dat vaak is, loont, als het gaat om principieele zaken. En dat lijkt me hier toch wel degelijk het geval te zijn.Volgende keer beter laten we hopen

Johan de Vries

Het is toch niet te geloven hoe iedereen zich maar in een hoek laat drukken door Wilders. De intimidatie praktijken van Wilders zijn op het fascistische af, dat is al erg genoeg, maar dat de hele Nederlandse democratie zich door die man laat gijzelen is nog veel erger. Ik ben de laatste tijd zo enorm teleurgesteld geraakt in de mensen waar ik op heb gestemd. We kijken met z’n allen toe en laten het gebeuren…

H. Oosterveld

De tendens van een kabinet dat het vertrouwen van de burger afbreekt doordat er telkens weer met een aap uit de mouw komt, uitgaven ter grootte evenveel miljarden aan een bodemloze put als de geplande bezuinigingen is eng.

Een populist die nu toch al dit soort invloed heeft is ook eng. Volksmenner was het oude spookbeeld, Wilders heeft daar de vaardigheden en mediamacht nu nog niet voor. Stel je voor: Wilders met de macht en middelen van Berlusconi een aantal jaren geleden… Nachtmerrie!!!

De combinatie van die twee is Europa in de vorige eeuw behoorlijk uit de hand gelopen. Daarom waardeer ik de analyses in dit blog, ze vertellen over hoe we omgaan met onze afspraken, onze beslissingsbevoegdheid. Onze wetten en de politiek.

Nederland is geen Duitsland van zeventig of tachtig jaar geleden, Wilders geen fascist, maar nu niet willen kijken naar de les die we van de tweede wereldoorlog kunnen leren zou heel dom zijn. Dat kan alleen als ook de tendens van invloed van- en angst voor de PVV zichtbaar wordt gemaakt. Prima artikel!

iva van heutsz

het wordt steeds erger en onvoorspelbaarder.

W. Wilkens

Als we even door de partijpolitieke perikelen heenkijken, dus wel of geen voorstander van de PVV, dan blijkt natuurlijk de ‘rel’ om Buruma al te veel van het goede.
Immers,achteraf gaf de raadsheer zijn lidmaatschap van de PvdA op om de schijn van partijdigheid te vermijden. Alsof niet zijn gedachtengoed hierdoor gevormd is. Bovendien waakt hij als hoogste rechter over een van de klassieke grondrechten, namelijk het recht zich aan een politieke vereniging te mogen verbinden, en wie nu al zwicht, is hiertoe dus ongeschikt.
Naar Aben.

De rechterlijke macht is de enige van de 3 machten die niet extern wordt gecontroleerd door de burger. Op wetgeving en bestuur heeft de burger dan nog wel enige invloed, maar Nederland speelt het als (bijna) enige land klaar de rechtspraak zonder leken in handen van een aardig besloten beroepsgroep te houden. Dat enkel op grond van vertrouwen dat het wel goed komt. Om nog enigszins te schijn op te houden zijn wrakingsrecht en klachtenrecht ingevoerd, die kortweg inhouden dat een rechter over een collega oordeelt (Het recht om zelfstandig een aangifte bij de rechter te mogen doen,zoals bijvoorbeeld Frankrijk en Duitsland dit kennen, kennen wij evenmin. Hier loopt het spoor na een diffuse klachtenprocedure dood bij het Gerechtshof).
Wie enigszins vertrouwd is met deze fenomenen weet dat een klacht of een wraking amper kans van slagen heeft, eenvoudigweg, omdat men bij de rechterlijke organisatie (als totaal) elkaar nu eenmaal niet afvalt (Ook andere instituten lijden hieraan, getuige bijvoorbeeld de perikelen in de RK kerk).

Wat Aben nu heeft gedaan, is, na al een krakkemikkige procedure, zijn gelijk proberen te halen in een interne notitie. Weinig ‘transparant’, waarbij het beroep op de eigen rechtspraak wellicht nog het zwakste argument is.

Een ambtelijk reflex die mogelijk in de Wilders’ context sympathie oproept, maar die met onafhankelijkheid van de rechtspraak helemaal niet te maken heeft. Integendeel.
Aben heeft ‘de zaak’ geen goede dienst bewezen en terecht dat hij niet is benoemd.
De beloning van de Hoge Raad voor bewezen diensten was uiteraard te verwachten, maar beter lijkt het mij toe dat de Tweede Kamer ertegen waakt dat dit soort magistraten alsnog wordt benoemd.

Haar inspanningen zouden eerder de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht moeten gelden, want daar ontbreekt nog van alles aan.
Persoonlijke terleurstellinkjes vallen hier tegen weg.

Jan de Vries

Ik vind dit een tendentieus stuk. Waarop is een uitspraak “Zoals bekend …” gebaseerd? Zijn niet al dit soort benoemingen in eerste instantie politiek gemotiveerd? Kijk eens naar die andere recente benoeming, voor de RvS, waarbij andere politici en een mevrouw uit Den Haag hun zin doordrukken op gronden die niets of weinig met de kwaliteiten van kandidaten te maken hebben. Ik ben geen vriend van Wilders maar vind bovenstaand stukje nogal gezocht. Zo kun je bij iedere politieke benoeming wel iets vinden op basis waarvan je met iemand probeert af te rekenen.

Voor NRC als geheel: probeer eens een week niet aan Wilders te denken. Dat zou m.i. de kwaliteit van de krant zeer ten goede komen. Nu wordt het telkens en in steeds grotere mate een verschrikkelijk gezeur over dingen die iedereen, en zeker de lezers van de krant, al lang weten.

henk korbee

Het is overduidelijk uit Wilders’ reacties gebleken dat hij absolute heerschappij nastreeft. De PVV kan het niet alleen verhinderd hebben, medewerking van andere belanghebbenden was hierbij nodig. Mijns inziens bestaat de ruggengraat van de 2ekamer uit het dingen ‘naar de gunsten van de kiezer(keizer Wilders?)’. Wat betreft de PVV nog het volgende: U had een vergissing gemaakt omtrent expliciete intenties van de PVV-ideoloog Bosma wat naderhand rechtgetrokken werd. In het verweer van de heer Bosma werd geen enkel gewag gemaakt van die verontschuldigingen. Een veel gebruikte strategie van deze ideoloog: het voortdurend beschuldigen van de tegenstander van gesticht kwaad die jezelf veroorzaakt hebt. Men zal toch meer aandacht moeten schenken aan ‘mijn strijd tegen het linkse kwaad’ van de PVV maar dan nuchter zoals Ton Derksen dat deed in zake onduidelijke veroordelingen.

r.schonthal

Het lijkt op de jaren dertig in Duitsland,een gevaarlijke ontwikkeling.

Bert Vlierman

Deze gang van zaken is treurig. Maar is ze niet kenmerkend voor de essentie van vrijwel alle benoemingen in hoge functies, politiek bepaald of niet?

Martinus de Borst

Dit lijkt mij een kwestie van ´gelijk hebben´ en ´gelijk krijgen´.
Het eerste is meestal objectief vast te stellen, het laatste is sterk afhankelijk van context. Dit artikel bewijst voor mij, dat Geert Wilders rustig doorzaagt aan de tak, waar hij zelf op zit.
Geert Corstens kon wel eens heel slim gehandeld hebben.
Ik wens de 3 nieuwe raadsheren, veel succes.

j. de jong

Als dit allemaal klopt en zo klinkt het wel is dit een slechte zaak. Ik vermoed overigens dat in het verleden door andere politieke partijen ook wel eens dit soort spelletjes werd gespeeld.

f.oosterhof

En natuurlijk zwicht de Nederlandse besluitvorming voor dit soort leeghoofdige dreigementen. Is dit het fundament waar de Nederlandse bestuurders voor staan? Je krijgt als land waar je om vraagt. Onbenullig, totalitair, cultuurondermijnend gedachtegoed. Rechters die iets (politiek)vinden en het uitspreken zijn een bedreiging voor de jurisprudentie in de samenleving (aldus de PVV) Rechters die ook iets vinden maar het niet uitspreken kunnen wel door de beugel? laten we op zoek gaan naar rechters die niets vinden, sterker nog laten we op zoek gaan naar een volk dat niets vindt en het denken over laat aan de PVV. Zou het niet moeten gaan over de zuiverheid in het toepassen van de wet? Welnee daar zorgt de PVV wel voor. Goh , waar doet mij dit toch aan denken.

Ton Schijvenaars

Dat de pvv probeert de rechtsstaat om zeep te helpen is bekend, maar dat vvd, cda en het kabinet daar aan meewerken is een democratisch dieptepunt. Waar is het zelfreinigend vermogen bij deze partijen die ooit fatsoenlijke middenpartijen waren?

Ik hoop echt dat de nederlandse kiezers er korter over doen dan de italianen met berlusconi dat nederland met geert afstevent op een economische, internationale, culturele, sociale, onderwijskundige, medische, juridische en democratische afgrond!

Al jaren probeer ik met de “Henken en Ingrids en de Geertjes” een openbaar debat te krijgen, maar tot nu toe durft niemand en krijg ik slechts anonieme reagluurders op mijn dak. Waarom zijn ze zo laf? Kom toch eens uit de kast en zoek me op via twitter, weblog, mail of telefoon.

p korremans

erg gevaarlijke tendens.Deze anti-democratische partij dwingt steeds meer hun regels op en verzet zich tegen benoemingen van hun onwelvallige personen.Bij elke gelegenheid dat een persoon of organisatie zich(en vaak terecht)negatief uitlaat over Wilders en de zijnen wordt gedreigd met opheffing subsidie of ontslag.Gelukkig wordt daar niet op ingegaan.Het riekt ook steeds meer naar dictatoriale neigingen van Wilders die het liefst de hele nederlandse maatschappij naar zijn hand zou willen zetten.Pas op voor deze man en zijn dubieuze organisatie!

Igor de Vries

Wat een hysterie wederom, alsof de PVV de enige is die zich aan dit soort praktijken schuldig maakt of heeft gemaakt…

N. van Dijke

De rechtsstaat is geen keuzemenu waar men a volonte uit kan kiezen. Dhr. Wilders denkt dat blijkbaar wel.

Andries Molenaar

Gezien het recente rapport van de Hoge raad zelf over de gedragingen van de raad tijdens de 2e wereldoorlog heeft men toch niks geleerd. De tweede kamerleden van nu blijken van datzelfde hout en knikken ja en amen bij de eerste test.

C. de Ruiter

Net als velen die mij hier met hun commentaar voorgingen, maak ik mij ernstig zorgen om de mensen die in Den Haag ‘regeren’ en ‘controleren’. Nederland is een land waar bange en ijdele mensen de macht in handen hebben; waar het stinkt van de vriendjespolitiek; waar briljante en verlichte geesten niet de plek krijgen die ze verdienen (hoezo meritocratie?).
We zouden ons inderdaad moeten spiegelen aan de democratie in de VS. Die is zeker niet perfect, maar werkt op het punt van benoemingen op machtige posities rechtvaardiger en effectiever. Donner is een middelmatige jurist die aan het pluche geplakt zit; Diederik Aben een kritische, analytische denker, die Nederland nodig heeft.

Ruud Hommel

Het is heel goed mogelijk dat de PVV het bij het rechte eind heeft, de man deugt niet voor dit college; technisch gezien misschien wel, maar politiek gezien zeker niet. Mijn oorspronkelijke mening over de PVV is snel dalende, maar ik zie ook in dat ze heel erg noodzakelijk zijn voor de Nederlandse samenleving. Dat deze benoeming gestopt is, heeft, misschien, helemaal geen rancuneuze achtergrond, maar is meer gebaseerd op het feit dat de man meer rood in dit college zou brengen dan goed is voor de samenleving. Het gedachtengoed van de huidige samenstelling van de bevolking wordt niet langer evenredig vertegenwoordigd.
Daar veel rechters klaarblijkelijk geen recht spreken zonder daarbij hun levensbeschouwing te betrekken is de PVV op dit gebied nog lang niet klaar met hun werk.
De PVV heeft een onsmakelijk tintje, maar wat doen ze veel goeds voor Nederland.

john janssen

met ontzetting lees ik het verslag van f.Jensma omtrent de niet benoeming van Mr H.Aben tot raadsheer bij de hoge Raad. als gevolge van de oppositie door de PVV. onbegrijpeloijk dat de H.R zijn voordracht heeft gewijzigd en dat kamerleden hij rug niet gerecht hebben tegen deze inbreuk van de PVV. Het is schandalig dat een bekwaam en deskundige jurist wordt beknot in zijn mogelijkheden omdat de PVV dat niet zint. zo kwam Hitler en andere dictators ook aan de macht.DE PVV laat zijn ware ondemocratiese gezicht zien en de greep naar de macht van ondemocratiese krachten.NEDERLAND PAS OP U SAECK. Ditb leidt naar de ondergang van ons democraties bestel.schande Mr john janssen

bas kraag

De farizeers van de Linkse Kerk alhier overbieden elkaar in hun verkettering van andersdenkenden. De selectieve verontwaardiging van links begint ziekelijke vormen aan te nemen. Als mede door bemoeienis van de PVV een andere dan de door de Linkse Kerk beoogde kandidaat wordt benoemd vliegt men de luid krijsend gordijnen in, als daarentegen middels allerlei manipulaties en machinaties ergens weer eens een linkse discipel wordt benoemd is de stilte oorverdovend. Schijnheiliger kam niet..

K de Groot

Jensma schrijft dat de Hoge Raad Diederik Aben “braaf naar de laatste plaats let zakken”. Dezelfde Aben die meende het besluit van de onafhankelijke wrakingskamer via een “uitgelekte persoonlijke notitie” meende te moeten bekritiseren.
Waarom vindt Jensma dat de jurist Aben wel, en de verdachte Wilders niet, rechters mag bekritiseren?
Jensma vindt kennelijk dat leden van de kamercommissie “braaf” moeten meegaan met alles wat hun voorgelegd wordt. Of geldt dat alleen voor de PVV en/of voor zover het de benoeming van Aben betreft?
Jensma gebruikt de termen “politiek opportunisme” en “revanchisme” als de Kamer iets zou willen besluiten dat Jensma niet bevalt.
Is dan de conclusie gewettigd dat Jensma het standpunt aanhangt van “wie tegen mijn standpunt is, deugt niet?”

Michiel Jonker

@ 2. Lyngbakken

Met interesse heb ik kennisgenomen van je reactie. Hier volgt mijn commentaar op enkele onderdelen daarvan.

Lyngbakken: “Allereerst: ik denk dat Aben heel geschikt is als raadsheer in de Hoge Raad, en ik was het helemaal eens met zijn uitgelekte notitie. Dat was ik niet alleen, ik heb bijna geen jurist gesproken die het niet met die notitie eens was.”

Commentaar: Dat is nu juist het probleem, dat zoveel juristen het met elkaar eens zijn. Het is (uitzonderingen niet te na gesproken) te veel een apart eigen wereldje geworden, dat zich deels heeft losgezongen van de maatschappij.

Lyngbakken: “Daardoor is niet alleen Aben beschadigd, maar ook de drie personen die nu wel op de voordracht staan.”

Commentaar: Onderdeel van het juristen-wereldje is de gegroeide preoccupatie met de reputaties van juristen, dan wel de “beschadiging” van juristen (bedoeld wordt: van hun reputaties). Voor de maatschappij is dat reputatie-spel niet zo interessant. Juristen zouden zich meer moeten richten op de inhoud. Het is een symptoom van de manier waarop topjuristen politiek zijn gaan denken en verweven zijn geraakt met het politieke circuit. Politici zijn voortdurend bezig met hun reputatie, en met het beschadigen van de reputaties van hun tegenstanders. Daar zouden leden van de rechterlijke macht zich verre van moeten houden. Zij zouden hun “magistratelijke houding” invulling moeten geven door een gepaste distantie tot een politieke manier van denken.

Lyngbakken: “Juist om platte wraak door de overheid tegen de gaan, bedacht Montesquieu echter de trias politica, waarin geen van de staatsmachten het absoluut voor het zeggen heeft, maar in balans wordt gehouden door de andere. Elk van de staatsmachten wordt bevolkt door mensen met hun driften. Daarom heeft elk van de staatsmachten tegenwicht nodig. Het balansmodel zoals eerder op dit forum besproken.”

Commentaar: Ja, daar hebben we het over gehad in onze discussie n.a.v. de column “Populisme kan ook de rechtsstaat bedreigen” (10 december op dit blog). Maar het gaat om de “driften” van de mensen die de staatsmachten bevolken. Politici hebben een drift om politieke macht te verwerven, dan wel hun politieke positie te verdedigen. Wil je de rechterlijke macht onafhankelijk houden, dan dient die bevolkt te worden met mensen die gedreven worden door rechtvaardigheidsgevoel en passie voor goed juridisch handwerk. Dat geeft aan de rechterlijke macht legitimiteit, en die legitimiteit is weer de meest essentiële machtsbasis van de rechterlijke macht. Uiteindelijk ontlenen rechters hun macht niet aan formele bevoegdheden, maar aan hun eigen houding en mentaliteit. Dat daar wat aan schort, is door de kwestie-Aben nu blootgelegd. Dat is winst, mits deze constatering gebruikt wordt om ervan te leren.

Lyngbakken: “De opstelling van de PVV creëert een angstcultuur en (als het zo doorgaat) een overheidsapparaat dat alleen nog bestaat uit ja-knikkers. Dat heeft kennelijk ook de Tweede Kamer al bevangen, want die heeft zich hier laf en als een ja-knikker opgesteld, in plaats van het debat aan te gaan.”

Commentaar: De opstelling van de PVV is slechts één oorzaak van de angstcultuur. En de opkomst van de PVV is ook een gevolg van een al langer bestaande angstcultuur in Trias Regentica-land. De enige manier om zo’n cultuur tegen te gaan, is om er zelf niet aan mee te doen. Een mooie uitdaging voor leden van de rechterlijke macht en voor onze wakkere volksvertegenwoordigers! (En natuurlijk voor alle burgers.)

Lyngbakken: “Ga dan de strijd aan en laat zien waarom de rechtsstaat belangrijk is en -niet te vergeten- wat een stelletje rancuneuze schoolpleinkleuters die PVV is.”

Commentaar: Je geeft hier twee adviezen die op gespannen voet met elkaar staan. Het is voldoende als wij nu laten zien waarom de rechtsstaat belangrijk is, en wat de bedreigingen voor de rechtsstaat zijn. In reactie daarop zullen eventuele rancuneuze schoolpleinkleuters (van welke politieke partij of welke instantie dan ook), geheel op eigen initiatief, zelf laten zien wie en wat ze zijn. Immers, dat doen ze nu ook al.

Michiel Jonker

@ 41. W. Wilkens

Ben het misschien wel geheel met u eens. Ik heb die gelekte, interne notitie van Aben niet gelezen. Maar het lijkt me inderdaad dat zo’n notitie beter niet “intern” kan worden geschreven, maar gewoon als bijdrage aan het publieke debat.

Bijvoorbeeld zoals de eminente jurist Peter Kop dat deed, inzake Tom Schalken en de zaak-Wilders. In reactie daarop weigerde gerechtshof-president Leendert Verheij om Kops herbenoeming als plaatsvervangend raadsheer te bekrachtigen. Aldus een bericht in ditzelfde blog Recht en bestuur, door Folkert Jensma (begin augustus 2011).

Ik vind het daarom, waarschijnlijk net als u, wat schijnheilig dat de rechterlijke macht (in casu de Hoge Raad) nu mede als slachtoffer van achterkamertjes-politiek wordt gepresenteerd. Binnen de rechterlijke macht vigeren immers gelijksoortige, niet-transparante mores.

Wat ook de motieven van de PVV in dit geval mogen zijn om zich niet te houden aan de ongeschreven regels van de achterkamertjes, het is in ieder geval nuttig dat die op deze manier worden blootgelegd. De beste manier waarop politici en rechterlijke macht de rechtsstaat kunnen verdedigen, is door zich zelf meer transparant te gaan gedragen.

Sander van der Linden

Die rol van links als ‘geweten van Nederland’ is echt wel klaar hoor. Ook bovenstaande reacties druipen weer van de linkse Gutmensch moraal. Dat beter weten, die realiteitsontkenning, dat ongekend naieve. Kritiek op de rechtstpraak is toegestaan mits van linkerzijde. Echt. Ongekend.

L. Figuierra Ferraz

Ik ben verbijsterd over dit artikel van een hoofdredacteur van de NRC. Ik geef u hier mijn ongezouten mening van een goed geïntegreerde westers allochtone vrouw, die al zeer geruime tijd in dit land woont. Ik zeg U dit heer Jensma:
Om te beginnen: stelt u zich de vraag of het wel verstandig was van de heer Aben om zijn visie vast te leggen in een notitie?
Ten tweede, was het sowieso wel verstandig van de heer Aben om als advocaat-generaal bij de HR diens visie intern kenbaar te maken? En tenslotte, was het wel verstandig van de heer Aben om, nu de notitie eenmaal was uitgelekt, de notitie ook via de NJBlog te publiceren alwaar anderen direct kunnen reageren? Een interne notitie werd hiermee immers van een uitgelekte notitie tot een publiek discussie-document. Hij had ook kunnen zeggen het lekken te betreuren en het daarbij te laten.
Dat heeft de heer Aben echter NIET gedaan. Hij verkoos publiciteit. Waarom ? De vraag stellen is hem beantwoorden.
Daarmee heeft de heer Aben zich gediskwalificeerd als onpartijdig advocaat-generaal en is het zeer terecht dat deze heer wordt afgeserveerd als mogelijk lid van ons hoogste rechtscollege.
Verder heb ik mij mateloos gestoord aan uw insinuerende toon in dit stuk, heer Jensen. U bent journalist, althans dat beweert u te zijn. Ooit gehoord van objectieve verslaggeving ? Wat u hier aan het doen bent is stemmingmakerij of op zijn best bewuste manipulatie van lezers. Ik vind dat kwalijk. In het land waar ik vandaan kwam gebeurde dat ook, nooit gedacht dat dit in Nederland ook mogelijk was. U krijgt van mij een dikke onvoldoende.

wilmar mans

Het is een heel goed idee om de jongens en meisjes die onaantastbare hoge rechterlijke posities toegespeeld krijgen eens goed tegen het licht te houden alvorens ze als ongeleide projectielen allerlei willekeurige en oneerlijke vonnissen kunnen creëeren wat nu algemeen het geval is en wat iedereen met zijn open ogen kan zien.
Wilders heeft groot gelijk en ik wens hem succes met het eens opschudden van de zogeheten onafhankelijke rechtspraak.

Loek Bergman

De argumentatie van dhr. Wilders vooronderstelt persoonlijk eigenbelang bij mr. Aben. Ik kan het derhalve geen politiek of juridisch bezwaar noemen, maar een persoonlijk van dhr. Wilders zelf. Ik vooronderstel dat de argumentatie voor of tegen kandidaten welomschreven is in de reglementen van de commissie. Het lijkt mij dat persoonlijke argumenten buiten de aanvaardbare argumenten vallen. De voorzitter van de kamercommissie had dit argument m.i. als niet ter zake doende behoren te negeren.

Rob Kragting

Aha. De PVV haalt zijn beleidsmedewerkers uit de kast. Goed hoor! Zodat het lijkt of weldenkende NRC-lezers de Bosma-doctrine volgen. Ik blijf ‘t zeggen: http://stophetgevaarwilders.blogspot.com/

peter de groot

Te dol voor woorden we gaan weer terug naar oude tijden toen er 1 man was die het voor het zeggen kreeg in een land ten oosten van ons.
Realiseren alle mensen die hier positief op reageren wel dat er ooit een afrekening komt.
En dat alle mensen die grootheidswaanzin hadden heel hard gevallen zijn.

Peter Smits

En zo buigt weer iets voor de grote leider. Doet mij denken aan de beruchte jaren 40-45 waarin mensen werden buiten gesloten vanwege hun geloof, overtuiging of geaardheid. Nee, we hebben nu volksvertegenwoordigers die andere mensen intimideren, brievengleuven beplassen, een alcolistische ex-politieagent die stiekem anderen afluistert en nog meer. Ja, men mag zelfs mensen schofterigbehandelen want de witte pruiken leider heeft immers gelijk.
Het klinkt eng als men praat over een afrekening, zelfs Henk en Ingrid zullen wel morsdood worden gemaakt.

bas kraag

[...] Sinds de 60/70-er jaren is de gehele rechtsstaat en al haar organen gekaapt en systematisch in gijzeling gehouden door de almachtige Linkse Kerk en haar gesubsidieerde filialen, waardoor o.a. de in de Nederlandse grondwet beoogde en vastgelegde “onafhankelijke rechtspraak” een flagrante utopie, een farce is geworden. En naief politiek correct Nederland stond erbij en keek ernaar, hoe lang nog…

Ed Rook

Volgens Dorien Pessers is het gevaar van het populisme, dat het de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht kan aantasten, met de nadruk op kan, hoeft dus niet volgens Dorien (zie “Populisme kan ook de rechtsstaat bedreigen” van Jensma laatste twee alinea’s).

Is dat bij deze benoemingen gebeurd? Nee dus.
Wie tegen deze benoemingen is zal onze wet moeten wijzigen, die juist beoogd heeft de onafhankelijkheid van de benoemingen en van onze rechtsspraak veilig te stellen.
Daar heeft men in het verleden heel nauwkeurig over nagedacht.

De PVV heeft van de bestaande procedures gebruik gemaakt en heeft geen enkele poging gedaan de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht aan te tasten.
Er zijn nu dan ook rechters benoemd die door de Hoge Raad waren voorgedragen.

W. Seffelaar

Het valt op dat de heer Jensma alleen maar op klagerige toon uitlegt waarom de heer Abben het niet is geworden maar met geen woord rept over de redenen waarom hij het wel had moeten worden.
Zit de hoge raad nu echt met de handen in het haar omdat het talent Abben hun gelederen niet mag mogen versterken?
Verder gaat Jensma voorbij aan het feit dat de hoge raad moet oordelen over alle Nederlanders, met name de minderheden.
Nu wil het toeval dat de PVV aanhang en de moslimbevolking getalsmatig praktisch vergelijkbaar zijn, twee minderheden dus die allebei eenzelfde kans moeten hebben bij de hoge raad.
Dat was bij de benoeming van Abben niet het geval geweest.

Reinier Bakels

Er is hier nog een ander slachtoffer: De Juridische Methode. En dat is zo mogelijk nog erger. Door kandidaten om hun (vermeende) politieke opvattingen af te keuren wordt het vooroordeel bevestigd dat de politieke opvattingen van raadsheren een doorslaande rol zouden spelen. Maar waarom pleegt de politieke overtuiging van raadsheren dan (tot dusver) geen rol te spelen bij hun benoeming? Antwoord: omdat rechters in de eerste plaats het geldend recht toepassen, zoals dat blijkt uit regelgeving en jurisprudentie. Als rechters over werkelijk politieke vragen moeten beslissen (zoals in de VS over abortus) dan heeft de wetgever zijn werk niet goed gedaan. Daarom benoemen Amerikaanse presidenten graag politieke geestverwanten in het federale hooggerechtshof. Die hen vervolgens menigmaal teleurstellen – omdat ze geen politiek maar juridisch oordeel vellen!

De uitgelekte notitie van Aben over het proces-Wilders is een mooi voorbeeld. Gemakkelijk wordt aan de borreltafel de suggestie gewekt dat dit een politieke mening is. Maar de werkelijkheid is dat het een professionele analyse is van wetgeving en rechtspraak. Dat de wrakingskamer uiteindelijk anders handelde dan Aben voorstelde moet als een politiek gebaar in het voordeel van Wilders worden geduid: iedere twijfel moest worden vermeden, hoe ongerechtvaardigd ook.

Helaas halen juristen vaak hun eigen vak naar beneden door de indruk te geven dat niets vaststaat en alles voor discussie vatbaar is. Natuurlijk, zij verdienen voor een belangrijk deel hun brood aan die onzekerheidsmarge. En uiteindelijk kan rechtspraak niet zonder subjectieve overwegingen. Rechters zijn echter altijd verplicht hun beslissingen in detail te motiveren – vanuit controleerbare bronnen. Maar leg dat maar eens aan een PVV politicus uit, laat staan een PVV kiezer. Ik denk dan ook aan de potsierlijke discussie over statistiek met diezelfde mevrouw Helder (nomen est omen) die hier blijkbaar ook een rol speelt.

Intussen is het eeuwig zonde dat Wilders niet gewoon veroordeeld is voor zijn hetze tegen moslims omdat de rechter slappe knieën kreeg uit vrees zich te veel in politiek vaarwater te begeven. Zoals hierboven al is aangegeven is de PVV geen politieke partij met toevallig extreme opvattingen, maar een subversieve beweging (met duistere sponsors in de VS en Israël) die niet terugschrikt voor beangstigend demagogische methoden. Die helemaal aan de jaren ’30 doen denken – toen de desbetreffende strafbepaling in de wet werd opgenomen. En we hebben inmiddels ook een economische crisis die aan de jaren ’30 herinnert, een beangstigend gegeven.

Aben ondertussen is materieel niet echt te beklagen. Een raadsheer is niet “hoger” dan een advocaat-generaal (wat hij nu is), en verdient evenveel. Een raadsheer heeft (in collegiaal verband) het laatste woord, dat wel. Maar een A-G heeft misschien wel interessanter werk, want hij kan de merites van een zaak in detail wetenschappelijk uitpluizen in zijn “conclusies”, waarbij hij leiding geeft aan een staf vol briljante koppen.

Eigenlijk zou Aben nu uit protest aan zijn stutten moeten trekken en een lucratieve overstap moeten maken naar een topfunctie in de advocatuur (want een A-G verdient wel goed maar veel minder dan een topadvocaat). Nee, niet als een tweede Moszkowicz, maar als échte topadvocaat die kind aan huis is in corporate boardrooms die Bram M. nog nooit van binnen heeft gezien en ook nooit van binnen zal zien.

Peter Bergen

Als alle beoogde leden van de Hoge Raad nu gewoon voortaan eerst op audientie bij Geert Wilders gaan is er niets aan de hand.

karel groot

Beste linkse mensen waarom zouden alleen juristen met een linkse achtergrond moeten worden benoemd? Trias politica is een essentieel onderdeel van onze democratisch rechtsstaat maar dat betekent niet dat de samenstelling van rechtscolleges een afspiegeling van de samenleving moet negeren en verbieden. Sterker nog het democratische gehalte neemt toe bij een correcte afspiegeling waarin dus ook juristen met een PVV achtergrond zitting kunnen nemen. Onze maatschappij is niet gediend met een wijze van denken gebaseerd op alleen socialistische waanbeelden. Een open en vrije staat vereist vertegenwoordiging van PVV-ers in alle organen. Velen schreeuwen over het slechte populisme, maar populisme betekent je aantrekken van wat de samenleving vraagt. Uit reacties heb ik begrepen dat de stem van het volk niet past in het gesloten denkcircuit van de zichzelf goednoemende quasi intellectuelen van de linkse kerk. Het is goed dat Lian Helder de linkse bevoorrechte wantoestand bij de rechtssprekende macht aan de orde stelt. Eindelijk, verder is het om zich heenslaande gedrag met verwijzingen naar het verleden zo voorspelbaar en dom! Moet ik, als neutraal conservatief iemand, dan die linkse schreeuwers gaan vergelijken met de daden van Stalin Mao en Pol Pot? Voornoemden hebben miljoenen vermoord met hun linkse socialistische idealen zij waren net zo misdadig als Hitler met zijn socialisme waarvoor hij het bijvoeglijke naamwoord nationaal voor plaatste.

Peter Bergen

PVV-kamerleden komen veelvuldig in contact met het strafrecht en kennen de rechtspraak als geen ander. Het gaat mij dan ook te ver het tegenhouden van de benoeming van Aben af te doen als zuivere partijpolitiek van de PVV.

Michiel Jonker

@ 71. Reinier Bakels

U schrijft: “Er is hier nog een ander slachtoffer: De Juridische Methode. En dat is zo mogelijk nog erger. Door kandidaten om hun (vermeende) politieke opvattingen af te keuren wordt het vooroordeel bevestigd dat de politieke opvattingen van raadsheren een doorslaande rol zouden spelen. Maar waarom pleegt de politieke overtuiging van raadsheren dan (tot dusver) geen rol te spelen bij hun benoeming? Antwoord: omdat rechters in de eerste plaats het geldend recht toepassen, zoals dat blijkt uit regelgeving en jurisprudentie. (…) De uitgelekte notitie van Aben over het proces-Wilders is een mooi voorbeeld. Gemakkelijk wordt aan de borreltafel de suggestie gewekt dat dit een politieke mening is. Maar de werkelijkheid is dat het een professionele analyse is van wetgeving en rechtspraak. Dat de wrakingskamer uiteindelijk anders handelde dan Aben voorstelde moet als een politiek gebaar in het voordeel van Wilders worden geduid: iedere twijfel moest worden vermeden, hoe ongerechtvaardigd ook.”

Inderdaad. Maar uw bijdrage laat opnieuw zien dat er sprake is van twee kwesties die verband houden met elkaar: (1) Het vermoeden bij een groeiend aantal burgers dat rechters in de praktijk afwijken van die juridische methode, ofwel dat die juridische methode in de praktijk gepolitiseerd is geraakt. Het politieke gebaar “in het voordeel” van Wilders bevestigt dat vermoeden. Het kan trouwens ook opgevat worden als een gebaar dat BEDOELD was in het nadeel van Wilders, als de rechters ervanuit gingen dat het doel van Wilders was om het vertrouwen in de rechtsstaat af te breken en zij die poging op deze manier hoopten af te stoppen. In de politiek zijn al dat soort tactische bewegingen mogelijk. Daar zouden rechters zich echter niet mee in moeten laten – primair omdat het niet hun taak is, en secundair (“subsidiair”) omdat ze er minder handig in zijn dan politici.

(2) De manier waarop Aben dit vermoeden heeft bevestigd. Immers, het lijkt me niet tot de juridische methode behoren als, lopende een rechtszaak, een jurist die de zaak zelf niet als rechter behandelt, op persoonlijke titel een notitie met een niet-publieke, maar inhoudelijk professionele analyse in beperkte, professionele kring verspreidt? Het lijkt me dat zo’n jurist dan zijn rol als burger en zijn rol als professional door elkaar haalt. Als hij als burger wil ageren, prima, maar doe het dan ook publiekelijk. Als hij als professional intercollegiaal commentaar wil leveren op een zaak, wacht dan tot na de rechterlijke uitspraak. Overigens is er in dat laatste geval eigenlijk geen goede reden meer om zo’n vakinhoudelijk commentaar nog aan het zicht van het publiek te onttrekken.

Geheel los van de inhoudelijke merites van de notitie van Aben, vind ik het daarom begrijpelijk dat er bij sommige politici twijfels zijn gerezen over zijn geschiktheid als lid van de Hoge Raad.

(3) Helaas lijkt dat niet de reden te zijn geweest waarom de HR Aben vervolgens onderaan de lijst heeft geplaatst. Hier openbaart zich de valkuil van de politieke manier waarop steeds meer rechters zijn gaan denken.

In de zaak-Wilders handelden rechters op ten minste twee momenten politiek: bij het toekennen van Wilders’ tweede wrakingsverzoek (van de in totaal drie verzoeken), en bij het vrijspreken van Wilders op grond van de “maatschappelijke context” (d.w.z. het politieke klimaat) waarin hij zijn uitspraken deed, in plaats van de wet als criterium te nemen.

Nu net lees ik op de NRC-website dat leden van de Hoge Raad boos zijn op de politiek: “Binnen de Hoge Raad bestaat veel ongenoegen over het handelen van de vaste Kamercommissie voor Veiligheid en Justitie. Die liet president Corstens een paar weken geleden weten de voordracht van Aben tot raadsheer niet te steunen. Daarop zette de Hoge Raad Aben als laatste op de voordrachtslijst. ‘Als de politiek iemand niet wil, kunnen ze er beter openlijk over debatteren in plaats van de Hoge Raad onder druk te zetten om een voordracht te wijzigen’, zegt een raadsheer.” [einde citaat]

Waarom wijst de HR met de vinger naar de politiek? Het zou beter zijn als de HR zich verontschuldigt dat hij heeft verzaakt om zich, met een beroep op zijn formele onafhankelijkheid, ook daadwerkelijk onafhankelijk op te stellen.

Komt die verzaking doordat de verhoudingen achter de formele façade feitelijk anders liggen? Kijk, dat is dan iets waar wij als burgers graag meer over zouden willen weten. Juist omdat wij als burgers hechten aan ècht onafhankelijke rechtspraak, niet aan een deftig, onaantastbaar, juridisch Potemkin-dorp.

(Wikipedia: Potemkin villages or Potyomkin villages (Russian: Потёмкинские деревни) is an idiom based on a historical myth. According to the myth, there were fake settlements purportedly erected at the direction of Russian minister Grigory Potemkin to fool Empress Catherine II during her visit to Crimea in 1787. According to this story, Potemkin, who led the Crimean military campaign, had hollow facades of villages constructed along the desolate banks of the Dnieper River in order to impress the monarch and her entourage with the value of her new conquests, thus enhancing his standing in the empress’s eyes.)

h.a.c.van asten

Hierbocen in reactie no.2 wordt De Montequieu genoemd met zijn Trias en ieder van de machten een tegenwicht om tot evenwicht te komen . Men moet , kritiek gevend op de PVV , echter niet vergeten dat de partij haar aanhang heeft ontleend aan het verwaarlozen van de stelling , ook van De Montesquieu : “Verwaarloos een redelijke inkomensverdeling in het land en wat je overhoudt is een ongeinteresseerde werkvloerbezetting in een sfeer van chaos” . De kabinetten sedert 2000 hebben in hun streven naar privatisering de genoemde inkomenspolitiek volledig verwaarloosd met als gevolg dat hen die uiteindelijk geheel uit de hand gelopen is : de armen werden beduidend armer en de overheid zelf ging over tot het toekennen van operette-beloningen , gepaard aan fraude alom . Het volk krijgt de regering die het verdient , jawel .

Frans Schouten

Wilders heeft meer overgenomen dan hem lief is uit de zogenaamde “Linkse Kerk” zoals zijnvolgelingen het hierboven noemen. Ik kan me nog herinneren dat een linkse kreet uit de jaren ’70 was dat ‘het persoonlijke politiek is’. Ik vond dat toen al onzin, maar voor de PVV gaat dit kennelijk nog steeds op.Als je iemand niet mag, dan kun je hem of haar dus ook zondermeer afserveren. Vrijheid van meningsuiting bij deze partij gaat maar één richting op en elk tegengeluid moet de kop worden ingedrukt. Helaas voor de PVV wordt iets niet meer waar omdat veel mensen het met je eens zijn. Democratie wil alleen zeggen dat de meerderheid kan regeren, niet dat die meerderheid gelijk heeft. Dat is het fundamentele misverstand waarop de ideologie van de PVV is gebaseerd en op basis daarvan nemen ze anderen de maat. Wie alleen zijn eigen gelijk voor ogen heeft, is uiteindelijk een revolutionair die alles wat hem voor de voeten komt met voeten zal treden. Daarin verschillen PVV’ers niet van fundamentalistische chistenen, joden en islamieten. Op zich is dat vanzelfsprekend want fundamentalisten zullen altijd datgene bestrijden dat ze bij zichzelf zo goed herkennen.

Jacqueline Hagemann

Dat de PVV zowel gewicht in de schaal kan leggen vind ik ronduit schandalig. Dat zal wel met het verleden van de Roon te maken hebben. Er ligt nog altijd iets onder het tapijt en dat zou dan wel eens op tafel gelegd kunnen worden.

Dhr. Aben is echter een man die niets schuwt om iemand veroordeeld te krijgen.

http://www.louishagemann.nl/2010/12/11/hoofdrolspelers-in-de-veroordeling-van-hagemann/

Lees dit ook even voor het gemak….een resumé waarom de zaak heropend dient te worden!

http://www.louishagemann.nl/2011/12/10/herziening-voor-louis-hagemann/

i. de ruijter

Er zijn nu 3 kandidaten waar iedereen zich in kan vinden.Iedereen met meer of minder PVV phobia kan er absoluut van zeker zijn, dat er geen pro-PVV kandidaat erbij zit, want die zijn er niet in deze kringen en nog is het niet goed voor sommigen.

Het lijkt daarom wel erop, alsof allemaal persoonlijke vrienden van de Heer Aben hier reageren, de schrijver voorop, het geras is niet mis.

Ik moet zeggen, dat het mij helemaal niet kan schelen of de heer Aben nu dit ambt krijgt of niet en zolang de andere 3 kandidaten niet unaniem hun benoeming gaan weigeren, omdat de heer Aben volledig onrechtmatig aan de kant is gezet,zie ik ook geen reden om me druk erover te maken.

In alle gevallen is de beste keuze voor een ambt een kandidaat waar iedereen zich in kan vinden ongeacht de reden, alles andere is tweede keus.
Harmonie mag een zekere voorrang hebben in mijn mening.

Er kan sprake zijn van enige hindermacht hier, maar zo ja, deze is niet voor de PVV alleen weggelegt, nog gebruikt de PVV deze alleen.
Een notitie laten uitlekken is ook al een vorm van ervan.
Partijen die weigeren om met anderen samen te werken,maken er ook behoorlijk gebruik van. Ook een publieke opinie is soms een vorm van hindermacht.Misschien zelfs wel dit artikel?
Dus ik vind dat geen argument tegen de heer Wilders.

De heer Wilders vond de heer Aben allang voor deze benoeming partijdig handelen in zijn ambt en het zou toch zeer inconsequent zijn, als hij hem nu geschickt zou achten voor dit ambt, ondanks zijn uitspraak toen.

Leuk is natuurlijk anders voor de Heer Aben, maar om nu zo ver te gaan, om daarom de Heer Wilders een meningsverbot en vetoverbod te willen op leggen, vind ik disproportioneel.

Waar was U, heer Jensma, toen de heer Wilders dit voor de eerste keer vond?
Rezen U toen ook al de nekharen tot ondraaglijke afkeer?
Klom u ook in de pen ter verdediging van de Heer Aben?
Of viel dat toen mee? En zo ja, wat is nu eigenlijk veranderd? Helemaal niets, behalve dat het voor de heer Aben toen geen consequenties had en nu wel en dat zou volgens U niet mogen.

Een persoonlijk slechte ervaring met iemand is volgens U niet voldoende reden,om een veto tegen iemand uit te spreken.
Ook niet als deze ervaring tot vertrouwensverlies heeft geleid en twijfels aan iemands integriteit.
Daar moet de heer Wilders overheen kunnen stappen vind U.
Dit mag niet mee tellen in de beoordeling van een kandidaat.

Maar zoiets noemt men ook enige gewetensbezwaren, met enige welwillendheid.

Kunt U mij dan vertellen waar Uw grenzen liggen, als twijfels aan iemands integriteit voor U niet meer voldoende redenen zijn om op zoek te gaan na een kandidaat,waarbij deze niet aanwezig zijn?
Zeker voor zo een belangrijke functie?

Natuurlijk kan men Wilders handelen ook als rancune zien of zelfs een vorm van fascisme, maar in dat laatste geval heeft men in mijn bescheiden mening toch enigszins last van complotdenken.
En zoals U weet uit een psychologisch onderzoek, dat in April in deze krant gepubliceerd is, een machiavellistische mind projecteert zich graag op anderen en de complotdenker zou het liefst zelf samenzweren.

Laten we dat ook eens met een beetje humor nemen.
Maar als argument deugd het ook niet.

Het beste wat ik nog uit U artikel kan maken is dat U onpartijdigheid van iedereen eist bij de beoordeling van hoge kandidaten.
Dat ziert U, maar U eist teveel in mijn mening.

De heer Wilders is niet namelijk niet verplicht om onpartijdig te handelen in zijn ambt.
In tegendeel,hij heeft namelijk een partij en zal daarom ook ten alle tijden partijdig handelen en denken.
Net zo als de andere partijen overigens.
Zoiets heet democratie.
Lastig,en voor sommigen moeilijk te verteren als het om tegenstanders gaat, maar iets beters is er niet.

Paul Kirchhoff

Zie waar de beslissing waar de heer Schalken cs om het OM op te dragen de heer Wilders alsnog te vervolgen toe kan leiden.
Het proces Wilders dat ontaardde in een politiek proces had nooit plaats moeten vinden.
Nederland zou een voorbeeld moeten nemen aan de opvattingen die in de VS gelden voor de vrijheid van meningsuiting.
Ik ben zeker geen aanhanger van de ideeen die binnen de PVV opgeld doen maar verdedig wel het recht van Wilders en de PVV om die opvattingen te hebben en te uiten.

Bij de benoeming van eminente gekwalificeerde juristen voor functies binnen de rechterlijke macht zou men misschien toch beter een open sollicitatie procedure kunnen volgen dan te putten uit het old boys network zoals dat nu gebruikelijk is.
Daarbij bedoel ik uiteraard niet de scherstvertoning die opgevoerd is bij de recente benoeming van de vice-president van de raad van state.
Deze klucht onder regie van kopstukken uit de regeringspartijen waarbij en passant ook nog even wat oude rekeningen met tegenstanders van dit kabinet werden vereffend is bepaald geen goed voorbeeld van een open procedure.

peter de groot

Aan alle voorstanders van de beweging van Wilders, het is nml geen partij, ga eens uitzoeken wat er met de rechterlijkemacht in in het toemalig Duitsland is gebeurd toen, toen de heer A.H. aan de macht kwam.
Zeker de rechters die hem hadden veroordeeld.

Erik van den Berge

“De PVV heeft een onsmakelijk tintje, maar wat doen ze veel goeds voor Nederland”

Dat mag u uitleggen, meneer Hommel.(18-12-2011 13:42)

Reinier Bakels

@ 75: Dank voor uw reactie! De essentie is dat De Juridische Methode een gedetailleerde motivering met zich meebrengt: iedereen kan de argumenten controleren. Wat schreef Aben precies in zijn notitie? Hoe was de beslissing van het Hof in Amsterdam gemotiveerd om het OM alsnog opdracht te geven om Wilders te vervolgen? Bij een bijeenkomst op een universiteit constateerde ik dat zelfs geleerden niet goed hadden gekeken welke rechtsvraag eigenlijk aan dat Hof was voorgelegd.

Het is wel een probleem dat de vaktaal waarin deze juristen zich uiten voor een leek moeilijk leesbaar is. Maar dat hoeft niet! De beslissingen van hun Duitse collega’s bij het Bundesgerichtshof zijn veel beter leesbaar. Die zeggen gewoon waar het op staat. En die zijn ook niet bang om zelf een samenvatting te schrijven (“Leitsatz”), ook al mist die onvermijdelijk all nuance van de rijstebrijberg van het complete arrest.

De voorlichting bij het proces-Wilders is werkelijk abominabel geweest – wat Moszkowicz de kans gaf tendentieuze onzin te verkopen. Zo is het helemaal niet verboden om te proberen een getuige te beïnvloeden, kijk de wet er maar op na. Maar zelfs deze “kwaliteitskrant” pratte dat na.

@80 De Europese opvattingen over vrijheid van meningsuiting zijn – gelukkig – anders dan die in de VS. Dat weet iedereen die het gewaagd heeft “klootzak” tegen een politieagent te zeggen. De vrijheid van meningsuiting is oorspronkelijk “uitgevonden” om te voorkomen dat de Staat onwelgevallige kritiek op zichzelf verbiedt en zo het democratisch proces frustreert. Maar het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens kent wel degelijk uitzonderingen op de “informatievrijheid”, al moeten die aan allerlei eisen voldoen. De rechtspraak van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens trekt de grenzen ruimer dan de Nederlandse (straf-)wetgever, maar heeft wel ingestemd met de veroordeling van extreme politici elders in Europa. Een belangrijk criterium is of de openbare orde in het geding is. Demagogisch haatzaaien kan de maatschappij ontwrichten. Daar zijn maar al te veel historische voorbeelden van.

De verdediging van Moszkowicz had – daarom ook – ingezet op het verweer van een rechtvaardigingsgrond: Wilders zou ons volkomen terecht waarschuwen voor het verschrikkelijke gevaar van de “perfide ideologie” die islam heet. En hij had waarempel de gepensioneerde professor Jansen bereid gevonden deze gedachte een wetenschappelijk tintje te geven als getuige-deskundige. Maar blijkbaar was Jansen ook de enige die dat kon getuigen, want toen deze getuige “beïnvloed” leek (tijdens dat etentje) was het huis te klein. Terwijl normaal gesproken getuigen-deskundigen vervangbaar zijn: er zijn waarachtig wel meer islamologen op de wereld. Die het meestal van harte oneens zijn met Jansen. Maar ja, als deskundigen het niet eens zijn, dan kun je hun opvattingen moeilijk als doorslaggevend argument gebruiken in een rechtszaak.

Journalisten nemen intussen een grote verantwoordelijkheid door Moszkowicz alle ruimte te geven zijn verdraaide verhaal op TV te presenteren. Als niet ook rechters (overigens begrijpelijk) bij P&W willen aanschuiven, dan zouden P&W ook Moszkowicz niet aan het woord moeten laten. Audi et alteram partem.

Rob Kragting

Over de leugenachtigheid van de PVV hier nog meer:
http://stophetgevaarwilders.blogspot.com/2011/12/liefde-en-leugens.html

Marius van Huygen

“De heer Wilders is niet namelijk niet verplicht om onpartijdig te handelen in zijn ambt.
In tegendeel,hij heeft namelijk een partij en zal daarom ook ten alle tijden partijdig handelen en denken.
Net zo als de andere partijen overigens.”

De benoeming voor leden van de Hoge Raad hoort helemaal niet thuis in de vaste Kamercommissie voor Veiligheid en Justitie.
Daar is een andere en betere benoemingprocedure voor nodig.

Waarom niet gewoon solliciteren. Laat de beste kandidaten maar de functie gaan vervullen. Politieke benoemingen vormen een sterke aantasting van de democratische rechtsstaat.

Zo gezien vormen thans de huidige politieke partijen zelf een bedreiging voor het zuiver functioneren van de rechtspraak en rechtsstaat. Daar hebben we niet alleen de PVV voor nodig!

Michiel Jonker

@ 80. Paul Kirchhoff

U schrijft: “Het proces Wilders dat ontaardde in een politiek proces had nooit plaats moeten vinden.”

Daar ben ik het niet mee eens. Het was prima dat het proces-Wilders plaatsvond, maar het had nooit mogen ontaarden in een politiek proces. De rechters hadden gewoon hun werk moeten doen: de wet interpreteren en toepassen op het handelen van Wilders. Dat had zowel tot vrijspraak als tot een veroordeling kunnen leiden. In beide gevallen een zeer interessante uitkomst.

In plaats daarvan hebben die rechters angst getoond voor volkswoede en voor boze politici. Maar als je bang bent voor volkswoede en voor boze politici, moet je geen rechter willen zijn.

De Engelse filosoof Hume parafraserend, zou ik willen zeggen: “Be a judge; but amidst all your efforts to judge, be still a man.”

Michiel Jonker

Ik ben geschokt. De heer Ab H. Bouvy heeft het even opgezocht in de Grondwet, en zijn bevindingen geplaatst in een reactie (no. 39) onder het artikel “Populisme kan ook de rechtsstaat bedreigen” (10 december 2011, elders op dit blog). Misschien heeft hij het per abuis daar geplaatst, want eigenlijk past het vooral bij dit artikel. Daarom citeer ik de bijdrage van de heer Bouvy hier:

“Artikel 118 van de Grondwet regelt de benoeming van leden der Hoge Raad;
‘De leden van de Hoge Raad worden bij koninklijk besluit benoemd, nadat de Tweede Kamer drie personen heeft voorgedragen.’
Dat is toch heel simpel, waarom al die opwinding?
Omdat men zich jarenlang niet aan dit Grondswetartikel gelegen heeft laten liggen en het er op neer kwam dat de Hoge Raad haar eigen leden benoemde omdat zij, de Hoge Raad, het kandidatenlijstje samenstelde en dus niet de Tweede Kamer en er een stilzwijgende afspraak was dat degene die boven aan de lijst stond, benoemd zou worden. En dat de PVV niet aan dit soort ‘handjeklap’ meedoet, is, democratisch gezien, alleen maar te prijzen!” [einde citaat]

De heer Bouvy heeft waarschijnlijk gelijk. (“Waarschijnlijk”, omdat ik de mogelijkheid niet volledig kan uitsluiten dat er ergens nog een wet of zoiets opduikt waarin het toch weer anders geregeld is).

Als het klopt, moet ik mijn mening echter herzien. Zoals het er nu naar uitziet, heeft de Hoge Raad zich bij het verplaatsen van de heer Aben naar de onderkant van de voordrachtslijst niet bang opgesteld, zoals ik beweerde. Nee, de HR heeft geprobeerd een gevestigde regenten-praktijk die niet in overeenstemming is met de geest van de Grondwet, aan het zicht van het publiek te onttrekken toen de PVV hier niet aan bleek mee te doen.

De oplossing die ik hierboven in mijn reactie no. 6 suggereerde, was om de bevoegdheid tot voordracht bij de HR “te laten” en de TK een bevoegdheid tot publiekelijk, niet-bindend commentaar te geven. Die oplossing moet ik dus ook herzien. De HR heeft die bevoegdheid kennelijk helemaal niet. De “voordracht” door de HR is in feite niet meer dan een niet-bindend advies áán de Tweede Kamer.

De enige juiste conclusie is dat de geest nu uit de fles is, d.w.z. uit het achterkamertje dat regenteske “volksvertegenwoordigers” samen met hoge rechters stilzwijgend hadden geconstrueerd.

Misschien dat de Hoge Raad heel verstandige aanbevelingen doet voor benoemingen. Maar daar kan dan toch publiekelijk over gediscussieerd worden in ons parlement? Wat me schokt, is dat een instantie als de Hoge Raad meedoet aan het ondermijnen van de Grondwet, met als oogmerk een belang van (zittende leden van) de Hoge Raad zelf. Lelijker gezegd: de Hoge Raad wekt de schijn aan vriendjespolitiek te doen.

Aan ZO’N Hoge Raad wil ik de voordracht van HR-leden niet toevertrouwen. Dan heb ik liever, ondanks het risico van populisme, een parlementaire discussie over de voordracht. Met andere woorden: er hoeft wat mij betreft aan de huidige wetgeving niets te veranderen. Die moet alleen nog worden nageleefd.

Misschien vinden (potentiële) kandidaten voor de HR dat geen prettig idee, omdat ze liever in de luwte blijven en bang zijn dat een parlementaire bespreking hun reputatie kan schaden. Tja. Wie liever in de luwte blijft, is misschien niet geschikt voor een functie in één van onze allerhoogste rechtscollege’s. Excellente kandidaten hoeven mijns inziens niet bang te zijn dat hun reputatie wordt geschaad bij mensen met inzicht. En als hun reputatie in de ogen van populisten niet goed is, dan zullen ze dat moeten accepteren als een “fact of life”. Je kunt als hoge rechter niet overal populair zijn.

Wat ik mooi zou vinden, is als president Corstens, na lezing van dit artikel en alle reacties, zich zou verwaardigen om hieronder zelf een mening naar voren te brengen. Vrij en onverveerd, zonder last of ruggespraak, in één woord: onafhankelijk!

Jop Fellinger

Het artikel en de reacties daarop laten zien dat de opkomst van de PVV in die zin een zegen is dat er eindelijk weer eens nagedacht wordt en ook dat dit proces nog in de kinderschoenen staat.Jammer genoeg zijn alle benoemingen politiek, alleen gaven die nooit aanleiding tot commotie, omdat de politieke en rechterlijke kringen in goed onderling begrip het wel eens werden over de ruilverhoudingen. Dat kun je verwerpelijk vinden (achterkamertjes!) je kunt ook vinden dat dit het toonbeeld is van een goed werkende overlegmaatschappij waarbij iedereen in het belang van zichzelf en de natie heeft leren geven en nemen, de definitie van politiek bedrijven. De rest is flauwekul op het niveau van of je nu voor Ajax of Feyenoord bent. Dan wordt zelfs de oorlog er weer bijgehaald, een argument dat altijd verstikkend werkt op een discussie. Laten we dat soort kwalificaties achterwege laten, dan wordt het weer een echte discussie, waarbij een ieder zijn niveau kan tonen aan de hand van zijn eigen denkbeelden. Je kunt iemand misschien niet overtuigen, maar wel kan deze worden verleid zichzelf te tonen. Het oordeel is aan de luisteraar/kiezer.

Jan Roose

Het merendeel van de mensen die zo negatief reageren tegen de PVV beseffen blijkbaar niet dat ze compleet gehersenspoeld zijn om linkse robotjes te worden. Net zoals de bevolking van Noord Korea van kleins af aan is geprogrammeerd om hun leider te verafgoden.
Mensen wordt toch eindelijk eens wakker en zie de realiteit onder ogen. Onze gehele samenleving is verlink(s)t in zit in een verstikkende houdgreep van de linkse kerk. Alles is zielig en overal moeten excuses voor worden gevonden, iedereen uit de hele wereld is welkom terwijl je nergens meer even rustig rond kunt lopen zonder lastig gevallen te worden (het houdt wel hele hordes mensen aan het werk die zich die al die problemen toe eigent – denk even aan Mauro die ook zo zielig is terwijl nu blijkt dat hij de zaak vanaf het begin met opzet heeft bedondert, gewoon naar huis sturen, da’s een probleem minder).

Maar maak je vooral geen illusies, de poen is op en blijft op, weggesmeten door die linkse club die allen bestaat dankzij een gigantisch subsidie apparaat en miljarden erdoor heeft gedraaid) dus alle subsidies waar die linkse kerk zijn electoraat mee omkoopt is gelukkig einde verhaal (wil je studeren, neem er een baantje bij ipv je elke avond lam te zuipen en te zitten snurken tijdens colleges en gewoon werken voor je treinkaartje).
De laatste kreet is om het te gaan halen bij de “rijken” want dan zijn alle problemen voorbij. Ja ja hoe naief om dat te geloven. Vergeet niet dat die “rijken” de laatste zijn die onze economie nog gaande houden. Als we dat laatste beetje ook nog gaan nationaliseren of weg laten lopen kun je binnenkort in de rij gaan staan voor de gaarkeukens.
Wake up en probeer de wereld eens zonder bril met rooie glazen te bekijken. Feit is dat onze hele samenleving doordrenkt is van die linkse jongens en dit tot in de rechtspraak toe. Het proces Wilders was een groot CIRCUS en een schande voor de democratie!
Jammer voor Aben maar hij heeft terecht die positie misgelopen en ik hoop dat hij gesnapt heeft waarom.
En Folkert Jensma moet zich onthouden van dit soort artikelen te schrijven die de lezers beinvloeden, zijn rooie afkomst druipt er vanaf.

ab h. bouvy

@87 michiel jonker
U heeft gelijk mijn bijdrage aan de discussie over benoemingen ‘Hoge Raad’ is verkeerd geplaatst, maar via uw bemoeienis toch nog goed terechtgekomen. Is het niet uiterst merkwaardig dat een volkomen leek op juridisch gebied wel van het bestaan van dit Grondwetartikel afweet en de juridisch geschoolde discussiedeelnemers blijkbaar niet.Ik heb jaren geleden eens mijn licht hierover, over dit Grondwetartikel, bij de Haagsche advocaat Leo van Heijningen, gespecialiseerd in politieke ‘outcasts’ zoals Koekkoek en Janmaat, opgestoken. Hij vertelde mij dat er vanuit de Tweede Kamer wel eens eerder een poging was gedaan om zich daadwerkelijk te bemoeien, zoals in art.118 wordt gesteld, met het benoemingsbeleid van de Hoge Raad.Men kreeg toen bezoek van mr.Donner, dat zal de grootvader dan wel geweest zijn, want ten tijde van mijn vraag aan Van Heijningen was de hedendaagse Donner nog lang niet in zicht, met de mededeling ‘dat dit toch niet de bedoeling kon zijn’. Blijkbaar is er een stilzwijgende afspraak tussen regering en O.M. om zich niet met elkaars personeelsbeleid te bemoeien. En dit dan ondanks artikel 118 van de Grondwet!

Rob Kragting

@89 Jan Roose: Uw opvatting is een exacte verwoording van het standaard-PVV-concept. “We zijn voor vrijheid van meningsuiting maar wie een andere opvatting dan wij heeft moet zijn bek houden.”
In dit geval dus Folkert Jensma. Dank u.

lyngbakken

@ Michiel Jonker en Ap Bouvy)

Dat artikel 118 Grondwet door bijvoorbeeld mij niet is genoemd wil niet zeggen dat ik er als jurist niet aan dacht. Maar het is voor niet-juristen nogal eens vervelend dat juristen in discussies met wetsartikelen gooien, vandaar. Voor mijn reactie was het ook niet nodig om het te noemen.

Maar goed, nu dan alsnog. Artikel 118 dateert uit 1983. Of de grootvader van de huidige Donner er bemoeienis mee had, vraag ik me dan ook af.
Artikel 118 zegt letterlijk het volgende: De leden van de Hoge Raad der Nederlanden worden benoemd uit een voordracht van drie personen, opgemaakt door de Tweede Kamer der Staten-Generaal.

De voordracht wordt dus niet gemaakt door de Hoge Raad, maar door de Tweede Kamer.
Die vraagt daarover advies aan de Hoge Raad, maar dat is geen geschreven regel, maar een ongeschreven. Met die regel is wat mij betreft niks mis. Het vragen van het advies van de betrokken instantie is alleen maar wijs.

In de praktijk was dat een niet vrijblijvend advies, en werd het advies gevolgd door de Tweede Kamer. Die praktijk was misschien niet in overeenstemming met de letter van artikel 118, maar juist wel in overeenstemming met de geest van de wet. Die geest vind je één artikel verderop. Artikel 119 zegt in dit kader het volgende:
De leden van de Staten-Generaal, de ministers en de staatssecretarissen staan wegens ambtsmisdrijven in die betrekkingen gepleegd, ook na hun aftreden terecht voor de Hoge Raad.

Bij de geest van de wet gaat het dus om de strafrechtelijke controle door de Hoge Raad van de leden van de Eerste èn Tweede Kamer en van de leden van de regering (minus de koningin) op ambtsmisdrijven gepleegd in hun betrekking.

Om het effect te voorkomen van het slachtvee dat zijn eigen slager keurt, is het verstandig dat de Tweede Kamer zich bescheiden opstelt en zich houdt aan de voordracht van de keurder. De stilzwijgende afspraak tussen Kamer en Hoge Raad heeft volgens mij dus een goede reden.

Wat is er nu gebeurd met de voordracht van Aben?
Formeel heeft de Tweede Kamer zich aan zijn oude lijn gehouden. De voordracht van de Hoge Raad is immers gevolgd. Maar dat gebeurde pas nadat politieke druk uit diezelfde Tweede Kamer had geleid tot aanpassing van de voordracht. Materieel is de lijn dus veranderd.

De druk werd gestart door de PVV, en de rest van de Kamer volgde.
Wat betreft de PVV zijn de drijfveren wel duidelijk. Aben moest bloeden voor het proces van de grote blonde leider; dat terwijl de heer Aben daarin feitelijk geen enkele rol speelde. Zijn notitie was enkel commentaar achteraf bij een al voldongen feit, de wraking van de rechtbank. Het is daarom een voorbeeld uit een rij van meer: de PVV duldt geen tegenspraak.
Overigens kan ik ook niet helemaal loskomen van het gegeven dat de Hoge Raad ook de hoogste rechter is in gewone strafzaken; dat Wilders daarin al heeft terechtgestaan en dat er ook diverse andere PVV-ers zijn met een strafblad. Als de PVV een nette partij was, zou dat haar tot enige bescheidenheid hebben gebracht bij de voordracht. Het feit dat dat niet is gebeurd, doet bij mij op mijn somberste momenten de angst om het hart slaan. Op meer relativerende ogenblikken denk ik: bescheidenheid is nooit een deugd geweest van de PVV.

Kennelijk wilde de rest van de Kamer en de Hoge Raad niet verder gaan dan het tijdelijk afserveren van Aben. Daarom is hij nog wel op de voordracht blijven staan, maar een aantal plaatsen lager. Hij kan dan bij de volgende ronde weer naar boven schuiven. Men vond zijn voordracht dan bij nader inzien alsnog te vroeg. Ik heb al (zonder artikel 118 te noemen) geschreven dat ik dat een heel ongelukkige manoeuvre vind. Voordeel is wel dat Kamer en Hoge Raad een herkansing krijgen.

Ten slotte: Michiel, niet-juristen die ik vroeg naar hun mening over de notitie van Aben hadden die niet (en vonden het ook niet een erg interessant onderwerp).
Dat ik schreef over de persoonlijke positie van Aben en de anderen op de voordracht, heeft niet te maken met het feit dat zij net als ik jurist zijn, maar met het feit dat zij mensen zijn die worden beschadigd door politieke machinaties. Voor die menselijke dimensie probeer ik altijd oog te houden, of het nu verdachten of slachtoffers in een strafzaak zijn, gedetineerden, klokkenluiders of juristen.

Paul Kirchhoff

@ 86 Michiel Jonker,

Ik ben het met u een dat het proces Wilders mogelijk zou moeten zijn op basis van juridische argumenten.
Helaas heeft de fine fleur van de Nederlandse rechterlijke macht niet kunnen voorkomen dat de zaak ontspoorde door allerlei oneigenlijke politieke argumenten.
Kennelijk heeft men onvoldoende ingeschat dat de verdediging dit pad zou bewandelen
Men blindelings in deze valkuil getrapt die door de verdediging werd gegraven.
Die aanpak van de verdediging mag men de heer Moszkowicz niet verwijten ondanks dat het een bewust gekozen strategie was.

Een meer open procedure bij de selectie en de benoeming van leden van de rechterlijke macht vooral bij de hoogste rechtsorganen kan mogelijk bijdragen aan instroom van lieden met een sterkere rug en een beter inzicht in de strategie van de verdediging die uitmondt in een politiek proces.

lyngbakken

@ Paul Kirchhoff

Waar denk je aan bij een meer open procedure bij de selectie en benoeming van rechters? Ook aan niet juristen bijvoorbeeld? Zou je ook lekenrechters willen?

Ik ben het verder niet met je eens dat lieden met een sterkere rug en beter inzicht nodig zijn. Inzicht is achteraf altijd beter dan vooraf, dus dat is nogal gemakkelijk in de schoenen schuiven van degenen die destijds het wiel moesten uitvinden.
En wat bedoel je precies met een sterkere rug? Ik neem niet aan: een sterke man, maar wat dan wel?

Michiel Jonker

@ Lyngbakken

Ik vind het als leek helemaal niet erg als er wetsartikelen worden genoemd. Integendeel, dat helpt me om te begrijpen waarop bepaalde argumenten zijn gebaseerd. Nu kreeg ik, op grond van het artikel van Jensma en de daaropvolgende reacties, een verkeerd beeld van de procedure. In mijn eerste reactie merkte ik nota bene op dat de procedure me niet helemaal duidelijk werd uit het artikel, en gaf aan wat ik daaruit meende te kunnen begrijpen. Maar niemand die me corrigeerde – totdat de heer Bouvy het wetsartikel bij een ander artikel citeerde!

Om uit artikel 119 een “geest van de wet” te construeren die de strekking van artikel 118 zo’n beetje omkeert, vind ik niet alleen onzin, maar ook erg sofistisch. Dat is precies het soort sofisterij waarvan juristen afscheid zouden moeten nemen.

Ik vind het onzin omdat de onafhankelijkheid van rechters bij de Hoge Raad beschermd wordt door het feit dat ze NA hun benoeming niet meer afgezet kunnen worden door de regering of de Tweede Kamer. Dus als een minister, staatssecretaris of parlementariër een ambtsmisdrijf pleegt en om die reden aftreedt – op zich al een hele stap, alleen al gezien de gehechtheid van de meesten aan het pluche – dan hoeft een groep rechters bij de Hoge Raad niet bang te zijn om door toedoen van de betreffende, reeds afgetreden functionaris(sen) zelf tot aftreden te worden gedwongen.

Dat rechters in de praktijk soms wel bang zijn voor bepaalde politici, heeft het proces-Wilders bewezen. Maar dat lag niet aan grondwetsartikel 118 of 119, maar aan een verkeerde attitude van die rechters.

Het valt aan te prijzen dat je oog probeert te houden voor de menselijke dimensie. Maar wie kandidaat is voor de Hoge Raad, moet bereid en in staat zijn de Grondwet goed te lezen èn om daaruit te concluderen dat het erbij hoort dat zijn/haar kandidatuur kan worden bekritiseerd door leden van de Tweede Kamer. Zo’n kandidaat kan ook geacht worden te weten kritiek van politici niet altijd aardig is. De houding van zo’n kandidaat zou moeten zijn: “Lage, respectloze, onterechte kritiek schaadt vooral diegene die de kritiek uit – misschien niet in politieke, maar in ieder geval in menselijke zin.”

Vandaag (24 december) in NRC een pleidooi van voormalig raadsheer-plaatsvervanger Peter Kop voor de vrijheid van meningsuiting van rechters in het maatschappelijke debat, waarbij hij wijst op het “chilling effect” op andere rechters, en daarmee op de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht, als één van hun collega’s in zijn carrière geschaad wordt naar aanleiding van een meningsuiting. Kop ziet zich gesteund door het Europese Hof voor de Rechten van de Mens.

Goede rechters zijn niet bang voor vrijheid – noch die van anderen om op hen kritiek te uiten, noch die van henzelf om op anderen kritiek te uiten. Transparantie en maatschappelijk debat zijn uiteindelijk de beste waarborgen voor de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht.

ab h. bouvy

Deze ‘internet-discussie’ begint veel op een ‘aap-uit-mouw’ discussie te lijken! Het feit dat artikel 118 niet eerder genoemd werd in deze reeks van argumenten en tegen-argumenten, wordt verklaard met het idee dat dit voor ‘leken’, niet -juristen, maar verwarrend zou werken.Al die nummers! Ook blijkt hier dat de Hoge Raad een geschreven rechtsregel moeiteloos vervangt door een ongeschreven rechtsregel als dit in haar kraam te pas komt.

Een nog grotere aap komt te voorschijn als, om de ‘geest van de wet’ te verduidelijken, verwezen wordt naar artikel 119 van dezelfde Grondwet! Het komt er dus op neer dat de praktijk van het benoemen van leden van de Hoge Raad een interne aangelegenheid is waarbij men als een soort tegenprestantie zegt dat mochten voormalige Kamerleden, ministers enz voor de rechters van de Hoge Raad verschijnen,deze op een coulante behandeling kunnen rekenen.Overigens wordt hier niet vermeld dat ook rechters die in de ‘fout’ gaan, door de Hoge Raad veroordeeld moeten worden. En dit laatste gebeurd nog weleens! Zie bijv. de zaken tegen de voormalige rechters Westenberg en Kalbfleisch en de vertragingtechnieken die men uit de kast haalt om het uiteindelijke proces naar de ‘eeuwigheid’ te verwijzen!

Als dergelijke praktijken zich in een ver Afrikaans , Aziaatisch of Latijns-Amerikaans land voordoen, sporeken we van ‘corruptie’, maar als het onderdeel vormt van ons eigen rechtssysteem, dan weten we het even niet meer!

lyngbakken

Beste Ab,

Dat het voor jou nieuw is, wil niet zeggen dat het een aap uit de mouw is. Er is niets geheims of geheimzinnigs aan. Ik begrijp dat het wel nieuw voor jou is, maar het is gewoon eerstejaarsstof staatsrecht van rechtenstudenten.

Ter verdere openbare informatie verwijs ik je nog naar de site van de Tweede Kamer: http://www.liigl.nl. De geschiedenis van deze wet uit 1983 is daar na te slaan onder nummer 16 164. Daar kun je zowel de visie van de regering als de reacties uit de Eerste en Tweede Kamer daarop vinden.

Je gebruikt het woord corruptie. Heb je daar bewijs van?

lyngbakken

@ Michiel Jonker

Je kunt het natuurlijk niet eens zijn met de redenering. Ik heb hem ook niet verzonnen, maar de redenering is wel geldend staatsrecht.

Ook ik zie liever een heel andere constructie, met een hoogste nationale rechter die meer bevoegdheden heeft en die uit veel minder rechters is samengesteld (waarbij dan bij de benoeming een veel zwaardere procedure aan de orde is, bijv. zoals in de VS). Groen Links bijv. pleit daar ook voor.

Maar Nederland is traditioneel een maaiveldland, dat daar niet erg toe geneigd is. Dat is niet een kwestie van goed of fout, maar van voor- en afkeuren. Voordeel is dat de zaken daar nooit hoog in oplopen, nadeel is dat veel schimmig is of lijkt.
Die stabiliteit is voor mij ook een belangrijk punt.

Het stuk van Koppen ken ik ook, en hij is niet de eerste die dit schrijft. In zijn lijn kunnen individuele rechters ook naar buiten treden met hun persoonlijke opinies. Dat heeft ook voordelen, maar ook nadelen. De onpartijdigheid lijdt daardoor bijv. schade.
Als je die kant uitwilt, zul je denk ik ook gewone rechters moeten gaan kiezen. Dat kan natuurlijk, maar dat heeft ook risico´s bij botsingen tussen rechters en andere delen van de staat. Wie heeft dan de democratische legitimatie die doorslaggevend is te achten? Dat probleem is er niet bij benoemde rechters.

Het vertrouwen in een onafhankelijk denkende rechter is in Nederland volgens mij veel kleiner dan jij denkt. In dat kader wijs ik erop dat Koppen zich vooral baseert op rechtspraak uit Straatsburg. Die rechtspraak zit echter juist steeds meer in het verdomhoekje, met als argument dat onafhankelijke rechters zich niet mogen en moeten bemoeien met nationale democratische politieke keuzes.

Recht is nu eenmaal voor een belangrijk deel politiek. Het is echter geen gewone politiek, maar gestolde politiek. Dat maakt het naar zijn aard hybride, en oplossingen die dat niet erkennen zijn geen echte oplossingen volgens mij. Volgens mij zal het altijd laveren blijven, met voor- en nadelen.

Paul Kirchhoff

@ 94 lyngbakken

Een meer open procedure bij de benoeming van rechters voor de Hoge Raad begint met het afschaffen van voordrachten door de Hoge Raad voor de benoeming van nieuwe leden.
Maak er een gewone sollicitatie procedure van waarbij alleen de laatst overgebleven kandidaten uiteindelijk bekend worden.
De Hoge Raad mag uit de laatste drie kandidaten een voordracht doen die wordt gevolgd door de tweede kamer.

Vooraf was te voorzien dat de vervolging van Geert Wilders zou ontaarden in een politiek steekspel.
Daarop is wijsheid achteraf niet van toepassing.
Kennelijk zijn er rechters nodig die net als de leden van de staande magistratuur een sterkere rug hebben om druk uit de samenleving te weerstaan bij een artikel 12 procedure om Geert Wilders te vervolgen.

Dat is niet het enige argument om niet tot vervolging over te gaan.
Ik zou graag zien dat de vrijheid van meningsuiting minder werd ingeperkt door lieden met lange tenen.
Vergelijk de situatie hier met de VS waar een proces om smaad, belediging, vermeend haatzaaien geen enkele kans heeft.

Nu Hirsch Ballin en Donner verdwenen zijn is er opnieuw een kans de wetsartikelen die betrekking hebben op godslastering uit het wetboek te schrappen.
Zoniet dan moeten er aanvullingen komen voor Mohammed etc.

Michiel Jonker

@ 97 Lyngbakken

Voor sommige mensen is het wel degelijk nieuw dat onze zogenaamde “democratische rechtsstaat” inmiddels is verworden tot een façade voor een heel ander soort staat, die in maatschappelijke en morele zin met recht “corrupt” genoemd kan worden. Recentelijk ontdekken steeds meer mensen deze corrupte staat, en worden dan met recht boos. Jij wordt niet boos, maar verdedigt de façade.

In een strafrechtproces moet “corruptie” bewezen worden volgens bepaalde, strafrechtelijke criteria. Maar er is meer in de wereld dan alleen strafrecht. Er zijn grote misdaden die strafrechtelijk prima door de beugel kunnen. Bijvoorbeeld de manier waarop miljoenen burgers de laatste jaren zijn beroofd door financiële “specialisten”. Of allerlei vormen van niet-fysieke mishandeling die op het werk, dan wel in gezinnen plaatsvindt. Of de manier waarop (functionarissen van) jeugdzorg-, onderwijs- en andere bureaucratieën mensen de afgrond in duwen.

Die misdaden worden soms “misstanden” genoemd. Maar inmiddels is ook het begrip “misstand” alweer geclaimd door juristen en grotendeels gejuridiseerd. Als de daders er juridisch mee wegkomen, dan mag het opeens geen “misstand” meer heten! Het wachten is op de volgende term waarmee de droeve werkelijkheid kan worden aangeduid.

Wie het hart op de juiste plek heeft, zet zijn juridische bril regelmatig af en durft de werkelijkheid onder ogen te zien. Pas dan kan er een goede vertaalslag naar wet en recht worden gemaakt. Pas dan gaan wet en recht de werkelijkheid weer in voldoende mate weerspiegelen om zelf hun morele betekenis terug te winnen. Een rechtsorde die de werkelijkheid onvoldoende weerspiegelt, of die alleen de werkelijkheid van een elite van machthebbers weerspiegelt, verliest haar legitimiteit.

@ 98. Opnieuw Lyngbakken

Een redenering die “geldend staatsrecht” is? Hm, juristen en staatsrechtgeleerden kunnen wel bedenken dat 1 + 1 drie is, of dat er op de maan appelbomen groeien, maar dat leidt er dus vooral toe dat het (staats)recht zijn legitimiteit verliest.

Je idee dat zaken in een “maaiveldland” “nooit hoog oplopen” en dat daarmee de stabiliteit gediend is, lijkt me onjuist. Zaken lopen in zo’n maaiveldland wel degelijk hoog op, maar dat gebeurt dan in het verborgene. De zwakste partij wordt in het verborgene gemangeld, gemuilkorfd en onder het tapijt geveegd. Daarmee lijkt de stabiliteit op korte termijn misschien gediend. Maar op een gegeven moment gaat dat tapijt dan bewegen en komt er een monster van opgekropte wrok onder vandaan. En dat is precies wat we op dit moment in Nederland en andere Europese landen zien gebeuren.

Jouw idee dat deelname van rechters aan het maatschappelijke debat ten koste gaat van hun “onpartijdigheid”, toont een onvermogen om onderscheid te maken tussen een rechter die op persoonlijke titel in alle openheid iets zegt, en een rechter die een concrete zaak behandelt en over die zaak uiteraard niks mag zeggen in het maatschappelijk debat, zolang de zaak nog niet in hoogste instantie is beslecht.

Je richt je te veel op de persoon van de rechter, en te weinig op de inhoud en context van diens uitspraken – een veelvoorkomend manco, waarmee je je naast iemand als Geert Wilders schaart. Bien étonnés de se trouver ensemble?

Rechters zullen altijd persoonlijke opvattingen hebben. Als ze die geheim houden, versterken ze niet hun onpartijdigheid, maar maken ze het voor het publiek onmogelijk om te zien of ze eigenlijk wel echt zo onpartijdig zijn.

Een rechter die op persoonlijke titel deelneemt aan maatschappelijk debat, maakt zich daarmee kwetsbaar voor eventuele wrakingsverzoeken in latere rechtszaken die aan hem ter behandeling worden voorgelegd. De moed om zich in die zin toch kwetsbaar op te stellen, moet worden geprezen, want die is in het belang van een transparant functionerende rechtsstaat. Wat er nu gebeurt, is dat moedige rechters worden teruggefloten door hooggeplaatste collega’s die de kast en de kaste gesloten willen houden.

Waarom? Zitten er soms lijken in die kast(e)? Wat heeft onze rechterlijke macht voor ons te verbergen?

@ 99. Paul Kirchhoff

Ik ben het met u eens dat de vrijheid van meningsuiting ruim geïnterpreteerd zou moeten worden. Tegelijk verdienen burgers, individueel en als groep, wel bescherming tegen smaad en in het verlengde daarvan tegen discriminatie op grond van (bijvoorbeeld) etnische achtergrond, geslacht, seksuele geaardheid en levensbeschouwing.

Door deelname van rechters aan het maatschappelijke debat te verwelkomen, verwelkom je ook rechters die (1) hun ideeën durven te toetsen aan de hand van feedback van de meest onafhankelijke instantie die er is: de burgers; en die (2)daardoor geoefend raken in de omgang met maatschappelijk debat, waardoor ze leren zich niet als bange, grijze muisjes te gedragen die meebuigen met de machtigste partij, maar in plaats daarvan met een open vizier en een rechte rug de rechtzoekenden, respectievelijk justitiabelen, tegemoet te treden. Met name ook in politiek gevoelige rechtszaken.

Ed Rook

Aan de strafrechtsjuristen vraag ik:

Is de uitspraak over de wraking niet te beschouwen als een tussenvonnis. Weliswaar zijn de nieuwe rechters weer opnieuw begonnen maar het ging toch over dezelfde zaak.

Als dit het geval is dan zat Aben dus helemaal fout met zijn truc om zijn mening te laten lekken om zo niet de schuld te krijgen dat hij tijdens het proces commentaar gaf.

ab h. bouvy

‘Onder de geleerden maken de rechtsgeleerden aanspraak op de eerst plaats. Niemand anders is zo met zichzelf ingenomen. Ze rollen de steen van Sisyphus onvermoeid voort en zetten in één adem duizenden wetten in elkaar, het doet er niet toe waarover.
Door de ene glosse (juridische commentaren ahb.) op de andere te stapelen en de ene mening op de andere bereiken ze dat hun studie de moeilijkste van alle lijkt.’

‘Ze zouden nog gelukkiger zijn als ze alleen maar luidruchtig en niet ook nog twistziek waren, waardoor ze elkaar met volharding in de haren vliegen over probleempjes van niets en veelal de waarheid in hun woordenwisseling uit het oog verliezen.’

ab h. bouvy

Bovenstaand citaat afkomstig uit “Lof der Zotheid’ Desiderius Erasmus anno 1511
Hoofdstuk 51 ‘Over de rechtsgeleerden’

Paul Kirchhoff

@100 Michiel Jonker,

Het verheugt mij dat u ook voorstander bent van veel ruimte voor het uiten van een mening.

De relatie is tussen smaad en discriminatie ontgaat me.
Discriminatie is verwerpelijk om het even welk criterium men hanteert om onderscheid te maken.

lyngbakken

@ Ab Bouvy en Michiel Jonker

Ab:
In de tijd van Erasmus liepen de postglossatoren op hun einde. Dat was een juridische stroming die boeken vol schreef met commentaren (¨glossen¨) op de commentaren die werden gegeven op het Romeinse recht, dat ook toen al vele eeuwen oud was. Ze hadden zich opgesloten in de wetenschappelijke wereld van de late Middeleeuwen, en bekommerden zich niet om het praktische nut van het recht.
Praktijkjuristen werden in die tijd ook wel aangeduid als rechtsverdraaiers. Ook bekend was de zegswijs: Juristen sind böse Christen (Luther heeft die zegswijs ook vaak aangehaald).

Natuurlijk is er over juristen veel slechts gezegd en is er over hen nog steeds veel slechts te zeggen. Maar dat geldt niet alleen voor juristen; het geldt voor alle beroepsgroepen, zelfs voor alle mensen. Het slaat alleen wel de onderlinge discussie dood. Daar laat ik het bij.

@ Michiel

In theorie is alles denkbaar, en je beargumenteert je theorie ook helder. Je kijkt echter heel getunneld naar het punt openheid en transparantie.

Volgens mij kan een samenleving niet bestaan zonder taboes. Sommige antropologen dachten een tijdje dat dat wel kon, maar moesten daarop terugkomen.
Natuurlijk zijn niet alle taboes goed. Het helpt dan echter niet om ze te negeren of te ontkennen.

In Nederland hebben wij het taboe van het raadkamergeheim voor de rechter. Dat is zelfs wettelijk vastgelegd, maar vloekt natuurlijk met openheid en transparantie.

In sommige andere landen bestaat het raadkamergeheim niet of anders, met name in de Angelsaksische rechtstraditie.
Daar zien we dat rechters worden gekozen (zoals ik al schreef), of dat de rechter naar de zijlijn wordt gedrongen door te werken met jurys.
Ook is daar een bekende figuur dat rechters hun eigen opinie moeten motiveren in een vonnis (het vonnis kent dan naast het vonnis zelf dat door een deel van de rechters is geschreven, dissenting en concurring opinions van de andere rechters). Daarin treden rechters al naar buiten met hun persoonlijke visies, en past het dat zij ook verder naar buiten toe hun visies kenbaar maken en in debat gaan.
Dat systeem heeft het voordeel van grotere openheid op deze punten.

Het heeft echter ook vele nadelen. Zo is in dat systeem schimmig welke rechter welke zaak krijgt. Waar in Nederland een toedeling vooraf op de beginletter van de achternaam gebeurt, is daar nogal eens sprake van getouwtrek en politieke sturing achter de schermen om te voorkomen dat een te uitgesproken rechter een bepaald zaak krijgt. Forum shopping is daar verder zo ongeveer uitgevonden.
Het recht is er ook vooral een zaak van juristen, die de common law met elkaar vormgeven, en niet van politici die het recht in het vat van de wet gieten. Maar ook niet van burgers. Niet voor niets word je in het Engelse stelsel als burger in veel zaken door twee juristen bijgestaan.

Recht ontstaat in de common lawtraditie vooral uit incidenten die precedenten gaan vormen, Daardoor komt de rechtsgelijkheid onder druk te staan. En dan doel ik niet op de rechtsgelijkheid van gelijke gevallen moeten gelijk worden behandeld (want dat kan nog wel lukken in een precedentenstelsel), maar de -meer politieke- rechtsgelijkheid dat ongelijke gevallen behandeld moeten worden op een wijze die recht doet aan de mate waarin zij verschillen.
Je zult als burger verder een zaak verliezen met 4 stemmen voor en 3 tegen. Wat heeft dat nog met rechtvaardigheid van doen? Het lijkt meer op een loterij. En wat is de kracht van de precedentwerking van een dergelijk nipt vonnis, vooral als men twijfel heeft aan de wijze waarop de rechtbank qua personen in die zaak was samengesteld?
We kennen in Nederland zaken van rechterlijke dwalingen. Juryrechtspraak kent die gevallen ook, en zelfs in beduidend grotere mate.

De publieke openheid die jij bepleit is goed in te passen in de angelsaksische traditie, niet echter in de Europees-continentale. Daar is de rechter inhoudelijk tamelijk bleek, en moet dat zijn, uit respect voor de democratisch vastgestelde wet (die daar een veel grotere rol heeft).

Net zoals ik economisch geen voorstander ben van het angelsaksische model, ben ik dat ook juridisch niet.
Maar ik ben ook niet vies van proberen. Ik zou mij bijv. kunnen voorstellen dat we in Nederland beginnen met een model waarin de hoogste rechter wel gaat werken met dissenting opinions (net zoals onze hoogste rechter op het gebied van mensenrechten in Straatsburg dat doet). Dat kun je koppelen aan een veel inhoudelijker benoemingsprocedure. Die rechters hebben dan ook de vrijheid om zich in debatten te mengen.

Michiel Jonker

@ 105. Lyngbakken

Dit blog gaat over recht en bestuur. Dat is de reden dat dhr. Bouvy iets zegt over juristen, en niet over “alle beroepsgroepen, zelfs alle mensen”. Je bent een expert in afleidingsmanoeuvres.

Je zegt dat ik “getunneld” kijk naar “de punten” openheid en transparantie. Kun je uitleggen waarom?

Net als jij denk ik dat een samenleving niet kan bestaan zonder taboes, maar ik ben daar niet zeker van. Ik heb er wel over nagedacht, maar ben er nog niet uit. Een mooi boek waarin dit onderwerp wordt aangestipt, vind ik “Forbidden Knowledge” van Roger Shattuck.

Vervolgens “tunnel” jij het onderwerp “taboe” naar het punt “raadkamergeheim”. Maar dat is geen taboe. Het is een openlijk verbod om over bepaalde dingen te spreken, en dat is wat anders. Een taboe, in eigenlijke zin, is een verbod om over iets te spreken of om iets te doen, waarbij ook over dat verbod zelf niet mag worden gesproken.

Op het raadkamergeheim kom ik straks terug. Er zijn bij de rechterlijke macht in Nederland wel degelijk taboes, maar het raadkamergeheim is daar niet één van. Er is bijvoorbeeld het taboe dat een rechter die niet betrokken is geweest bij de behandeling van een zaak (d.w.z. niet zelf in de raadkamer heeft gezeten), geen vernietigend commentaar mag leveren op (de motivering van) het oordeel van zijn confrères. Een rechter die dat wel doet, wordt informeel (d.w.z. sociaal) en soms ook formeel op de vingers getikt, bijvoorbeeld omdat hij “het gezag van de rechtspraak” aan zou tasten. Hooguit mag een rechter, bij voorkeur gelegitimeerd door een academische rol of nevenfunctie, omfloerst commentaar leveren, op een manier die niet al te toegankelijk is voor Henk en Ingrid.

Een ander taboe is een openbare discussie over de geschiktheid van kandidaten voor (hoge) rechterlijke ambten. In de discussie die we nu voeren, hebben we gezien hoe dit taboe is vormgegeven door de Hoge Raad in collusie met Tweede Kamerleden.

Dit zijn allebei schadelijke en onnodige taboes – uit oogpunt van de democratische rechtsstaat en uit oogpunt van het belang van Henk en Ingrid. Deze taboes dienen alleen het afschermen van een groep regenten (rechters, bestuurders, Tweede Kamerleden) van publieke controle op hun handelen.

Dan kom je bij de kern van je betoog. Je schrijft: “De publieke openheid die jij bepleit is goed in te passen in de angelsaksische traditie, niet echter in de Europees-continentale. Daar is de rechter inhoudelijk tamelijk bleek, en moet dat zijn, uit respect voor de democratisch vastgestelde wet (die daar een veel grotere rol heeft).”

Uiterst vreemde opvatting van jou. Waarom zou publieke openheid niet passen bij respect voor de democratisch vastgestelde wet? Let wel, het gaat dan ook nog eens om een wet die alle burgers “geacht worden te kennen”.

Ik denk dat het juist omgekeerd is. De centrale plaats die de wet in de Europees-continentale traditie inneemt, is bij uitstek een geschikt middel om het recht voor iedereen transparant te maken.

Daarbij hoeven we de door jou genoemde nadelen van het Angelsaksische systeem helemaal niet over te nemen. We kunnen bijvoorbeeld gewoon doorgaan met de neutrale toewijzing van zaken aan rechters, zonder politieke inmenging. Om dat te borgen, kunnen we dat eventueel wettelijk vastleggen. Ook is bijvoorbeeld de invoering van juryrechtspraak dan niet nodig. Sterker nog, een grotere rechterlijke transparantie zal de roep om juryrechtspraak misschien zelfs verzwakken.

Er is daarom alle reden om meer publieke openheid niet alleen te gaan “proberen”, zoals jij voorzichtig oppert, maar die gewoon te gaan doen. En niet pas over tien jaar, maar nu. Het is de hoogste tijd, als we de legitimiteit van ons rechtssysteem willen redden, de betrouwbaarheid en de geloofwaardigheid van onze overheid opnieuw willen opbouwen, de economie op een gezondere basis willen zetten en ernstige maatschappelijke onlusten willen voorkomen.

Wat betreft het raadkamergeheim, ik denk dat jouw suggestie om dat in de allerhoogste rechtscolleges deels op te heffen, bijvoorbeeld door het invoeren van de mogelijkheid om “dissenting opinions” aan de uitspraak toe te voegen, misschien wel een goed idee is.

Maar veel belangrijker is het volgens mij dat rechterlijke uitspraken beter en toegankelijker worden gemotiveerd – ook zonder dat het raadkamergeheim wordt opgeheven. Dat is iets wat alleen zal gebeuren als de hoogste rechtscolleges dat als norm aan lagere rechters gaan opleggen, via hun uitspraken in hoogste instantie. Dat vergt een verandering in de attitude van hoge rechters, en dus een verandering in de cultuur van de Hoge Raad, het CRvB, de ABRS en nog enkele achtenswaardige gremia.

Kort door de bocht gezegd: in de toekomst zouden rechterlijke motiveringen veel méér moeten behelzen dan onuitgelegde verwijzingen naar wettelijke paragrafen en jurisprudentie. De rechter zou moeten verwijzen naar de onderliggende werkelijkheid (zoals hij die heeft begrepen), en expliciet moeten maken waarom hij in het licht dáárvan wetten en jurisprudentie op een bepaalde manier interpreteert en toepast. Ook zouden rechters standaard moeten ingaan op de argumenten van partijen. Op dit moment worden die in rechterlijke uitspraken veelvuldig genegeerd. De rechter zwijgt er simpelweg over. Hoe kunnen rechters ooit verwachten dat hun uitspraken als legitiem worden ervaren, als ze simpelweg voorbijgaan aan de argumenten van rechtzoekenden?

Toch verwachten verreweg de meeste rechters dat – of ze menen verplicht te zijn om ten overstaan van het publiek te doen alsof ze dat verwachten. Dat is weer zo’n taboe: het taboe voor rechters om eerlijk te zijn over hun kritiek op de eigen rechtspraktijk. Voormalig CRvB-rechter Twan Tak verdient lof omdat hij dat taboe heeft doorbroken (even los van de oplossingsrichting die hij voorstaat).

Nog even terugkomend op artikel 119 van de Grondwet. Ben jij het, na mijn uitleg waarom er uit dit artikel geen “geest van de wet” te construeren valt zoals jij meende te kunnen doen, bij nader inzien met mij eens? Het zou je sieren om dat dan even te zeggen. Gewoon, omdat jij van jouw kant in deze discussie graag transparant wil zijn…

@ Paul Kirchhoff

Ik zie de volgende relatie tussen smaad en discriminatie. Smaad kun je omschrijven als een valse beschuldiging aan het adres van een individu. Discriminatie kun je omschrijven als een valse beschuldiging aan het adres van een groep, die vervolgens van toepassing wordt verklaard op elk lid van die groep. Bijvoorbeeld “Alle mensen met een zwarte huid zijn dom, evenals alle vrouwen.” Of: “Alle islamieten steunen terrorisme”. Of: “Alle uitkeringstrekkers zijn lui en willen niet werken.” Of: “Alle ambtenaren zijn lui en het interesseert ze geen f*** dat ze het belastinggeld van Henk en Ingrid opsouperen zonder daarvoor voldoende terug te doen.” Of: “Alle topmanagers zijn graaiers.” (Alhoewel, in dit laatste geval ken ik helaas geen concrete voorbeelden van topmanagers met een normaal loon…)

De overeenkomst tussen smaad en discriminatie is dat er zonder goede gronden negatieve conclusies over individuele mensen worden getrokken, die vervolgens tot uiting komen in negatieve uitspraken of negatieve handelingen, gericht op die individuele mensen.

Uiteraard is er een grijs overgangsgebied tussen enerzijds kritiek, die goed en bijna altijd nodig is, en anderzijds smaad, die verkeerd is en bijna altijd onnodig.

In zeer uitzonderlijke gevallen kan smaad nodig zijn, als paardemiddel in dienst van een hoger doel, omdat alle andere middelen niet blijken te helpen. Als bijvoorbeeld dhr. Silvio Berlusconi tien jaar geleden tot aftreden was gedwongen door een succesvolle defamatie-campagne, die sterker was dan zijn eigen defamatie-campagnes tegen anderen, waaronder rechters, dan zou ik voor zo’n contra-Berlusconi-campagne wel enig begrip hebben gehad, gezien de schade die hij toebracht aan de Italiaanse rechtsstaat.

Ik besef dat ik me met deze laatste stellingname op glad ijs begeef. Moet kunnen, in een discussie.

En ook in de rechtspraak! Rechters zouden moeten leren de moed op te brengen om in hun motiveringen grijze overgangsgebieden expliciet te benoemen en ook in niet-juridische termen te beschrijven, en aan te geven wat hun werkelijke redenen zijn om in hun afwegingen meer of minder begrip te tonen voor bepaalde belangen en handelwijzen.

Het doel van het recht is het beschermen van de zwakken. Dat doel is de bestaansgrond van het recht. Een recht dat de taal van de zwakken niet spreekt, is geen recht.

ab h. bouvy

@lyngbakken
Sinds de dagen van Erasmus is er dus nog maar weinig veranderd voor wat betreft het ‘juridische’ deel van de samenleving, zo maak ik op uit uw reactie m.b,t. het citaat uit “Lof der Zotheid’. ‘Juristen deugen misschien niet, maar andere beroepsgroepen deugen evenmin’, daar komt uw verweer zo’n beetje op neer! Hierbij constateer ik wederom een groot gebrek aan ‘zelfreinigend vermogen. Maar u heeft gelijk, dat geldt niet alleen voor juristen, maar evenzeer voor historici en journalisten! Het gevolg van een dergelijke instelling is een soort ‘kastementaliteit’ waarbij elke critiek van buitenaf beschouwd wordt als een persoonlijke aanval. Het gevolg is natuurlijk wel dat deze ‘beroepsgroepen’ niet meer functioneren zoals ze moeten functioneren. Gevolg: nog meer critiek en nog meer ‘gaten’ in de samenleving. We hebben na de oorlog verzuimd om ‘schoonschip’ te maken. En dit, in tegenstelling met bijv. Duitsland, waar men wel met een schone lei is begonnen. En de wet- en regelgeving heel wat beter in elkaar steekt dan dat systeem waar wij mee te maken hebben!
Maar misschien moeten wij maar wachten op de grote ‘kladderatsch’ voor dat de zaken ten goede gaan veranderen.

S.westerveld

Wat continu vergeten wordt is dat er zaken al mis zijn. Wilders is niet de uitzonderling, Wilders is het summum van decennia gevoerde politiek. Wilders heeft donders goed door dat het grijze gebied waarin de traditionele partijen aan het kloten waren niet meer is dan een toneelspelletje. Wilders breekt dat alleen open met een rauwe versie van dat spelletje en omdat de traditionele partijen hun eigen mores niet meer objectief kunnen bezien, gaan ze te keer tegen Wilders. Natuurlijk is Wilders een aanfluiting voor de democratische rechtsstaat. Echter dat waren de traditionele partijen ook, alleen die hadden hun mores dachten ze geïnstitutionaliseerd. Ik hoor Balkenende nog oeverloos lullen over de vorm, terwijl we allemaal opgevoed worden met het idee dat de inhoud belangrijk is, even ongeacht wat iemand daar uiteindelijk mee doet. Een premier die de schijn verdedigd en in zijn super domheid ook de VOC mentaliteit aanhaalt. Het wereldvoorbeeld waarom je bedrijven onder controle moet houden.
Als men echt het goede voor heeft met onze democratische rechtsstaat dan begint men eens een keer met de wind uit de zeilen van Wilders te nemen door de eigen smerige rotzooi aan te pakken. Wilders drijft er op en heeft alles daarvan geleerd. Zijn vorm spreekt alleen meer aan in deze tijd. Balkenende had eigenlijk trots op hem moeten zijn.

Paul Kirchhoff

Smaad is het uiten van beschuldigingen die al dan niet waar zijn met het oogmerk de reputatie van de betrokkene te schaden.
Ook al zouden de beschuldigingen op waarheid berusten dan nog kan het openbaar maken daarvan aangemerkt worden als smaad.

Discriminatie is het op ongeoorloofde wijze maken van onderscheid bij de behandeling van personen of groepen op basis van o.a. uiterlijke kenmerken, geloof, geslacht etc.

lyngbakken

@ Michiel,

Spelen op de man in plaats van de bal is volgens mij niet zuiver; het wegzetten van een hele groep evenmin. Mijn reactie was geen afleidingsmanoeuvre, maar sloeg daarop en wilde de focus dus juist dienen.

Ik heb geen sofisme gehanteerd. Ik heb alleen (ook volgens de Tweede Kamer) geldend staatsrecht naar voren gebracht. Daar kun je het niet mee eens zijn, maar dat is een andere kwestie.
Terzijde: je kwalificatie en wegzetten stimuleert bepaald niet om nog vaker juridische achtergronden naar voren te brengen. Het levert over het algemeen ook weinig inhoudelijke meerwaarde voor de discussie, en dat blijkt hier ook.

Ik heb de term taboe gebruikt als in het algemeen geldend spraakgebruik: iets dat wordt beschouwd als ongepast om te gebruiken, te doen of over te spreken. Natuurlijk mag jij een andere definitie gebruiken, maar eerlijk gezegd zie ik de meerwaarde er niet van.

Het taboe van het niet openlijk kritisch becommentariëren van andermans uitspraken geldt denk ook ik inderdaad onder rechters. Maar ook daar kan ik goede redenen voor bedenken. Rechterlijke uitspraken zijn niet bedoeld als bouwstenen voor een discussie, maar om een conflict te beëindigen. Dat is zelfs de hoofdfunctie ervan. Als die uitspraken dat niet doen, vallen we terug in de staat van oorlog van de een tegen de ander, of van het recht van de sterkte.
Als rechters nu zelf de uitspraken van collega´s openlijk kritisch becommentariëren (en dat kan bij vrijwel elke uitspraak, niet alleen in Nederland, maar overal ter wereld), wordt de noodzaak ondergraven voor partijen om zich te houden aan die uitspraak. Die kunnen dan eenvoudig zeggen: als ik die andere rechter had gehad, was het heel anders uitgepakt, dus ik laat me niks gelegen liggen aan dit vodje papier. Dat bevat immers kennelijk geen geldend recht.

Omdat het rechtspraak wel erkent dat er fouten worden gemaakt, is er wel de mogelijkheid van hoger beroep (en cassatie bij de Hoge Raad), maar daar gelden vanwege de rechtszekerheid korte termijnen voor en daar blijft het dan in principe bij.

Je tunnelt volgens mij omdat je dit aspect, net als andere van belang zijnde aspecten bij een goede rechtspraak helemaal buiten beeld laat in je pleidooi. Voor mij is bijv. ook van belang dat rechterlijke uitspraken snel worden gedaan, om het effect ¨operatie geslaagd, patiënt overleden¨ te voorkomen. Als een rechter uitvoeriger moet motiveren, kost dat echter juist tijd (om van het gebrek aan financiën voor de rechtspraak nog maar te zwijgen.
Ook vind ik het een probleem dat in Nederland zo veel (meer dan de helft!) rechterlijke uitspraken worden gedaan zonder dat de tegenpartij zijn visie heeft gegeven. Aan een discussie kom je dan al niet eens toe.

Dat uitspraken goed gemotiveerd moeten worden, ben ik -zoals je hoort te weten- met je eens, Ik ben eerlijk gezegd verbaasd/verrast om te lezen welke motiveringspunten je dan van belang vindt. We hebben eerder een discussie gehad over het ingaan op de belangen van partijen. Ik was (en ben) daar voor en verwees ook naar een nieuwe manier van het behandelen van zaken bij de bestuursrechter. Het is ook een manier die de civiele rechter al langer hanteert. Als ik me goed herinner, was jij daar toen niet voor, en koos je onverkort voor het primaat van de wet. Of heb ik het mis?

Onuitgelegde aanhalingen van de wet zijn een manier van werken waar vooral de Raad van State zich mee onderscheidt. Ze gebruiken daar volgens mij nog steeds standaardtekstblokken voor. Ik deel met je dat dat zinloos is. De wet kan iedereen naslaan op internet of in de bibliotheek.
En als de discussie tussen partijen gaat over de uitleg van de wet, dan moet je die als rechter ook geven. Zoals ik je volgens mij ook al eerder schreef, deel ik de kritiek van Spijkerboer op de vreemdelingenrechtspraak van de Raad van State, waarin dergelijke (meestal vreemdelingonvriendelijke) keuzes worden gemaakt, terwijl net wordt gedaan of dat de enige logische keuze is.

Overigens: de door jou aangehaalde Twan Tak brak de staf over ¨formulierenrechtspraak¨ zoals hij dat noemde bij zijn vertrek bij de Centrale Raad van Beroep. Ik weet niet of ze daar ook een nieuwe manier van werken hebben ingevoerd of gaan invoeren, maar ik denk wel dat de nieuwe manier van werken bij de bestuursrechter tegemoet komt aan die kritiek.

Jij stelt dat de rechter op dit moment veelvuldig niet ingaat op argumenten van partijen. Ook hier word je niet concreet.
Het komt zeker voor (ik ken ook wel dergelijke uitspraken), maar volgens mij niet veelvuldig (en minder dan 10 jaar gelden is mijn indruk).
Het zou mij ook verbazen als het veel voorkomt, want de hoger beroepsrechter en de cassatierechter vernietigen bij mijn weten op dit punt. En het mag ook niet van Straatsburg.

Michiel, jij ziet een gesloten kaste van rechters. Ik zie ook dat rechters te gesloten zijn, maar ik zie daarvoor enige noodzaak, en zie bovendien ook verbeteringen. Ik spreek met enige regelmaat met rechters, en merk vooral een neiging tot zelfkritiek. Er lopen ook allerlei projecten om intern de tegenspraak beter te organiseren (net zoals dat bijv. in de medische wereld het geval is).

Een beroepsgroep heeft van zichzelf uit altijd gildeneigingen, maar een discussie komt inhoudelijk niet veel verder door argumenten uit die groep die je niet zinnen maar aan een kaste- of gildedenken toe te schrijven.

ab h. bouvy

‘We weten allemaal dat het in een rechtszaak niet goed met je afloopt als je te maken krijgt met iemand die zowel advocaat als rechter is. Als de rechter op de stoel van de advocaat gaat zitten, dan wordt je niet goed verdedigd, als de advocaat de rol van de rechter overneemt, dan krijg je rare uitspraken.’
Citaat Frank Ankersmit De Groene Amsterdammer 10.11.11.

Als we nu eens zouden beginnen om deze misstand uit de weg te ruimen! Maar dat zal niet gebeuren. teveel advocaten laten zich deze kans om, als plaatsvevangend rechter, een vinger in de juridische pap te hebben, niet ontzeggen. ‘Rare uitspraken’, inderdaad! En ellelange processen, in mijn geval meer dan 10 jaar!

Michiel Jonker

@ 110. Lyngbakken

Als je reactie (op dhr. Bouvy) bedoeld was als kritiek dat hij met het citaat uit Lof der Zotheid alle juristen over één kam scheerde, dan had je niet moeten zeggen dat het op alle beroepsgroepen kon slaan, maar dat NIET alle juristen zo zijn. Dat was duidelijk en rechtstreeks geweest, en daarmee had jij het als jurist voor ons arme leken GEMAKKELIJK gemaakt.

Ik heb die passage over juristen zelf ook even opgezocht en lees: “Want ze denken dat wat veel moeite kost alleen daardoor ook uitmuntend is. Hiermee wil ik de dialectici en sofisten combineren: een soort mensen die meer ratelen dan alle brons van Dodona…” Zou de grote Erasmus hiermee de plank volledig mis hebben geslagen? Of zou hij de vinger juist op een zere plek hebben gelegd? (Ja, dit zijn twee retorische vragen.)

Geldend staatsrecht kan heel goed sofistisch zijn. Is het ongepast om iets te bekritiseren omdat het “geldend staatsrecht” is? Een soort heilig boek (ook al verandert het voortdurend dankzij het vlijtige werk van juristen)?

In jouw omchrijving van “taboe”, namelijk als “iets ongepasts”, zit zelf weer een taboe ingebouwd. Namelijk dat ongepastheid stilzwijgend moet worden opgevat als een ernstige misstap. “I have nothing to declare except my genius”, zei Oscar Wilde in 1882 tegen de New Yorkse douane. Hoogst ongepast, maar zeker geen taboe… Of nee, wacht: bijzonder passend, maar wel taboedoorbrekend… Op bepaalde recepties is het ongepast om onder je blauwe of grijze pak een knalgele das met een afbeelding van Donald Duck te dragen, maar is het ook taboe? Ach, misschien voor juristen…

Een beroepsgroep die geen onderscheid ziet tussen ongepastheid en een taboe, is conformistisch en tunnel-denkerig. Het plegen van incest is taboe. Het is niet iets waar je met je vrienden over discussieert: “Zal ik het doen, of niet? En als ik het nou netjes vraag?” Het dragen van een knalgele Donald-Duck-das op een receptie van de Hoge Raad is niet taboe. Vraag het maar aan Geert Corstens. Die zou dan ongetwijfeld antwoorden: “Dat moet je helemaal zelf weten.” En, daar ben ik van overtuigd, hij zou dat ook menen.

Je verdedigt het taboe onder rechters om kritiek te leveren op elkaars uitspraken, met twee argumenten. (1) “Rechterlijke uitspraken zijn niet bedoeld als bouwstenen voor een discussie, maar om een conflict te beëindigen.” Je haalt hiermee twee soorten discussie door elkaar: a) een discussie tussen twee of meer partijen die een conflict met elkaar hebben en tegenover elkaar staan in een rechtszaak; en b) een publieke discussie over de manier waarop rechtszaken zijn of worden afgehandeld door rechters. Deze tweede soort discussie is uiterst noodzakelijk om ervoor te zorgen dat het recht zich op een gezonde manier ontwikkelt en zijn vermogen behoudt om conflicten te beëindigen. Bovendien is openbaarheid van, en de participatie van leken in deze discussie nodig om ervoor te zorgen dat juristen in hun vak niet vervreemd raken van de maatschappij die met het recht – “hun” recht – moet worden gediend.

(2)Je schrijft: “Als rechters nu zelf de uitspraken van collega´s openlijk kritisch becommentariëren (…), wordt de noodzaak ondergraven voor partijen om zich te houden aan die uitspraak. Die kunnen dan eenvoudig zeggen: als ik die andere rechter had gehad, was het heel anders uitgepakt, dus ik laat me niks gelegen liggen aan dit vodje papier. Dat bevat immers kennelijk geen geldend recht.”

Wat een vreemde gedachtengang. Recht is geldend OMDAT een bevoegde rechter een uitspraak heeft gedaan. Ook als die uitspraak van een bedroevend lage kwaliteit is, moeten partijen zich eraan houden, en kunnen daartoe in beginsel ook worden gedwongen door de staat.

Een onzinnige rechterlijke uitspraak brengt ondertussen wel schade toe aan de legitimiteit van het recht. Die schade kun je echter niet voorkomen door als rechters elkaar met een streng en voornaam gezicht stilzwijgend te dekken en alleen “intern” kritisch wat te fluisteren. Dan gaat het volk namelijk vroeg of laat morren, omdat het het toneelspelletje doorkrijgt. En dan staat er al snel een leider op die met steun van dat morrende volk de rechterlijke macht eens flink de oren gaat wassen. Hoe heette die man ook alweer… o ja, Geert Wilders!

Je opmerking dat uitvoerig motiveren te veel tijd zou kosten, gaat voorbij aan de duidelijkheid die met goede, heldere motiveringen wordt geschapen. In veel gevallen kan heldere wetgeving en jurisprudentie in combinatie met een goede motivering een hoger beroep voorkomen. Vooral als de rechter zich verwaardigd echt contact te maken met de partij die geen gelijk krijgt.

Vanuit een pragmatisch oogpunt kun je ook stellen dat een rechtssysteem dat zo is ingericht dat structureel lang niet alle rechterlijke uitspraken deugdelijk kunnen worden gemotiveerd, een fundamenteel probleem heeft. Misschien zijn wetten en regels dan wel “over-extended”, waardoor ze een schijn van rechtsgelijkheid wekken die in de praktijk om proces-economische redenen niet kan worden waargemaakt. Wat is dan nog het bestaansrecht van die gedetailleerde wetten en regels? Moet er dan niet gesnoeid worden in al dat bronsgroene eikenhout van Dodona, om tijd en ruimte te maken voor EERLIJKE, meer persoonlijke motiveringen van rechters?

Ik zie niet in waarom het primaat van de wet strijdig zou zijn met een goede motivering van rechterlijke uitspraken, zoals jij lijkt te suggereren. Uiteraard is het primaat van de wet niet absoluut. In het domein van de redelijkheid is niets absoluut. Nood breekt wet, etc.

Wat betreft het “veelvuldig niet ingaan op argumenten van partijen”: in het beperkte aantal rechtszaken waarvan ik weet heb (mijn “steekproef”), werden sommige argumenten niet alleen ongenoemd gelaten in rechterlijke motiveringen, maar gebeurde het ook vaak dat de rechter “inging” op argumenten door vrij simpelweg te stellen dat hij die argumenten niet volgde. Soms zonder onderbouwing, soms met een verbijsterend oppervlakkige onderbouwing (bijv: “derhalve”, terwijl er sprake was van een non sequitur), en soms op basis van een onjuiste aanname, die dan uiteraard ook niet werd onderbouwd. Dat noem ik niet “ingaan op”. Het is meer een vorm van “wegwuiven”.

Toegegeven, dit waren relatief kleine zaken. Misschien dat rechters in grote zaken geneigd zijn argumentaties meer serieus te nemen. Maar kleine zaken vormen wel het grootste deel van alle zaken. Ze eindigen vaak in eerste aanleg en komen bijna nooit in Straatsburg terecht.

Grappig voorbeeldje van lang geleden. Een vriend van mij, student, vond een lege strippenkaart op straat. Geen naam erop. Meevallertje! Hij stapt de bus in, laat netjes afstempelen. Er komt controle, hij laat zijn kaart zien. Maar de stempel is vaag geworden, want op de kaart is een flinterdun, transparant plastic laagje aangebracht. Mijn vriend kreeg een forse boete, maar protesteerde: “Ik wist niet dat er iets met die kaart aan de hand was. Ik heb hem op straat gevonden!” De controleurs deden niet eens de moeite om te hoonlachen. Mijn vriend – die net als ik een sterk rechtvaardigheidsgevoel heeft – werd woedend en liet de zaak voorkomen. Ik hoef de afloop niet te vertellen. Hij stond na een minuut weer buiten. Nog woedender, want de rechter had zijn argument dat hij te goeder trouw was geweest, volkomen genegeerd. Wel werd het busritje op deze manier nog veel kostbaarder.

In dit geval is het begrijpelijk dat de rechter het argument van mijn vriend niet honoreerde. Maar had die rechter niet toch een half minuutje kunnen uittrekken om uit te leggen dat het hier niet om een gebrek aan goede trouw ging, maar om een gebrek aan een geldig vervoerbewijs? Dat had wonderen kunnen doen voor het rechtsgevoel van mijn vriend. Honderdduizend van dit soort kleine motiveringsgebreken kunnen, nog los van de eventuele inhoudelijke gebreken in rechterlijke uitspraken, bijdragen aan een klimaat waarin burgers zich geen participanten in het recht voelen, maar buitenstaanders die door de hoge heren en dames worden gekoeioneerd.

Wat betreft het toeschrijven van bepaalde rechterlijke gedragingen en redeneringen aan kaste- of gilde-denken: ik sta altijd open voor betere verklaringen. Kom er maar mee! En als je er niet mee komt, wen er dan maar aan. ;)

Anton Weenink

Ik meen dat de commotie die nu weer bezig is te ontstaan over de plaatsing op de ”kieslijst’ voor de benoeming van een raadsheer bij de Hoge Raad, aanleiding zou moeten zijn om het hele concept van de trias politica eindelijk een kritisch tegen het licht te houden. De Groningse jurist Gommers heeft de voorbije jaren veel over tal van misvattingen rondom de Trias geschreven. Bij zo’n noodzakelijke bredere reflectie zou dan gelijk het debat kunnen gaan of het de rechter moet zijn die algemeen werkende regels mag geven, zoals kantonrechtersformules of alimentatienormen. Of dat het toch uitsluitend de (democratisch verkozen) wetgever is die dit soort algemene regel mag geven. In de vele reacties op deze blog klinken verwijten aan Wilders en zijn PVV door. Ofschoon ik zeker geen fan ben van deze opportunist en zijn clubmakkers, vind ik wel dat de samenleving iets meer empathie zou moeten hebben voor de deels terechte onderhuidse boosheid op de elite in ons land die grote schadebrengende affaires (woekerpolissen; aandelenlease) hebben laten gebeuren. De rol van de rechtspraak in de afwikkeling tot nu toe van bijvoorbeeld de aandelenlease-affaire verdient een blijvend kritische benadering. Uit de uitspraken in die affaire klinkt vooral het najagen van ”eigen belangen” van de rechtspraak op indamming van claims door.

Michiel Jonker

@ 109. Paul Kirchhoff

Volgens de definitie in mijn woordenboek heeft u gelijk. Niet het waarheidsgehalte van een uitlating is het criterium of er sprake is van smaad, maar het doel ervan. Is het doel van de uitlating om iemands eer of reputatie te schaden?

In de praktijk zal echter (bijna) niemand toegeven dat hij iemand ergens van beschuldigd heeft om diens reputatie te schaden. Een verdachte van smaad zal volhouden dat het doel van zijn uitlating was om de waarheid bekend te maken.

Hoe kan een rechter, als hij niet beschikt over telepathische gaven, of althans niet over een wettelijke grondslag om zich op deze gaven te beroepen, dan toch vaststellen wat het eigenlijke doel van de uitlating was? In de praktijk zal de rechter vooral kijken of diegene die de beschuldiging deed, een redelijke grond had om aan te nemen dat hij de waarheid sprak. Zo’n redelijke grond leidt dan, samen met de onschuldpresumptie, al snel tot de presumptie dat verdachte de waarheid spreekt, en dat reputatieschade niet het doel was, maar hooguit een onbedoeld neveneffect, een soort “collateral damage”.

Die gang van zaken is goed, want anders was bijvoorbeeld onderzoeksjournalistiek naar misdragingen van belangrijke personen niet mogelijk. Ook het werk van klokkenluiders zou dan definitief onmogelijk worden gemaakt. Bestuurlijke en andere corruptie zou dan vrijwel ongehinderd kunnen voortwoekeren, met alle maatschappelijke gevolgen vandien.

In de recente, civiel-rechtelijke uitspraak inzake de uitlatingen van het raadslid Stoelinga over wethouder Baljé (in de Delftse Gondelaffaire, zie elders op dit blog, 22-12-2011) zie je dat de rechter aan het waarheidscriterium wel degelijk een belangrijke rol toekent. Het raadslid had een redelijke grond om te geloven dat er bij de wethouder sprake was van “corruptie”. Vooral om die reden hoefde hij geen schadevergoeding aan de wethouder te betalen, ondanks het feit dat hij diens reputatie had geschaad.

Overigens staat er in mijn woordenboek achter het bijvoeglijk naamwoord “smadelijk” ook een extra betekenis, namelijk die van “smaad verdienend”. Bijvoorbeeld in: “een smadelijke aftocht”. Ook hier komt het waarheidscriterium om de hoek kijken. Als een negatieve karakterisering van een persoon op waarheid berust, bijvoorbeeld op oneerlijk of laf gedrag van die persoon, dan wordt het verschil tussen “verdiende smaad” en “een droeve, maar terechte constatering” erg klein. Het is dan niet meer een kwestie van inhoud, maar hooguit nog van toonzetting.

Nogmaals @ 110. Lyngbakken.

De betekenis van het woord “smaad”, in theorie en in praktijk, is ook relevant voor onze discussie over taboes en publieke discussie over onze rechtspleging. Een gezonde publieke discussie is alleen mogelijk zolang in die discussie de “presumptie” domineert dat uitlatingen zich richten op het onder woorden brengen van waarheid (mits het tegendeel niet aannemelijk wordt gemaakt). Zo’n presumptie moet echter geen absoluut karakter krijgen, want dan verandert ze in een ongezond taboe.

Ik wil ook nog reageren op je opmerking dat de “nieuwe manier van werken” bij de bestuursrechter al (voldoende?) verbetering brengt. Dat waag ik te betwijfelen, omdat het vooral een proces-technische verandering lijkt te betreffen. Dat risico is in ieder geval levensgroot.

Ik denk dat er daarnaast ook een diepere verandering nodig is, op het gebied van mentaliteit. Dan doel ik niet alleen op het terugvinden van een rechte rug ten overstaan van politici als het gaat om de afhandeling van concrete casussen, maar ook op de manier waarop rechters zichzelf en hun professie opvatten. Ik hoop dat velen van hen de moed en het zelfbewustzijn hervinden om zichzelf niet meer door neo-liberale politici en managers te laten definiëren, d.w.z. reduceren tot een “judex economicus”. Anderzijds hoop ik dat veel rechters, in de uitoefening van hun vak, hun hart weer meer durven te gaan openen, en de oprechte nederigheid hervinden om zich in dienst te stellen van de bescherming van diegenen die door het recht daadwerkelijk moeten worden beschermd. Al deze dingen hangen met elkaar samen.

Het is in mijn ogen een vreemde, maar interessante paradox dat het rauwe optreden van Wilders rechters juist zou kunnen steunen bij het terugvinden van het hart van hun professie.

Paul Kirchhoff

@ Michiel Jonker,

Het bekend maken van de resultaten van onderzoeksjournalistiek zal zeer regelmatig leiden tot smaad in de zin van de strafwet.
Wanneer de journalist echter handelt in het algemeen belang door misstanden bekend te maken blijft het publiceren van die feiten terecht zonder strafrechtelijke gevolgen.

Bij een procedure wegens smaad hoeft de rechter helemaal niet over telepatische gaven te beschikken.
De constatering dat gedane uitlatingen, die al dan niet op waarheid berusten, de reputatie van de klager schaden is voldoende voor het vaststellen van onrechtmatig gedrag.
Niet het oogmerk maar het resultaat van de uitlatingen is bepalend voor het vaststellen van smaad.

Michiel Jonker

@ 115. Paul Kirchhoff

Begrijp ik het goed dat u (sinds @ 109) van gedachten bent veranderd als u schrijft: “Niet het oogmerk maar het resultaat van de uitlatingen is bepalend voor het vaststellen van smaad.”…?

Ik herinner me het geval van Heleen van Royen die in een column schreef dat wethouder Rob Oudkerk privé(!) gebruik maakte van de diensten van prostituees. Van Royen bracht daarmee forse schade toe aan Oudkerks reputatie, zelfs zozeer, dat hij uiteindelijk politiek gedwongen werd af te treden, hoewel hij de wet strikt genomen niet had overtreden. Van Royen zei dat ze haar verhaal baseerde op wat Oudkerk haar zelf in een café had verteld. Bij mijn weten is Van Royen niet vervolgd voor smaad. En was dat ook erg moeilijk geweest, omdat wat ze schreef, overeenkwam met de waarheid.

Dit voorbeeld laat zien dat het resultaat van zo’n uitlating, “schade aan iemands reputatie”, in de praktijk niet doorslaggevend is voor strafbaarheid, net zo min als het oogmerk van de uitlating. Het waarheidsgehalte is wel doorslaggevend. Als de column van Van Royen onwaar was geweest, had Oudkerk haar voor de rechter gesleept wegens smaad.

Goede onderzoeksjournalistiek zal niet leiden tot smaad in de zin van de strafwet, omdat een goede onderzoeksjournalist de feiten checkt alvorens daarover te publiceren. Als hij een feit niet kan checken, houdt hij daar rekening mee in het verhaal dat hij publiceert. Bijvoorbeeld door duidelijk te maken op welke bronnen hij een vermoeden baseert, of door het betreffende feit geheel ongenoemd te laten.

Wat de motieven van een goede onderzoeksjournalist zijn, valt meestal niet te bewijzen. Rechtvaardigheidsgevoel en het bestrijden van misstanden? Eerzucht? Haat? Zolang hij zijn vak goed beheerst, mag hij in de praktijk onderzoeken en publiceren.

Aan Geert Wilders en de PVV worden allerlei motieven toegeschreven, terwijl Wilders & co. juist weer allerlei motieven aan “links” toeschrijven. Het aardige is: in Nederland is het toegestaan in het publieke debat allerlei motieven aan anderen toe te schrijven. Als dat niet zo was, zaten bijna alle Nederlandse politici, journalisten en columnisten inmiddels in het gevang.

Daarom vind ik het eng wat ene Luc Peeters op 31 december jl. als reactie schreef bij Jensma’s nieuwste column (“Strafbaarheid is alleen een sociale afspraak”):

“Misschien zullen we eens moeten gaan kiezen; óf voor volledige persvrijheid zoals nu, óf we kiezen ervoor dat de overheid de media kan sturen in een wat zakelijker richting. Dat de overheid grenzen stelt dus. Doorgeschoten persvrijheid- zonder aan wie dan ook verantwoording te behoeven afleggen- is ook behoorlijk bedreigend namelijk (…)”.

Peeters vergeet ten eerste dat de pers in Nederland, als er aanleiding voor is, wel degelijk verantwoording moet afleggen, namelijk aan de rechter.

En wat is “een zakelijker richting”? Volgens de PVV is “links” niet zakelijk. Volgens zo’n beetje alle andere partijen is wat de PVV zegt niet zakelijk. Volgens de Hoge Raad was het vermoedelijk “zakelijker” geweest als de PVV geen bezwaar had gemaakt tegen de voordracht van Diederik Aben. Mede-reageerder Lyngbakken op dit blog, tevens jurist, vindt het waarschijnlijk zakelijk om niet-juristen zo lang mogelijk niet lastig te vallen met lastige wetsartikelen, zolang ze maar blijven geloven in de wijsheid van juristen.

Het idee dat “de overheid” ons kan vertellen wat “zakelijk” is, is buitengewoon naïef. Noord-Koreaans naïef. Ik vind het eng dat Peeters, als Nederlander of Belg die in grote vrijheid leeft, zo naïef kan zijn en bijna smeekt om onvrij te worden gemaakt. Door vadertje staat nog wel! Waarom niet liever door Lady Gaga? Of door Geert Wilders, of Mark Rutte, of Job Cohen, of Emile Roemer? Of nee, nog beter, door de Paus!

Over Noord-Korea gesproken… Op dit moment is dat het enige land ter wereld waar de persvrijheid niet is doorgeschoten. En waar de benoemingsprocedure van rechters volkomen duidelijk is.

Paul Kirchhoff

@ Michiel Jonker,

Nee ik ben niet van mening veranderd.
De aantijgingen die de basis vormen voor een procedure wegens smaad moeten schadelijk zijn voor de reputatie van de klager ongeacht of die aantijgingen op waarheid berusten.
Daarbij is niet het oogmerk van de persoon die de aantijgingen uit van belang slechts de schadelijkheid van die aantijgingen voor de reputatie van de benadeelde.
De kwestie Oudkerk/van Royen is geen steun voor uw opvatting over smaad.
Smaad is een klachtdelict dat betekent dat het OM pas optreedt wanneer de benadeelde er voor kiest aangifte te doen.
Rob Oudkerk heeft er voor gekozen geen aangifte te doen.
Ik neem aan niet zozeer omdat de beweringen van Heleen van Royen op waarheid berusten maar uit oogpunt van damage control.

Een strafklacht doet alleen nog meer stof opwaaien.
Ook al volgt er een veroordeling dan is daarmee de schade niet ongedaan gemaakt.
Ook al staat zijn bezoek aan prostituees, die in een zeer zwakke positie verkeren, vast dan nog kan het bekend maken van die bezoeken juridisch aangemerkt worden als smaad.

Ik ben bang dat we elkaar niet zullen vinden waar het smaad betreft. Op het gebied van persvrijheid en vrijheid van meningsuiting zie ik wel overeenkomsten.
Daarbij verwijs ik graag naar de situatie in de VS waar de vrijheid van meningsuiting en de persvrijheid zijn vastgelegd in de grondwet.
Wat meer ruimte op dit gebied zou in Nederland niet misstaan.

Probeer een Amerikaan uit te leggen wat men in Nederland onder smaad verstaat en u zult slechts onbegrip ontmoeten.
De rug van Amerikanen is flink ingezeept met groene zeep.
Men haalt er slechts zijn schouders op over publicaties die hier een goede basis vormen voor een procedure wegens smaad.

ab h. bouvy

Toch wel grappig dat uitgerekend de zaak Van Royen/ Oudkerk wordt genoemd!Als ik mij, n.a.v de verschillende krantenpublikaties, de zaak goed herinner, was hier sprake van ‘gecontoleerd’ lekken naar de pers. Het was inmiddels in kleine kring wel bekend waar Rob zijn vertier haalde, in de Haagsche Gelee straat en op de Amsterdamse Thamesweg. Men kan dan wachten totdat De Telegraaf met blokketters op de voorpagina komt met ‘POLITICUS IS HOERENLOPER’ of proberen de zaak ‘klein’ te houden en zelf invloed te houden op de manier en tijdstip van publicatie. Tja, en wat zou een rechter nu met een dergelijk geval moeten doen. We hebben hier immers te maken met het via een ‘truc’ beinvloeden van de publieke opinie. Is dit een zaak voor de rechter, lijkt me niet!
En is het bepaald niet de eerste keer dat de ‘politiek’ op een dergelijke manier de publieke opinie tracht te beinvloeden. Wij herinneren ons nog de fietstocht van PvdA-voorzitter Marianne Sint in het Italiaanse Toscane tijdens de WAO-crisis van begin jaren 90 van de vorige eeuw. De crisis verscheurde de partij en de voorzitter was onbereikbaar en had geen enkel ciontact met het thuisfront. Later bleek, wat velen al dachten, het allemaal niet waar te zijn, er bleek wel degelijk regelmatig contact te zijn, maar was het gewoon een kwestie van ‘tactiek’ om zich van de ‘domme’ te houden. Ook hier een geval van beinvloeding van de Publieke Opinie. Al is het element ‘misleiding’ natuurlijk groter dan in het geval ‘Oudkerk’. In eerst instantie zou het een taak van ‘de pers’ moeten zijn om dot soort ‘bedrog’ te ontmaskeren. Maar aangezien ‘de pers’ in hoge mate medeplichtig is aan dergelijk bedrog, kunnen we van deze kant niet te veel op actie’ rekenen.

Het zijn dus niet alleen juristen die verzaken, het geldt ook voor journalisten en historici.

Michiel Jonker

@ 117. Paul Kirchhoff

U schrijft: “Probeer een Amerikaan uit te leggen wat men in Nederland onder smaad verstaat en u zult slechts onbegrip ontmoeten.” Dank u wel! Ik realiseer me plotseling dat ik een Amerikaan ben. Ich bin ein Amerikaner!

De vraag is dan wel hoeveel Nederlanders er allemaal nog meer Amerikanen zijn, en wie er dan nog overblijft om invulling te geven aan de door u genoemde “men”.

Uw theorie over “damage control” die Oudkerk zou hebben geprobeerd toe te passen, vind ik gezocht. De geest was al uit de fles. Als hij echt aan damage control had willen doen, had hij beter een borreltje minder kunnen drinken in dat café en zich niet laten verleiden door de charmante overeenkomsten tussen Van Royen en het hogere segment prostituees. Maar goed, met dat segment had Oudkerk weinig ervaring, dus daar heeft u een punt.

Even serieus: u blijft zich baseren op een formele definitie van smaad. Die definitie bestrijd ik niet. Ik wijs alleen op de manier waarop die definitie in de rechtspraktijk gestalte krijgt.

@ 118. Ab Bouvy

Uw theorie dat Oudkerk probeerde “gecontroleerd te lekken” vind ik ook gezocht, tenzij Van Royen zich aan hem zou hebben gepresenteerd als een saleswoman van Libresse. Onwaarschijnlijk.

U heeft wel een punt als u een relatie legt tussen smaad en de twijfelachtige rol van media, die nu eens zwijgen, dan weer alles uit de kast trekken. Zelf verwonder ik me over het zwijgen in alle talen van gerenommeerde Nederlandse media over de zaak-Demmink, die daardoor geen “zaak” schijnt te zijn, maar een non-item. Of laten we het, de visie van reageerder Lyngbakken volgend, een “gepast taboe” noemen. Waarom “gepast”? Omdat een taboe gepast is zolang men doet of het niet bestaat.

In Duitsland speelt op dit moment de zaak-Wulff: de bondspresident die met dreigementen (klacht wegens smaad) heeft geprobeerd kranten (Bild, Welt am Sonntag) de mond te snoeren om te verhinderen dat ze zouden publiceren over de voordelige lening die het staatshoofd heeft gekregen van een bevriende ondernemer, en later van een met die bevriende ondernemer bevriende bank.

De negatieve publiciteit is terecht. Maar de timing van de publicaties geeft wel te denken: is er sprake van een bewuste opbouw? Sommigen verwachten dat Wulff zich voor het einde van deze week genoodzaakt zal zien af te treden, omdat ook zijn eigen partijpolitieke achterban, die officieel niet relevant is omdat hij officieel boven de partijpolitiek heet te staan, nu afstand van hem begint te nemen.

Zowel bij Diederik Aben als bij Christian Wulff was er sprake van partijpolitieke bemoeienis met hun voordracht voor benoeming. En zowel Aben als Wulff toonde een niet-soevereine houding ten aanzien van bepaalde, politiek geladen issues (respectievelijk het wrakingsverzoek van Geert Wilders en de media-aandacht voor mogelijk genoten voordeel dankzij banden met bevriende ondernemers). Is dat toeval?

Of het nu om rechters, staatshoofden of politieke bestuurders gaat, veel mensen snakken ernaar dat hoge ambten bekleed worden door mensen met ruggegraat, die zich in hun rolvervulling niet laten definiëren door hun netwerk.

In dat opzicht heeft Geert Wilders een wrange voorbeeldfunctie. Hij stapte als eenling uit de VVD, “going it alone”. Wat zijn motieven ook waren (haat? overdreven eerzucht?), hij toonde daarmee wel lef in Nederland spons-moeras-netwerk-land. Nu confronteert hij allerlei bestaande netwerken en hun protagonisten met hun beperkingen.

Netwerken zullen moeten leren dat hun succes mede afhangt van de mate waarin ze hun eigen leden toestaan individualistische ruggegraat te tonen. Een interessante casus is op dit moment Job Cohen. Hij weigert deels om mee te doen aan geijkte media-strategieën. Zijn partij, de door-en-door vernetwerkte PvdA, geeft hem tot dusverre de ruimte daarvoor, hoewel zijn onopvallende non-conformisme allerlei partijbonzen een bijna existentiële angst aanjaagt, juist omdat het zo onopvallend is.

In zekere zin zijn Wilders en de PVV Cohens beste vrienden, en ook de beste vrienden van rechters die echt onafhankelijk willen zijn.

Paul Kirchhoff

@ Michiel Jonker,
Het Nederlandse begrip smaad heeft geen duidelijke afbakening.
Dat maakt de beslissing om de gang naar de rechter te maken extra lastig omdat de uitkomst van
procedure in veel gevallen slecht is te voorspellen..

Zover ik mij herinner heeft Heleen van Royen haar scoop over de gedragingen van Rob Oudkerk niet anoniem gelekt naar de pers maar heeft ze dit openlijk gedaan om haar boek te promoten.
De bron was direkt bekend nadat het nieuws bekend was geworden.
Ik neem aan dat de media dit nieuws niet verspreiden zonder dat de bron bekend is.

Ik ken de beweegredenen van Rob Oudkerk niet om geen klacht neer te leggen.
Advocaten die gespecialiseerd zijn in mediagevoelige zaken zullen in vergelijkbare gevallen hun client afraden de gang naar de rechter te maken.
De schade is onherstelbaar, er kan in het gunstigste geval een bescheiden schadevergoeding worden toegekend.

Wie geschoren wordt kan beter stil blijven zitten.

ab h. bouvy

Nog even ter verduidelijking:Marion van Royen had, ik meen in Het Parool, een eigen column ten tijde van ‘de zaak-Oudkerk’. Een dergelijk ‘lek-mechanisme’ komt nogal eens voor. De affaire Aantjes werd ingeluid door een ‘lek’ naar de Windschoter Courant. Het was Bart Chabot, vaste gast bij Pauw &Witteman, die door een voormalig schoolgenoot/PvdA-kamerlid getipt werd over de huwelijksproblemen van defensie staats-secretaris Jack de Vries. Ook bij belangrijke ambtelijke benoemingen wil er nog weleens ‘gelekt’ worden, burgemeestersbenoemingen bijv.
In sommige gevallen volgt er dan een onderzoek van de rijksrecherche. Waar dan natuurlijk nooit iets uitkomt!

@Paul Kirchhoff
Mensen die stil blijven zitten als ze geschoren worden, worden natuurlijk telkens weer geschoren!

Michiel Jonker

@ 120. Paul Kirchhoff en @ 121. Ab Bouvy

“Mensen die stil blijven zitten als ze geschoren worden, worden natuurlijk telkens weer geschoren!”

Ik zou het hier graag mee eens willen zijn, maar moet toegeven dat veel hooggeplaatste functionarissen erin slagen bedreigingen voor hun positie te neutraliseren door stil te blijven zitten (op het pluche) en te doen alsof hun neus bloedt, eventueel geholpen door “sidekicks” of vrienden die hen “spontaan” verdedigen in de media.

Het (praktische en/of morele) probleem dat de oorzaak is van de bedreiging, wordt op die manier niet opgelost, maar opgeborgen. Voor dit opbergen staan de hooggeplaatste functionaris in beginsel diverse faciliteiten ter beschikking, waaronder de zogeheten “snelle doofpot” (glasharde ontkenning en taboeïsering), de “langzame doofpot” (fade-out, gerealiseerd d.m.v. vertragingstactieken) en de “mestvaalt der geschiedenis” (verjaring, geheugenverlies, het overlijden van getuigen door natuurlijke oorzaken).

Als het daarentegen niet gaat om stilzitten, maar om bewegen, dan moet er onderscheid worden gemaakt tussen twee varianten: defensief bewegen en toegeeflijk bewegen. Een derde variant, het quasi-toegeeflijk bewegen om de angel uit een bedreiging te halen, kan onder defensief bewegen worden gerangschikt.

Echt toegeeflijk bewegen (het ruimhartig verschaffen van openheid) komt bijna nooit voor, terwijl het toch zeer effectief kan zijn. Meestal is er sprake van afgedwongen concessies die “too little and too late” zijn en vooral een defensief karakter hebben.

De reactie van de Hoge Raad èn de meerderheid van de Tweede Kamer-commissie op de PVV-kritiek op de voordracht van Diederik Aben, was defensief van aard. Het voornaamste effect ervan was tot dusverre een artikel op de NRC-website en een aantal reacties daarop, waarvan dit de 122e is.

Hopelijk blijft het daar niet bij. Ik ben benieuwd naar de gang van zaken bij de eerstvolgende tranche kandidaten.

Paul Kirchhoff

Stil zitten tijdens het scheren is aan te bevelen omdat anders het risico op ernstige, levensbedreigende verwondingen flink toeneemt.
Uiteraard geldt dit vooral in overdrachtelijke zin.

ab h. bouvy

Hebben we hier niet de essentie van ‘eigentijdse’ problemen! In ons eigen ‘poldermodel’ is er altijd plaats voor lieden die ‘stil blijven zitten als ze geschoren worden’. Dit geldt ook voor instituties zoals de VN en de Europese Gemeenschap. Het zijn bij uitstek ‘werkplekken’ voor dergelijke ‘systeem-burocraten’, ze zijn belangrijk, hun verantwoordelijkheid is het voortbestaan van het instituut waarvan zij deel uitmaken!
Te lang de lieve vrede bewaren kan ook verkeerd zijn,dan moeten er (pijnlijke) beslissingen genomen worden,en dat vereist een ander soort ‘manager’, een ‘knopendoorhakker’, iemand die niet bang is om het risico te lopen ‘levensbedreigende verwondingen’ op te lopen!

Helaas zie ik een ‘klimaat’ ontstaan, en dat geldt niet alleen voor het ‘justitiele apparaat’ waarin voor dergelijke ‘knopendoorhakkers’ steeds minder plaats is. Ze zijn lastig en verstoren de ‘lieve vrede’!

.

ab h. bouvy

N.a.v. het bovenstaande moest ik denken aan het optreden van prins Bernhard bij de Watersnoodramp van 1953. Hoewel er maar weinig over bekend is en er ook op internet niets over te vinden is, schijnt Bernhard eigenhandig niet-functionerende burgemeesters uit het rampgebied vervangen te hebben door mensen uit zijn eigen staf. Ook bij de oprichting van de Prinses Irene Brigade schijnt Bernhard een dergelijke rol gespeeld te hebben, n.l. het verhinderen dat officieren die zich in de meidagen van ’40 onwaardig gedragen hadden, een functie zouden krijgen bij de naar zijn dochter vernoemde Brigade!

Dergelijke ‘acties’ roepen, vooral bij de ‘scheerklanten’, natuurlijk nogal wat ‘weerstand’ op.Deze weerstand uit zich nogal eens in ‘smaad en lastercampagnes’, zoals dit ook bij Bernhard is gebeurd!

ab h. bouvy

citaat ‘De Ramp’ Kees Slager pag.375;

‘Bij die bezoeken ziet hij al snel dat er gemeenten zijn, waar het opruimings- en reddingswerk totaal niet van de grond komt. ‘De burgemeesters waren goede en in normale tijden volkomen competente bestuurders, maar er waren er enkele die nu hun hoofd verloren, eenvoudig omdat ze niet waren opgewassen tegen tragische noodsituaties op een dergelijke enorme schaal’, zegt hij negen jaar n de ram tegen zijn biograaf Alden Hatch.
‘ Als ik dit soort situaties aantrof , deed ik iets wat eigenlijk in strijd was met de wet, maar waartoe de minister van Binnenlandse Zaken mij in vertrouwen toestemming had verleend. Ik maakte dan gebruik van leden van de staf waarover ik als Inspecteur-Generaal beschikte. Die namen dan de taak van de burgemeester een week of twee waar, totdat de toestanden weer min of meer normaal waren geworden.’