Belangrijk: Voor het goed functioneren van nrc.nl maken wij gebruik van cookies (meer informatie).
Hiervoor hebben wij wel eerst je toestemming nodig. Klik op de groene knop als je hiermee akkoord gaat.

Hoge Raad vreest voor ondermijning rechtspraak: 'Tot hier en niet verder'

De trend om het bestuur meer zelf straffen te laten opleggen en de rechter buiten spel te zetten is schadelijk. Door ‘verregaande inperking van het rechterlijk domein komt de rechtsstaat zelf in gevaar’. Dit schrijven de president van de Hoge Raad Geert Corstens en gerechtsauditeur Wouter Limborgh. Volgens hen zijn ‘de grenzen bereikt’. ‘We zijn aangekomen op een punt waarop moet worden gezegd: tot hier en niet verder´.

Corstens en Limborgh schrijven dit in een artikel in de afscheidsbundel voor raadsheer Jeppe Balkema, die deze maand de strafkamer van de Hoge Raad verlaat wegens pensionering. Als zijn opvolger is door de Tweede Kamer strafrecht hoogleraar Ybo Buruma voorgedragen. In hun hoofdstuk getiteld ‘Inperkingen van het rechterlijk domein’ bekritiseren zij de ‘verregaande opmars’ van het bestuurlijk sanctierecht die zij een bedreiging van de rechtspraak noemen. Daarmee doelen zij vooral op de wet OM-afdoening uit 2008 die per 1 maart alweer wordt uitgebreid. Deze wet maakt het de officier van justitie mogelijk voor overtredingen en misdrijven waarop niet meer dan zes jaar staat zelf straf op te leggen, zonder inmenging van de rechter. De officier mag geen celstraf opleggen, maar wel een boete, een taakstraf, een schadevergoeding voor het slachtoffer, een inbeslagname of het intrekken van het rijbewijs voor maximaal een half jaar. Ook de Nederlandse Mededingingsautoriteit en de Autoriteit Financiele markten mogen op basis van deze wet zelf ‘strafbeschikkingen’ uitspreken. Wie het daar niet mee eens is, kan zijn zaak alsnog laten voorkomen bij de rechter.

De auteurs maken principieel bezwaar tegen de verschuiving van de strafbevoegdheid naar het openbaar bestuur.

,,De strafrechter komt daardoor meer en meer buitenspel te staan. Dit terwijl de strafrechtspleging grote voordelen heeft: er bestaat binnen de strafrechtspleging immers een traditie van zorgvuldige en afgewogen sanctie-oplegging die voor een deel in geschreven en ongeschreven rechtsnormen is vastgelegd en voor een ander deel een kwestie van bejegening en mores is. Binnen een bestuurlijk sanctiestelsel kan die traditie nooit in dezelfde mate groeien. Juist omdat het bestuur de toon zet. En het bestuur is primair uit op een effectieve handhaving. Dat belang staat daar voorop.’

In de rechter komen het belang van de handhaving en van de rechtsbescherming van de burger echter samen. Als dat uit elkaar wordt gehaald en de rechter alleen nog beroepsinstantie is voor straffen van de officier, dan ,,bestaat het risico dat het eerste aspect (handhaving, red) onevenredig veel aandacht krijgt en de rechter in de ogen van de samenleving gaat gelden als degene die alleen het rechtsbeschermingsaspect behartigt. Het beeld van te lankmoedige, ´softe´rechter wordt dan bevestigd, waardoor de positie van de rechter verder onder druk zal komen te staan`.

Dat veel lichte zaken bij de rechter worden weggehouden en administratief worden afgehandeld vinden zij op zichzelf te verdedigen. “Echter, er moet tegen worden gewaakt dat onder het mom van efficiëntie de rol van de rechter in de samenleving wordt ondermijnd. Want door verregaande inperkingen van het rechterlijk domein komt de rechtsstaat zelf in gevaar. Wat betreft de overheveling van bevoegdheden van de rechtspraak naar het bestuur zijn de grenzen bereikt. We zijn aangekomen op een punt waarop moet worden gezegd: tot hier en niet verder.”

Zij menen dat ‘het rechterlijk domein steeds verder onder druk komt te staan’. In de huidige tijd zijn ´de functie en het gezag van de rechtspraak niet meer vanzelfsprekend´. Daarom waarschuwen zij tegen ‘onaanvaarbare inbreuken op het rechterlijk domein’. En: ‘Er moet onverkort worden vastgehouden aan het uitgangspunt dat de mogelijkheid van het opleggen van ingrijpende sancties voorbehouden is aan de rechter’.

Reageren? Nuanceren en argumenteren verplicht. Volledige naamsvermelding.

Geplaatst in:
Bestuursrecht
Staatsrecht
Strafrecht
Lees meer over:
Hoge Raad
raad voor de rechtspraak

32 reacties op 'Hoge Raad vreest voor ondermijning rechtspraak: 'Tot hier en niet verder''

Max Molenaar

Verbeter de moraal
Door het massale morele verval sinds de jaren zestig is het werkaanbod voor politie en justitie gigantisch verhoogd. Daar komt bij dat veel burgers meer geneigd zijn geworden om conflicten aan te gaan met elkaar, door de doorgeschoten assertiviteitscultuur en door het toegenomen egoïsme.

Geen wonder dat de Nederlandse rechtspraak totaal overbelast is geraakt. Nog meer geld naar de rechtspraak is dweilen met de kraan open.

Een meer duurzame oplossing is dat de algemene moraal bij burgers verbetert. Dat kan door alle radio en tv-programma’s te verplichten om daar wat positieve aandacht aan te besteden. Leer mensen om elkaar meer te steunen dan te bespotten, bevechten en bestelen. En leer mensen conflictbemiddeling, zowel juridisch als sociaal.

c wildschut

Hehe, de rechtspraak bestaat kennelijk niet helemaal uit slaafse volgers van wat de regering uit de hoge hoed tovert. Ik kan de analyse van Corstens en Limborgh van begin tot eind volgen. Met als aanvulling dat ik bij bestuursorganen, naast hun eenzijdige focus, wel eens twijfel aan hun goede trouw. Achter de schermen kunnen alle mogelijke belangen meespelen, omdat bestuur en politiek in Nederland per definitie met elkaar verweven zijn.

Maar wat doe je eraan, als Nederlandse rechter? Je kunt wel appelleren aan het gezond verstand van de wetgever, maar dat is er niet, in ieder geval op het gebied van de rechtsstaat. De Tweede Kamer is net zo eenzijdig als de bestuursorganen waar Corstens en Limborgh het over hebben. Welke moedige burger neemt de handschoen op en stapt naar het Hof van Justitie in Straatsburg? Of attendeert de Europese Commissie op de fratsen die de regering uithaalt over de rug van de burgers (nee niet alleen in-en-in-slechte criminelen, ook mensen die 10km te hard hebben gereden).

b lyngbakken

Opletten is goed, maar wel naar alle kanten. Kritiek op de rechter was/is ook te leveren bij zaken die nu via het bestuurlijk traject worden afgedaan. De rechterlijke afdoening is veel minder voorspelbaar (zet rechtszekerheid en rechtsgelijkheid onder druk door sterk te streven naar oplossingen op de maat van de burger). Veel gehoord geluid is verder dat in het verleden zaken gewoon geseponeerd werden omdat het OM ze te technisch vond of het gewoon te druk had met andere kwesties. Dat lijkt mij ook een onwenselijke situatie. Bestuurlijke afdoening (met rechterlijke controle) heeft dus niet alleen nadelen, maar ook voordelen!

peter klein

Ik vraag me af waarom heren van de hoge raad hun licht laten schijnen over “de politiek”, maar van de andere kant vragen dat de politiek dat niet doet over de rechtspraak.
Vreemd.

Maar het zou goed zijn als de wetgever de contouren van de rechtspraak opnieuw zou tekenen

Marius van Huygen

“Dat veel lichte zaken bij de rechter worden weggehouden en administratief worden afgehandeld vinden zij op zichzelf te verdedigen. “Echter, er moet tegen worden gewaakt dat onder het mom van efficiëntie de rol van de rechter in de samenleving wordt ondermijnd.”

Er worden in Nederland 12 miljoen ‘sancties’ wegens het overtreden van verkeersvoorschriften uitgedeeld (o.a.flitspalen en door rood rijden). Dat gaat meestal administratief d.m.v. een beschikking. Beroep instellen is dan bij de Officier van Justitie mogelijk. Komt nog geen rechter aan te pas…Bij het indienen van het beroepsschrift bekijkt de Officier van Justitie (of een gemachtigde?)of het beroepschrift wel of niet ontvankelijk wordt verklaard. Is men het dan niet eens met de beslissing van de Officier dan kan men beroep bij de rechter instellen.
Het bovenstaande is thans gemeengoed en vrijwel geaccepteerd bij zowel de burger als bij Justitie.
Toch zit de Officier toch in feite op de stoel van de rechter. Hij spreekt ook een oordeel uit over de kwaliteit van het ‘proces verbaal’ en controleert daarmee ook de activiteiten van de politie.
In feite is het OM middels de Officier een ‘beleidsmedewerker’ geworden van gefigeerd politiek beleid. In de praktijk blijkt het beleid in geval van verkeersovertredingen vooral financieel ingegeven. Velen miljoenen Euro’s komen zodoende in het laatje van de Staat terecht en de effectiviteit in de zin van toegenomen verkeersveiligheid blijkt sterk beperkt te zijn.
De vraag dient hier te zijn of het ‘bestuurlijk sanctierecht’ als een derde hand van de belastingdienst moet gaan fungeren.
De politiek heeft deze vraag bevestigend beantwoord. De Hoge Raad ziet het inderdaad juist door deze (politieke) ontwikkeling als een inperking van het rechterlijke domein te zien. De rechtstaat kan dan ook niet langer als een politiek speeltje gebruikt worden.

c wildschut

@Peter Klein: natuurlijk moet de politiek zijn mening kunnen hebben over de rechtspraak en kritiek leveren op punten waar het mis gaat of lijkt te gaan (belangrijk verschil).
Het probleem daarmee is echter dat die zelden gaat over structurele knelpunten (behalve het strafklimaat) maar vooral over incidenten. Incidenten gaan over individuele dossiers, waar de rechtspraak niet op kan reageren omdat -afgezien van de behandelend rechter(s)- niemand precies weet hoe de vork in de steel zit. De politiek spreidt daarbij bovendien een desinteresse voor feiten of met deugdelijk onderzoek gestaafde opvattingen tentoon. Voorts is ook de toon waarop kritiek geleverd wordt bepaald niet constructief te noemen.
Kort gezegd; kritiek op de rechtspraak is voor de politiek op dit moment makkelijk scoren over de rug van mensen die zich daartegen niet kunnen verweren, zonder dat er ook meer één probleem mee wordt opgelost. De rechtspraak mag van mij best van de politiek verlangen dat die daarmee stopt.
Overigens, on-topic: natuurlijk is de administratieve afdoening voor een aantal overtredingen best een oplossing. Snel en spotgoedkoop. Maar de vraag hoe ver je daarmee wilt gaan, verdient een fundamentele bezinning op de rol die het strafrecht hoort te spelen en waar het bestuursstrafrecht staat in het juridisch landschap. Er is tenslotte in veel tijd heel veel bloed vergoten om een eerlijke, onpartijdige en onbevooroordeelde strafrechtspraak te kunnen hebben. Uitvloeisel daarvan is dat aanklager en rechter gescheiden zijn. Een verworvenheid die de maatschappij nu in hoog tempo aan het vergooien is.

M Muskens

De HR doet toch zèlf van harte mee aan het bestuursrechtelijk afhandelen van zowel straf-, civiel- als bestuursrechtelijke zaken door een meer dan regelmatig beroep op art 81 RO, eenvoudigweg omdat de HR er geen zin in heeft en zich er met een Jantje van Leiden van afmaakt .
Dat is mij in bestuursrechtelijke en meer exact, fiscale kwesties meer dan eens gepasseerd.
Natuurlijk kun je dan naar het Europees Hof gaan. De praktijk wijst echter uit dat de schifting aan de poort zo hoog is dat het vrijwel onmogelijk is om daar binnen te komen. Kortom, in de praktijk, wanneer de heren van de HR er geen zin in hebben, ben je wel zo ongeveer aan het eind van je Latijn.
De trend om allerlei kwesties bestuursrechtelijk af te handelen is niet van gisteren. Marius van Huijgen duidt ook al op dit uiterst kwalijk fenomeen.
De wet Mulder dateert, meen ik, al van het begin van de negentiger jaren.
Wanneer je dan nog de moeite neemt om professor Tak’s publicatie “Het Nederlands Bestuursrecht in Theorie en Praktijk ” te lezen, dan weet je wel zo ongeveer hoe de vork aan de steel zit.
Ook het zogeheten “opportuniteitsbeginsel ” van het OM is een aanfluiting van het recht. Je weet wie je fiets heeft gegapt en doet aangifte. Vervolgens besluit het OM niet tot vervolging over te gaan omdat hun “prioriteitenstelling “op dat moment al hun aandacht vraagt voor bedplassers, wildplassers en verkeerd parkeren.
Vreemd toch dat een verkeersovertreding per definitie vervolgd wordt en er dan nimmer andere prioriteiten, zoals daar bijvoorbeeld zijn, wildplassen en mishandeling zijn die méér aandacht, dus strafvervolging vereisen, zodat de verkeersovertreding in de prullenbak belandt.
Dat zal ongetwijfeld zo zijn omdat het vervolgen van verkeersovertredingen s’lands kas spekt.
Daar komt nog bij dat de Trias Politica een aanfluiting is met de RvS en de Raad voor de Strafrechttoepassing en de Jeugdzorg in hun beider capaciteit van zowel adviesorgaan van de regering( dus mede wetgevend ) als rechtsprekende functie, kun je dan uiteindelijk niet anders concluderen dat Nederland een dictatuur is. Een constatering waar professor Tak al in de inleiding van zijn boek toe komt.

Ron Batten

Mijnheer Corstens is een beetje laat. De Wet Mulder van 15-20 jaar geleden leidde ertoe dat verkeersboetes en parkeerboetes ineens werden gezien als inkomstenbron voor overheden. Als je in beroep wilt moet je eerst betalen. De gewone strafuitsluitingsgronden en schulduitsluitingsgronden die bij andere strafbare feiten (zoals kinderverkrachting en moord) een rol spelen zijn hier niet toegelaten. De rechter staat dus feitelijk al buiten spel in die zaken. De burger weet dat.
Daarbij komt dat de politie op basis van bonnenquota volstrekt willekeurig boetes is gaan uitdelen, die met acceptgiro’s worden afgewikkeld. Er is dus geen enkele reden meer voor de burger om in een parkeerovertreding of een snelheidsovertreding een strafbaar feit te zien. Feitelijk betaal je gewoon voor een vergunning om te parkeren waar parkeren (zonder de vergunning) verboden is c.q. je betaalt voor de vergunnig om harder te rijden dan op de borden staat.
Gewone criminaliteit betreft maximaal 1% van onze bevolking. Verkeersboetes krijgt bijna iedere autobezitter elk jaar. Het effect op het draagvlak voor politie/justitie van deze praktijken is verwoestend. Dat echte criminelen nu ook gaan lijden onder de afwezigheid van een scheiding der machten kan ik niet meer zo mee zitten.
En als je denkt dat je onschuldig bent, hoef je de uitspraak van justitie niet te accepteren maar kun je gewoon naar de rechter. En rechters zijn — dat hebben we in het verleden ook gezien — best in staat om onschuldigen te veroordelen (al is de kans wat kleiner).

Paul Kirchhoff

Onduidelijk waarom de Hoge Raad nu ineens allerlei bezwaren uit tegen een trend die zoals andere reageerders al opmerkten al tientallen jaren door het landsbestuur in gang is gezet.
Mogelijk is men bang dat er te weinig werk overblijft voor de rechterlijke macht.

Nederland is al enkele decennia bezig de rechtspositie van burgers te beperken door een aantal maatregelen die absoluut niet in een democratische rechtsstaat passen. De Wet Administratieve Handhaving Verkeersvoorschriften beter bekend als de wet Mulder gaat uit van het schuld principe van de gedaagde.

Geen hoger beroep meer in strafzaken waar de opgelegde boete minder dan 500 euro bedraagt.
De beoordeling of er toch een hoger beroep mag worden ingesteld is ter beoordeling aan dezelfde instantie die de uitspraak in eerste aanleg heeft gedaan. Je moet durven om zoiets te bedenken.

De motivering om een steeds groter deel van de rechtspraak over te laten aan het OM is alleen te vinden in de wens kosten te besparen.
Dat daarmee een begin is gemaakt met de afbraak van de rechtsstaat speelt kennelijk geen enkele rol.
Vergeten wordt dat naast de opgelegde straf een vonnis nog een aantal belangrijke neven effecten kan hebben.
Te denken is aan de onmogelijkheid een verblijfsvergunning aan te vragen in landen die strikte naleving vragen van de wetgeving op het gebied van drugs.
Het afsluiten van verzekeringen kan een probleem worden na een strafrechtelijke veroordeling.
Vonnissen die dit soort verstrekkende gevolgen kunnen hebben worden uitgesproken door één rechter zonder dat men zich daarna nog kan wenden tot een tweede instantie.
In een paar minuten kan een politierechter zonder dat hij of zei daar voldoende van doordrongen is de toekomst van een verdachte ingrijpend veranderen.

Marius van Huygen

Iedereen puntenrijbewijs, adviseert het OM

door Jules Seegers
Binnenland

Het rijbewijs moet een vergunning worden, zodat het ook zonder tussenkomst van een rechter kan worden ingetrokken. Het Openbaar Ministerie heeft dat geadviseerd aan de ministers Melanie Schultz van Haegen (Infrastructuur) en Ivo Opstelten (Veiligheid en Justitie).
Iedereen zou dan een puntenrijbewijs krijgen met negen punten. Rijd je te hard binnen de bebouwde kom, word je gepakt met teveel alcohol of betrapt op bumperkleven, kost dat je vier punten. In geval van twee overtredingen in vijf jaar gepakt wordt voor zes maanden het rijbewijs afgepakt. Straftijden kunnen daarna oplopen tot het dubbele of anderhalf jaar.

Schultz van Haegen komt waarschijnlijk dit jaar nog met een voorstel hiertoe

c wildschut

Nog een kleine aanvulling op de reactie van Paul Kirchhoff. Het verlof voor hoger beroep wordt niet verleend door de rechtbank (die de uitspraak in eerste aanleg heeft gedaan), maar door het gerechtshof (de hoger beroepsinstantie). Dat is allicht een betere situatie. Maar het behoeft weinig betoog dat het niet ideaal is dat je bij het gerechtshof moet smeken om je hoger beroep te willen bekijken.

Reinier Bakels

De politiek roept om meer en zwaardere straffen, en moet tegelijk bezuinigen. Dat gaat niet samen. Strafrecht moet weer “ultimum remedium” worden, dat alleen in het uiterste geval wordt toegepast, en dan ook zorgvuldig.

Vaak is het civiele recht een alternatief. Dat heeft verschillende voordelen: het is “reparatoir” gericht, d.w.z. op het herstel van geschade belangen, terwijl het punitieve strafrecht eigenlijk puur destructief is. En civiele procedures worden grotendeels door de partijen betaald. Is het in een tijd van bezuinigingen niet een prima vorm van “privatisering”, ten opzichte van het strafrecht dat door de staat betaald wordt? Als partijen de kosten dragen zullen ze meer rekening houden met de kosten. Externaliteiten moeten geïnternaliseerd worden (maar welke politicus heeft verstand van economie?)

Gelukkig wordt er bezuinigd op de politie. Want oom agent krijgt via bonnenquota perverse prikkels om het strafrechtelijke systeem te overbelasten.

Boetes in de zakelijke sfeer (economisch strafrecht) zijn vaak sowieso onzinnig, omdat die uiteindelijk worden betaald door de (volstrekt onschuldige) klanten van het “criminele” bedrijf.

Muskens

De bestuursrechter pleegt slechts marginaal te toetsen. Waarom? Omdat “deze niet op de stoel van de wetgever wil zitten”
Nou vraag ik je toch. Dát ontneemt toch iedere rechtvaardiging voor het bestaan van het bestuursrecht? Dit is een van de aspecten die voor Tak reden is te spreken van de dictatuur Nederland. De dienst in dit land wordt uitgemaakt door bestuurders wier beslissingen slechts “marginaal” op formele aspecten getoetst worden. De beren op de weg naar de RvS zijn voor de burger talrijk. Waar bestuursorganen telkenmale door de bestuursrechter gedekt wordt bij kapitale blunders van formele aard ( o.a. fatale termijnoverschrijdingen ) ( inhoudelijk wordt, zoals al gemeld, door de bestuursrechter helemaal niet getoetst ) wordt de burger er keihard op afgerekend met een niet-ontvankelijk bij slechts één dag termijnoverschrijding.
Het bestuursorgaan behoort een besluit te nemen op een bezwaarschrift binnen 6 weken na het indienen daarvan. Doet ze dat niet, dan is er voor het bestuursorgaan geen vuiltje aan de lucht wanneer de burger dan vervolgens naar de bestuursrechter gaat met een beroep op “fictieve weigering “te besluiten op bezwaarschrift. Wél even OP TIJD E 150,- griffierecht betalen want anders is het beroepschrift van de burger niet-ontvankelijk. Consequentie van dit bezwaarschrift voor het bestuursorgaan; het bestuursorgaan wordt alsnog in de gelegenheid gesteld om te besluiten op bezwaarschrift. Neemt het bestuursorgaan andermaal geen besluit op bezwaarschrift, kan de burger opnieuw naar de bestuursrechter met een beroepsschrift ( opnieuw OP TIJD E 150,- griffierecht betalen ) met als consequentie de herhaalde uitspraak dat het bestuursorgaan moet beslissen op bezwaarschrift. Deze ervaringen ( tot drie keer toe in dezelfde casus ) heb ik persoonlijk gehad met B&W van de gemeente Ubbergen.
De incompetentie van bestuursorganen op het gebied van de AWB is stuitend. Het bestuursorgaan weet niets, maar wordt consequent door de bestuursrechter aan het handje genomen en alle blunders, kapitaal of niet, worden door diezelfde bestuursrechter afgedekt.
Termijnen voor bestuursorganen zijn per definitie “termijnen van orde “, daarentegen voor de burger van absoluut dwingende aard met een “niet-ontvankelijk” bij overschrijding daarvan. In de praktijk houdt dat in dat bestuursorganen zich dus nimmer aan termijnen voor het indienen van stukken houden.
Valsheid in geschrifte door lagere bestuursorganen door het invullen van onjuiste gegevens bij de aanvraag om een ontheffing in het kader van art. 19.1 WRO. In casu B&W van Ubbergen ( ik heb de bewijzen voor me liggen ) wordt door de bestuursrechter eenvoudigweg genegeerd, dito door het OM. ( het “opportuniteitsbeginsel “)De reactie van de Provincie Gelderland daarover geïnformeerd, luidt : “interessant, we nemen het voor kennisgeving aan “
Schending geheimhoudingsplicht zoals neergelegd in art 67 AWR en art 67 invorderingswet door de fiscus met het op eigen initiatief doorgeven van gegevens van financiële aard aan de IBG ( heden DUO ) in strijd met het VIV, is gewoon normaal en wordt door de belastingrechter eenvoudigweg genegeerd.
Informatieuitwisseling tussen de Nederlandse belastingdienst en haar buitenlandse evenknieën aan stricte regels gebonden, vindt plaats tijdens informele onderonsjes en is aan de orde van de dag. Aantoonbare valsheid in geschrifte door ante dateren van correspondentie om de schending van formele overeenkomsten tussen de NL belastingdienst en haar buitenlandse gesprekspartners achteraf te legitimeren, wordt door de belastingrechter ook als oirbaar beschouwd. Stukken van essentiële aard uit dossiers halen die in cassatieprocedures van de Hoven naar de HR of RvS gaan, is praktijk. Verhaal halen? Waar ? Hoe ?
In procedures van bestuursrechtelijke aard haalt de burger uiteindelijk in 5 % van de gevallen de eindstreep. I.e. deze wint de procedure. Is de conclusie dan gerechtvaardigd of in al die andere 95 % de burger het bij het verkeerde eind heeft? Ik denk dat het antwoord daarop op moet luiden. Neen.
Behoor je dan tot die 5 % , dan is het leed nog niet geleden. dan moet de uitspraak van de RvS nog worden geëxecuteerd . Voorheen trok het bestuursorgaan zich niets aan van een finale uitspraak van de RvS. Dat kon ze ook ongestraft doen, want er was geen enkele sanctie op. De burger had ook geen enkele mogelijkheid de executie van de uitspraak af te dwingen. Sinds enige jaren is er dan een belachelijk stelsel van dwangsommen in het leven geroepen. Een gotspe. Dwangsommen ter hoogte van 10 E / dag met een maximum van 3000 E per casus staan de burger ten dienste in het dispuut tussen hem en het bestuursorgaan. Vergelijk dat eens met de machtsmiddelen waarover het bestuursorgaan de beschikking heeft wanneer de burger te laat is of het verrekt om een illegale dakkapel of carpoort te verwijderen.

Nederland is inmiddels 1984. Onwetendheid is kennis, slavernij is vrijheid, oorlog is vrede.
John Locke schrijft in zijn : “Two Treatises on Government” dat de koning( i.e. de overheid )zijn mandaat tot heersen heeft verkregen op grond van een natuurwet. Schendt de koning de door hem te respecteren wetten, dan is het volk gerechtigd hem af zetten, desnoods met geweld. Ik meen dat er inmiddels alle redenen zijn om de huidige overheid af te zetten door haar veelvuldig en consequent schenden van de wet .

a.zecha

De vergroting van straf- en sanctiemogelijkheden door lagere functionarissen van het openbaar bestuur leidt mijns inziens voorspelbaar tot een nog grotere anti-democratische evolutie van onze in oorsprong democratische “rechtsstaat”.
De onafhankelijke rechtsspraak wordt gesubstitueerd door een belangen-afhankelijke straf- en sanctiemogelijkheid van benoemde/aangestelde bestuursleden.

Mijns inziens ligt voorgaande in het verlengde van de na-oorlogse Nederlandse rechtsontwikkeling. Met name de door de parlementaire kaderwetgeving gegenereerde stroom van “de facto” decretoire wetten (MvB’s). Deze beïnvloeden reeds nadelig de rechtspositie van individuele burgers ten opzichte van de staat.

Bovendien: niet los hiervan zijn paralelle maatregelen van staatswege. O.a. die de toegang van individuele burgers tot de rechter reëel “ontmoedigen”.

Concluderend: de door de Hoge Raad verwoorde vrees is reëel en ligt mijns inziens op het traject van een anti-democratische evolutie.

a.zecha

Marius van Huygen

“De dienst in dit land wordt uitgemaakt door bestuurders wier beslissingen slechts “marginaal” op formele aspecten getoetst worden”

Voor het strafrecht geldt voor de overheid hetzelfde bij aangifte van ‘strafbare’ feiten bij het OM gepleegd door de overheid. Valsheid in geschrifte (‘boekhoudefraude’) gepleegd door de overheid wordt door justitie systematisch niet vervolgd. Register Accountant Leo Verhoef heeft deze ervaringen op zijn website vastgelegd.

Leo Verhoef deed in november 2010 aangifte bij de Hoofdofficier van Justitie te Amsterdam van boekhoudfraude door gemeente Amsterdam. Na de bestraffing van bestuurders van Ahold voor boekhoudfraude (met een omvang van driekeer niks, in tegenstelling tot de boekhoudfraude bij Amsterdam van € 3,8 miljard (!)) heeft Justitie geen enkel argument om de boekhoudfraude bij Amsterdam onbestraft te laten. Justitie zit er nog steeds op te broeden, zo liet het weten.

Lees hieronder meer onder “Aangifte boekhoudfraude gemeente Amsterdam (2010).

Leo Verhoef deed al eerder (in 2003 en 2004) in 20 gevallen aangifte van boekhoudfraude. Door onkunde en (vooral) onwil van Justitie verdwenen de aangiften in onderste laden, dan wel raakten zoek, dan wel werden geseponeerd. Klachten hierover bij de betreffende Gerechtshoven mochten niet baten; een en al onwil.
Lees hieronder meer onder onder “Aangiften boekhoudfraude (2003-2006)”.

http://www.leoverhoef.nl/dossiers/strafzaken.html

Muskens

Marius van Huygen zegt

Ik veronderstel, zeker weet ik het natuurlijk niet, dat het OM er niet aan trekt om overheden te vervolgen om te voorkomen dat er weer Pikmeer 1 en 2 arresten uit voortkomen.
Feitelijk is het OM natuurlijk ook “gelegitimeerd” om het vervolgen van strafbare feiten, begaan door overheden af te wijzen, door te verwijzen naar de beide Pikmeer arresten.
Het behoeft natuurlijk, althans naar mijn mening, geen betoog dat de straffeloosheid van overheden een absoluut gedrocht is dat zich op geen enkele wijze verhoudt met het standpunt van John Locke omtrent het in acht nemen van wetten door de koning ( in casu overheden )
Ik vind de klaagzang van Corsten nogal hypocriet. Zoals al eerder opgemerkt doet het zich met regelmaat beroepen op 81 RO door de HR het recht geen goed. De verschuiving van de rechtsbedeling naar bestuursorganen, zoals gesignaleerd door Corsten c.s. en het doen van uitspraken door de HR die een vrijbrief voor het handelen, al of niet in strijd met de wet, betekenen voor het bestuur en het door A. Zecha eerder gesignaleerde fenomeen van de ( A) MvB’s ( en m.i. KB’s ) is een uitermate bedenkelijke tendens richting ontmanteling Trias Politica en ontwikkeling van de totalitaire staat

c wildschut

@Marius van Huygen: als de aangifte in 2010 is gedaan, is het niet zo vreemd dat er nu nog geen vervolging is ingesteld. Financiële onderzoeken zijn bijzonder ingewikkeld en kosten veel schaarse tijd en deskundige mankracht. Je moet wel een zaak hebben om iemand te vervolgen en veroordeeld te krijgen.

Overigens is de rol van de Hoge Raad in het Nederlands bestel niet die van feitelijke rechter; als het gaat om beslissingen over feiten is het gerechtshof de rechterlijke instantie met het laatste woord. De Hoge Raad is er om te laten controleren dat die gerechtshoven recht spreken volgens de regelen der kunst en met de juiste uitleg van het recht(rechtsvragen). Soms worden er in cassatie bij de Hoge Raad alleen maar gronden aangevoerd die gaan over feiten of die gaan over rechtsvragen die al lang en breed beantwoord zijn. In die gevallen heeft de Hoge Raad er dus ofwel niets over te zeggen ofwel al genoeg over gezegd. In die gevallen kunnen zaken met verwijzing naar 81 RO worden afgedaan. Natuurlijk een efficiëntiemaatregel, maar de Hoge Raad heeft maar 40 leden (meen ik). En de zaken waarin wél echt iets te zeggen is, moeten ook binnen een redelijke termijn worden behandeld.

Marius van Huygen

@c wildschut

Zoals u in het dossier van Verhoef kunt lezen zijn er in 2002 en 2004 in 20 gevallen aangiften gedaan waar door het OM niets mee is gedaan. Ook een art. 12 procedure mocht niet baten omdat het Hof op standpunt staat dat er bij aangiften sprake kan zijn van ‘rechtstreeks eigenbelang’. Op deze wijze kan dus niemand aangifte doen tegen de overheid, behalve het OM dan, maar die doen het niet aangezien het OM geen overheid vervolgt.De aangifte van 2010 is blijkbaar door Verhoef gedaan in de overtuiging dat er gelijkenis bestaat met de Ahold affaire, waarbij de bestuurders wel zijn vervolgd.
Maar hier gaat het om bedrijfsleven waar het BW van toepassing is.
De overheid heeft ook hier weer vlucht mogelijkheden met comptabiliteits voorschriften (BBV) waarbij het BW weliswaar leidend is, maar waarvan de overheid meent te moeten kunnen afwijken. Het is opvallend dat de huidige politieke partijen geen enkele interesse tonen in de problematiek die Verhoef aankaart.
Dit is waarschijnlijk te verklaren door het feit dat de huidige politieke partijen bij de lagere overheden zelf medeplichtig zijn aan deze maatschappelijke misstand.

Marius van Huygen

herstel:

“Ook een art. 12 procedure mocht niet baten omdat het Hof op standpunt staat dat er bij aangiften sprake MOET zijn van ‘rechtstreeks eigenbelang”.

Muskens

@c wildschut

De HR is er inderdaad niet om de procedure voor het hof nog een dunnetjes over te doen. Dus als het ware een hoger beroepsinstantie die te vergelijken zou zijn met de positie van het hof ten opzichte van de rechtbank.
De HR behandelt rechtsvragen die voor de ontwikkeling van het recht van belang zijn en dat speelt natuurlijk ook wanneer het hof essentiële rechtsvragen om wat voor reden dan ook niet of onvoldoende beantwoordt.
Verder is de ontwikkeling van jurisprudentie door de HR van groter gewicht dan wanneer dat door een hof is gedaan.
Maar wat nu, als het hof geen bijdrage aan de rechtsontwikkeling heeft geleverd of het antwoord op een dergelijke vraag heeft ontweken?
Dan is de HR inderdaad de instantie die deze vraag heeft te beantwoorden.
Overigens kan ik u geruststellen. In de casussen waarbij ik betrokken was die in cassatie zijn gegaan, betrof het juist de beantwoording van essentiële rechtsvragen en had de behandeling daarvan wellicht bijgedragen aan de ontwikkeling van het recht. Met 81 RO zijn die kansen verspeeld geworden.

Muskens

@Marius van Huygen

Of. zoals in de art 12 procedures van Leo Verhoef geen rechtstreeks eigenbelang zou zijn. Ik meen toch dat voor iedere burger in de zaken die Leo Verhoef aankaart een rechtstreeks eigenbelang schuilt. Iedere burger heeft er toch belang bij dat overheden onberispelijk functioneren, immers bestaat iedere overheid bij de gratie van de burger die daar dus kennelijk teveel voor betaalt. De burger kan bestaan zonder overheid. De overheid kan enkel bestaan als de burger dat wil.

Marius van Huygen

@Muskens

“Ik meen toch dat voor iedere burger in de zaken die Leo Verhoef aankaart een rechtstreeks eigenbelang schuilt. Iedere burger heeft er toch belang bij dat overheden onberispelijk functioneren, immers bestaat iedere overheid bij de gratie van de burger die daar dus kennelijk teveel voor betaalt”

De reactie van het Gerechtshof te Amsterdam 12 september 2006:

“Ingevolge het bepaalde in art. 12 van het Wetboek van Strafvordering kan de rechtstreeks belanghebbende schriftelijk beklag doen een strafbaar feit niet wordt vervolgd of de vervolging niet wordt voorgezet. Nog daargelaten dat niet bij voorbaat vasstaat of er sprake is van een strafbaar feit als door de klager aangegeven, is als belanghebbende in de zin van genoemd artikel slechts te beschouwen degene die door het achterwege blijven van een strafvervolging is getroffen in een belang dat hem bepaaldelijk aangaat. Daarvan is in dit geval geen sprake”

“De hiervoor geformuleerd eis van aanwezigheid van een bijzonder belang staat eraan in de weg klager als rechtstreeks belanghebbende aan te merken nu hij geen gronden heeft aangevoerd waaruit kan worden afgeleid dat hij een bijzonder belang heeft bij het instellen van de door hem verlangde strafvervolging”

http://www.leoverhoef.nl/dossiers/strafzaken/strafzaken20060912.pdf

b.lyngbakken

Niet iedereen heeft een rechtstreeks eigen belang bij de vervolging van overheidsmisdrijven of overtredingen.
Een voorbeeld: iemand in Limburg kan niet vragen om vervolging van de overheid die gif stort in het Pikmeer; een inwoner van Grouw (dat ligt aan het Pikmeer) wel. Een milieufederatie zou dat mogelijk ook kunnen. De eis van rechtstreeks belanghebbend zijn houdt dat niet tegen
Verder kun je als burger via de politiek misstanden aanpakken.

Muskens

@b.lyngbakken

Nu zou ik zo dolgraag van u horen hoe het zit met de vervolging wegens bijvoorbeeld moord? Is daar ook een aangifte voor nodig? En is het ook zo dat wanneer daar dan aangifte van wordt gedaan ook gekeken wordt naar de status van de aangever. of deze “daar belang bij heeft”?
Misschien een te kras voorbeeld. Nemen we dan wildplassen. Is daar ook een aangifte voor nodig of vervolgt justitie daar op eigen initiatief? En in wiens belang is dat dan? Wordt, indien daar door meneer of mevrouw X daar aangifte van wordt gedaan ook gekeken of hij of zij belanghebbende is? En seponeert het OM wanneer blijkt dat de aangever daar geen belang bij heeft? ( het was niet zijn of haar gevel waar tegen gepiest werd)
En ziet het hof bij een art 12 procedure dan ook van een behandeling af als blijkt dat het niet de gevel van de aangever ( -geefster ) was.
Ik vind het een rare gang van zaken dat bij het kennelijk aangifte doen van een strafbaar feit tegen een overheid er sprake met zijn van onmiddellijke belanghebbendheid door bijvoorbeeld een inwoner van een frauderende gemeente die al of niet terecht moet vrezen voor een verhoging van zijn OZB of parkeerbelasting omdat zijn gemeente op frauduleuze wijze met haar boekhouding ( om precies te zijn; belastinggelden )om gaat.
Net zo min ondergetekende belanghebbend is bij een winkeldiefstal in een plaats 50 km van hem verwijderd en daar toch aangifte van kan doen en toch vervolging van dit feit plaatsvindt, zo is iedere burger mijns inziens belanghebbend bij de vervolging van strafbare feiten door om het even welke overheid ook, begaan.

Muskens

@b.lyngbakken

Wellicht aardig dat ik ook zo’n gevalletje “niet belanghebbend” persoonlijk heb mogen meemaken. Dit betreft dan een door mij met het grootste wantrouwen bekeken andere sport; het bestuursrecht. ( professor Tak; “Het Nederlands Bestuursrecht in Theorie en Praktijk “)
In de negentiger jaren was ik woonachtig in de gemeente Neerijnen. Voor mijn zakelijke activiteiten had ik een bord aan de gevel van mijn huis gehangen. Dat viel niet in goede aarde bij de buurman die vreesde voor “waardeverlies” van zijn pand. Aldus volgde na klacht van deze bij B&W van Neerijnen een aanschrijving van de laatste omdat het door mij aangebrachte bord niet zou stroken met “gemeentelijke criteria wat betreft afmetingen”.
Neerijnen is een gemeente met een aantal kerkdorpen en ik besloot dan maar eens in de auto te stappen en eens te gaan kijken hoeveel borden in deze gemeente dan zouden stroken met genoemde “gemeentelijke criteria “. Hoe zou de derde poot van de Trias Politica, de handhaving, in dit geval door een bestuursorgaan, er nu in de praktijk uitzien? Ik kan u zeggen; bar en boos. Er was vrijwel geen bord in de hele gemeente te vinden dat voldeed aan de eisen zoals door B&W gesteld. Ik heb er een aantal filmrolletjes mee volgeschoten en besloot op basis van dit materiaal een bezwaarschrift in te dienen dat, uiteraard, zou ik willen zeggen, ongegrond werd verklaard. Vervolgens vol goede moed naar de bestuursrechter in Arnhem, die zoals bekend ( niet alleen de bestuursrechter in Arnhem natuurlijk) de blunders van bestuursorganen afdekt en het gevalletje B&W van Neerijnen hierop geen uitzondering was en ook mijn beroepschrift ongegrond verklaarde. Dan ga je als naïeve burger toch naar het hof? Ik merk op dat ik inmiddels verhuisd was naar Duitsland omdat ik meende dat men daar sinds 1945 en met de ervaringen met Ronald Freisler in gedachte, wat betreft de onafhankelijke rechtspraak nog wat goed te maken had.
Op de zitting van het hof in Arnhem kwam de voorzitter, de president wellicht, tot de conclusie dat ik geen belang neer had in een vernietiging van de afwijzende beschikking, terugverwijzing naar B&W van Neerijnen( immers de bestuursrechter vernietigt slechts, toetst enkel op formele criteria en treft vrijwel nimmer een finaal oordeel, alhoewel de tweede tranche van de herziening van het bestuursrecht daar nadrukkelijk wel in voorziet) en een hernieuwde behandeling van mijn bezwaarschrift door B&W van Neerijnen omdat ik inmiddels deze gemeente had verlaten en “er geen belang meer bij had “.
Mijn verweer dat de onderliggende procedure weldegelijk gegrond was omdat iedere burger, of hij nu in Neerijnen woont of niet, belang heeft bij rechtszekerheid, mocht niet baten. Tot zover de willekeur van het Nederlands recht.

Marius van Huygen

²Muskens

“Ik vind het een rare gang van zaken dat bij het kennelijk aangifte doen van een strafbaar feit tegen een overheid er sprake met zijn van onmiddellijke belanghebbendheid”

De uitspraak van het Gerechtshof te Amsterdam 21-1-2009

“Hof Amsterdam beveelt de strafvervolging van het Tweede Kamerlid Geert Wilders”

Het Hof blijkt hier een volledig andere invulling te geven aan het begrip belanghebbende en verklaart in deze art. 12 procedure vrijwel alle klagers ‘ontvankelijk’

“Het hof is van oordeel dat de juiste maatstaf gevonden kan worden in de vrees voor maatschappelijke onrust die kan ontstaan wanneer het functioneren van de democratische rechtsorde door wanorde daadwerkelijk wordt verstoord. In dat perspectief gezien, hebben individuele burgers er een concreet belang bij dat een gevaarlijke verstoring van het maatschappelijk leven en het publieke debat dient te worden afgewend. In zoverre zal het hof – overeenkomstig de opvatting van het openbaar ministerie – alle klagers als rechtstreeks belanghebbenden aanmerken, waardoor zij ontvankelijk zijn in hun beklag, temeer nu klagers in het bijzonder hebben geklaagd met betrekking tot groepsbelediging en het aanzetten tot haat, zijnde delicten van openbare orde, hetgeen het belang van klagers des te meer bestempelt tot een verifieerbaar en hen persoonlijk aangaand belang.”

http://zoeken.rechtspraak.nl/resultpage.aspx?snelzoeken=true&searchtype=ljn&ljn=BH0496&u_ljn=BH0496

Muskens

@Marius van Huygen

U duidt op een casus die betrekking heeft op de ge(mis) -dragingen van een individu, niet een overheid.
U vergelijkt om “ons licht in de duisternis” Helder te citeren “appels met koeien”
Fraude/ Valsheid in geschrifte door overheden is kennelijk al zo maatschappelijk aanvaard geworden dat een hof kennelijk niet bevreesd is voor maatschappelijke onrust en het in gevaar brengen van de “democratische rechtsorde”.
Nu vraag ik mij in arren moede dan af of het besluit tot niet vervolgen van een winkeldiefstal of een wildplasser ook zou resulteren in maatschappelijke onrust en in het in gevaar brengen van de “democratische rechtsorde”( wat dat ook mag zijn )
Kennelijk bestaat dat gevaar, want zowel wildplasser als winkeldief worden beiden vervolgd.
Ik concludeer dus dat de overheid zich niet aan haar eigen wetten houdt, er met twee maten gemeten wordt, er geen sprake is van democratische rechtsorde, eerder van wanorde en er alle redenen zijn om het huidige maatschappelijke bestel omver te werpen in de gedachte van John Locke

“Right of Revolution
The concept of the right of revolution was also taken up by John Locke in Two Treatises of Government as part of his social contract theory. Locke declared that under natural law, all people have the right to life, liberty, and estate; under the social contract, the people could instigate a revolution against the government when it acted against the interests of citizens, to replace the government with one that served the interests of citizens. In some cases, Locke deemed revolution an obligation. The right of revolution thus essentially acted as a safeguard against tyranny.”

Marius van Huygen

@Muskens

“U duidt op een casus die betrekking heeft op de ge(mis) -dragingen van een individu, niet een overheid.”

Bij de aangiften zijn ook ‘natuurlijke’ personen aangeklaagd in dienst van of voor de overheid. Behalve verantwoordelijke ambtenaren zijn ook accountantskantoren die voor de overheid jaarrekeningen hebben opgesteld en gecontroleerd aangeklaagd.
De vergelijking tussen ‘appels en koeien’ gaat dus niet helemaal op aangezien er geen enkele reden is om verschil te maken tussen strafrechtelijke aangiften tussen die van de overheid en de burgerij.
Het directe persoonlijke belang bij de kwestie Wilders is bij de art. 12 procedure wel erg gemakkelijk door het Hof aangetoond, terwijl bij klokkenluider Verhoef het Hof er a priori al van uitging dat hij geen direct belanghebbende kon zijn.
De uitspraak van het Hof in Amsterdam inzake deze art.12 procedures is in feite als een politieke stellingname te beschouwen. In het eerste geval om Wilders (politiek?) te kunnen vervolgen. In het tweede geval om Verhoef als ‘klokkenluider’ geen enkele kans te geven strafrechtelijk tegen overheidsdienaars en andere medewerkers te kunnen optreden.

Uitspraken van het Hof over de ontvankelijkheid van de klagers bij Wilders (art.12) en de niet ontvankelijkheid van klager en klokkenluider Verhoef (art.12) nog eens naast elkaar gelegd:

Voor Wilders:

“Het hof is van oordeel dat de juiste maatstaf gevonden kan worden in de vrees voor maatschappelijke onrust die kan ontstaan wanneer het functioneren van de democratische rechtsorde door wanorde daadwerkelijk wordt verstoord”

Voor Verhoef:

“…is als belanghebbende in de zin van genoemd artikel slechts te beschouwen degene die door het achterwege blijven van een strafvervolging is getroffen in een belang dat hem bepaaldelijk aangaat. Daarvan is in dit geval geen sprake”

Muskens

@Marius van Huygen

Uw stelling dat het Amsterdamse hof feitelijk een politieke stellingname in haar beide uitspraken heeft verwoord, kan ik delen.
We zijn hier dus getuige van het fenomeen dat de rechtsprekende macht op de stoel van de wetgevende macht is gaan zitten. Dit in tegenstelling tot het doorgaans tegenovergestelde en hetgeen ook door Corstens en Linmborgh met kennelijke verontrusting is gesignaleerd, dat de uitvoerende macht juist de positie van de rechtsprekende macht langzaam schijnt in te nemen.
Het gegeven dat de aanklacht van Verhoef, o.a. tegen accountants in een art 12 procedure is afgewezen, is natuurlijk mede gedaan om overheden ook niet indirect te compromitteren.
Uw mening dat het besluit om Wilders door het OM te laten vervolgen uit tussen haakjes overigens met vraagteken, uit overwegingen van politieke aard gemotiveerd zou zijn, kan waar zijn maar behoort het in ieder geval niet te zijn. Eenieder die zich schuldig maakt aan haatzaaien, discriminatie en belediging dient, onafhankelijk van mogelijk politieke overwegingen en de exacte inhoud van voornoemde strafrechtelijke daden, mijns inziens vervolgd te worden.

Nog een correctie; “…., alhoewel de tweede tranche van de herziening van het bestuursrecht….. ” behoort uiteraard te zijn; “…., alhoewel de derde tranche van de herziening van het bestuursrecht…. “

c wildschut

Beste Muskens, u gaat in een van uw bijdragen tekeer tegen het Hof dat concludeerde dat u geen belang meer had bij een beslissing. Maar wat wás uw belang dan nog? U woonde al niet meer in Neerijnen, dus een voor u gunstige beslissing zou er toch niet meer toe leiden dat u alsnog een bord aan de muur in Neerijnen ging hangen. Lijkt mij een prima uitspraak dus. U kunt natuurlijk genoegdoening willen, het gevoel dat u recht gedaan is. Maar daar gaat het in de rechtspraak niet om; er moet wel een materieel belang gediend zijn.

Dan wat betreft artikel 12 Sv. Het in dat artikel neergelegde belanghebbendebegrip sluit niet rechtstreeks getroffenen uit. Dat is de bedoeling van de wetgever en dat wordt ook zo toegepast. In de zaak tegen Wilders zijn de klagers als rechtstreeks belanghebbenden aangemerkt, omdat zij -kennelijk- rechtstreeks getroffen zijn door Wilders’ opmerkingen. Een oordeel dat voor discussie vatbaar is, daar ben ik het mee eens.
Als het gaat om huis-tuin en keukenzaken zoals wildplassen, zou je inderdaad kunnen stellen dat de geveleigenaar een rechtstreeks belanghebbende is en een toevallige passant die zich ergert aan liederlijk gedrag niet zo. Bij een winkeldief is de winkeleigenaar rechtstreeks belanghebbende en kan die vervolging eisen, u niet. Dat is allemaal ook wel begrijpelijk; een andere uitleg zet de sluizen van beroepsklagers wagenwijd open en dat leidt tot een onwerkbare situatie.

Marius van Huygen

@ Muskens

“Eenieder die zich schuldig maakt aan haatzaaien, discriminatie en belediging dient, onafhankelijk van mogelijk politieke overwegingen en de exacte inhoud van voornoemde strafrechtelijke daden, mijns inziens vervolgd te worden.”

Het OM heeft juist in eerste instantie besloten om niet tot vervolging van Wilders over te gaan. Juist middels de art.12 procedure wordt het OM door het Hof gedwongen dit wel te doen.

Volgens Wilders is de uitspraak wel als een politiek vonnis te beschouwen aangezien het Hof zich al met de ‘inhoud’ heeft bezig gehouden.

http://vorige.nrc.nl/binnenland/article2127871.ece/Wilders_voelt_zich_al_veroordeeld

Muskens

@ c wildschut

“tekeer gaan tegen “? Naar mijn opvatting is “tekeer gaan tegen ” toch iets anders van toon dan de bewoordingen die ik gebruikt heb om het handelen van het hof te beschrijven . Maar dit terzijde.

Mijn belang was dat B&W van Neerijnen op haar nummer werd gezet ën dat aan absolute willekeur, een kenmerk van een dictatuur, een eind werd gemaakt. Nu daarentegen, stelt het hof impliciet; ” het gegeven van absolute willekeur, een bestuur met dictatoriale trekken achten wij prima”
In de “democratische en sociale rechtstaat Nederland ” wordt door het belanghebbendenbeginsel bedrog, fraude, valsheid in geschrifte ( Leo Verhoef ) en willekeur ( ondergetekende ) door de uitvoerende macht eenvoudigweg gesanctioneerd door de rechtsprekende macht.
Hoe wilt ú dan nog volhouden dat Nederland een democratie zou zijn en daarboven op ook nog een rechtsstaat, wanneer het de uitvoerende macht gegeven is misdrijven te plegen en er bovendien dan nog gesteld wordt; “ga daar maar mee door “?
Komt u mij niet aan met uw “belanghebbendheid” Ik en ongetwijfeld velen met mij hebben geen enkel belang bij uw criterium van “belanghebbendheid”

Hetgeen u kwalificeert als “liederlijk gedrag ” is gewoon een misdrijf te vinden in WvS onder vernieling ( strafrechtelijk ) of zaaksbeschadiging ( civiel ) U kunt dat natuurlijk “verharmlosen ” om daarmee de angel er uit te halen.

“Dat is allemaal ook wel begrijpelijk; een andere uitleg zet de sluizen van beroepsklagers wagenwijd open en dat leidt tot een onwerkbare situatie.”
Och, de verwerking van een lawine aan verkeersovertreders sinds de invoering van de wet Mulder is ook “reibungslos “verlopen. Eenvoudig automatiseren. Het is dat ik daarom niet begrijp dat u er begrip voor heeft dat bij een strafbaar feit slechts de rechtstreeks betrokkene( n ) vervolging zou (den)kunnen eisen. Het is ook niet juist wat u stelt, want ik meen dat bijvoorbeeld voor moord of overval weldegelijk derden, niet betrokkenen, aangifte kunnen doen. Dus waar ligt de scheidslijn?
Daarentegen kan de vraag gesteld worden. Wat heeft een toevallige passant er voor materieel belang bij om aangifte te doen van moord of overval? Het betreft hém toch niet?

Uw weerwoord komt er op neer dat u een overwegend gewicht toe kent aan het “materieel belang” en dat ook legitiem acht. Hoe verhoudt zich dat tot het overdreven of zelfs, doorslaggevend belang dat de rechtsprekende macht doorgaans hecht aan het belang van formele aspecten in AWB procedures? ( zie Tak )

Neen, mijnheer Wildschut, ik beschouw het slechts als doorgeslagen retoriek om de farce van rechtsstatelijkheid in Nederland overeind te houden.