'Boete op agent uitschelden van 650 euro moet omlaag'
De verplichte boete eis van 650 euro voor belediging van een agent moet omlaag. De regel dat bij uitschelden van een agent altijd vervolgd moet worden, moet worden afgeschaft. Dit bepleit mr. Bente Blom, juridisch medewerker bij het Openbaar Ministerie in Amsterdam in het vakblad Delikt en Delinkwent van april. Zij deed onderzoek, onder meer naar de vraag wat er gebeurt als je ‘dropstaaf’ naar een agent roept. Of je broek laat zakken.
Lees hier het artikel, dat op blz. 4, 5 en 6 onder meer een onderzoekje bevat onder 35 officieren van justitie en parketsecretarissen naar hun taxatie van de strafwaardigheid van 34 grove uitlatingen en 6 handelingen ontleend aan de dagelijkse scheldpraktijk op straat. Over klootzak en teringlijer was bij de parketten nagenoeg éénstemmigheid, maar wie ‘mierenneuker’ roept stuit op willekeur. De ene officier legt een boete op, de ander seponeert wegens ‘gering feit’. Pannenkoek, wijsneus of koekenbakker kan nog redelijk veilig tegen een agent gezegd worden. Ook de jurisprudentie over schelden helpt niet erg. Blom constateert dat het erg moeilijk is om vast te stellen wat juridisch onder een belediging verstaan moet worden.
Belediging van een agent wordt gezien als een ‘verbaal geweldsdelict’ dat geldt als bedreiging van een openbaar gezagdrager. Daar is de laatste jaren politiek veel over te doen, met als gevolg dat de richtlijnen voor het openbaar ministerie met enige regelmaat worden verscherpt. Bekijk hier de dossierpagina van de ministeries van veiligheid, binnenlandse zaken en sociale zaken over ‘geweld tegen overheidspersoneel’. Het publiek gedraagt zich op straat hoe langer hoe grover, waardoor het incidenten regent. Blom noteert dat het aantal geweldszaken tegen ambtenaren dat voor de rechter tot 2008 is gebracht, verzesvoudigde. Het gaat daarbij hoofdzakelijk om verbaal geweld tegen agenten, schelden dus. Zij is overigens een voorstander van overheidsoptreden tegen verbale agressie.
Sinds begin dit jaar eist het OM niet meer een dubbele straf, maar een driedubbele, in vergelijking met wat belediging van een burger zou kosten. Blom legt in dit artikel echter uit dat ‘belediging van een burger’ een dode wetsbepaling is, die al decennia niet meer wordt toegepast. Het is één van de argumenten die zij gebruikt om te pleiten voor een nieuwe bepaling op een aparte plaats in het wetboek van strafrechter voor ‘belediging van een agent’. Lees zijn aanbevelingen op blz 17.
De begrippen ‘eer’ en ‘goede naam’ waarin de agent nu nog moet worden gekwetst om strafwaardigheid op te leveren kunnen worden geschrapt. Dat is nogal vaag en bovendien niet waar het om draait:
“Voorwaarde voor strafbaarheid zou in de eerste plaats moeten zijn dat de agent in kwestie daadwerkelijk in het uitoefenen van zijn taken belemmerd wordt en/of dat daadwerkelijk afbreuk wordt gedaan aan diens gezag of het gezag van het gehele politieapparaat. Een verdachte die in de consternatie van zijn aanhouding ‘klootzak’ mompelt tegen de agent die hij tegenover zich heeft, zou niet strafbaar moeten zijn. Gaat hij bij een onrustige situatie op straat voor de agent staan en een lange scheldkanonnade afsteken, dan is hij wel strafbaar.” (blz. 18)
Verder pleit Blom voor een richtlijn van wat nu wel en niet als schelden kan worden aangemerkt, ongeveer langs de lijn van het lijstje dat zij zelf bij haar onderzoek voorlegde.
Verder beargumenteert de schrijver dat een boetebedrag van 650 euro niet proportioneel is. Het staat niet in verhouding tot andere boetebedragen. Zij noemt de boete voor eenvoudige diefstal van 170 euro, voor vernieling van 170 euro, voor eenvoudige mishandeling van 340 euro, voor het plegen van verzet met geweld 290 euro en voor het niet voldoen aan een ambtelijk bevel dat uiteen kan lopen van 140 euro tot 200 euro.
Ook vindt zij het zero tolerance uitgangspunt dat áltijd vervolgen voorschrijft niet in verhouding staan.
”De ernst van de scheldwoorden en de situatie waarin de agent zich bevindt moeten bepalend zijn”.
Reageren? Nuanceren en argumenteren verplicht. Volledige naamsvermelding.
