Belangrijk: Voor het goed functioneren van nrc.nl maken wij gebruik van cookies (meer informatie).
Hiervoor hebben wij wel eerst je toestemming nodig. Klik op de groene knop als je hiermee akkoord gaat.

Uitspraak 68: Kun je de buren dwingen hun hoge coniferen te snoeien?

Kun je de buren dwingen hun hoog opgeschoten coniferen te snoeien? Over de definitie van een boom. Met commentaar van NJB medewerker Frank Verstijlen, hoogleraar privaatrecht in Groningen.

De Zaak. Tussen twee huiseigenaren in Haarlem is een conflict over de beplanting  op de grens tussen hun  voor- en achtertuinen.  Het gaat om een laurierstruik en een aantal hoge coniferen. Die moeten flink worden gesnoeid, vindt de buurman. hij vindt ze  te hoog. En ze staan te dicht bij de grens tussen beide percelen, waardoor er takken overhangen. De buurman klaagt niet over het wegnemen van licht. Hij vindt de coniferen zelf hinderlijk.

Staat hier iets over in de wet? In artikel 42 van boek 5 van het Burgerlijk Wetboek is een minimumafstand tot de grenslijn van het erf van de buren voorgeschreven. Daarbinnen is het ‘niet geoorloofd bomen, heesters of heggen te hebben’, zonder toestemming van de buren. Voor bomen geldt een vrij te houden afstand van twee meter  ‘te rekenen vanaf het midden van de voet van de boom’. Voor heesters en heggen een halve meter, ‘tenzij ingevolge een verordening of een plaatselijke gewoonte een kleinere afstand is toegelaten.’

Zo’n plaatselijke verordening blijkt te bestaan. Deze Bomenverordening schrijft voor dat de geoorloofde afstand voor bomen 0,5 meter mag zijn. En voor heesters en heggen zelfs nihil. In Haarlem is dus tuinbeplanting dichter op elkaars grens toegestaan. Verder staat er nog in artikel 42 in boek 5 van het BW dat buren elkaar niet lastig mogen vallen over ‘bomen, heesters of heggen die niet hoger reiken dan de scheidsmuur tussen de erven.’ Dit conflict gaat over coniferen hoger dan 2 meter.

Waarop spitst zich het conflict toe? Op de vraag of een hoge conifeer als een boom telt. Als een conifeer juridisch een boom is, dan staan ze fout, immers op de grenslijn. Is een conifeer echter een ‘heester of heg’ dan staan ze goed. Want dan is de geoorloofde afstand tot de grenslijn nihil. Dus: wat is een boom?

Hoe bepleiten partijen hun standpunt?

De eigenaren van de coniferen wijzen op artikel 1 van de plaatselijke Bomenverordening. Daarin staat dat er sprake is van een boom als de stamdoorsnede minimaal 20 centimeter is. Hun coniferen zijn niet dikker dan 9 centimeter.

De eisende buurman zegt dat de gemeente niet mag  beslissen wat een boom is. Dat moet de nationale wetgever doen. Maar aangezien die dat kennelijk heeft overgelaten aan de rechter, is diens oordeel bindend. De meeste rechters kijken dan naar de hoogte. En dat moet deze rechter dus ook doen. Een conifeer mag daarom als boom gelden, als ze heel hoog is.

Wat zegt de rechter? Die vindt dat de plaatselijke Bomenverordening wel degelijk geldt. Als de gemeenteraad een wettelijke minimumafstand voor heesters mag terugbrengen van een halve meter tot nihil, dan mag de gemeente ook bindend voorschrijven wat een boom is en wat niet. Het criterium ‘stamdoorsnede’ is dus geldig. Dit zijn derhalve ‘heesters of heggen’ en die mogen blijven staan. Ze hoeven niet te worden afgetopt. Maar de overhangende takken moeten er wel af.

De uitspraak (LJ BN 9834 ) is hier te vinden.

Geplaatst in:
Bestuursrecht
Lees meer over:
middenbestuur

10 reacties op 'Uitspraak 68: Kun je de buren dwingen hun hoge coniferen te snoeien?'

NJB medewerker en hoogleraar privaatrecht in Groningen Frank Verstijlen

Het blijft verbazingwekkend waarover mensen met elkaar in geschil kunnen raken. Twee volksgroepen lijken hier een bijzonder talent voor te hebben: buren en juristen. In deze zaak wordt gesoebat over: wat is een boom en wie maakt dat uit?

De wet gebruikt het begrip ‘boom’ maar geeft geen definitie. Je kunt niet alles definiëren. Over het algemeen zal het begrip weinig aanleiding voor misverstand geven. Maar soms wel. Is een boompje een boom? Is een dode boom een boom? Of in dit geval: is een
conifeer een boom? In zulke gevallen kan een scherpe definitie toch handig zijn. Dat is wat de gemeente Haarlem bood.

Het standpunt van de eiseres in deze zaak is een beetje gezocht. Van de wetgever zou de gemeente alleen de toegestane afstand voor “bomen, heesters of heggen” mogen verkleinen. Zij zou niet gaan over wat een boom is. De rechter heeft goed gezien dat de gemeente Haarlem de definitie gebruikt als ‘technisch-juridisch’ instrument. Zij had ook kunnen bepalen dat bomen met een doorsnede van minder dan twintig centimeter tot op de perceelsgrens mogen worden geplant en dikkere bomen op een afstand van minimaal vijftig centimeter. Ik zie er weinig kwaad in dat de gemeente hetzelfde resultaat bereikt via de definitie van ‘boom’. Tenminste zolang zij blijft binnen de ruimte die de wetgever haar heeft gelaten. De gemeente zou over de schreef gaan als zij heggen onder de definitie van ‘boom’ zou brengen en de minimumafstand op een meter zou stellen, want voor ‘heggen’ is volgens art. 42 van boek 5 BW de minimumafstand ten hoogste een halve meter.

Dat de gemeente onderscheid maakt tussen dunne en dikkere bomen, vindt de rechter geen probleem. Als de gemeente de minimumafstand voor alle bomen op nihil mag stellen, mag zij dat ook voor alleen dunne bomen. Wie het meerdere mag, mag ook het mindere. Dat principe is niet onomstreden maar in dit geval heeft de rechter het bij het rechte eind. De gemeente, die door de wetgever is aangewezen om een nadere regeling te geven, kan rekening houden met plaatselijke omstandigheden. Het maakt uit of het gaat om naburige stadstuintjes in het hart van Amsterdam of riante kavels in de Groninger ommelanden. Dat die gemeente bij de afweging in haar gemeente de overlast van dunne
bomen nabij de erfgrens minder zwaar vindt wegen dan die van dikke bomen, is begrijpelijk.

De werkwijze van de gemeente kan in de ogen van ‘normale mensen’ – niet-juristen – wel tot merkwaardige resultaten leiden. Wat een boom is in Haarlem, is nog geen boom in Amsterdam; tenminste in het Westerpark, waar – ik zocht het op – de grens ligt op een doorsnede van 31 centimeter. Maar een boom in Bos en Lommer in datzelfde Amsterdam is dan weer niet per se een boom in Westerpark, want in Bos en Lommer ligt de grens op tien centimeter; tenzij het een monumentale boom betreft, want een monumentale boom van minder dan tien centimeter is weer wel een boom. In Bos en Lommer dan.

van der pelt

Uit de wetgeving en de uitspraak maak ik op dat de de haag tot een hoogte van 2m (hoogte eventuele scheidsmuur) mag blijven staan. De eisende partij heeft pas recht van klagen vanaf 2m, klopt dat?

antwoord redactie blog: dat klopt.

marinus smit

Ik vind de Uitspraak 68: “Kun je de buren dwingen hun hoge coniferen te snoeien?” zéér verwarrend: Een niet jurist zal menen, dat dit onderwerp afdoende geregeld is in het BW.

Nu wordt die argeloze burger het (mogelijk kostbare ) juridische bos ingestuurd door plaatselijke verordeningen.
Volgens mij dient het BW te prevaleren en afwijkende voorschriften te verbieden.
Als dit niet zo is, had het BW daar dan op moeten wijzen.
Als het wenselijk is om rekening te houden met plaatselijke situaties, waarom dan alleen díe, waar de bepalende gemeente belang bij heeft, en niet ook die waar de individuele burger belang bij heeft ?
Dit is eenzijdig meten met vele maten !
Juridisch en bestuurlijk geknutsel !

Wim Westerhuis

De aanduiding doorsnede (‘van 20 cm’) wordt zeer vaak ten onrechte gebruikt en moet zijn diameter. De doorsnede van een stam van met een diameter van 20 cm is 1/4 pi x d x d = 1/4 x 3,14 x 20cm x 20cm =
314 vierkante cm.

van Kuijk

@marinus smit

Het Burgerlijk Wetboek betreft op dit punt regelend recht. Zoals eigenlijk al het zogenaamde burenrecht regelend recht betreft. Dit betekent dat er zonder meer kan worden afgeweken van de bepalingen zoals gesteld.

Frank Warendorf

Het is niet juist dat in Westerpark de grens ligt op een doorsnede van 31 centimeter. In de Bomenverordening Westerpark 2006 is het criterium een omtrek van 31 centimeter. Deze bomenverordening is per 1 oktober 2010 vervallen en vervangen door de Bomenverordening Stadsdeel Oud-West 2010, die ook voor (onder meer) Bos en Lommer geldt. Daarin gaat het om een doorsnede van tien centimeter. Een boom in Bos en Lommer is dus ook een boom in Westerpark. Prof. Verstijlen heeft waarschijnlijk op internet het Amsterdams Regelgeving Register geraadpleegd. In dit register is helaas nog een aantal oude bomenverordeningen opgenomen. De meeste Amsterdamse stadsdelen hebben per 1 oktober 2010 vanwege de inwerkingtreding van de Wabo nieuwe bomenverordeningen gekregen. Dit is nog niet verwerkt in het Amsterdams Regelgeving Register.

Jan Ludwig

Zou het mogelijk zijn dat in het ragfijne traject van besluitvorming en regelgeving iemand het onderscheid tussen diameter (d = 10 cm)en omtrek (pi maal d = 31 cm) even kwijt was?

e van son

Het grensconflict met coniferen.

Commentaar van de buurvrouw die de rechtszaak heeft aangespannen:

De Zaak.
De buurvrouw (in dit geval) klaagt niet over het wegnemen van ZONlicht, (dat is voornamelijk ochtendzon) maar de reden om de zaak aan te spannen is juist omdat de hoge coniferen veel licht wegnemen en het huis donker maken.
(een tussenhuis; de tuin is 2.5 meter breed – de haag 5 meter hoog!!)

De Wet.
Hoe kan het dat een scheidsmuur van hout/steen maar twee meter hoog mag zijn, en een ‘scheidsmuur’ van coniferen onbeperkt mag doorgroeien?

De Gemeenteverordening.
De bomenverordening van de gemeente is bedoeld om bomen en groen te beschermen.
Maar de gemeente vindt het ook belangrijk dat haar inwoners prettig wonen en elkaar niet hinderen in hun woongenot. Een scheidsmuur van coniferen van vijf meter hoog is hinderlijk, op een plek waar een scheidsmuur van hout volgens de wet slecht twee meter hoog mag zijn, in verband met het woongenot van de buren. Daarbij komt nog dat de tuin die wordt begrensd door de coniferenmuur maar 2.5 meter breed is.

Hier zou je dus denken dat geldt dat het “uitmaakt of het gaat om naburige stadstuintjes in het hart van Amsterdam of om riante kavels in de Groningse ommelanden.” (citaat Frank Verstijlen)
Maar: blijkbaar moeten stadstuintjes van ruim twee meter breed in Haarlem volgens de bomenverordening van Haarlem beschouwd worden alsof het riante kavels in Groningse ommelanden zijn???

Burenruzies.
Het stoort mij dat deze zaak als gezeur tussen buren wordt neergezet door de heer Verstijlen.
Deze zaak speelt al vijftien jaar. De buurvrouw heeft alles geprobeerd om niet in een juridisch conflict te belanden. Overleg, afspraken maken (waar de buurman zich niet aan houdt), andere mensen inschakelen, buurtbemiddeling, rijdende rechter, overleg met de advocaten erbij. De coniferenbuurman weigert alle medewerking. Hij is er zelfs op uit om de buurvrouw zo veel mogelijk dwars te zitten (omdat hij geen tegenspraak duldt en zeker niet van een vrouw, is de mening van meerdere personen in de buurt — die met het conflict overigens niets te maken hebben). Op het moment laat hij alle heggen zo hoog mogelijk opgroeien.
De buurvrouw wil haar huis verkopen en dat stuit onder andere af op het feit dat het huis ‘donker’ is, vandaar de rechtszaak.

Kortom: De Haarlemse Bomenverordening is niet toegesneden op stadstuintjes van enkele meters breed en vertoont daarmee een lacune: ze geeft de burgers de gelegenheid geen rekening te houden met het woongenot van hun buren.

M.R. Hardeman

Inderdaad, juridisch geknutsel ! Schoenmaker houd je bij je leest ! Een boom is een levend iets en de definitie er van hoort daarom bij Biologen thuis. Deze weten dus dat een (jonge) boom, normaliter, groeit en dat de diameter (omtrek) met de jaren groter wordt. Maar het is van het begin af aan een boom! Vergunning voor het planten van een jonge boom, op een discutabele plaats, dient dus in ieder geval in de tijd begrenst te zijn maar kan beter, rekening houdend met het biologische verschijnsel van groei en dus latere problemen, helemaal niet afgegeven worden.

Paul Oranje

Los van de juridische kwalificatie ben ik van mening dat de enige goede juniper een dode juniper is.
Nuancering: jeneverbes in de duinen, geen probleem.