De monoculturele illusie, volgens Hirsch Ballin
Wat is er in oud-minister Hirsch Ballin gevaren? Op het fameuze CDA-congres over het gedoogakkoord met de PVV („Doe dit ons land niet aan”) ging hij in politieke zin over de Rubicon. Als nieuw hoogleraar mensenrechten in Amsterdam deed hij vorige week een volgende stap. Hij verdedigde in zijn oratie een geheel andere koers dan hij als minister in de Kamer ooit behartigde. De vonken spatten er vanaf: een helder pleidooi voor een open en tolerante houding jegens immigratie. Hij citeerde ruim uit zijn familiegeschiedenis waarin heel wat is verhuisd, over grenzen en talen heen.
Het staatsburgerschap is een mensenrecht voor migranten die goed zijn geïntegreerd
Met zijn eigen multiculturele achtergrond als decor stelde hij feitelijk de grondslagen van het vreemdelingenbeleid ter discussie. Hij hekelde het kabinetsbeleid, dat ten onrechte andere culturen achterstelt, succesvolle immigratie en integratie tegenwerkt en het Nederlanderschap bevoordeelt boven andere identiteiten. Hij bekritiseerde het door kanselier Merkel en anderen voor ‘mislukt’ verklaren van de multiculturele samenleving als gemakzuchtig. Alsof een monoculturele samenleving wel mogelijk én wenselijk zou zijn.
Tegenover het ‘multiculturele drama’ van Scheffer plaatst Hirsch Ballin de valse illusie van de monoculturele staat. De dominantie van dat idee is volgens hem het echte drama. Een Nederland met één ‘Leitkultur’ is volgens hem uitgesloten „zolang Nederland een democratische rechtsstaat is”. Het toekennen van burgerrechten aan migranten versterkt de democratie – migratie, is noodzakelijk en „over het geheel genomen gunstig”.
Zoveel bijval hebben wij, politiek correcte liberale kosmopolieten, die van Bolkestein de eigen cultuur superieur moeten vinden, al in jaren niet gehad. Zijn rede kwam neer op een herwaardering van het staatsburgerschap dat weer een toegankelijk recht moet worden. Vreemdelingen die volledig deel uitmaken van de samenleving, maar nog geen formele verblijfstitel hebben, hebben wat hem betreft een mensenrecht op de nationaliteit van het land waar ze deel van zijn gaan uitmaken. Ook feitelijk ingeburgerde vreemdelingen mogen niet van burgerrechten verstoken blijven, zegt Hirsch Ballin. En hij plaatst alles bovendien in cultureel, economisch en een persoonlijk perspectief, waardoor zijn oratie de juristerij ontstijgt. Immigranten leveren aan de samenleving waar ze hun tweede identiteit aan ontlenen vaak een grote bijdrage.
Daarmee snijdt hij één van de grote schandalen van de rechtsstaat aan. De eeuwig wachtende migrant die ingeburgerd raakt maar juridisch in quarantaine blijft en daardoor maatschappelijk niet kan slagen. Meestal komen zij in de publiciteit door hun kinderen. Denk aan de vrolijke scholiere Sahar Hbrahimgel uit St. Annaparochie, die na tien jaar Nederlands verblijf in maart met haar familie naar Afghanistan dreigde te worden uitgezet. Zij werd ten slotte van de boerka gered door een snelle publicitaire interventie en een bereidwillige minister Leers. Maar veel scheelde het niet. Intussen is het wachten op de publicitaire doorbraak van het volgende schrijnende geval. Nederland, immigratieland tegen wil en dank, bewaakt het staatsburgerschap alsof het geld kost in plaats van opbrengt.
Hirsch Ballin, minister in Lubbers III, Balkenende III en IV gebruikt de noten in zijn oratie om nog wat praktische politiek te bedrijven. Waar gaat dit kabinet over zijn nieuwe schreef? Om te beginnen in zijn monoculturele opvatting van integratie. Alsof een nationale Leitkultur meerwaarde heeft boven een meervoudige cultuur. Nationale identiteit opvatten als een middel tot afgrenzing, een eigenschap om anderen uit te sluiten en tot vijand te maken vindt hij gevaarlijk. En dat „behoren we te beseffen”. Het aanmoedigen van die monoculturele samenleving voedt slechts spanningen en frustraties. Terwijl migranten staatsburger laten worden hun band met de democratische rechtsstaat juist erkent, versterkt, integratie bevordert en succes vergemakkelijkt.
Migratie is in de 21ste eeuw een wijdverbreid verschijnsel, dat allang niet meer een definitief vertrek van huis en haard inhoudt. Velen houden banden met het land van herkomst. Om dan burgerrechten „af te knijpen” is „zowel verkeerd als zinloos”. Kabinetsbeleid dat dubbele nationaliteiten tegengaat, trouwen over de grens bemoeilijkt, meertaligheid als probleem definieert en eenmaal verworven Nederlanderschap zelfs wil kunnen afpakken, vindt bij Hirsch Ballin absoluut geen genade. Het is contraproductief, gaat in tegen de sociale realiteit en heeft averechtse gevolgen.
Het is toch op zijn minst jammer dat de nieuwe hoogleraar de politiek heeft verlaten. Maar voor een bekering is het nooit te laat.
Bekijk hier de interventie van Hirsch Ballin op het CDA congres in oktober vorig jaar.
[youtube]http://www.youtube.com/watch?v=3bN-EFM86BY[/youtube]
Reageren? Nuanceren en argumenteren verplicht. Volledige naamsvermelding.
