Belangrijk: Voor het goed functioneren van nrc.nl maken wij gebruik van cookies (meer informatie).
Hiervoor hebben wij wel eerst je toestemming nodig. Klik op de groene knop als je hiermee akkoord gaat.

Populisme kan ook de rechtsstaat bedreigen

Vorige week eindigde ik dit stukje met de strenge conclusie dat de rechtsstaat in het geding is. Dat is onder juristen zo ongeveer het ergste wat je kan zeggen. En ik wist toen niks beters. Tegelijkertijd realiseer ik me dat ‘de rechtsstaat in het geding’ voor velen vooral ernstig klinkt. Wat betekent het? Is dat hetzelfde als een schaatser die klaagt over slecht ijs?

Is de eurocrisis niet erger, of de beperking van het persoonsgebonden budget, de ganzen rond Schiphol, de cultuursubsidies? Er is dezer dagen veel keus om je over op te winden. Zorgen over de rechtsstaat? Graag achter aansluiten, a.u.b.

De week ervoor schreef ik hier over de PVV, voor wie de rechtsstaat ‘maar lastig’ is. Die partij hanteert een goed-fout schema waarin andersdenkenden consequent worden afgeschilderd als verraders aan de islam. Wie een kritische lezing aankondigt zal „bij de enkels worden afgezaagd”. Een pluriforme samenleving, waarin gelijkheid en vrijheid kenmerkend zijn, ligt bij de PVV onder vuur. De ander is gek, dan wel „aanhanger van Pol Pot”, aldus PVV’ er Beertema deze week tegen GroenLinks. Denk ook aan Wilders’ proces – alleen vrijsprekende rechters waren goede rechters.

Niet alleen mag je niet aan de rechtsstaat morrelen, je kùnt er niet eens aan morrelen. Althans, zolang we een vrij land zijn waarin het recht de hoofdrol speelt. De rechtsstaat is essentiële infrastructuur, het normatieve kader van de democratie. Wie daar aan komt, doet iets onbestaanbaars. Toevallig schreef Dorien Pessers, hoogleraar rechtsfilosofie, vorige maand De rechtsstaat voor beginners, bij het jubileum van uitgeverij Balans. Een hapklaar boekje van 70 bladzijden, 6,95 euro.

Alles staat erin. Een rechtsstaat is een samenleving waarin de politiek aan banden is gelegd door het recht. Het belangrijkste instituut zijn de grondrechten, doceert Pessers. Alle burgers in een rechtsstaat hebben per definitie dezelfde basisrechten, die niemand ze kan afpakken. Niemand is er onderworpen aan de ander en iedereen is gelijk en kan zich ontplooien. Aan die rechten kan de politiek niet raken. In een democratie is dat uitgewerkt in het recht op geloofs- en gewetensvrijheid en in de vrijheden van vereniging en vergadering, meningsuiting, drukpers, eigendom en contract.

Eenieder heeft ook een gelijk recht om in elk openbaar ambt te worden benoemd, bijvoorbeeld bij de Raad van State. Eenieder is ook onschuldig tot zijn schuld is bewezen. Eenieder heeft toegang tot de onafhankelijke rechter. Er is vrij kiesrecht. De scheiding van uitvoerende, wetgevende en rechtsprekende macht betekent dat geen van de drie per definitie het laatste woord heeft. Het is een balansmodel. In de rechtsstaat is de mens geen onderdaan, maar burger – een ambt met verplichtingen, zoals rekening houden met de gemeenschap. Pessers zegt dat de burger privé mag zeggen wat hij denkt. Maar „in de publieke en politieke sfeer mag hij pas wat zeggen indien hij nadenkt”. Dat is het beginsel van zelfbinding, wat feitelijk weinigen gebruiken.

Alle democratisch genomen besluiten moeten deze grondrechten respecteren. Ze beschermen de burger tegen willekeur en tegen tirannen en dictators. Zonder grondrechten leggen minderheden zich immers niet neer bij de wil van de meerderheid. Er is wederkerigheid, een sociaal contract en basisvertrouwen.

Grondrechten zijn het ethisch ijkpunt en de referentiewaarde van de rechtsstaat. Ik parafraseer nog altijd Pessers. Het recht als sociale techniek, als vredestichtend instrument, schrijft evenwicht, proportionaliteit en goede trouw voor. Basiseigenschappen van de mens als emotie, angst, wrok en woede worden zo getemperd. Als de politiek zich niet bindt aan rechtsbeginselen, kan de wil van de meerderheid uitlopen op nieuwe vormen van onderdrukking.

En zo komen we weer uit bij de PVV. Populisme kan een bedreiging zijn. Namelijk „zodra de woorden tot populistische wapens worden die geen ander doel hebben dan de ander te dehumaniseren en tot zwijgen te brengen”. De democratie kan best wel wat retorisch geweld verdragen maar de rechtsstaat niet, meent zij. De rechtsstaat „bezweert de angsten voor de onbekende ander en beteugelt de agressie die uit die angsten voortkomt”. Wie bijvoorbeeld de rechterlijke macht aanvalt, bepleit rechters minder onafhankelijk te maken of hun beoordelingsvrijheid te beperken, verzwakt de rechtsstaat en daarmee ook de democratie.

Natuurlijk kan een democratie alles afschaffen, ook de rechtsstaat, maar dan is de beer los. Kwade trouw, waanvoorstellingen en almachtsfantasieën „vinden dan geen normering en kanalisering meer”. Dan zitten we pas echt in de problemen. Daarom is ‘de rechtsstaat’ de enige norm die er echt toe doet.

Geplaatst in:
Staatsrecht
Lees meer over:
grondwet

40 reacties op 'Populisme kan ook de rechtsstaat bedreigen'

Martin Holterman

Interessant… Hieruit blijkt maar weer het onderscheid tussen rechtsstaat en rule of law. Voor die laatste is, bij mijn weten, binding aan grondrechten geen vereiste, alleen “government of rules, not men”. Is het Verenigd Koninkrijk trouwens een rechtsstaat?

lyngbakken

Helemaal eens, Folkert, maar volgens mij vergeet je nog één wezenlijk ding.

Jij beschrijft de rechtsstaat vanuit de theorie. De rechtsstaat in Nederland heeft echter (gelukkig) in Nederland ook een feitelijke kant: de instituties van de staat die haar moeten waarborgen. En dat is waar de PVV het over heeft en waar de ergernis van die partij zich op richt. In essentie richt zich die ergernis op wat de PVV ziet als het monopoliseren van de instituties van de rechtsstaat (bijv. de rechterlijke macht) door ¨links¨.
Dat is een discussie die je kunt vergelijken met die in de jaren 60, toen de rechterlijke macht als ¨rechts¨ werd gezien en werd beticht van klassejustitie.

Als het feitelijke en het normatieve aspect niet wordt onderscheiden, blijft het een discussie tussen doven. Dat zie ik hier ook op de site.

Ik denk dat de PVV op dat feitelijke punt wel een beetje gelijk heeft, en dat de rechterlijke macht in het verleden ook tientallen jaren lang heeft bijgedragen aan dat beeld, door bijv. in discussies over de strafmaat andere opvattingen niet serieus te nemen door te spreken van ¨onderbuikgevoelens¨ of door degenen die de straffen te laag vonden weg te zetten met het argument: u kent het dossier niet. Uit onderzoeken blijkt ook dat rechters linkser stemmen dan de gemiddelde burger.
Ik vermoed dat het feit dat Wilders de rechtbank niet vertrouwde voor een deel voortkwam uit dat laatste gegeven. Zijn opmerking dat alleen vrijsprekende rechters goede rechters waren kun je ook zo lezen: alleen rechtse rechters zouden hem vrijspreken (en waren dus goed in zijn ogen).

Natuurlijk hoort het niet uit te maken of je voor een linkse of voor een rechtse rechter staat, net zo min als dat het bijv. verschil moet maken of de rechter homo of hetero is. Maar rechters zijn en blijven ook maar mensen.
Ik zie dat de rechterlijke macht gelukkig zo wijs is zich dit feitelijke punt ook aan te trekken. Er wordt strenger gestraft, en er wordt serieus omgegaan met strafmaatdiscussies (zo worden er daarvoor bijvoorbeeld burgerpanels georganiseerd).
Dat is belangrijk, maar een wantrouwen dat in tientallen jaren is gegroeid, heb je niet in korte tijd weer weggenomen.
Dat wantrouwen moet serieus genomen blijven worden (wat iets heel anders is dan de PVV-punten overnemen, zoals het huidige kabinet doet, zonder daar vervolgens voor uit te willen komen). Zonder vertrouwen kan de rechtstaat uiteindelijk niet blijven bestaan.

Reinier Bakels

Wij gebruiken in Nederland het begrip “rechtsstaat” nogal losjes in allerlei betekenissen. Ik onderschrijf de definitie van professor Pessers, maar die is te onzent allerminst gemeengoed, want die implicieert dat de politiek (dus de burger) niet het laatste woord heeft. Zelfs Patrick van Schie van de Teldersstichting van de VVD gaf onlangs nog blijk dit beginsel volstrekt niet te begrijpen. het onbegrip wordt wel een beetje in de hand gewerkt doordat wij een stokoude, veel te vrijblijvende grondwet hebben die vooral bedoeld is om het probleem op te lossen van de tijd waarin zij werd geschreven (19-de eeuw): de macht van de koning inperken. Daarom moeten wij voor de bescherming van grondrechten terugvallen op het Hof in Straatsburg, dat het verwijt krijgt politici voor de voeten te lopen.

Hoe anders ligt dat bijvoorbeeld in de VS of in Duitsland. Als het Federal Supreme Court of het Bundesverfassungsgericht hebben geoordeeld dat iets in de strijd is met de U.S. Constitution of het Grundgesetz, dan wordt er misschien wel wat gemopperd, maar het oordeel van deze organen wordt absoluut gerespecteerd, en niemand zal roepen dat die rechters hun plaats moeten kennen.

Voor de hand liggend bezwaar is dat rechters zonder democratische legitimering dan politieke besluiten gaan nemen. In de VS pogen presidenten aan dat bezwaar tegemoet te komen door geestverwanten tot rechters in dat Supreme Court te benoemen. Vaak leidt dat tot teleurstellende resultaten, want ook deze rechters zijn professionele juristen die hun eigen politieke overtuiging wegcijferen als zij het “geldende recht” interpreteren. Bovendien is er geen maximumleeftijd, zodat rechters soms tientallen jaren in functie blijven, en er dus nog rechters zitten die onder presidenten van heel lang geleden zijn benoemd.

Nergens ligt “democratische legitimering” zo gevoelig als in de Bondsrepubliek. Het Bundesverfassungsgericht heeft daarom het leerstuk van het Parlamentsvorbehalt ontwikkeld: sommige beslissingen zijn aan gekozen politici voorbehouden. In de praktijk betekent dat vooral dat het Duitse constitutionele hof wel wetten kan afkeuren die het in strijd acht met de grondwet, maar het vervolgens aan het parlement overlaat om met iets beters te komen (meestal binnen een bepaalde termijn, en niet meteen).

De VS danken hun grondwet aan de onafhankelijkheidsoorlog, de Duitsers aan akelige “staatkundige experimenten” in de eerste helft van de vorige eeuw. De Nederlandse onafhankelijheidsoorlog ((1568-1648) is al te lang geleden. Ons land is vooral ontstaan in de strijd tegen een ander soort gemeenschappelijke vijand: het water. Zijn wij aan een ander systeem toe?

Gek genoeg zou juist de PVV daar ook wel vóór kunnen zijn. Want toen Minister Donner een keer in een lezing op een universiteit opperde dat de sharia ook hier zou kunnen worden ingevoerd als een meerderheid het wilde was het huis te klein. Maar goed beschouwd was dat een typisch geval van “killing the messenger”. Want voor zulke eventualiteiten hebben wij hier geen grondwettelijk vangnet.

Nee, populisme (als zodanig) bestrijd je zo ook niet. Het vervelende is dat we niet eens een behoorlijk beeld hebben wat “populisme” nu precies inhoudt. Een respectabel bestuurskundige schreef niet zo lang geleden dat het populisme de laagopgeleiden (weer) een stem geeft. Voor mij is het kenmerk van populisme eerder oneerlijkheid: dat voor niet bestaande problemen (Die het wel goed doen aan de borreltafel) onmogelijke oplossingen worden voorgesteld. Natuurlijk, elke politicus zal zich wel eens bezondigen aan retorische overdrijving, en de grens tussen visionaire en illusoire ideeën is niet scherp te trekken, maar kwaadaardige volksmennerij is toch niet moeilijk te onderkennen. Populisten zijn gewoon briljante marketeers, die gewetenloos het gegeven exploiteren dat massa’s kiezers zich weinig voor politiek interesseren, en dan al gauw stemmen op de man die het meeste “lawaai” weet te maken. Met de pers als handlanger. Ik wil daar trouwens niet mee zeggen dat men zich meer in politiek zou “moeten” interesseren. Misschien is de politiek wel machtiger dan zij belangrijk is. En moet zij dus aan banden worden gelegd.

John Janssen

U geeft het doel van het recht goed weer meneer Jensma, maar wat is de realiteit vandaag de dag?
Griffie recht en eigenbijdrage voor een advokaat zijn zo duur gemaakt dat het grondrecht van de toegang tot een rechter voor velen is ontnomen, en daarmee is idd de rechtstaat ernstig in het geding gekomen. Maar denk ook aan b.v. de annonieme getuigen die door een verdachte niet gehoord kan worden, documenten die geheim worden gehouden voor een verdachte, het afbakenen van tijd voor het beoordelen van een procedure door rechters, het niet in wetgeving omzetten van getekende verdragen, maar ook de vrijheid van meningsuiting en verening is in het internet tijdperk sterk onderdruk komen te staan doordat politie en justitie, mensen vervolgen die op internet hun mening publiceren of zig willen ontwikkellen, want ook die vrijheid is met de monitoring afgenomen. Als voorbeeld zou ik willen geven dat ik persoonlijk zeer geintresseerd ben in de mensen rechten, de bescherming en de gevolgen er van, welke in vele richtingen een zeer beschermende functie hebben, ook tegen terrorisme bijvoorbeeld. Al 20 jaar volg ik het terrorisme en de gang van vluchtelingen. Maar ik weet dat als ik met vrijheids strijders wil communiceren om hun zienswijze te kunnen begrijpen dat ik gemonitord wordt, en het ook uitgelegt kan worden als zijnde dat ik een verdachte van terrorisme kan zijn, terwijl ik mij alleen wil ontwikkellen op het gebied van de beschermende factor van mensen rechten tegen terrorisme. Maar hoe meer kennis je krijgt, des te meer je inziet dat de rechtstaat in Nederland failliet is gegaan, en regelmatig vraag ik mij af of er nog wel rechtsfilosofen werkzaam zijn op de ministeries of bepaalde wetgevingen wel toelaatbaar zijn in het Nederlands en Europees recht. Want wetten hebben in vele richtingen uitwerkingen, echter wordt een wetgeving eenzijdig uitgelegt bij de precentatie. Maar niet alleen de politiek is schuldig aan het faillisement van de rechtstaat, ook wetuitvoerende en rechtsprekende zijn daar debet aan in practische vorm, kijk bijvoorbeeld naar waarheidsvinding welke zacht gezegt van bedroevende kwaliteit is in vele uitspraken. Al te vaak zijn rechters niet kritisch genoeg om de bewijslast van het OM te verlangen, de sugestie of een speculatie te samen met een verspreking van de verdachte is al genoeg om tot een bewezen verklaring te komen, in de Deventer moordzaak was het zelfs nog dramatischer, daar werd een man veroordeeld op grond van speculaties welke gebaseerd waren op totaal beschadigt forensische materiaal, welke op vele manieren uitlegbaar en reconstrueerbaar foutief waren. Zonder enige twijfel gaat in die zaak ook zeker niet op. Doch houden de hogere rechters de uitspraak de hand boven het hooft om het imago te redden.

a.zecha

Het woord “Rechtsstaat” is mijns inziens een container-woord dat historisch, filosofisch en zelfs actueel politiek veel begrippen / voorstellingen / ideologieën bevat; ook tegenstijdige.
Een voorbeeld kan mogelijk verduidelijking brengen:
USA onder Bush jr of Barac Obama, Rusland onder Stalin of Poetin, Irak onder SaddamHoesein of de huidige gekozen president, Nederland onder JPB of Rutten, Duitsland onder Hitler of Merkel, Frankrijk onder de Gaule of Sarkozy, Republik Indonesia onder Sukarno of Suharto, etc., etc. zijn allemaal rechtsstaten.

Woorden als demagoog, populist, spindokter, volksmenner, partijpoliticus, bestuurder, manipulator, retoricus zijn mijns inziens containerwoorden die het element desinformeren om een bepaald doel te bereiken met elkaar gemeen hebben.
Een belangrijk element daarbij is mijns inziens tevens het “voorliggend” maken van emoties en het “achterliggend” worden van “nuchter” waarnemen en denken, i.e. activeren van “onderbuikgevoelens”.

Mijns inziens zijn een te geringe kritische en werkelijkheidszin van burgers, naast de grote behoefte aan een “sterke” leider (“Führer”), een grotere bedreiging (dan het populisme) voor elke rechtsstaat.
a.zecha

Wim van der Noort

Ik was enthusiast over het eerdere stuk Voor PVV is is rechtstaat maar lastig. Eindelijk weer eens serieus weerwoord en in mijn ogen het tegendeel van in de val van de PVV trappen, zoals Jensma zich afvroeg. Nu volgt de kater. Eerst al de erkenning dat hij Bosma onjuist had weergegeven mbt de “llijsten” en nu zo’n slap nietszeggend stuk waarin met geen woord wordt ingegaan op het stuk van Bosma dat er pal boven staat. Een voormalig hoofdredacteur van NRC onwaardig. Als je aanvalt moet je wel je zaakjes op orde hebben.

Michiel Jonker

OK. Dit is neem ik aan een correcte samenvatting van het boekje van Dorien Pessers. Maar dan zijn er twee vervolgvragen: (1) Hoe is het op dit moment met de Nederlandse rechtsstaat gesteld? En (2) Hoe kunnen we de rechtsstaat versterken, of zo nodig herstellen?

(1) Gisteren was ik op een seminar van de Expertgroep Klokkenluiders, waar onder andere het concept-wetsvoorstel om te komen tot een “Huis voor Klokkenluiders” werd gepresenteerd. Het was een bijzondere ervaring om zoveel lotgenoten te leren kennen. De hoeveelheid kennis (uit de eerste hand!) die daar was verzameld over schendingen van het recht èn van de rechtsstaat, was indrukwekkend.

In de marge hoorde ik over grote en kleine zaken. Bijvoorbeeld de geheime export van nucleaire wapentechnologie naar Pakistan (en van daaruit weer verder…), het niet in behandeling nemen van serieuze aangiften over ernstige misdrijven van zeer hooggeplaatste personen, massale fraudes bij overheden, uitvoeringsorganisaties, bedrijven (waaronder banken) en onderwijsinstellingen, het negeren van zeer belangrijke veiligheidsregels, het op oneigenlijke manieren beïnvloeden van personen op sleutelposities (ook in de rechterlijke macht), langdurige intimidatie (en misbruik) van werknemers… Het gebeurt allemaal. Het meeste op grote schaal.

En het wordt allemaal in de doofpot gestopt. Er is geen enkele belangrijke steunpilaar van de rechtsstaat (politie, OM, rechterlijke macht, mediators, vakbonden, ondernemingsraden, vertrouwenspersonen, “onafhankelijke” integriteitscommissies, medische beroepsgroep, geestelijke gezondheidszorg, etc.) die als zodanig op dit gebied een acceptabel track-record heeft. Huiveringwekkend.

Ook democratische volksvertegenwoordigers laten zich veelal met handen en voeten binden aan diegenen die doofpotten in stand houden. Op wezenlijke punten vindt er feitelijk geen democratische controle plaats.

Het bleek gisteren ook een gedeelde ervaring dat veel klokkenluiders door hun directe omgeving niet worden geloofd. Het is de ervaring dat mensen die niet zelf in de situatie hebben gezeten dat ze een misstand of doofpot aan de orde proberen te stellen, niet kunnen of willen geloven dat Nederland echt zo in elkaar zit. Het is te erg. Veel mensen willen blijven geloven in het plaatje dat het wel meevalt, dat er hooguit wat rafelrandjes zijn aan de democratische rechtsstaat. Of dat het allemaal aan een bepaalde groep ligt: politici, bankiers, immigranten… Kies de zondebok maar uit.

Uiteraard houden ook de talrijke daders zulke plaatjes graag in stand. Het leidt de aandacht af van breed het probleem is verspreid in onze maatschappij, en hoe diep het is verweven met de manier waarop talloze organisaties functioneren.

Op dit moment is het Nederlandse bestel tot in de kern verrot.

(2) Hoe valt dit te verbeteren? Moeilijke vraag. Het zal in ieder geval veel tijd vergen. Het voorgenomen wetsvoorstel om een geloofwaardige instantie te creëren die klokkenluiders daadwerkelijk bescherming biedt en die tevens beschikt over effectieve bevoegdheden om zelfstandig onderzoek te doen, is een eerste stap. Iedereen die democratie en rechtsstaat een goed hart toedraagt, zou dit wetsvoorstel moeten steunen.

Minister Donner (CDA) heeft al geprobeerd het te saboteren, onder andere door, toen het wetsvoorstel dynamiek kreeg, plotseling met een andere maatregel (een zogeheten ZAMvB) te komen die uitvoering van het wetsvoorstel zou bemoeilijken. Gelukkig heeft de Tweede Kamer hem in meerderheid opgeroepen deze poging te staken en het initiatief van de volksvertegenwoordigers niet in de weg te zitten. Als het wetsvoorstel straks wordt aangenomen, komt Donner in een vreemde positie. Hij zal dan in zijn aangekondigde, nieuwe rol als vice-voorzitter van de Raad van State leiding geven aan het orgaan dat over het wetsvoorstel advies moet uitbrengen…

Van belang is dat met de aanname van het wetsvoorstel een basis zou worden gecreëerd om de Nederlandse rechtsstaat geleidelijk van binnen uit weer een beetje schoon te maken. Niet alle slagen zullen worden gewonnen. Veel doofpotten zullen gewoon blijven bestaan (vrees niet, heren/dames…). Maar stukje bij beetje kan de aanwas van nieuwe misstanden en doofpotten dan worden tegengegaan, en kunnen er nieuwe stimulansen voor integer gedrag ontstaan.

Zonder zulke stimulansen gaat het niet. Integer gedrag is nodig. Het vormt de basis van elke rechtsstaat.

Marius van Huygen

“Grondrechten zijn het ethisch ijkpunt en de referentiewaarde van de rechtsstaat. Ik parafraseer nog altijd Pessers. Het recht als sociale techniek, als vredestichtend instrument, schrijft evenwicht, proportionaliteit en goede trouw voor.”

Aan die grondrechten wordt al jaren door de neoliberale economische elite getornd. Populisme is daar een reactie op. De reactie van de economische minder bedeelden op de gevestigde macht van de politieke, economische, financiele en juridische elite. Want deze elite is het die haar macht weet te gebruiken om de wetten en de rechtspraak naar haar hand te zetten dit om een neoliberale maatschappij mogelijk te maken.
Een maatschappij waarbij het radicale marktdenken (de onzichtbare hand van de economie) het ordenend pricipe moet zijn om de vrije markt onbelemmerd haar gang te laten gaan.
Want deze machtsgreep van de politieke en economische elite op de rechtsstaat is haar politieke instrument om dit mogelijk te maken.
In de politieke praktijk worden op het gebied van de sociale zekerheid en werknemersbescherming de grondbeginselen van de rechtsstaat steeds meer ontkend en ondermijnd.
De gewone hardwerkende burgers (Henk en Ingrid) worden hard aangepakt in hun (grond)rechten als staatsburger.
M.n. werklozen, sociaal gedepriveerden en andere zwakkeren in de samenleving zijn het slachtoffer.
Hun stemgedrag is dan ook navenant: PVV en SP
Populisme kan dan ook beter vertaald worden als een roep van de gewone man om sociale rechtvaardigheid want hij wordt door de huidige economische en politieke elite sociaal en maatschappelijk afgeknepen.
Een voorbeeld hiervan dit weekend in een interview met minister van Sociale Zaken Henk Kamp (VVD) in de Volkskrant:

“Je moet je inspannen om werk te krijgen. Is dat vlakbij, mooi. Is dat op enige afstand en je moet reizen, ook goed. Maar is het nodig dat je verhuist, dan moet je dat ook doen of je verliest je uitkering.”

http://www.volkskrant.nl/vk/nl/2686/binnenland/article/detail/3072186/2011/12/10/Minister-Kamp-geen-excuus-meer-om-werk-te-weigeren.dhtml

lyngbakken

@ 3 Reinier Bakels
@ 4 John Jansen
@ 7 Michiel Jonker

Met Folkert Jensma onderschrijf ik dat de (democratische) rechtsstaat een balansmodel is. In een balansmodel heeft geen der staatsmachten uiteindelijk het laatste woord.
Ik denk dat alle rechtsstaten (eigenlijk alle staten) een balansmodel laten zien; ook bijv. Duitsland en de VS.

Het gaat niet om de vraag wie in algemene zin het laatste woord heeft, maar wie dat in een concrete zaak van concrete burgers heeft. In een rechtsstaat dient dat de rechter te zijn. Vooral Italië is de laatste tijd berucht geworden doordat de wetgever daar doorheen is geschaatst, niet alleen om het politieke hachje van Berlusconi steeds weer veilig te stellen, maar ook om hele andere platte politieke redenen. Dit jaar heeft het EHRM daar de staf nog over gebroken in de zaak Maggio (zie http://www.rechtspraak.nl onder LJN BR3294) en strijd geconstateerd met artikel 6, lid 1 EVRM (dat toegang garandeert tot de onafhankelijke rechter).

In een democratische rechtstaat heeft in algemene zin uiteindelijk de politiek het laatste woord. Bij ons is het de wetgever degene die formeel oordeelt over de vraag of een wet in strijd is met de grondwet (die is tamelijk beroerd, maar er staat wel een aantal grondrechten in).
In de VS en Duitsland is dat anders: daar is dat de taak van de constitutionele rechter. Wanneer daar een wet door de constitutionele rechter wordt afgeschoten, kan de wetgever het hoofd in de schoot leggen. Dat gebeurt ook wel. Maar er kan ook een politiek spel ontstaan tussen de wetgever en de rechter, waarin beide de grenzen van hun macht verkennen en er bijvoorbeeld iets aangepaste wetsvoorstellen worden gedaan die weer moeten worden beoordeeld. Ook de constitutionele rechter zal rekening moeten houden met het maatschappelijk draagvlak voor een dergelijke wet, al was het maar omdat hij ook niet de waarheid en wijsheid voor eeuwig in pacht heeft.
Ook daar werkt de balans, maar wel met meer vertraging. Juist vanwege die balansfunctie zou ik in Nederland ook graag een constitutionele rechter zien.

Zo bezien is het verschil tussen een land als Nederland (even los van de rol van het EHRM) en Duitsland niet principieel, maar een faseverschil.

Geen enkele bestaande rechtsstaat is perfect; alle staten schieten tekort. Het gaat mij echter veel te ver om te zeggen dat het Nederlandse bestel tot in de kern verrot is. Wanneer ik kijk naar alle klachten van Amnesty International en Human Rights Watch over systematische marteling, mishandeling, verdwijning en doden van burgers op grote schaal door de overheid in andere landen, hebben wij in Nederland een heel andere rechtsstatelijke situatie dan in die landen. Zelfs als ik redelijk dicht bij huis, kan ik de conclusie van verrotheid absoluut niet delen. Volgens mij is de Nederlandse rechtsstaat, bij alle gebreken (die terecht worden opgesomd), er beduidend beter aan toe is dan de Italiaanse.
Waar het de klokkenluidersbijeenkomst betreft: er loopt een juridische procedure bij de rechtbank in Utrecht waarin onderzoek wordt gedaan naar ongeoorloofde beïnvloeding van de rechtsgang in de zaak Chipshol. Daarbij zijn rechters onder ede gehoord. Het heeft twee rechters al hun banen gekost. Dat lijkt mij een teken van zelfreinigend vermogen, en van rot die juist wordt aangepakt.

In een balansmodel wordt nooit een definitieve toestand bereikt. Dat heeft het nadeel van het ontbreken van duidelijkheid en definitieve vastigheid. Dat is volgens mij echter onlosmakelijk verbonden aan de menselijke conditie van imperfectie.
Het ontkennen daarvan (voor althans een specifiek deel van de mensheid) heeft laten zien waar een niet gebalanceerd model, met een pretentie van eeuwigdurende geldigheid (want zo was de 1000 jaar bedoeld) toe kan leiden. Dan voel ik mij toch veiliger bij een model met beperkter pretenties. En natuurlijk mag dat laatste geen excuus zijn om misstanden niet aan te pakken. Maar daarbij dient wel een juist perspectief te worden gehanteerd.

Ton Doesburg

Twee opmerkingen. De meest opvallende uitspraak was die in het commentaar van Reinier Bakels: ” en dus moet zij (de democratie) aan banden worden gelegd”. Dit is zoiets als de democratie om zeep helpen om haar te redden. En wie heeft al die zo waardevolle regels die tezamen de rechtsstaat vormen eigenlijk bedacht? Dat waren toch politici? Toen waren dat geen populisten? Verder spreekt zowel uit het betoog van Jensma als uit de commentaren het van juristen zozeer bekende geloof in regels en het dedain voor het volk, dat zich door slimme populisten laat verlakken. Erg objectief zijn de verhalen niet. De SP, een partij die als geen ander wordt geleid door autoritaire sprookjesvertellers, wordt nooit als voorbeeld genoemd. En het geloof in het zelfreinigend vermogen van de democratie nadert blijkbaar tot nul. Het hoogste orgaan in een democratische staat is het door het volk gekozen parlement. En dat kan ook de Grondwet veranderen. En zo hoort dat. Als in dat parlement een figuur als Wilders een kans krijgt, moet in de allereerste plaats gekeken worden naar de kwaliteit van het bestuur in het algemeen en voor wat betreft de PVV naar het disfunctioneren van de Nederlandse justitie. Want daar zit het probleem, in het Haagse waterhoofd. Niet bij de laagopgeleiden.

van de Nederlandse justitie. Daar zit het probleem.

Gerrit de Jonge

Met het onderhavige artikel heeft Folkert Jensen de discussie op dit blog gebruikt waarvoor die bedoeld is, een compliment daarvoor. In een vorige discussie werd door de deelnemers de vraag opgeworpen en besproken wat we onder een rechtsstaat moeten verstaan, en dit artikel speelt daar uitstekend op in. Hierbij mijn waardering daarvoor.

Desondanks denk ik nog niet dat de PVV de rechtsstaat bedreigt. We zijn het er nu wel over eens wat een rechtsstaat is, maar nog niet wat een “staat” is. Het bestaan van een staat is een randvoorwaarde voor het maken van een rechtsstaat. Die staat moet je dus beschermingswaardig verklaren. Mij dunkt dat een staat gevormd wordt door een grondgebied, bewoond door mensen die normen en waarden delen, normen omzetten in wetten en zich door een regering laten besturen die de wetten binnen dat grondgebied handhaaft. De bewoners krijgen onder bepaalde voorwaarden de status van “staatsburgers”. De regering en het volk verdedigen het grondgebied tegen ongewenste binnendringers. Het is verre van vanzelfsprekend wie (on)gewenst is en wie tot staatsburger wordt gepromoveerd. Voorts kiest de bevolking een aantal symbolen zoals vlag, voetbalteam en volkslied en machtsmiddelen zoals eigen geld.

We hebben een periode van 60 jaar achter ons waarin de Nederlandse staat stapje voor stapje is opgeheven. Toetreding tot de EGKS, EC, regeringsmacht overhevelen naar Brussel, opheffen van grenzen, gigantische aantallen mensen die onze normen en waarden niet delen binnen laten en het staatsburgerstap cadeau doen en als klap op de vuurpijl het eigen geld opheffen. De opheffing van de staat der Nederlanden is natuurlijk ook de opheffing van de rechtsstaat Nederland, en er is geen enkele garantie dat de gedroomde “staat Europa” een rechtsstaat wordt. De kleine landen zijn allerwege bang dat hun rechten als minderheden onvoldoende door de grote landen worden erkend, en het is niet voor niets dat er zo´n weerstand is tegen de toetreding van het volkrijke Turkije.

De PVV en andere populistisch genoemde stromingen verzetten zich tegen het opheffen van hun eigen staat. De PVV door de gulden terug te willen, de macht van Brussel te beperken, Turkijke uit de EC weren, de komst van nieuwkomers indammen en daarmee eigen normen en waarden beschermen etc. Het bestaan van de staat beschermen is noodzakelijk voor het beschermen van de “rechtsstaat” Nederland en ik vind het daarom unfair om de PVV er van te beschuldigen dat ze aan de rechtsstaat morrelt.

Als het er op aankomt zijn de globaliseerders een veel grotere bedreiging van de staat, en dus de rechtsstaat. Ze willen onze staat opheffen, en weten niet wat er voor in de plaats komt. Reeds nu is de toegang tot de Europese rechter voor de burger nagenoeg gesloten door de jarenlange wachtlijsten. Niemand denkt dat we van de wereld een rechtsstaat kunnen maken, denk aan de miljard inwoners van de kastestaat India. Het argument ten gunste van globalisering is zwak. Het enige argument dat ik ken is dat onze economie is gegroeid dank zij Europa en de Euro. Niemand kan mij echter duidelijk maken waarom de economie alsmaar moet groeien. Wat ik wel zeker weet is dat groei leidt tot het opraken van fossiele brandstoffen.

Ferry Franssen

Interessant. Maar wilt/kunt u reageren op het artikel van Martin Bosma die uw integriteit ter discussie stelt? Dank!

Michiel Jonker

@ 9. Lyngbakken

Ik ben het met je eens dat er in een goed functionerende democratische rechtsstaat een dynamische balans bestaat tussen verschillende machten (om te beginnen: de wetgevende, uitvoerende en rechtsprekende). Ook ben ik met je eens dat een gezonde rechtsstaat nooit de pretentie heeft om “af” of “perfect” te zijn.

Je vindt het veel te ver gaat om te zeggen dat het Nederlandse bestel op dit moment “tot in de kern verrot is”, zoals ik had betoogd. Je voert twee redenen aan: (1) In vergelijking met andere landen doen we het nog best goed; (2) Naar sommige misstanden wordt in Nederland onderzoek gedaan, waaruit jij afleidt dat er in Nederland wel degelijk sprake is van zelfreinigend vermogen. Je noemt het voorbeeld van de Chipshol-zaak (aftreden van de “liegende rechter” Westenberg, later gevolgd door aftreden van NMA-voorzitter en voormalig rechter Kalbfleisch).

Ad (1). Vergeleken met Rusland en Zimbabwe doet Nederland het inderdaad bijzonder goed. Wat zegt dat nu eigenlijk? Ik vermoed dat momenteel het bestel van bijna alle landen ter wereld tot in de kern verrot is – maar ik ken alleen de Nederlandse situatie wat beter. “Benchmarking” met andere landen biedt in dit geval geen uitkomst, maar functioneert alleen als uitvlucht om de Nederlandse realiteit niet onder ogen te hoeven zien.

Ad (2). Wat er wordt “onderzocht”, is een zeer klein topje van de ijsberg. En het gebeurt alleen met grote tegenzin, als het voor onze autoriteiten echt niet langer mogelijk is om een kwestie met succes te verdoezelen of te bagatelliseren. In het door jou genoemde voorbeeld (Chipshol-affaire) hebben twee kapitaalkrachtige heren (vader en zoon Poot) vele, vele jaren een bizarre strijd moeten leveren om door allerlei instanties überhaupt serieus genomen te worden. Jarenlang lukte dat niet en werden ze weggezet als querulanten. De ommekeer kwam pas toen ze zich bezig gingen houden met een andere zaak, namelijk zeer ernstige beschuldigingen aan het adres van Joris Demmink, de huidige secretaris-generaal van het ministerie van Justitie (aangesteld door Donner). Daarmee kregen de heren Poot, opmerkelijk genoeg, een nieuw soort “leverage” in hun eigen zaak. Bovendien hadden ze het geluk dat een griffier die tientallen jaren ergens over gezwegen had, in gewetensnood kwam en, half tegen haar zin, uiteindelijk getuigde in een rechtszaak (het ging o.a. over de vraag of dhr. Kalbfleisch meineed had gepleegd). Kortom, in dit voorbeeld is er sprake van een kronkelige odyssee, die uiteindelijk tot een klein begin van reiniging heeft geleid, in aanzet, zonder dat duidelijk is of het tot meer zal leiden dan een rustige oude dag voor bepaalde daders. Dit staat in geen verhouding tot de enorme offers die mensen hebben moeten brengen om dit resultaat te bereiken.

Half Nederland weet inmiddels van deze beide zaken, maar over veel aspecten wordt nog steeds gezwegen, vooral ook door de media. Hoe komt dat? Wat is hier nu echt aan de hand?

Er is momenteel geen serieus zelfreinigend vermogen. Er is alleen een kleine verzameling van mensen die, als gevolg van omstandigheden (hun geweten, maar ook de situaties waarin ze terecht kwamen), misstanden daadwerkelijk aan de orde hebben gesteld en die dat ook nog psychisch en fysiek hebben overleefd – al zijn ze voor de rest van hun leven getekend. Ze hebben allerlei vormen van bedreiging, vernedering en uitstoting meegemaakt, gepleegd door functionarissen van het zogenaamd “zelfreinigende” netwerk dat in Nederland de dienst uitmaakt.

Mensen die in Nederland met een misstand te maken krijgen, kun je onderverdelen in de volgende categorieën:
1. zij die ervoor kiezen zich van de misstand niet bewust te zijn;
2. zij die ervoor kiezen over de misstand te zwijgen;
3. zij die ervoor kiezen de misstand intern aan te kaarten met de stilzwijgende boodschap dat ze geen bezwaar zullen maken als anderen (leidinggevenden) die vervolgens in de doofpot stoppen;
4. zij die ervoor kiezen de misstand eenmalig aan te kaarten, maar zich als gevolg van bepaalde reacties gedwongen zien er verder over te zwijgen;
5. zij die ervoor kiezen de misstand aan te kaarten, maar vervolgens psychisch, maatschappelijk en/of financieel worden geruïneerd zonder dat de misstand wordt erkend of aangepakt;
6. zij die ervoor kiezen de misstand aan te kaarten en erin slagen psychisch, maatschappelijk en financieel te overleven, zonder dat de misstand echter wordt erkend of aangepakt;
7. zij die ervoor kiezen de misstand aan te kaarten, en net zolang doorzetten tot de misstand weliswaar niet formeel erkend, of aangepakt wordt, maar wel informeel bij het publiek bekend wordt;
8. zij die doorzetten en bereiken dat de misstand formeel erkend, onderzocht en aangepakt wordt, maar feitelijk op een andere manier en met heel andere oogmerken wordt afgehandeld, bijvoorbeeld met een “onderzoek” waarin om de hete brei wordt heengedraaid zodat de doofpot grotendeels intact blijft, de daders gemakkelijk wegkomen en er geen serieuze consequenties hoeven te worden getrokken om e.e.a. in de toekomst effectief te voorkomen.

Bij categorie no. 8 horen bijvoorbeeld de zaak-Spijkers, enkele van de vele bouwfraudes, en andere schandalen die grote publiciteit hebben gekregen.

Theoretisch is er ook nog een categorie 9: “zij die misstanden aankaarten en bereiken dat hun melding correct en effectief wordt afgehandeld, zonder dat hun eigen leven deels of geheel wordt verwoest”. Er zijn mij geen voorbeelden bekend van zaken die in deze categorie passen.

Er zijn veel mensen met het hart op de goede plek, die klokkenluiders willen helpen zolang dit voor henzelf geen risico oplevert. Zij doen bijvoorbeeld alleen dingen binnen de grenzen van hun officiële “rol”, die ze beperkt opvatten om niet in de problemen te komen. Zulke mensen kunnen belangrijke bondgenoten zijn van klokkenluiders, maar zullen zelf nooit de motor vormen bij het tegengaan van de betreffende misstand, en dus ook niet bij het herstel van de verhoudingen die passen bij een rechtsstaat. Zonder risico geen resultaat.

Het “balansmodel” waar jij het over hebt (van machten die elkaar in evenwicht houden in de vorm van “checks and balances”), ziet er op dit moment in Nederland als volgt uit: aan de ene kant een enorme berg officiële instanties (zie het lijstje in mijn vorige reactie) met goedbetaalde functionarissen die zich allemaal voegen naar een gedragspatroon dat misstanden toedekt en de rechtsstaat waar “nodig” buiten werking stelt. Aan de andere kant een klein groepje klokkenluiders en een iets groter groepje mensen (ook binnen die instanties) dat klokkenluiders relatief onopvallend helpt voor zover het geen persoonlijke risico’s met zich meebrengt.

Die balans is volstrekt scheef. Het is een balans die bij een dictatuur past, niet bij een democratische rechtsstaat.

Het rancuneuze populisme dat de afgelopen tien jaar in Nederland is opgekomen, is een zeer begrijpelijke reactie op de manier waarop de elite de gelijkheid van burgers voor de wet feitelijk terzijde heeft geschoven. Er zijn goede redenen voor die rancune! En hoe langer delen van de oude elite (met name verbonden met het CDA en de VVD, maar deels ook met D66 en de PvdA) doorgaan met het negeren van gerechtvaardigde grieven die ACHTER de rancune schuilgaan, hoe verder die rancune zal toenemen. Het bondgenootschap van de PVV met het CDA en de VVD is daarom bizar, maar wel begrijpelijk: de PVV heeft belang bij het verder voeden van de rancune, met het oog op stemmenwinst, terwijl het CDA en de VVD belang menen te hebben bij instandhouding van de status quo. CDA en VVD spelen met een bom, in plaats van die te ontmantelen. Hoe slimmer ze dat spel spelen, hoe groter de lading wordt die uiteindelijk in ons aller gezicht kan ontploffen.

PetervanderLichte

Populisme heeft de overhand in Nederland, social media is daar een belangrijke veroorzaker van. Korte berichten zonder inhoud en maar zorgen dat we – vrienden en volgers- krijgen, zorgt voor populisme. PVV heeft de naam, maar vergeet niet dat ook links zoals SP hieraan meedoet, alleen maar om stemmers te krijgen, ik hou van Holland, tros Opgelicht?!, te triest voor woorden.

P. Bruinsma

Voor veel burgers is de essentie van de rechtstaat de bescherming van de burgers tegen criminelen. Iedereen die slachtoffer is geweest van een beroving, inbraak, bedreiging, mishandeling of overval weet wat ik bedoel. Uiteraard verfoeit de burger corruptie en nepotisme, wat als misbruik van ambtelijke en politieke macht wordt gezien. De vrijheid van meningsuiting en gelijke basisrechten zijn voor de burger ook van belang. Allerlei (rechts)theoretische beschouwingen gaan aan de gewone burger voorbij. Zaken als privacy zijn minder belangrijk, als je geen criminele intenties hebt mogen ze de foto’s van je nummerbord bij justitie inlijsten en aan de muur hangen totdat je een andere auto hebt. Hoe is het nu met de rechten en plichten, die voor de modale burger van belang zijn, gesteld ? Dit zijn zaken waar nu net in dit artikel niet over gerept wordt. Veel Nederlanders voelen zich bedreigd. Lees bijvoorbeeld het ingezonden artikel in de Volkskrant van zaterdag: ‘Onaantastbare straatjongens, wie durft ze wat te doen?’ Er wordt gesproken over strenger straffen maar het gebeurt niet. Ik heb daar legio voorbeelden van. Bovendien is de kans dat een misdrijf uiteindelijk tot een veroordeling leidt maar 1 % . Door het sluiten van allerlei politiebureaus is het doen van aangifte een uiterst tijdrovende activiteit, die ook door de politie wordt ontmoedigd. Bovendien wordt je daardoor de schietschijf van de onaantastbare straatjongens waartegen je niet wordt beschermd. Als er wordt gesproken over minimumstraffen komt er een rapport van de raad van de rechtspraak op tafel dat rammelt als een Cubaanse taxi. In de bijdrage van Jensma staat: Wie bijvoorbeeld de rechterlijke macht aanvalt, bepleit rechters minder onafhankelijk te maken of hun beoordelingsvrijheid te beperken, verzwakt de rechtsstaat en daarmee ook de democratie. Moeten we dus de maximumstraffen uit het strafrecht halen omdat rechters daardoor hun beoordelingsvrijheid beperkt zien? Net als een minimumstraf heeft ook een maximum straf zin. En er zijn op dit moment nog cellen genoeg. De rechtsongelijkheid, die het gevolg is van linkse politici is groot. Aan onze kust worden de lokale APV als het om illegaal kamperen gaat strikt nageleefd. In Amsterdam bezoekt de burgemeester een illegale camping om thee te drinken. Kraken dat vaak gepaard gaat met grote vernielingen aan gebouwen niets anders is dan diefstal, wordt door links aangemoedigd. Acties van krakers en autonomen tegen ambtenaren en politici, die de vrijheid van meningsuiting ondermijnen, worden getolereerd. Wie komt er voor de vrijheid van meningsuiting van Dibi op als hij met eieren wordt bekogeld? In een rechtstaat worden besluiten door het parlement genomen. Allerlei actiegroepen zoals Greenpeace kunnen de uitvoering van besluiten frustreren met zeer twijfelachtige middelen. Lokaalvredebreuk oftewel bezettingen, het gooien van betonblokken in zee en intimidatie passen in hun aksie arsenaal en genieten de sympathie van bepaalde partijen. Als de Raad van State meerdere malen een uitspraak heeft gedaan over Mauro komen parlementariërs in actie tegen deze besluiten. Dat zaagt aan de fundamenten van de rechtspraak. Uitspraken van Wilders over rechters kunnen nog worden gezien als onderdeel van zijn verdediging, die noodzakelijk werd omdat de scheiding van de machten niet in immuniteit van parlementariërs voorziet. En wie kan er uitleggen dat een gewone burger voor hetzelfde feit maar één rechtsgang kennen en de Mauro’s meerdere? Hoe zit het met dezelfde basisrechten? Hoe kan het dat iemand met twee nationaliteiten, waarbij de andere natie geen eigen onderdanen uitlevert, aan vervolging kan ontsnappen door de benen te nemen naar Turkije zoals die Turkse pooier? En idem naar Marokko? Zijn dit fraaie voorbeelden van een goed functionerende rechtsstaat? Ik denk te weten hoe een modale burger hierover denkt. Voor het afbreken van de rechtstaat was de PVV niet nodig want dat hebben partijen als de PvdA, SP, GL en zelfs D66 al gedaan.
Socialisme kan een bedreiging zijn. Namelijk „zodra de woorden tot socialistische wapens worden die geen ander doel hebben dan de ander te dehumaniseren, te intimideren en tot zwijgen te brengen”

R.E. Meyer

Dat de PVV (eigendom van een enkele persoon)pro rechtsstaat zou zijn is een gotspe. Geen van de democratische Nederlandse partijen streeft bijvoorbeeld naar knieschoten voor gekleurde hooligans,ook niet naar introductie van apartheidsbelastingrecht via Kopvoddentax enkel voor moslims, of naar introductie van Israelische administratieve detentie, dwz opsluiten van burgers zonder officiele aanklacht en rechterlijke toetsing. Dan zwijg ik nog maar sabotage benoemingen Aboutaleb (twee keer) en mevrouw Albayrak, het PVV plan MENSEN (de Antiliaans-Nederlandse staatburgers) te verkopen via internetveiling en het door Wilders in Amerika gelanceerde plan miljoenen moslims uit Europa te deporteren. Wilders heeft zowel wat betreft de Antillianen, als voor de moslims tot nog toe deze staatsburgers ten onrechte gecriminaliseerd en heeft gefaald de benodige bewijslast tegen deze burgers bij het Openbaar Ministerie in te leveren. Een gigantisch aantal strafbare feiten. Dit alles heeft niets met de rechtsstaat te maken en ALLES met criminaliteit vanuit een politieke beweging.

lyngbakken

@13 Michiel Jonker

Michiel: je reactie doet me denken aan de opstelling van de kraakbeweging in de vorige eeuw: ¨uw rechtsstaat is de onze niet¨.
Ook de kraakbeweging mat de rechtstaat niet af aan de kernpunten zoals die door bijv. Dorien Pessers zijn geformuleerd, maar keek er materieel naar. Zolang de rechtsstaat het eigendomsrecht wel beschermde, maar het woonrecht niet, was het hun rechtsstaat niet.
Jij zegt voor een belangrijk deel: zo lang de klokkenluiders niet beter worden beschermd, is de rechtsstaat in de kern verrot.

Volgens mij komen we met discussies over de rechtsstaat op die manier niet verder. Ik kan nog veel meer groepen noemen met vergelijkbare redeneringen: vaders die vinden dat het recht om hun kinderen te zien door de rechtstaat met voeten wordt getreden, moeders daar tegenover vinden dat het recht op een fatsoenlijk leven van hen en hun kinderen door de rechtsstaat niet wordt gegarandeerd, WIA-ers die vinden dat de rechtsstaat hen ontmenselijkt door de strenge keuringen, middenstanders die menen dat de staat hun bedrijf afneemt door veel te zware belastingen, en zo kan ik nog wel even doorgaan.

Het gaat hier allemaal om maatschappelijke problemen met een juridische dimensie, maar dat is nog iets anders dan een rechtsstatelijk probleem. Als we de lijn van deze problemen rechtstreeks doortrekken naar de rechtsstaat, dan is een rechtsstaat altijd verrot, maar dan zetten we tegelijkertijd de waarde van het begrip rechtsstaat bij het oud vuil. We gooien het kind met het badwater weg.
Bij deze insteek wordt in wezen de rechtsstaat gegijzeld om een of meer bepaalde bijzondere belang te dienen. Dat hoort de rechtstaat nu juist niet te doen.
Vind je dat dat wel moet, dan wijs ik je nog op Geert Wilders toevoegen die vindt dat alleen hem vrijsprekende rechters goede rechters zijn. Die doet precies hetzelfde, alleen vanuit een ander belang.

Met jou ben ik het geheel eens dat een rechtsstaat als belangrijke taak heeft minderheden te beschermen, met name in een democratie (met de meerderheidsregel). De bescherming van klokkenluiders is daarom ook voor mij belangrijk. Dwarsdenkers zijn bovendien goed voor een scherpe discussie.
Maar je hebt klokkenluiders in allerlei soorten en maten. We hebben niet alleen Spijkers, maar vele anderen, ook die we meer uit anderen hoofde kennen. Zo zijn in het verleden PVV-ers klokkenluider geweest binnen linkse besturen om daardoor -en door collega´s- vervolgens uitgekotst te worden. Hun rancune daarover is nog steeds merkbaar.
Klokkenluiders hebben vaak goede bedoelingen, maar niet altijd. En goede bedoelingen alleen zijn niet genoeg om goede resultaten te halen.
Ook een kritische houding ten opzichte van de klokkenluiders is daarom wat mij betreft geen overbodige luxe. Een regeling voor klokkenluiders moet wat mij betreft met al dergelijke zaken rekening houden.

Je schrijft ook over zelfreinigend vermogen van Justitie. Ik heb daar inderdaad niet meer dan 1 voorbeeld voor gegeven. Ik ken er nog een paar meer, maar ook dan zul jij er niet van overtuigd zijn dat het zelfreinigend vermogen van Justitie wezenlijk is. Jij komt namelijk weer met voorbeelden uit de oude doos, waar al vele pagina´s op internet aan gewijd zijn, maar zonder harde onderbouwing.
Met die voorbeelden zeg je in wezen dat je Justitie niet vertrouwt. Je bent dan de enige niet.

Wat mij betreft houden we in een rechtsstaat er echter aan vast dat iemand pas wordt veroordeeld bij bewijs, en niet omdat een aantal mensen een persoonlijke grief tegen die persoon of personen heeft. Net zoals een klokkenluider verdienen ook personen bij Justitie bescherming van de rechtsstaat.

Het is voor welke rechtsstaat ook onmogelijk om met dergelijk ongefundeerd wantrouwen rekening te houden.
Dergelijk wantrouwen is overigens ook van alle tijden. Waarmee niet gezegd is dat dergelijk wantrouwen altijd onterecht is, maar eenvoudig dat de rechtsstaat met dergelijk wantrouwen alleen rekening mag houden als er bewijs is in plaats van verdachtmakingen.

Ten slotte: ik begrijp dat je mijn vorige reactie interpreteert als het maken van een vergelijking tussen de Nederlandse rechtsstaat en andere. Mijn voorbeeld over Italië geeft daarvoor ook wel aanleiding. Maar ik schreef daar wel iets vóór, over AI en HRW. En dat is wat mij betreft de kern: we hebben in Nederland een staat die heel rechtsstatelijk opereert op het enige absolute mensenrecht dat we kennen: het verbod op marteling, moord en verdwijning, neergelegd in artikel 3 van het EVRM.
Mij is dat artikel zo lief dat mij de haren ook overeind gaan staan als iemand de Nederlandse rechtsstaat in de kern verrot vindt. Nederland schendt dit artikel vrijwel nooit (zoals de rechtspraak in Straatsburg laat zien).
Michiel, het spijt me dit te zeggen, maar ik denk dat iemand die de Nederlandse rechtstaat in de kern verrot vindt (te) weinig historisch besef heeft (waar dit artikel uit voortkomt), en niet weet wat er allemaal in de wereld te koop is. Volgens mij weet jij echter beter, en zou je ook daarom een dergelijke conclusie niet moeten trekken.

Ed van Steijn

Is het het populisme dat de rechtsstaat bedreigt? Of komt die bedreiging feitelijk van binnenuit?

Als we even uitgaan van een scheiding der machten als middel en model voor een rechtsstaat, waarvan de essentie (dus ruimer dan Bruinsma stelt) is dat de wet leidend en is dat de de rechten van de burger beschermd worden, ook tegenover de overheid, dan kunnen we constateren dat aan die voorwaarde feitelijk niet is voldaan.

De ‘kwaliteit’ van de bestuursrechtspraak (Tak) is in deze rubriek al veel aangehaald. De burger kan niet op de rechter vertrouwen bij het verdedigen van zijn belangen tegenover de overheid (zelfs niet als de overheid de wet aan zijn laars lapt). Kortom, de (bestuurs)rechterlijke macht is formeel wel, maar feitelijk, cultureel en praktisch niet gescheiden van de wetgevende en uitvoerende macht.

Tussen wetgevende en uitvoerende macht bestaat in Nederland al helemaal geen scheiding. Als het om wetgeving gaat, zijn parlement en kabinet één (en dat geldt ook voor de lagere overheden). Het enige dat het parlement controleert, is of het regeeraccoord wordt nageleefd. En als wetten in de weg zitten, gaan we gedogen, gesanctioneerd door de rechterlijke macht.

Jensma: ‘De rechtsstaat is essentiële infrastructuur…. Wie daar aan komt doet iets onbestaanbaars.’ De vraag is: wie komt daar (feitelijk) aan; wie ondermijnt die?

tineke de wal

Folkert Jensma moet oppassen als hij de PVV aanvalt, voor hij het weet wordt hij weer in het verdomhoekje gezet. Ik ben overtuigd van zijn goede bedoelingen maar het is moeilijk greep te krijgen op de PVV. Bosma is zeer belezen en hij heeft vaak gelijk in wat hij schrijft. Ik heb zijn boek gelezen en ik heb niet de moeite genomen om zijn vele citaten te controleren op juistheid, ze zullen vast wel kloppen. Maar zijn citaten zijn vast heel selectief. Ongetwijfeld kan men met even zovele citaten zijn onjuistheid aantonen.
Overigens werd ik wel heel moe van al zijn gescheld op links, allochtonen en de Islam, hopenlijk gaan mensen daardoor toch wel afhaken van de PVV, te veel is te veel, ook bij de PVV.

Reinier Bakels

Teruglezend zie ik dat ik mensen aan het schrikken heb gebracht omdat ik (in navolging van Pessers eigenlijk) beweer dat de democratie niet altijd het laatste woord kan hebben, en dus (soms) aan banden moet worden gelegd.

Ter nadere toelichting: in de loop van de geschiedenis is genoegzaam gebleken dat dit noodzakelijk is. Hitler is democratisch aan de macht gekomen (al hebben de nazi’s wel hardhandig “nachgeholfen”). De Russen en ook andere Oostbloklanden haalden ooit enthousiast de communisten binnen – en bezuurden dat later. De roep om een “sterke man” is van alle tijden, en het gebeurt maar al te vaak dat “de duivel met beelzebub wordt uitgedreven”. Je kunt cynisch constateren dat dictators heel efficiënt kunnen werken. Alleen blijken ze op den duur (bijna?) altijd te ontsporen. Voor dat soort eventualiteiten is het goed dat de democratische meerderheid niet altijd zijn zin krijgt. En er is weinig fantasie voor nodig om je te realiseren dat de huidige generatie volksmenners (populisten) ook om waakzaamheid vraagt.

Een ander heikel rechtsfilosofisch probleem is dat grondrechten ook maar door mensen zijn bedacht. Waarom zouden ze dan voorrang hebben? In dit verband is het belangrijk te weten dat landen heel verschillend omgaan met grondrechten. De Oostenrijkers zijn er bijvoorbeeld heel makkelijk in om hun grondwet te veranderen: het enige verschil is voor hen dat dan een 2/3 meerderheid nodig is en twee lezingen. De Duitsers daarentegen bepaalden in 1949 dat de eerste 19 bepalingen van hun Grundgesetz nooit (wezenlijk) veranderd kunnen worden (voor de liefhebbers: deze regel staat in art. 79 lid 3 GG – dat dus ook niet kan worden veranderd). (Behalve door een revolutie – want daar is niets tegen bestand). Ook de Amerikaanse Constitution wordt niet veranderd, alleen af en toe uitgebreid met een amendment, maar dat is bepaald geen dagelijkse kost.

Een moderne vastlegging van grondrechten (zoals in het EVRM) erkent dat grondrechten meestal botsen, en geeft regels hoe met die botsingen moet worden om gegaan. Zelfs het recht op leven is niet absoluut: in het uiterste geval mag iemand uit noodweer een belager doden.

De Nederlandse grondwet is – zoals gezegd – stokoud van opzet. In de meeste gevallen staat die toe om van een grondwet af te wijken als het parlement het maar goed vindt. Deze grondwet beperkt vooral de macht van de Koning (hét probleem van 1848), en van lagere overheden. Op de interpretatie van deze grondwet door politici is vaak veel aan te merken. Zo wordt bijv. het misverstand gevoed dat de vrijheid van meningsuiting vrijwel onbeperkt zou zijn.

En laten we ook niet vergeten dat politici beslissingen nog wel eens ontwijken: “regeren is vooruitschuiven”. Kenmerk van een juridische aanpak is dat een rechter verplicht is om te beslissen. Zo wordt in de VS het abortusvraagstuk op het bordje van het Federale Hooggerechtshof geschoven. Ten onrechte, en politici zouden dit als een brevet van onvermogen moeten zien – maar dat brengt hen dus niet altijd in beweging.

Terwijl ik dit schrijf realiseer ik mij dat ik de indruk kan wekken geen liefhebber van democratie te zijn. Daarom haast ik mij te benadrukken dat alle macht controle behoeft. Tegelijk zien we dat dezer dagen – bijv. met de eurocrisis – de politiek “part of the problem” is, en niet “part of the solution”. En de opkomst van populisten die behendig de onkunde en onverschilligheid van veel kiezers exploiteren helpt ook niet mee aan een effectieve democratie. De SP kan dan precies hebben uitgezocht dat de PVV vaak beleid steunt dat tegen het belang van hun eigen kiezers in gaat, de PVV kiezers blijven gewoon op het spektakel afkomen dat hun beweging produceert.

Dr. Jaap A. van Vliet

Het gaat niet alleen maar over de PVV. Dit kabinet van VVD en CDA maakt, met steun van de PVV, de toegang tot de rechtspraak moeilijker voor mensen met weinig geld (hogere, ‘marktconforme’ griffierechten, verlaging tarieven voor rechtsbijstand). Maar ook verharding van straffen waarvan we weten dat het alleen maar tot meer recidive leidt. Als je het niet zo goed hebt getroffen met je psychische gesteldheid, met de helderheid van je verstand, of je beschikt over beperkte financiële middelen, dan heb je pech in de samenleving die Rutte en Verhagen, gesteund door de slimme
Wilders, voor ogen staat. De middelen die je als burger hebt om je te kunnen verweren tegen de overheid en grote maatschappelijke, soms totale instituties en ‘street level bureaucrats’, worden in snel tempo afgebroken of wegbezuinigd. En niet te vergeten de verloedering van het openbare debat in de politiek en
breder in de samenleving over de rechterlijke macht en criminaliteit. Dat leidt niet tot oplossingen, maar tot ontwrichting van de rechtsstaat.

Michiel Jonker

@ 17. Lyngbakken

Mooi is dat. Ik doe je aan “de kraakbeweging van de vorige eeuw” denken, omdat ik het belangrijk vind dat de rechtsstaat niet alleen op papier, maar ook materieel bestaat. Dan kun je overigens net zo goed zeggen dat ik jou aan de PVV of de SP doe denken. Want net als de kraakbeweging van toen, vragen de PVV en de SP van nu onder andere om aandacht voor dagelijkse, materiële, d.w.z. ECHTE problemen van Henk en Ingrid. En op dat punt hebben de PVV en de SP gewoon gelijk. Het probleem is dat ze vervolgens onder andere zondebokken aanwijzen (bijv. Islam of Europa) die niet de werkelijke oorzaak zijn van de problemen van Henk en Ingrid.

De werkelijke oorzaak ligt veel dichterbij. Het is namelijk de manier waarop onze elite een aantal belangen van Henk en Ingrid langdurig verwaarloosd heeft, terwijl ze tegelijk Henk en Ingrid met luchtkastelen heeft zoetgehouden, gepaaid dan wel het zwijgen opgelegd (“jullie profiteren / consumeren ook van de economische groei en van een neo-liberale inrichting van Europa”). Die elite-truc werkt niet meer. Het neoliberalisme (lees: de bluf van het onverantwoorde casino-kapitalisme) is “vorerst gescheitert”. Dat is geen populistische constatering, maar een nuchter feit, waarvan we de gevolgen vanaf 2012 allemaal in onze portemonnee gaan merken, of de eurozone nu bij elkaar blijft of niet.

Jij doet alsof ik opkom voor de belangen van een beperkte groep, namelijk klokkenluiders. Dan begrijp je helemaal niet waar het mij en andere klokkenluiders om gaat. Echte klokkenluiders komen op voor de democratische rechtsstaat, en het enige wat ze voor zichzelf vragen, is dat ze niet als dank voor bewezen diensten op onrechtstatelijke manieren kapot worden gemaakt.

Je doet ook alsof ik zeg: “Deze rechtsstaat is mijn rechtsstaat niet”. Dat heb ik niet gezegd. Je perverteert mijn woorden. Je voegt het woordje “mijn” in, waarmee je mij probeert te framen als iemand die vooral egoïstisch aan het eigen (groeps)belang denkt. Dat is niet zo. Echte klokkenluiders brengen juist grote offers vanuit een gevoel voor rechtvaardigheid. Ze komen op voor anderen. Wat ik wèl heb gezegd, is: onze rechtsstaat ziet er op papier aardig uit, maar functioneert in de praktijk niet als een echte rechtsstaat. Nederland functioneert niet in de eerste plaats als een rechtsstaat, maar als een “procedurestaat”.

Je betitelt klokkenluiders als “dwarsdenkers”. Een slecht etiket, tenzij je het denken aan het algemeen belang en aan bescherming van de zwakken als “dwars” wilt betitelen. Wat is dan in jouw ogen niet dwars, maar “recht”? Braaf doen en zeggen wat regenten willen? Ook als diezelfde regenten en hun uitvoerders de rechtsstaat ondermijnen met hun gedrag?

In dictaturen wordt wat “recht” is, gedefinieerd door wat dictators willen. Al het andere wordt daar als “dwars” gezien. Dictatuur is niet alleen een staatsvorm, maar ook een mentaliteit. Dat vind ik lastig aan wat er nu in Nederland gebeurt. Tegenover de verhulde dictatoriale mentaliteit van een gevestigde elite, staat nu de wat minder verhulde dictatoriale mentaliteit van, bijvoorbeeld, de PVV. Wat we nodig hebben, is een derde, echt democratische weg. Niet alleen democratisch op papier en in de slogans, maar ook echt, in de mentaliteit.

Over mijn reactie op jouw voorbeeld van de Chipshol-affaire, plus het door de heren Poot verzamelde dossier inzake de beschuldigingen tegen Demmink, schrijf jij: “Het is voor welke rechtsstaat ook onmogelijk om met dergelijk ongefundeerd wantrouwen rekening te houden.”

Dat is onzin, om twee redenen. Ten eerste betitel jij dat wantrouwen bij voorbaat als “ongefundeerd”. In de Chipshol-affaire bleek het wantrouwen voldoende gefundeerd te zijn om inmiddels ten minste twee hooggeplaatste functionarissen tot aftreden te nopen. In de zaak-Demmink weten we het nog niet, maar is er wel alle aanleiding om te veronderstellen dat er “iets” aan de hand is. Er zijn vier serieuze aangiften tegen Demmink gedaan, die echter niet tot serieus en controleerbaar onderzoek hebben geleid.

Zo komen we bij de tweede reden waarom jouw bewering onzin is. Een rechtsstaat heeft wel degelijk een prima manier om met wantrouwen rekening te houden. Wantrouwen kan door de autoriteiten van een rechtsstaat namelijk worden aangegrepen om op een grondige en transparante manier onderzoek te verrichten, zodat voor iedereen duidelijk wordt òf het wantrouwen gerechtvaardigd was, of niet. Dat zulk onderzoek in de zaak-Demmink nog steeds niet is gedaan, is bijzonder vreemd. De enige reden die ik daarvoor kan bedenken, is dat de autoriteiten bang zijn voor de mogelijke uitkomst van zo’n onderzoek, en daarom weigeren eraan te beginnen.

Je noemt het door jouzelf aangedragen voorbeeld waarop ik reageer, opeens een voorbeeld “uit de oude doos”. Is die zaak dan al afgerond, soms? Nee dus. De doos, d.w.z. de vermoedelijke doofpot, is inderdaad al oud. Maar de kern van de zaak is daar nog steeds niet uit te voorschijn gekomen, en het is niet duidelijk of dat ooit zal gebeuren. Het is dus eerder een voorbeeld “IN de oude doos”.

Ik geloof je graag dat sommige PVV’ers de rol van klokkenluiders hebben vervuld – zowel op micro-niveau als op nationaal politiek niveau. Overigens hebben ook mensen uit andere partijen op diverse tijdstippen zo’n rol vervuld, of iets wat erop lijkt. Bijvoorbeeld bij de SP. Maar denk ook even aan Ab Klinck van het CDA, die tijdens de meest recente kabinetsformatie de moed had intern zijn nek half uit te steken (waarna die er toch helemaal werd afgehakt – een voor klokkenluiders bekend fenomeen).

Ik ben het volledig met je eens dat er klokkenluiders in soorten en maten zijn. Bovendien is niet iedereen die zich “klokkenluider” noemt, er één. Van de Expertgroep Klokkenluiders heb ik begrepen dat zij kritisch kijken naar diegenen die zichzelf als “klokkenluider” bij hen aanmelden. Is er wel sprake van een publiek belang waarvoor de melder opkomt? Heeft de melder zichzelf wel naar behoren gedragen in de zaak? Als klokkenluider vind ik het alleen maar goed wanneer er kritisch naar elke zaak en elke melder wordt gekeken.

Ten slotte verwijs je nog naar je eerdere uitspraak dat de Nederlandse overheid haar burgers niet of nauwelijks martelt, vermoordt of laat verdwijnen. Inderdaad een reden voor grote trots! Petje af. Toch even twee kanttekeningen.

(1) Nederland en Nederlanders zijn heel goed in het uitbesteden van het vuile werk, waar wij dan vervolgens niks van afweten. Dat begint bij Poolse aardbeienplukkers en gaat via het gifschip Otapan naar onze “politieke” (maar o nee, zeker niet militaire, althans: niet in de meest strikte zin militaire…) steun aan de Amerikaanse invasie in Irak, waarbij de Verenigde Naties, het internationale recht en de adviezen van eigen juristen door onze regering in het kielzog van G.W. Bush terzijde werden geschoven. Hypocrisie is één van onze grootste handelstroeven. We hoeven helemaal geen “kennisland” te zijn, zolang we maar “hypocrisieland” blijven. Wij zijn geen daders en geen medeplichtigen, maar verlenen alleen met volstrekt zuivere bedoelingen hand- en spandiensten, zonder te weten dat die door anderen worden misbruikt. Wij zijn niet corrupt, maar doen aan lelieblanke collusie – met elkaar en met andere landen.

(2)In Nederland hoef je niemand fysiek te martelen om hem kapot te krijgen. Nederlandse methodes zijn subtieler. Het basisbeginsel is uitsluiting, waardoor onwelgevallige mensen op het werk en op de arbeidsmarkt geen kansen meer krijgen en daardoor ook psychisch in de problemen komen. Geestelijke marteling is in Nederland aan de orde van de dag (overigens net als in andere landen waar een groot deel van de beroepsbevolking zich in nette kantoren ophoudt). Als dergelijke min of meer subtiele methoden niet helpen, gaat men in Nederland spijtig over tot iets ruwere methoden, bijvoorbeeld het vervalsen van medische rapporten om iemand gek te kunnen verklaren, zoals in de zaak-Spijkers. Uiteraard doet men dat niet met opzet, er is hooguit sprake van kleine misverstanden, communicatieproblemen… Spijkers is fysiek een wrak, als gevolg van jarenlange stress. Wonder boven wonder heeft hij zijn helderheid van geest (voor zover ik weet) nog niet verloren. Moeten we er trots op zijn dat Fred Spijkers niet fysiek gemarteld is? Is dat een teken dat Nederland een rechtsstaat is?

Ik denk dat het tijd wordt onze naïviteit over de manier waarop ons land functioneert, te laten varen. Het zijn niet alleen de politici, de bankiers, de graaiers en de allochtone probleemjongeren. We zijn het ook zelf – als daders en als wegkijkers. Wij zelf brengen de rechtsstaat om zeep.

Sander van der Linden

Als ik de bovenstaande reacties een beetje aandachtig lees komen er twee conclusies bij mij bovendrijven:
1. Populisme is het louter rechtse marketingsinstrument waarmee kiezers die onderbuikgevoels koesteren een stem wordt gegeven. Uiteraard zijn deze kiezers ook te dom om zelf te kunnen bepalen wat goed voor hun is, het zijn immers rechtse kiezers
2. De rechtsstaat is het privédomein van ‘those who are in the know”. Het bestaat niet dat die domme burgers (zie 1) daar überhaupt een mening over hebben, ‘Het debat’ verloedert immers zodra deze burgers de stem verheffen. Dat moeten we niet hebben. Dan ‘ontwricht’ de rechtsstaat.

Het dédain. Werkelijk. De rechtsstaat is een mooi instrument voor iedereen, zolang linkse mensen maar aan de knoppen mogen draaien, want die begrijpen tenminste waar het over gaat.

Sjongejonge.

Paul Kirchhoff

Folkert Jensma:
“Niet alleen mag je niet aan de rechtsstaat morrelen, je kùnt er niet eens aan morrelen. Althans, zolang we een vrij land zijn waarin het recht de hoofdrol speelt. De rechtsstaat is essentiële infrastructuur, het normatieve kader van de democratie. Wie daar aan komt, doet iets onbestaanbaars. ”

Folkert Jensma beschrijft de theorie.
Helaas is de praktijk anders in Nederland.
De meeste leden van de TK ontbreekt het aan enig inzicht in juridische zaken laat staan dat men zich daar met rechtsfilosofische kwesties inlaat.
Dat leidt bij het matige en voornamelijk politiek functionerende vangnet van de eerste kamer regelmatig tot wetsontwerpen waarin de rechtspositie van de burger wordt aangetast.

Veel van die schendingen zijn terug te voeren tot een inbreuk op de privacy van burgers.
Denk aan het scannen en ongecontroleerd voor langere tijd opslaan van kenteken gegevens.
Van een minister van justitie die geconfronteerd met dit onrechtmatige politie opteden opmerkt dat dan de wet maar moet worden aangepast is op dit gebied weinig positiefs te verwachten.

Inmiddels worden de voorschriften die betrekking hebben op de identificatieplicht op steeds grotere schaal geschonden.
Er zijn nu zelfs al particuliere beveiligers die menen dat ze het recht hebben te vragen dat een burger zich identificeert.
Beveiligers hebben geen enkele status en mogen alleen optreden wanneer er sprake is van heterdaad.
Hun bevoegdheid beperkt zich tot het ophouden van de betrokkene.
Dat komt overeen met de mogelijkheden die een burger heeft bij heterdaad.

arjan korevaar

Dr. Jaap, Meyer: de toegang tot de rechtspraak wordt niet primair door de hoge griffie rechten bemoeilijkt. als ik naar de tarieven van de advocatuur kijk, zit daar de primaire bottle-neck. Voor de rechter moet je je in de meeste gevallen laten bijstaan door een advocaat. wie zou dat verzonnen hebben? juist, de juristen zelf. als ingenieurs dat deden werd geen gaskachel geserviced en geen auto gerepareerd zonder supervisie van een ingenieur. Overigens, het gemiddelde tarief van een zeer ervaren ingenieur van een ingenieursbureau is beduidend lager dan het gemiddelde advocaten tarief. En de gratis rechtshulp, de toevoeging, ieder Marokkaans crimineeltje kent zijn rechten. Hij zegt niets zonder advocaat en wij maar betalen. Laat hem maar zelf of z’n pa opdraaien voor zijn acties. We maken van de rechtstaat geen loterij zonder nieten als het aan mij ligt. wat betreft het terugsturen van Antillianen: toen wij op de Antillen woonden (begin jaren ’60) werd je als “Nederlander” op eigen kosten van het eiland verwijderd als je met de politie in aanraking kwam. Verharding van de straffen zou tot meer recidive leiden. Singapore zal dit tegenstreven. Ik denk dat de recidive na het uitzitten van een gevangenisstraf voor een drugsdelict in Thailand erg laag is. En wat te denken van Noord-Korea? Maar dat is weer typisch iets wat Jan Modaal niet interesseert. Die streeft niet naar een vermindering van recidive maar vermindering van het aantal en de ernst van strafbare feiten. vermindering daarvan kan door langer straffen mede gerealiseerd worden. Indien een veelpleger immers effectief is opgesloten kan hij buiten de gevangenis geen strafbare feiten plegen. Maar er wordt in Nederland niet streng gestraft. En bijna iedereen is die Vaginale Marokkanen en Antillianen spuugzat en wil graag ook het uitkeringsinfuus er uit trekken. Kijk eens naar Opsporing verzocht. Als het aan je psychische gesteldheid ligt dat je met veel geweld bejaarden overvalt hoor je niet thuis in deze samenleving. Iedereen heeft het recht op bescherming door de overheid.

Michiel Jonker

@ Sander van der Linden

Ik kan je een eind volgen, maar je maakt één grote vergissing: je denkt dat de elite alleen “links” is. Dat is niet zo. De elite is zowel rechts als links. De afgelopen tientallen jaren heeft de elite Nederland onder andere bestuurd via politieke (regerings-)partijen: CDA, VVD, PvdA. D66 en GL mochten een beetje meesnuffelen aan de macht, als ze braaf waren. En dat waren ze natuurlijk.

Je hebt gelijk dat er geprobeerd wordt burgers dom te houden, en dat er dan vervolgens geprobeerd wordt om die “domme” burgers ervan te beschuldigen dat het aan hen ligt dat het debat “verloedert”. Maar hier ligt ook een stuk verantwoordelijkheid bij burgers zelf, omdat die (1) toestaan dat ze door de elite dom worden gehouden, en (2) gaan roepen dat allerlei kennis maar onzin is, in plaats van ervoor te zorgen dat ze zelf die kennis krijgen.

Als je respect voor echte kennis het raam uitgooit, dan krijg je achteruitgang op alle gebieden: democratie, recht, economie, sociale omgang met elkaar, etc. Dus de enige manier om ervoor te zorgen dat het debat niet “verloedert”, is om zelf respect te hebben voor kennis, ook als die kennis op dit moment vooral in bezit is van diegenen die hun best doen om jou dom te houden.

Trouwens, ze houden ook zichzelf dom, op een andere manier, maar dat willen ze van zichzelf niet weten.

R.E. Meyer

De Nederlandse rechtsstaat IS ernstig beschadigd op het moment dat democratische partijen VVD en CDA, zonder openbare en harde
voorwaarden zijn gaan samenwerken met de anti-democratische PVV. Er zou ten minste moeten zijn geeist dat dictatoriale plannen van de PVV zoals : apartheidskopvoddentax, knieschoten, invoeren van admninistratieve detentie, verbieden van hooddoeken, deportatie van miljoenen moslims, criminalisering ALLE Antillianen zonder bewijs, verkoop Antillianen en hun eilanden, openlijk werden ingeslikt door de PVV. Helaas is dit niet geschied en is de Nederlandse democratie/rechtsstaat ernstig beschadigd en in gevaar gebracht.
Welke democraat geeft de dictatoriale eenmansbeweging (eigenaar Geert Wilders) een schriftelijke “license to bash immigrants” (volgens de kabinetsovereenkomst met Wilders mag hij doorgaan met hetgeen hij tot nog toe heeft geroepen), terwijl deze beweging eerder plannen/bedreigingen heeft geproduceerd/opgeroepen tot knieschoten, verkoop Antillianen, deportatie miljoenen moslims, fascistische apartheidskopvoddentax etc.
NEDERLAND MOET ONTWAKEN !!

Rob Kragting

Bosma heeft via een ingezonden brief fel gereageerd op deze column.
Hier wordt daar ingegaan op de “argumenten” die hij gebruikt. Ontluisterend. http://stophetgevaarwilders.blogspot.com/

Michiel Jonker

@ 28. Rob Kragting

Bedankt voor de link. Inderdaad ontluisterend. Bosma’s reactie op Jensma valt samen te vatten als: eerst zelf keihard feiten ontkennen en dan degene die deze feiten benoemt, ervan beschuldigen dat hij liegt. Dit is inderdaad “mythomaan”. Ik wist dat het niet fijn was, maar had niet door dat het zo erg was.

Blijft mijn probleem: de gevestigde elite (ik gebruik deze term als samenvatting) liegt net zo erg, maar veel slimmer, en heeft meer middelen tot z’n beschikking om de waarheid te “moduleren” zonder op keiharde leugens betrapt te kunnen worden.

We zitten dus tussen twee vuren: regentesk bedrog en machtsmisbruik, en populistisch bedrog en machtsmisbruik. Het vervelende is dat, als je de PVV bekritiseert, de regenten dat meteen aangrijpen om te zeggen: “Zie je wel, ZIJ zijn gevaarlijk en WIJ zijn OK.” Terwijl ze zelf net zo gevaarlijk zijn, en op een meer verhulde manier even hard bezig met de afbraak van de democratische rechtsstaat.

ab h. bouvy

Gelooft men nu echt dat men het populisme kan bestrijden door steeds harder te roepen ‘respect voor de rechtsstaat’ zonder de kwaliteit van diezelfde rechtsstaat te controleren! Vroeger, voordat Nederland gebonden was aan allerlei internationale verdragen, was de wet-en regelgeving een soort ‘maatwerk’.Nu, met ‘Brussel’ als ons voornaamste wetgever, kunnen we spreken van ‘slechtzittende confectie’, waar steeds minder mensen zich in thuis voelen!
SP en PVV hoeven zich geen zorgen te maken, de kiezers komen toch wel!
Dat is namelijk de consequentie van het beleid waarbij men steeds meer bevoegdheden aan ‘Brussel’ wil overdragen. Om de ‘euro’ ter redden, en om het ‘populisme’ aan de macht te helpen!

Gerrit de Jonge

@23 Sander van de Linden,
Het is prijzenswaardig dat u de moeite heeft genomen zich een oordeel te vormen over de discussie als geheel; het zou mooi zijn als de moderator (Folkert Jensma?) dat tegen het eind van de discussies zou doen. Ik heb ook eens zitten tellen (t.m. reactie 30) en kwam tot iets andere conclusies dan u.

Een meerderheid van 53 % (2 4 7 8 10 11 13 15 18 21 22 24 25 26 29 30) verwoordde het standpunt dat er veel mis is met de rechtsstaat, zonder de PVV daar de schuld van te geven, en veelal werd duidelijk gemaakt dat er voor de era Wilders al veel mis was. Vier daarvan (2 8 10 13) meenden integendeel dat de slechte staat van de rechtsstaat de oorzaak is van het ontstaan van de PVV.

Zes reacties hielden zich vooral bezig met definitiekwesties (3 5 9 17 20 22). Drie reacties waren niet goed te klassificeren.

Opmerkelijk is dat slechts 13 % (14 16 19 27) zich uitdrukkelijk tegen de PVV keerde en slechts de helft daarvan (16 17) stelde dat de PVV de rechtsstaat bedreigt. In het licht van het veelgehoorde verwijt dat de PVV zich bezondigt aan ongenuanceerde kretologie is het heel opmerkelijk dat juist deze vier reacties met een gemiddelde lengte van slechts 11 regels zich beperkten tot ongenuanceerde kretologie (ik had geen zin de lengte van alle lappen tekst te tellen).

lyngbakken

@22 Michiel Jonker

Een belangrijk deel van de rechtsstaat is procedureel van aard. Zo is ¨the rule of law΅ een procedureel begrip. Dat geldt ook voor het beginsel dat partijen (waaronder ook de staat) zich hebben te houden aan rechterlijke uitspraken (behalve wanneer ze zich erin kunnen vinden om dat niet te doen, zoals bijv. gebeurt in die asielzaken waarin iemand alsnog een verblijfsvergunning wordt gegeven; dit naar aanleiding van bepaalde andere reacties op dit forum). Ook de taakverdeling binnen de trias politica is formeel van aard.
Die formele principes zijn geen formalismen zoals andere formele principes dat wel kunnen zijn, maar essentiële waarborgen voor de vrijheid en de grondrechten van burgers; andere pijlers van de rechtsstaat.

Bij deze punten gaat het om de traditionele kern van de rechtstaat. Daar wordt in Nederland zeker wel eens inbreuk op gemaakt, maar ik zie geen reden om te concluderen dat daarop structureel inbreuk wordt gemaakt, met uitzondering van één aspect. De scheiding tussen de uitvoerende macht en de wetgever is erg onder druk komen te staan en vervaagt steeds verder. Het lijkt er steeds meer op dat we niet drie centra van staatsmacht hebben, maar nog maar twee. De wetgever richt zich steeds meer naar de wensen van de (in omvang ook sterk gegroeide) uitvoerende macht. Kamerleden zijn steeds minder echte volksvertegenwoordigers, en steeds meer gekozen ambtenaren geworden. De burger komt daardoor steeds meer in de knel, en de rechter wordt steeds meer gedrongen in de rol van enige tegenmacht. Dat de spanningen tussen rechter en politiek toenemen wordt bijna dagelijks duidelijker door de politieke en bestuurlijke kritiek op rechterlijke uitspraken, niet alleen van Nederlandse rechters, maar ook van de rechters in Straatsburg en Luxemburg. En die spanning werd natuurlijk heel indringend en op vele manieren zichtbaar in het proces Wilders.

Ik vind daar de term van verrotting niet toepasselijk. Het gaat wel om maatschappelijke ontwikkelingen waarop antwoorden moeten worden gevonden.

Jij noemt een groot aantal maatschappelijke misstanden. Daarbij gaat het volgens mij allereerst om politieke problemen. Zij hebben ook een juridische dimensie, maar dat is nog iets anders dan dat zij een rechtsstatelijk probleem zijn. Dat schreef ik al. Als jij vindt dat het wel rechtsstatelijke problemen zijn, welke rechtsstatelijke principes zijn dan in het geding volgens jou? Zijn dat principes die ook Dorien Pessers c.q. Folkert Jensma noemt, of gaat het om andere?

Natuurlijk kan en moet een rechtsstaat onderzoek doen naar misstanden. In de gevallen van zelfreinigend vermogen die ik noemde is dat ook gebeurd. Ook naar de door jouw aangehaalde secretaris-generaal is onderzoek gedaan, maar dat heeft geen bewijzen opgeleverd. Dat bewijzen nodig zijn en dat iemand voor onschuldig wordt gehouden zijn voor mij ook kernwaarden van een rechtsstaat, die gelden voor iedereen.
Jij meent dat het onderzoek niet serieus en controleerbaar is geweest. Hoe weet jij dat het niet serieus is geweest? Het feit dat jij het niet kunt controleren, is niet genoeg voor een dergelijke conclusie. Houd je er verder wel rekening mee dat ook een secretaris-generaal grondrechten heeft (waaronder een recht op privacy)? Een onderzoek naar misstanden bij een persoon geeft de overheid niet zonder meer het recht alle concrete resultaten van dat onderzoek naar buiten te brengen, vooral als die resultaten onvoldoende zijn om daar acties richting die persoon op te baseren.
Voor alle duidelijkheid: aangiften zijn niet zo maar iets. Ze waren voldoende voor een vermoeden van een strafbaar feit, voor een wettelijke verdenking dus. Dat is niet niks, maar wel iets anders dan wettig en overtuigend bewijs.

Beschuldigingen zonder dat bewijs zijn voor mij niet onderbouwd of ongefundeerd, ook al leveren ze een verdenking op. Ik zou zelfs kunnen zeggen dat ze niet rechtsstatelijk zijn, omdat ze zich niet houden aan een grondprincipe van de rechtsstaat (de onschuldpresumptie), maar ik denk dat een dergelijk etiket noch voor een discussie noch voor een oplossing iets toevoegt. Het plakken is niet precies genoeg, en past wellicht ook niet bij de intenties van degenen die dergelijke beschuldigingen uiten. Het ontbreken van voldoende precisie leidt snel tot verwarring en tot een discussie tussen doven die allemaal denken dat ze gelijk hebben. Daar hebben wij onderling ervaring in.

Ik probeer jou niet te framen als iemand die vooral egoïstisch aan het eigen (groeps)belang denkt. Als ik schrijf over jouw rechtsstaat dan probeer ik erachter te komen wat de kernprincipes van de rechtsstaat volgens jou zijn. Het is mij namelijk niet duidelijk, en jouw voorbeelden maken het niet duidelijker maar juist onduidelijker.

Jij schrijft over geestelijke marteling van klokkenluiders, in het bijzonder Fred Spijkers. Ik vind het verschrikkelijk en schandalig wat er met die man is gebeurd, maar je vergelijking met marteling klopt niet. Het grootste verschil tussen zijn situatie en die van marteling is dat je bij marteling ook nog eens niet kunt vluchten.
Ook dergelijke onprecieze vergelijkingen helpen de discussie niet verder. Voor je het weet zitten we in een race als: wie heeft heeft het grootste leed ondervonden, het Duitse of het Indische kampslachtoffer. Van een dergelijke race is niemand anders de dupe dan de kampslachtoffers zelf, en dat is wel het laatste wat ik wil (en naar ik aanneem jij ook).

Ten slotte: met je opmerkingen over de internationale kant van Nederland als rechtsstaat kan ik niks. Wat je daar schrijft weet ik ook wel.
Maar je vergeet dat de Nederlandse staat binnen Nederland wel, maar erbuiten geen rechtsmacht heeft. Dat is bij een discussie over de rechtsstaat een zeer wezenlijk verschil.
Als je bedoelt te zeggen dat de Nederlandse staat hypocriet is door thuis te tamboeren op rechtsstaat en mensenrechten maar zich erbuiten weinig aan gelegen laat liggen, dan ben ik dat in grote lijnen met je eens. Sterker: ik vind dat die staat steeds hypocrieter wordt. Steeds meer worden voor het buitenland andere maatstaven aangelegd dan voor onszelf, onder de stuwende kracht van de PVV (maar helaas niet alleen van die partij).
Maar de vraag of de Nederlandse staat hypocriet is, is een andere dan of Nederland een rechtsstaat is.

Ook hier zou ik dus zeggen: wees precies, het onderwerp is er belangrijk genoeg voor.

ab h. bouvy

@Gerrit de Jonge
Het valt me toch een beetje tegen dat u mijn bijdrage (30) niet goed weet in te delen. Het is toch duidelijk dat, m.i. Wilders, de PVV en het populisme in het algemeen, niet de oorzaak, maar juist het gevolg zijn van de ‘aftakeling’ van de ‘rechtsstaat’. Het is alsof men een ziekte wil bestrijden zonder naar de oorzaak te kijken. Deze ‘logica’ wordt blijkbaar niet begrepen door lieden zoals Pessers en Jensma. Daar zou nu eens ‘onderzoek’ naar gedaan moeten worden! Voor mijzelf ben ik er al uit: zowel Jensma als Pessers behoren tot het ‘systeem’. Wilders niet, die werd, door het ‘wetenschappelijk’ rapport dat aan zijn proces ten grondslag lag, gekenschetst als ‘systeemhater’.

Michiel Jonker

@ 32. Lyngbakken

OK, puntsgewijs nog een reactie.

1. De “rule of law” is mijns inziens zeker niet uitsluitend een procedureel begrip. Er is in de loop der tijd veel gezegd en geschreven over de “rule of law”. Als eenvoudige leek kan ik alleen maar zeggen dat elk procedureel begrip zijn relevantie ontleent aan de materiële doelen waarmee de betreffende procedure in het leven is geroepen, en in de praktijk wordt toegepast. Als een procedure of een procedureel beginsel veelvuldig wordt misbruikt, heeft dat invloed op de betekenis ervan.

2. Je schrijft: “De scheiding tussen de uitvoerende macht en de wetgever is erg onder druk komen te staan en vervaagt steeds verder. Het lijkt er steeds meer op dat we niet drie centra van staatsmacht hebben, maar nog maar twee. De wetgever richt zich steeds meer naar de wensen van de (in omvang ook sterk gegroeide) uitvoerende macht. Kamerleden zijn steeds minder echte volksvertegenwoordigers, en steeds meer gekozen ambtenaren geworden. De burger komt daardoor steeds meer in de knel, en de rechter wordt steeds meer gedrongen in de rol van enige tegenmacht. Dat de spanningen tussen rechter en politiek toenemen wordt bijna dagelijks duidelijker door de politieke en bestuurlijke kritiek op rechterlijke uitspraken, niet alleen van Nederlandse rechters, maar ook van de rechters in Straatsburg en Luxemburg. En die spanning werd natuurlijk heel indringend en op vele manieren zichtbaar in het proces Wilders.”

Inderdaad. Maar datzelfde Wilders-proces laat zien dat rechters, als gevolg van zo’n spanning, soms door de knieën gaan, waardoor zelfs die laatste tegenmacht verdwijnt. Door de vrijspraak van Wilders te baseren op het “politieke klimaat” waarin hij zijn uitspraken deed, gaven de rechters hun onafhankelijkheid op en zeiden eigenlijk dat Wilders als bekend politicus boven de wet staat. Immers, Wilders had, juist met zijn uitspraken, zelf in belangrijke mate bijgedragen aan het ontstaan van dat politieke klimaat. De rechters zeiden eigenlijk: “Als jij als politicus maar vaak genoeg beledigt en daarin genoeg volgelingen hebt, dan voegen wij als rechtsprekende macht ons naar jouw wens om dat te mogen doen. Dan is jouw wil voor ons wet.”

Dit is dus een voorbeeld waarin ook de laatste tegenmacht versmelt met de politieke, executief-wetgevende macht, waardoor de Trias Politica wordt gereduceerd tot een enkelvoudig regentendom waarin politici die weinig respect tonen voor de rechtsstaat, worden gecoöpteerd.

Ik kon daardoor enigszins sympathiseren met de nauw verhulde hoon in Wilders’ reactie op deze laffe rechterlijke uitspraak. Het deed me denken aan de terechte minachting van legerleider Mladic (thans verdacht van oorlogsmisdaden) voor de slappe houding van overste Karremans in Srebrenica. (Even uit mijn hoofd: Karremans: “I’m only the pianoplayer. Don’t shoot the pianoplayer.” Mladic: “You’re a lousy pianoplayer.”) Verschil was wel, dat Karremans zich in een veel bedreigender situatie bevond dan de rechters in het proces-Wilders.

Wie weet wordt Wilders over twintig jaar wel vice-voorzitter van de Raad van State, als hij, na zijn machtsbasis tussen andere regenten te hebben geconsolideerd, het spel handig speelt, en bereid is om wat bij te scholen à la KT zu Guttenberg. Absurd? Wat er op dit moment in Nederland gaande is, hadden de meesten van ons vijftien jaar geleden ook absurd gevonden.

3. Op dit moment is het bestel mijns inziens tot in de kern verrot omdat kernprocessen van de democratische rechtsstaat niet goed functioneren, op twee manieren: (1) De onafhankelijke geest van rechters raakt steeds verder ondermijnd; ze lopen steeds meer aan de leiband van politieke en economische doelstellingen. (2) Dit verlies aan geestelijke onafhankelijkheid rukt steeds verder op naar instituties die tot de kern van onze rechtsstaat behoren (bijvoorbeeld de Raad van State). Ik kan dit niet in zijn algemeenheid hard-wetenschappelijk onderbouwen, daarvoor ontbreekt me de kennis. Ik baseer me op de fragmenten van kennis die ik als leek verzamel – uit het nieuws en uit mijn eigen ervaringen. Noem het een steekproef.

Enkele rechtsstatelijke principes die in het geding zijn, zijn volgens mij de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht, het respect voor feiten bij de rechtspleging, het doen van voldoende grondig onderzoek alvorens tot oordelen te komen, het luisteren naar argumenten van (met name ook zwakkere) partijen, het zorgvuldig analyseren van die argumenten en het transparant motiveren van rechterlijke uitspraken.

Deze principes zijn volgens mij niet in het geding omdat ze niet meer zouden worden aangehangen. Dat worden ze wel, althans verbaal. Het probleem is dat ze onvoldoende in praktijk worden gebracht.

4. Ik zal niet dieper ingaan op het voorbeeld van de beschuldigingen aan het adres van de secretaris-generaal. De tijd zal het misschien leren. Maar naar aanleiding van jouw opmerking dat er in die casus onderzoek is gedaan, wil ik het volgende zeggen. De resultaten van “(onafhankelijk) onderzoek” worden in Nederland bijzonder vaak bepaald door de opdrachtgever, vooral als dit een politieke of ambtelijke opdrachtgever is. “Onderzoekers” anticiperen vaak op de wens van hun opdrachtgever dat bepaalde onderdelen juist niet (of niet diepgaand) moeten worden onderzocht. Onwelgevallige bevindingen worden vaak zodanig weggemasseerd dat ze in het uiteindelijke rapport niet meer te herkennen vallen.

Als het gaat om het onderzoek naar misstanden, worden argumenten van “staatsveiligheid”, “privacy”, “concurrentiegevoelige informatie” en dergelijke bijzonder vaak oneigenlijk gebruikt om buitenstaanders geen inzicht te geven in cruciale bevindingen, en om het bekendworden van bepaalde informatie te vertragen totdat er een “mosterd-na-de-maaltijd-effect” optreedt, ten nadele van de positie van diegenen die de waarheid boven tafel willen krijgen. Allerlei trucs worden uit de kast gehaald. Het is een illusie om te denken dat het spel eerlijk wordt gespeeld door overheden of overheidsfunctionarissen die iets te verbergen hebben.

Hoe het spel in de praktijk wordt gespeeld, heb ik een klein beetje mogen meemaken in de bescheiden casus waar ik zelf als klokkenluider bij betrokken was. Inmiddels heb ik genoeg over andere casussen gehoord om te weten dat zich steevast dezelfde gedragspatronen voordoen. In mijn eigen casus werd het feit dat er, in een zeer gebrekkig en selectief onderzoek, geen bewijs van kwaad opzet was gevonden, aangegrepen om te zeggen dat er, juist omdat er geen bewijs was, geen reden was om te twijfelen aan de integriteit van betrokkenen, en dus ook geen reden voor een beter onderzoek. Simsalabim!

Juist daarom is het zo belangrijk dat onderzoek wordt uitgevoerd door een werkelijk onafhankelijke partij, en dat het controleerbaar is voor werkelijk een onafhankelijke partij.

4. Je zegt dat het verschil tussen “geestelijke marteling” en datgene wat klokkenluiders meemaken, is dat wie gemarteld wordt, niet kan vluchten. Dat klopt niet, om twee redenen. (a) Wie gemarteld wordt, kan wel degelijk vluchten. Soms kan dat door je over te geven en een valse bekentenis te doen. Of door je te identificeren met degenen die je martelen (Stockholm-syndroom). Of door zelfmoord te plegen. Als al het andere niet lukt, kun je vluchten door gek te worden. Natuurlijk, voor elke vlucht betaal je een prijs. Je laat iets achter. Misschien laat je alles achter.

(b) Als klokkenluider kom je in een trechter terecht. Dat merk je pas als je er al in zit. Je hebt een persoonlijk risico genomen om een bepaalde zaak aan het licht te brengen. Telkens merk je dat je nog niet genoeg risico hebt genomen. Telkens neem je nog één klein beetje extra risico, omdat anders al je moeite, je pijn en je offers voor niets zijn geweest. De inzet wordt steeds hoger, en daardoor wordt het steeds moeilijker je uit het proces terug te trekken zonder totaal in te storten. Ondertussen zie je dat diegenen die de zaak in de doofpot willen stoppen, nauwelijks problemen ondervinden en er rustig naartoe werken om je uit te rangeren of te breken.

Vrienden raden je, met de beste bedoelingen, aan om eruit te stappen, om te vluchten. Ze geven daarvoor voortreffelijke argumenten: “Denk aan jezelf. Wat is het nou allemaal waard? Laat ze toch in hun sop gaarkoken.” Je begrijpt al die argumenten. Zelf weet je dat je één keer kunt vluchten, maar dat je, als je dat doet, nooit meer terug kunt komen. Je hebt dan de doofpotters hun zin gegeven en je moet dat op de één of andere manier met je eigen geweten zien te verenigen. Je moet je zelfrespect, dat steeds meer verweven is geraakt met je rol als klokkenluider, terug zien te vinden in het zwarte gat van je nederlaag. En je hebt de doofpotters laten zien dat ze je klein kunnen krijgen. Het is dan wachten totdat zij hun rekening met jou gaan vereffenen.

Hoewel een klokkenluider dus kan vluchten, kan hij zich niet onttrekken aan de uiterst pijnlijke wetmatigheden van het proces waarin hij terecht is gekomen. Dat is de overeenkomst met mensen die gemarteld worden. Het onderscheid tussen fysieke en geestelijke marteling is reëel, maar niet absoluut. Langdurige geestelijke marteling laat fysieke sporen na, net zoals fysieke marteling geestelijke sporen nalaat. In beide gevallen is het gezegde “Als je het overleeft, word je er sterker van”, lang niet altijd van toepassing. Helaas niet.

Voor de goede orde, ik schrijf dit niet om een race in slachtofferschap te beginnen. Het gaat me om een goed begrip van wat er aan de hand is. Er zijn veel mensen die ernstig lijden, daarvoor is het niet nodig gemarteld te worden of klokkenluider te zijn.

5. Ik denk dat een rechtsstaat slechts een beperkte mate van hypocrisie verdraagt. Bij een te grote hypocrisie, met name in de rechtspraak, verdwijnt de rechtsbescherming van zwakkeren en de gelijkheid van burgers voor de wet.

6. Ten slotte moet me nog van het hart dat jij als uitgangspunt lijkt te hanteren dat onze rechtsstaat niet verrot is, tenzij het tegendeel wordt bewezen. Ik probeer een ander, meer neutraal uitgangspunt te hanteren: goed om me heen kijken en op basis daarvan beoordelen of er sprake is van gezondheid of verrotting. De roze bril bewaar ik liever voor af en toe, op een feestje.

Marius van Huygen

“Een belangrijk deel van de rechtsstaat is procedureel van aard.”

Het gaat hierbij om de staats bureaucratie die de rechtsstaat in de praktijk moet uitvoeren en vorm moet geven.
Deze staats bureaucratie werkt als een (machine)bureaucratie hetgeen moet betekenen dat de alle burgers zowel subject als object zijn van de staatsbemoeienis.
De uitvoerders van deze staats bureaucratie zijn de ambtenaren die zich gelegitimeerd weten door wetgeving.
M.a.w. zij moeten handelen volgens en naar de letter van de wet van de rechtsstaat.
In de praktijk fungeren de overheids apparaten met hun ambtenaren relatief autonoom. Zij hanteren hierbij de mores van hun eigen ‘bedrijfscultuur’. Bij deze cultuur hoort dat de overheid in feite geen fouten kan of mag maken.
Uit het principe van de rechtsstaat volgt in ieder geval theoretisch dat de overheid niet kan falen aangezien zij zelf de verpersoonlijking van objectief juiste en feitelijk onweerlegbare rechtsregels is…
In de praktijk blijkt voor de burger die een conflict heeft met de overheid, of voor een klokkenluider die misstanden begaan door de overheid aan de kaak stelt het bijzonder moeilijk te zijn deze overheid van bestuurlijk falen te beschuldigen en verantwoordelijk te stellen.
De rechtsstaat is in feite een juridisch,bestuurlijk en democratisch paradox aangezien haar waarheids aanspraken op de juiste uitvoering van wetten en de behandeling van de burger daarbij slechts theoretisch maar niet in de praktijk waar te maken zijn.
Het begrip ‘rechtsstaat’ dient dan ook dynamisch opgevat te worden. In de praktijk van de rechtsstaat gaat het in feite om de strijd tussen degenen die rechtsstaat uitmaken (rule of law) en degenen die daar rechtens aanspraak op willen maken.

Ed van Steijn (18) ziet het juist door het volgende te stellen:

“Jensma: ‘De rechtsstaat is essentiële infrastructuur…. Wie daar aan komt doet iets onbestaanbaars.’ De vraag is: wie komt daar (feitelijk) aan; wie ondermijnt die?

Gerrit de Jonge

@33 ab h. bouvy,
Uw terechtwijzing is terecht; ik had uw bijdrage beter moeten lezen. Ik zal me nog eens beraden over de vraag of ik er verstandig aan doe om ‘s nachts, na café bezoek dit soort telwerk te doen.
Vriendelijke groet, Gerrit de Jonge

lyngbakken

@ 34 Michiel Jonker,

Ook nog 1 keer dan.

Volgens mij is de rule of law wel procedureel, maar is de rechtsstaat meer dan dat. Daar komen wel en zelfs onvermijdelijk inhoudelijke normen om de hoek. Dat heb ik ook al geschreven op dit forum.

Jij hanteert ook een andere definitie van de rechtsstaat dan ik of dan Dorien Pessers. Onafhankelijkheid van de rechter betekent in mijn definitie eerst en vooral de onafhankelijkheid ten opzichte van de andere staatsmachten.
Dat is iets anders dan jouw eis van onafhankelijkheid van geest.

Montesquieu eiste ook onafhankelijke rechters, maar zag hen vooral als bouche de la loi. Zij dienden hun oordelen te baseren op de wet, en niks anders. Van rechters die slaafs de wil van de dictator volgen in een totalitair systeem moest hij niets hebben. Maar van rechters die zelf uitmaakten wat recht was evenmin.

De tijd van de rechter die alleen bouche de la loi is, is wel voorbij. Rechters dienen nu ook de grondrechten van de burgers te bewaken. Maar voor de rest kunnen zij niet hun eigen normen in de plaats stellen van de wet. Dat is maar goed ook wat mij betreft, want rechters hebben geen andere/betere legitimatie dan die wet. We hebben ook weinig aan een rechtersstaat in plaats van een rechtsstaat.

Jij voegt het bijvoegelijk naamwoord ¨democratisch¨ toe aan rechtstaat. Ik vraag mij af of of jouw probleem niet in de poot rechtsstaat, maar vooral in de poot democratie zit.
Democratie gaat uit van een gelijkheid van allen bij het nemen van beslissingen. Een rechter die voor anderen beslissingen neemt past daar in de kern niet bij. Jouw conclusie dat de rechtsstaat in de kern verrot is, is zo bezien begrijpelijk.

Ik zie dat anders en ga uit van een representatieve democratie, waarin sommigen een grotere rol hebben dan anderen (de kiezers). Daarbij kun je denken aan democratische gekozenen, maar ook aan rechters.
Dat is niet een directe democratie, maar een representatieve, of als je wilt een meritocratische democratie.

Met bijv. de Tilburgse hoogleraar Paul Frissen meen ik dat dat niets bijzonders is, omdat elites in elke politieke orde even onvermijdelijk als noodzakelijk zijn; ook dus in een democratie.

Ook die elites staan in een democratie uiteindelijk onder controle van het volk. Dat is een groot verschil met niet-democratische staatsvormen. Dat verschil is mij veel waard. Ik kies voor een rechtsstaat waarin recht wordt gesproken op basis van een democratisch controleer- en veranderbare wet.

Met al hun gebreken heb ik dan toch het liefst rechters die zijn te beschouwen als de beheerders van de grondrechten en van de wet; de door de democratisch gekozenen vertaalde wil van de gekozenen. Bescheiden, degelijke rechters dus.

Ik meen verder dat concrete ervaringen van verloren rechtszaken in principe los staan van het functioneren van rechtsstaat. Elke rechtszaak heeft ten minste een verliezer. Dat die kritiek heeft is begrijpelijk, maar heeft waarschijnlijk meer met zijn concrete ervaring van doen dan met het functioneren van de rechtsstaat in het algemeen. Pas als die kritiek vaker voorkomt; ook wordt geuit door anderen en daaruit een breed patroon valt af te leiden, is het moment daar om het functioneren van de rechtsstaat erbij te betrekken.
Mijn verwachtingen van en eisen aan de rechtsstaat zullen daarbij wel bescheidener zijn dan de jouwe, waardoor ik de rechtsstaat minder snel in het gedrang zal zien komen.
Met een roze bril heeft dat niets van doen.

Michiel Jonker

@ 37. Lyngbakken

Och, ik ben best bereid om, als toegift, nog even in te gaan op je laatste reactie. Ik ben immers de kwaadste niet. Hier nog enkele misverstanden die ik graag de wereld uit wil helpen:

Lyngbakken: “Jij hanteert ook een andere definitie van de rechtsstaat dan ik of dan Dorien Pessers. Onafhankelijkheid van de rechter betekent in mijn definitie eerst en vooral de onafhankelijkheid ten opzichte van de andere staatsmachten.
Dat is iets anders dan jouw eis van onafhankelijkheid van geest.”

Commentaar: Wat ik bedoel, is dat de geestelijke onafhankelijkheid van rechters een voorwaarde is om onafhankelijk van de andere staatsmachten te kunnen blijven. Plat gezegd: je kunt een hond wel een papieren hoed opzetten met daarop in grote zwarte letters de tekst “Eigen Baas”, maar dan blijft hij toch braaf zijn echte baasje volgen. Dat zie je rechters ook doen in elke dictatuur die ouder is dan een paar maanden maar nog niet in staat van ontbinding verkeert.

Lyngbakken: “De tijd van de rechter die alleen bouche de la loi is, is wel voorbij. Rechters dienen nu ook de grondrechten van de burgers te bewaken. Maar voor de rest kunnen zij niet hun eigen normen in de plaats stellen van de wet.”

Commentaar: Pardon? Onze grondrechten zijn vastgelegd in wetten en internationale verdragen. Die verschaffen rechters de basis om deze grondrechten te bewaken. Dat zuigen ze echt niet uit hun eigen duim.

Lyngbakken: “Jij voegt het bijvoegelijk naamwoord ¨democratisch¨ toe aan rechtstaat. Ik vraag mij af of jouw probleem niet in de poot rechtsstaat, maar vooral in de poot democratie zit.
Democratie gaat uit van een gelijkheid van allen bij het nemen van beslissingen. Een rechter die voor anderen beslissingen neemt past daar in de kern niet bij. Jouw conclusie dat de rechtsstaat in de kern verrot is, is zo bezien begrijpelijk.”

Commentaar: Dit is een verkapt ad-hominem-argument. “Democratische rechtsstaat” is een zeer gangbare term, waarin tot uiting komt dat democratie en rechtsstaat in de praktijk niet zonder elkaar kunnen. Zonder controle van het volk corrumpeert elke rechtsstaat.

Lyngbakken: “Met bijv. de Tilburgse hoogleraar Paul Frissen meen ik dat [elitevorming in een representatieve democratie] niets bijzonders is, omdat elites in elke politieke orde even onvermijdelijk als noodzakelijk zijn; ook dus in een democratie.”

Commentaar: Jij vindt ook mij daarin aan je zijde. Maar de elite moet wel bij de les worden gehouden – door volkse types zoals jij, ik en desnoods Geert Wilders. Een elite die haar eigen belangen in de praktijk loskoppelt van die van het volk, ontaardt en verandert in een soort adel of kaste.

Lyngbakken: “Ook die elites staan in een democratie uiteindelijk onder controle van het volk. Dat is een groot verschil met niet-democratische staatsvormen. Dat verschil is mij veel waard.”

Commentaar: Dat is precies de vraag, of onze elite eigenlijk wel onder controle staat van het volk. Ik heb de indruk dat onze elite bezig is met pogingen zich verregaand aan die controle te onttrekken.

Lyngbakken: “Ik meen verder dat concrete ervaringen van verloren rechtszaken in principe los staan van het functioneren van rechtsstaat. Elke rechtszaak heeft ten minste een verliezer. Dat die kritiek heeft is begrijpelijk, maar heeft waarschijnlijk meer met zijn concrete ervaring van doen dan met het functioneren van de rechtsstaat in het algemeen. Pas als die kritiek vaker voorkomt; ook wordt geuit door anderen en daaruit een breed patroon valt af te leiden, is het moment daar om het functioneren van de rechtsstaat erbij te betrekken.”

Commentaar: Het lijkt of je bedoelt dat wie rechtszaken verloren heeft, ook niet meer serieus hoeft te worden genomen als hij de rechtspraak bekritiseert. Zou dat even makkelijk zijn! Los daarvan, lijkt het me dat er inmiddels voldoende mensen kritiek op de rechtspraak uiten om daaruit een breed patroon af te kunnen leiden. Jammer genoeg wordt dat nog niet serieus genoeg opgepakt door de rechterlijke en de wetgevende macht. Alleen de PVV is bezig de discussie open te breken, met rauwe middelen.

Ik vind het erg jammer dat zulke rauwe middelen daarvoor nodig zijn. Tegelijk is dat een teken hoe in zichzelf gekeerd de gevestigde elite is. Beleefd aanbellen heeft geen enkel effect. De PVV zet bot een vieze voet tussen de deur en scheurt ook nog even wat behang van de muur in de vestibule. Dan denk ik: “Beste elite, je had dit kunnen voorkomen door al veel eerder open te staan voor beleefde signalen.”

Lyngbakken: “Met een roze bril heeft dat niets van doen.”

Commentaar: Hm. Dit doet me denken aan: “Als ze geen brood hebben, dan kunnen ze toch taart eten!” (vrij naar een apocriefe uitspraak van koningin Marie-Antoinette, getuigend van een optimistische kijk op de levensomstandigheden en de gemoedstoestand van het Franse volk, en op de legitimiteit van haar eigen positie… Of had ze misschien een gebrek aan voorstellingsvermogen?)

ab h. bouvy

Artikel 118 van de Grondwet regelt de benoeming van leden der Hoge Raad;
‘De leden van de Hoge Raad worden bij koninklijk besluit benoemd, nadat de Tweede Kamer drie personen heeft voorgedragen.’
Dat is toch heel simpel, waarom al die opwinding?
Omdat men zich jarenlang niet aan dit Grondswetartikel gelegen heeft laten liggen en het er op neer kwam dat de Hoge Raad haar eigen leden benoemde omdat zij, de Hoge Raad, het kandidatenlijstje samenstelde en dus niet de Tweede Kamer en er een stilzwijgende afspraak was dat degene die boven aan de lijst stond, benoemd zou worden. En dat de PVV niet aan dit soort ‘handjeklap’ meedoet, is, democratisch gezien, alleen maar te prijzen!

Ed Rook

In de boekbespreking van Jensma over het boek “De rechtsstaat voor beginners” van Dorien Pessers schrijft Jensma dat Dorien die dummies naast de principes van de rechtsstaat ook uitlegt dat het populisme een gevaar kan zijn voor de rechtsstaat.
En verderop citeert hij: “De democratie kan best wel wat retorisch geweld verdragen maar de rechtsstaat niet, meent zij”.
“Zij” is hier dus Dorien.

Deze zin doet vermoeden dat de democratie overeind blijft staan terwijl de rechtsstaat door al het geweld het loodje heeft gelegd.
Maar Dorien kan je die scheiding wel maken tussen democratie en rechtsstaat?

Augustinus (354-430) geeft ons reeds met de kennis van toen de volgende waarschuwing: ‘Remota iustitia, quid sunt regna nisi magna latrocinia?’ (als de gerechtigheid verdwijnt,wat zijn staten dan anders dan roversbenden in het groot?).

Met de kennis van nu zouden we zeggen: graaiersbenden in het groot van links tot rechts! De rechtsstaat (met onafhankelijke rechters) wankelt nu al zonder populisme.