Belangrijk: Voor het goed functioneren van nrc.nl maken wij gebruik van cookies (meer informatie).
Hiervoor hebben wij wel eerst je toestemming nodig. Klik op de groene knop als je hiermee akkoord gaat.

Kritiek onder rechters is ongewenst

Wie leest het weblog van de Amsterdamse boekhandel Athenaeum? Ik niet. Maar dat moet dus anders, want een recensie die rechter Peter Kop daar schreef kostte hem zo maar een herbenoeming bij het Gerechtshof Amsterdam.

Hoe een oud-lid van de Hoge Raad alsnog ongeschikt wordt bevonden als invaller

Kop had namelijk het recht van van collega Tom Schalken om kritiek op de rechters in de Wilders zaak te hebben, verdedigd. Weliswaar maar in twee zinnetjes. Maar daarin had president Leendert Verheij voldoende kritiek op de rechtspraak gelezen om Kop weer van zijn lijst raadsherenplaatsvervangers af te voeren. Verheij vindt namelijk dat rechters die elkaar kritiseren de rechtspraak schaden.

„Gelukkig liet Schalken zich niet inperken”, had Kop in zijn stukje geschreven. Helemaal mis dus. Hij vindt dat Schalken wel grond voor bitterheid heeft en ruimte moet hebben om dat te vertellen. Waarop Verheij van Kop eiste dat nooit meer te herhalen. Op schrift graag. Die vertikte dat natuurlijk. Alsof Kop nooit eerder fungeerde binnen de beperkingen van het rechtersambt.

Wat is hier aan de hand? Gaat dit alleen over lange tenen, gekwetste ego’s en de behoefte een punt te maken? Of steekt het dieper? En gaat dit over de vrijheid van meningsuiting, de behoefte van rechters om naar elkaar te luisteren en dus over het lerende vermogen van de rechterlijke organisatie. Dan gaat het namelijk ook over veranderingsgezindheid en contact tussen rechtspraak en samenleving. Daarmee is het dan niet best gesteld. De weigering om Kop (weer) toe te laten tot het Hof Amsterdam is een symbolische beslissing, die ook zo bedoeld is. En dat is vrij ernstig.

Rechtshistoricus Peter Kop (64) is een gepensioneerd lid van de Hoge Raad en oud fulltime raadsheer van het Amsterdamse Hof. Hij werkte zo’n 26 jaar als rechter. Een herbenoeming als deeltijdraadsheer/invaller bij ‘zijn’ Hof Amsterdam is dan een hamerstuk. Wat nu gebeurt is behalve een geweigerde benoeming, ook een sanctie. Een vertrouwensbreuk, die de woordvoerder van het Hof desgevraagd onderbouwt met een verwijzing naar een wetsbepaling. Daarin wordt rechter- plaatsvervangers verboden „gedachten of gevoelens te openbaren” waardoor naar het oordeel van de president „het goede functioneren van de rechterlijke macht niet in redelijkheid zou zijn verzekerd”. Kop wordt nu dus officieel gezien als een los kanon op het dek. Jaren in de Hoge Raad gezeten, maar ‘niet in redelijkheid’ in staat om goed te functioneren als invalrechter, wegens te grote mond.

De pijn zit in de Wilderszaak, die deels over het Hof zelf ging. Raadsheer Schalken was de zwakke plek, omdat hij ruim anderhalf jaar ná de beslissing Wilders toch te laten vervolgen, de fout maakte om bij een dinertje te discussiëren met een aanstaande getuige-deskundige. Dat gaf de verdediging de kans om de rechtspraak verdacht te maken, met veel mediasucces. Het vervolg is bekend. Wilders werd vrijgesproken. Schalken had volgens de rechtbank geen enkele formele regel overtreden, maar toch onverstandig gehandeld. Vooral omdat hij te veel ruimte voor misverstanden had gelaten, die Wilders met kracht het Hof wist aan te wrijven. Deeltijdrechter Schalken had geen antenne voor een politiek mediaproces.

Daarop nam Schalken ontslag en luchtte in de krant en in een boek zijn gemoed, nu als ex-rechter. Hij voelde zich enerzijds gebruikt als boksbal maar ook weer bevestigd door het vonnis. Hij had géén regels geschonden, geen getuigen beïnvloed, maar alleen een ‘schijn’ van inmenging gewekt. Alleen wordt die schijn niet door feiten ondersteund, zegt hij. En daarmee is ‘beeldvorming’ door de rechtbank als zelfstandig feit erkend. De kletspraat over het etentje was dus kletspraat, maar wordt hem desondanks als feit aangerekend. Kop noemt dat in zijn bespreking ‘niet zeer helder’ en ‘minder elegant’ jegens Schalken. Daartegen mag een mens zich verweren, meent Kop. Ook als hij rechter is (geweest).

Is met deze openbare mening het aanzien van de rechtspraak geschaad? President Verheij vindt van wel, want Kop moet z’n toga ophangen. En de overige Amsterdamse raadsheren weten waar ze aan toe zijn. Die zijn dus gekneveld.

Geplaatst in:
Staatsrecht
Lees meer over:
gerechtshof
raad voor de rechtspraak

19 reacties op 'Kritiek onder rechters is ongewenst'

Reinier Bakels

De Juridische Methode heeft als kenmerk dat de beste argumenten winnen. Venijnige zinnetjes als “Deeltijdrechter Schalken had geen antenne voor een politiek mediaproces” betekenen niets anders dan dat de Juridische Methode weer heeft plaatsgemaakt voor een oudere methode, namelijk de “regel” dat wie de grootste bek heeft wint, en dat overtuigend gebrachte insinuaties worden gerespecteerd. Dan is “beeldvorming” de norm voor Schalken. Dat betekent een capitulatie voor een advocaat die zich over het hoofd van de rechter heen vooral tot de televisiekijker richt, en zijn “gezonde volksgevoel” aanspreekt.

Het zou Verheij sieren als hij toch een poging zou doen om de Juridische Methode te steunen. Die is juist gebaat bij discussie. Het argument dat rechters geen kritiek op elkaar mogen hebben is vergezocht. In de eerste plaats schrijven juristen voortdurend over elkaars uitspraken in vakbladen, zeker rechter-plaatsvervangers die in de eerste plaats hoogleraar zijn. Verder kun je betwisten of Schalken hier wel als rechter optrad, toen hij verhoord werd.

Moszkowicz is er met zijn media-offensief in geslaagd om “het publiek” de indruk te geven dat het optreden van Schalken volstrekt laakbaar is. Helaas zijn er ontzettend genuanceerde juristen die vinden dat dit wel een beetje waar is. Maar wie een
“antenne heeft voor een politiek mediaproces” begrijpt dat nuance nu even niet op haar plaats is. Eigenlijk had Schalken ook beter geen spijt kunnen betuigen in de rechtszaal dat het zo gelopen is als het gelopen is.

Het ware beter geweest als de rechterlijk macht en bloc had verklaard dat Schalken NIETS fout heeft gedaan, als je naar de argumenten kijkt en niet naar de “beeldvorming”. Zelfs Jensma heeft het nog over “beïnvloeden” in bovenstaand stukje. Niemand neemt de moeite om het Wetboek van Strafrecht op te slaan, om in art 285a te lezen dat het – kort gezegd – alleen verboden is om dwang uit te oefenen op een getuige. En nog los daarvan: de gedachte dat Schalken met zijn juridische uitleg de Arabist Jansen op andere denkbeelden zou hebben gebracht over de islam is bij voorbaat absurd. Moszkowicz stuurde aan op een (vergezocht) niet-ontvankelijkheidsverweer omdat Schalken Jansen onbruikbaar zou hebben gemaakt als getuige. Advocaten proberen wel meer. Als alle onzinargumenten waar zij mee aankomen voortaan met het oog op “beeldvorming” toch serieus moeten worden genomen dan is het eind zoek.

Ook de discussie over de vrijheid van meningsuiting is gekaapt door beeldvormers, die de suggestie wekken dat die absoluut is. Dat mogen misschien zo zijn in de VS, maar in Europa gelden duidelijk beperkingen (zie art. 10 lid 2 EVRM). De vrijheid van meningsuiting dient vooral om te voorkomen dat een overheid kritiek tegen haarzelf de kop in kan drukken. En is geen vrijbrief voor een hetze tegen een bepaalde bevolkingsgroep.

Ik zou het toejuichen als de opvattingen van Verheij ter discussie zouden worden gesteld. Daar waar argumenten de doorslag *moeten* geven, is alle discussie toch welkom? Zijn rechters niet juist onafhankelijk OPDAT zij bekritiseerd kunnen worden? Het lijkt mij vooral schadelijk voor de rechtspraak als discussie wordt verboden, althans dat rechters daaraan deelnemen.

Maar misschien moet de discussie toch in de eerste plaats over het proces zelf gaan. Heeft de rechtspraak een rol bij het politieke proces, als dat aan het ontsporen is door toedoen van gewetenloze populisten? In de “art. 12″ procedure werd geoordeeld wel, maar het (politiek aangestuurde!) OM nam deze uitspraak eigenlijk niet serieus en vroeg om vrijspraak. Hoewel juist de politiek de gedragingen van Wilders strafbaar heeft gesteld, en die strafbaarheid recent na discussie heeft gehandhaafd, werd toch beslist dat de rechtspraak hier geen rol heeft. Natuurlijk was de pleuris uitgebroken als Wilders wel was veroordeeld. Toch dringt zich de vraag op of zachte heelmeesters hier geen stinkende wonden maken.

Uiteindelijk is hier De Staatsrechtelijk Paradox aan de orde. Moet in een democratie het volk het laatste woord hebben, of het recht? Landen met een woeliger verleden dan het onze hebben al lang vastgesteld dat het juiste antwoord is: geen van beide. Dus dat in elk geval het volk niet altijd het laatst woord heeft. Als het U.S. Supreme Court of het Bundesverfassungsgericht kritisch gesproken hebben zal niemand roepen dat deze rechters hun plaats moeten kennen.

a.zecha

Mijn bemerking gaat uit van het woord “onafhankelijk”.
Zo wordt een rechter in Nederland geacht “onafhankelijk” recht te spreken.
Rechters zittend in een “hogere” rechtbank worden ook geacht “onafhankelijk” recht te spreken maar beoordelen/bekritiseren tevens impliciet en/of expliciet de uitspraken van rechters in “lagere” rechtbanken.

Mijns inziens gaat de rechter Verheij uit van een mening, die hij vanwege zijn plaats in het hiërarchisch bestel kan effectueren.
En die dus niet “onafhankelijk” werd gevormd of behoeft te zijn.

a.zecha

Jan Roelfsema

Onbegrijpelijk dat President Verhey van het Amsterdamse Hof Peter Kop niet als rechter-plaatsvervanger in zijn college wil omdat Kop Schalken in een stukje had gesteund in zijn kritiek op de hoofdstedelijke rechtbank. Rechters hoeven toch niet te worden gemuilkorfd? Het gaat in deze kwestie bovendien niet om het bevuilen van het eigen nest (= het hof), maar om de ervaringen van Schalken als getuige bij de rechtbank. Als ieder ander mag hij zijn ongenoegen over de wijze waarop hij in die hoedanigheid door de rechtbank is behandeld uiten. En Kop mocht zeggen dat Schalken zich terecht de mond niet liet snoeren en mag dat best nog eens zeggen. Want het leek soms wel of niet Wilders wegens haatzaaien en meer terecht stond, maar Schalken wegens een etentje met wat flessen wijn. En dat ook nog op tv.
Een oud-raadsheer van de Hoge Raad geweigerd als rechter-plaatsvervanger, het moet toch niet gekker worden in dit land.

Jan van Erp

Alhoewel velen het niet mij eens zullen zijn moet ik Leendert Verheij toch gelijk geven. Een hogere rechter kan, in een uitspraak, kritiek geven op een lagere rechter. Maar niet via de media of in blogs. Het vertrouwen in de rechtspraak wordt zwaar geschaad als rechters via de media elkaars uitspraken gaan bekritiseren. De rechtzoekende burger zal gaan denken dat rechtspraak iets heel subjectiefs is terwijl rechtspraak zo objectief mogelijk deint te zijn. Zoals de politiek zich niet dient te mengen in lopende rechtszaken zo dienen rechters zich, ook achteraf, niet openlijk uit te laten over uitspraken van collega rechters.

Jan van Erp

Jan van Erp

P.S. Met het woord ‘uitspraak’ in mijn vorige reactie bedoel ik natuurlijk ‘vonnis’.

Jan van Erp

Paul Kirchhoff

Meneer Verhey krijgt het nog druk met het beschermen van het aanzien van de rechterlijke macht.

Begin eens met de beerput die Chipsol heet, kijk ook eens naar de merkwaardige positie van de SG van justitie.
Zorg er meteen even voor dat de dames en heren van de zittende magistratuur nu eindelijk eens hun betaalde en niet betaalde nevenfuncties opgeven.

Het wordt tijd dat de rechterlijke macht leert omgaan met kritiek uit de samenleving op haar functioneren. Het lijkt erop dat men binnen de rechterlijke macht nog steeds gelooft in de eigen onfeilbaarheid.
Die onfeilbaarheid is er niet zoals blunders bij het proces tegen Lucia de Berk duidelijk hebben aangetoond.
Blunders? Ja blunders. Er was geen spat direct bewijs dat deze verpleegkundige zich schuldig had gemaakt aan een strafbaar feit. Het bewijs bestond uit een statistisch model dat later door gekwalificeerde wetenschappers onderuit werd gehaald.
Er is veel moed voor nodig om een verdachte op basis van een uiterst discutabele statistische theorie schuldig te verklaren.

P Rosekrans

U schrijft in uw laatste alinea: Is met deze openbare mening het aanzien van de rechtspraak geschaad? Mogelijk in lichte mate maar het aanzien van de rechtspraak in Nederland wordt ernstig geschaad door wat de heer Kirschhoff schrijft ”de beerput die Chipsol heet en de merkwaardige positie van de SG van justitie”. Ook de onbegrijpelijke behandeling van Erwin L. met opsluiting in de EBI te Vught tussen moordenaars en terroristen, alleen omdat hij wijst op afstammingsonzekerheid van het huidig staatshoofd. Voor het gooien van een voorwerp naar een voertuig zou ten hoogste een lichte taakstraf worden opgelegd maar L. zal tenminste een vol jaar vastzitten met bovendien de dreiging van tbs en krankzinnigverklaring omdat hij uitspreekt wat gemeengoed is onder historici. Door dergelijke zaken wordt het vertrouwen in de rechtspraak en ”het contact tussen rechtspraak en samenleving” veel meer geschaad dan door de recensie die rechter Peter Kop schreef.

mr V.S.M. Sturkenboom

Heren en Dames,
Zolang er rechters zijn die niet voldoen aan hun wettelijke plicht om al hun (al of niet betaalde)nevenfuncties op te geven en dit nalaten ook nog eens wordt gedoogd, is ieder kritisch volgen meer dan welkom en heeft eenieder het recht om (in – én zonodig extern)kritiek te uiten. Welke beperking dan ook legt het zelfreinigende vermogen van (ook deze)organisatie droog. Tenslotte zijn rechters soms niet alleen rechter maar ook hoogleraar en/of advocaat en/of maat bij een adviesbureau en/of voorzitter van een beroepscommissie en/of raad van toezicht en/of lid van de(elfde) rotary en/of ….? Zelfs iedere schijn van belangenverstrengeling is uit not done!!!

Alfred Mol

Natuurlijk is het menselijk als Schalken via een soort “parade et riposte” wil afreageren. Echter dat past toch geen rechter.

Recent zag ik nog hoe oud rechter (en hoogleraar) prof. Jan Brinkhof, UvU in zijn Afscheidscollege de rechtspraak incl. de Hoge Raad in het algemeen kritiseerde. URL: http://www.uu.nl/faculty/leg/NL/Actueel/agenda/Pages/270110Afscheidscollegeprof.aspx

De kritiek van Brinkhof betreft oa:
1. Trage implementatie van EU rechtspraak mbt KG
2. Selectie van toekomstige rechters tw in NL via jonge, onervaren juristen en in het VK, D e.d. dmv keuze van ervaren topjuristen
3. de kwaliteit van het werk van de Hoge Raad mbt octrooi-geschillen.

Citaat Brinkhof: ‘Wie vergelijkt ontdekt dat Nederland niet de best denkbare wereld is. Het kan beter. Inspiratie kunnen wij opdoen bij onze buren, links en rechts.’

Paul Kirchhoff

Het zal velen van u bekend zijn dat de ondoorzichtige situatie betreffende nevenfuncties van rechters en rechterplaatsvervangers die bij veel rechtbanken en gerechtshoven bestaat geruime tijd geleden bekend werd gemaakt.
Toch schrok ik dat de werkgroep die zich daarmee bezig hield in 1996 nog moest ageren tegen het stelselmatig weigeren van een griffier bij de Hoger Raad der Nederlanden om zijn nevenactiviteiten bekend te maken.

Hier ligt nog een mooie taak voor de beschermers van het aanzien de rechtspraak waaronder meneer Verheij.

link http://www.sdnl.nl/rem-1.htm

Jan van Erp

De kritiek van Brinkhof is iets heel anders dan de uitlatingen van Schalken. Brinkhof laat zich niet uit over een individueel vonnis.
Natuurlijk moet kritiek op de rechterlijke macht kunnen. Niemand zal dat ontkennen, ook niet vanuit de rechterlijke macht. Dat wil echter nog niet zeggen dat een (gewezen) rechter in ‘concurrentie’ moet treden met een andere rechter. Schalken was niet de rechter die vonnis moest wijzen in de zaak Wilders en dus heeft hij als rechter zijn mond te houden. Zo simpel is dat.

Jan van Erp

c wildschut

Het gaat erom dat je als rechter niet moet gaan roepen dat het vonnis van een andere rechter niet deugt. Dát ondergraaft het gezag van de rechtspraak en daartegen ageert Verheij terecht. Waarbij het opmerking verdient dat een rechter die het vonnis niet heeft geschreven óók het dossier niet helemaal of zelfs helemaal niet kent en dus niet goed weet waarover hij het heeft.
Een ander verhaal wordt het als een rechter vindt dat er in het algemeen iets niet goed gaat binnen de rechtspraak, zoals bijvoorbeeld een gebrek aan weerstand tegen wetgevingswaanzin uit Den Haag of dat rechters worden gewezen op productiecijfers (wel van belang natuurlijk, maar terwijl ie zit te denken over 5 jaar cel of vrijspraak moet een rechter niet ook bezig zijn met zijn productie, vind ik). Daarover moet discussie kunnen bestaan lijkt me, ook in het openbaar.

Michiel Jonker

Leendert Verheij bewijst zelf met zijn sanctie het aanzien van de rechtspraak, dat hij zegt te willen beschermen, de slechtst mogelijke dienst.

De rechtspraak zou zijn gezag moeten ontlenen aan de inhoudelijke, toetsbare, bespreekbare en bekritiseerbare kwaliteit van rechterlijke uitspraken, niet aan hiërarchische oekazes en verhulde dreigementen aan collega-rechters / -rechter-plaatsvervangers.

Elke rechter zegt in abstracto dat ‘kritiek op de rechterlijke macht moet kunnen’, maar zodra het concreet wordt en ook nog eens afkomstig van iemand die verstand heeft van zaken (oud-rechter Kop), blijken de rechterlijke tenen zo lang als van hier tot Tokyo. Verhey´s reactie doet aan kringen rond Wilders denken: onverzoenlijkheid jegens andersdenkenden. Wat Verheij deed, gaat absoluut ten koste van de vrijheid van meningsuiting.

Rechterlijke uitspraken moeten gehoorzaamd worden, maar mogen ook bekritiseerd worden. Door iedereen, zolang de schijn van oneigenlijke machtsuitoefening niet wordt gewekt.

Wat Schalken deed (etentje met getuige in rechtszaak waarmee hij te maken had), getuigt overigens van een even gebrekkig ethisch besef onder rechters als wat Verheij nu doet. Beiden tasten het vertrouwen in de rechterlijke onafhankelijkheid aan. Beiden wekken de schijn van oneigenlijke machtsuitoefening. Bien étonnés de se trouver ensemble?

Voor Verheij is de rechterlijke macht kennelijk een instituut dat zijn gezag primair handhaaft door middel van machtsuitoefening, niet door middel van inhoudelijke overtuigingskracht. Hé, waarom vragen we eigenlijk niet de paus of de koningin om weer recht over ons te spreken? Dat ging duizend jaar geleden toch ook prima?

Stukje bij beetje schudt de naakte macht haar voorname toga’s en befjes af. Nu nog minister Donner gezellig bij de door hem beschermde, “niet bewust” sjoemelende staatsraad Deetman in de Raad van State, en het politieke vriendenclubje dat in diverse gremia recht over ons spreekt, heeft zichzelf opnieuw aan wat rechterlijk pluche geholpen. Pluche is niet hetzelfde als gezag.

Verheij heeft vooral aangetoond zelf niet geschikt te zijn, noch als rechter, noch als rechter-plaatsvervanger. Zulke mensen moeten terug naar de schoolbanken om een basiscursus ethiek te volgen.

elfke de vos

Arme Schalken, arme Kop (van Jut),

In deze tijd waarin de rechterlijke macht onder vuur wordt genomen door bedenkelijke types, doen rechters er goed aan dat vuur niet nog verder op te poken door publiekelijk elkaar af te vallen. Koren op de molen van die lui die vinden dat een oordeel van een rechter, ach, ook maar een mening is zoals er vele zijn.

P. de Haan

Ik ben helemaal geen jurist. Wel heb ik eens een Teleac-cursus gevolgd. Daarin zei een bekende rechter heel openlijk het volgende: Als rechter hoor je partij A aan en je denkt bij jezelf: waarom regelt hij het in godsnaam niet rechtstreeks zelf met partij B? Vervolgens hoort hij partij B aan en denkt hetzelfde maar nu in omgekeerde richting. Tenslotte vraagt hij aan beide partijen of ze nog iets toe te voegen hebben aan hun verhaal. Zoniet, dan kiest hij een vonnis dat niet in strijd is met de wet. Is dat zo, dan beslist hij aldus. Geen van de partijen krijgt in de regel voor 100 procent gelijk. Daar kun je van te voren op rekenen. Dus bezin u voordat u begint!!!!!!!

Michiel Jonker

@Elfke de Vos

Uw reactie illustreert het probleem. U zegt dat rechters “elkaar” niet moeten afvallen. Daarmee interpreteert u onderlinge kritiek van rechters als een kwestie van persoonlijke verhoudingen tussen die rechters. Maar zulke kritiek zou juist geïnterpreteerd moeten worden als niet persoonlijk, maar zakelijk, dus betrekking hebbende op de inhoud van de rechtspraak of het gedrag van rechters.

Verheij maakt in feite dezelfde fout. Hij reageert op (indirecte) kritiek van Kop over de manier waarop Schalken door andere rechters is beoordeeld en behandeld, met de conclusie dat Kop als persoon niet langer geschikt is om rechter-plaatsvervanger te zijn.

De ziekte die momenteel in Nederland (en op veel andere plekken in Europa en Noord-Amerika) heerst, is dat zakelijke kritiek steeds vaker persoonlijk wordt opgevat en met persoonlijke sancties of aanvallen wordt beantwoord. Het zijn echt niet alleen de aanhangers van Wilders die deze neiging vertonen. Zij doen het alleen wat openlijker (en in die zin eerlijker) dan bijvoorbeeld in dit geval rechter-president Verheij.

Verheij redeneert vanuit de fictie dat Kop de schijn zou hebben gewekt dat hij probeerde invloed uit te oefenen op lagere rechters (in Amsterdam), terwijl dat overduidelijk niet het geval was. Met deze fictie probeert Verheij te verhullen dat hij eigenlijk geen kritiek wil horen uit de mond van andere rechters.

Maar juist een hoge rechter als Verheij zou in staat en bereid moeten zijn het persoonlijke tot een absoluut minimum te reduceren in zijn reactie op kritiek, en om elke kritiek in beginsel te verwelkomen.

Reinier Bakels

@9 Brinkhof is – behalve inderdaad oud-rechter en oud-hoogleraar – vooral advocaat, en als zodanig een fanatiek propagandist voor het octrooirecht, die weinig oog heeft voor de modernere opvatting dat ook bij het octrooirecht (net als bij het aansprakelijkheidsrecht, strafrecht etc.) de “waarheid” in het midden ligt, en méér lang niet altijd beter is.

Het is een stokpaardje van hem dat de Hoge Raad internationale verdragen op het gebied van het octrooirecht niet juist toepast. Wat hij miskent is dat de Hoge Raad in principe juridisch per definitie gelijk heeft. Teksten van verdragen en wetten en worden wel vaker niet letterlijk toegepast.

En nu “on topic”: volgens mij gaat het ook hier om de kritiek van een oud-rechter op andere rechters. Is dat erg? Het antwoord wordt wellicht gegeven door de Amerikaanse rechtspraktijk, waarin “dissenting opinions” heel gebruikelijk zijn. Sommige beslissingen van het Supreme Court zijn 5:4, andere 9:0. dat kan iedereen zien, inclusief de argumenten van de tegenstemmers.

Misschien dat Verheij nerveus wordt omdat het gezag van onze rechters sinds het proces-Wilders toch al een knauw heeft gekregen, en interne kritiek dan te veel zou kunnen worden? Misschien is het een betere oplossing om advocaten kort te houden, hier ook sancties te zetten op “contempt of the court”, en advocaten in elk geval te verbieden de verdediging buiteb de rechtszaal voort te zetten via Pauw en Witteman en RTL Boulevard. Er is wel gezegd dat rechters dan ook maar op TV moeten komen maar dat is natuurlijk niet vol te houden.

Michiel Jonker

@17 (Reinier Bakels)
U veronderstelt dat Verheij mogelijk nerveus is geworden vanwege verlies aan gezag van de rechterlijke macht als gevolg van het proces-Wilders, en dat hij daarom bang zou kunnen zijn dat verdere, “interne” kritiek dit gezag al te zeer zou aantasten.

Als uw hypothese klopt, zou het inhouden dat een van onze hoogste rechters nog steeds niet echt snapt dat Wilders en zijn advocaat het gezag van de rechterlijke macht alleen konden aantasten door gebruik te maken van reële zwakten in de attitudes en gedragingen van rechters zelf. En dat die zwakten niet bestonden uit een overmatige bereidheid om te discussiëren, maar uit een gebrek aan besef op welke plek en welke wijze een rechter kan deelnemen aan het maatschappelijk debat (niet in de rechtszaal, niet bij een etentje met een getuige-deskundige, maar bijv. wel op de website van Atheneum).

Wat betreft het media-geweld, een goede rechter heeft daarvoor twee oplossingen: (1) Hij/zij schrijft ijzersterke motiveringen bij zijn uitspraken, d.w.z. motiveringen die niet alleen naar wetten en jurisprudentie verwijzen, maar daadwerkelijk inzichtelijk maken wat de rechter tot een bepaalde uitspraak heeft bewogen. Dit vereist zelfkennis van de rechter, en de bereidheid om daar open over te zijn, ook als dit publicitaire risico’s met zich meebrengt. Zulke risico’s horen bij het vak;

(2) Hij/zij legt een stoïcijns, maar niet arrogant zelfvertrouwen aan de dag, dat zijn kracht mede ontleent aan een sterk ethisch bewustzijn dat mede gevoed wordt door en misschien ook in maatschappelijk debat.

Aan nummertje (2) blijkt het Verheij in ieder geval te ontbreken, getuige zijn paniekerige machtswoord aan het adres van rechter-plaatsvervanger Kop. Aangezien ik geen motiveringen van Verheij heb gelezen, weet ik niet hoe het in zijn geval met nummertje (1) staat.

Paul Kirchhoff

De opvatting van Michiel Jonker met betrekking tot het media geweld is mij uit het hart gegrepen.

Voor mij is inmiddels overduidelijk aangetoond dat bij de benoeming van een President van een gerechtshof best wat meer aandacht gegeven mag worden aan persoonlijke eigenschappen van de kandidaat.

Meneer Verheij toont overduidelijk aan dat hij slecht om kan gaan met afwijkende meningen.
Het had meneer Verheij gesierd wanneer hij met Peter Kop een indringend gesprek zou hebben gevoerd over het standpunt en de vrijheid van Kop om dat standpunt naar buiten te brengen.
Deze kwestie zou een benoeming tot rechter plaatsvervanger van Peter kop met zijn staat van dienst nooit in de weg mogen staan.