Belangrijk: Voor het goed functioneren van nrc.nl maken wij gebruik van cookies (meer informatie).
Hiervoor hebben wij wel eerst je toestemming nodig. Klik op de groene knop als je hiermee akkoord gaat.

Uitspraak 66: Is de dealer aansprakelijk als je de verkeerde auto koopt?

bmwIs de dealer aansprakelijk als je een auto koopt met weinig hoofdruimte, waardoor je verkeerd gaat zitten en rugpijn krijgt? Met commentaar van NJB-medewerkers H.C.F. Schoordijk, emeritus hoogleraar (Anglo-Amerikaans) privaatrecht aan de UvT en UvA. En Eric Tjong Tjin Tai, hoogleraar privaatrecht in Tilburg.

De Zaak. Een bedrijf koopt voor de directeur een BMW coupe 630i voor 118.353,48 euro. De man maakt eerst een proefrit. Als de eerste vierduizend kilometer zijn gereden, krijgt hij rugpijn. Hij is 1,94 meter lang en zit toch niet zo lekker. De dealer verwijst hem naar een bedrijf dat ergonomische stoelen levert. Maar die biedt geen garantie dat een aangepaste stoel de klachten oplost. De directeur voelt zich gedwongen een andere auto te kopen. Hij bespreekt eerst een inruil voor een ruimere BMW. Maar dat model staat de directeur niet aan. Hij besluit elders een Audi Q7 aan te schaffen, die bijna even duur is. 118.873,61 euro. Hij ruilt de BMW in voor 78.748,92. Hij schiet er dus 39.604 euro bij in.

Wat wil de directeur? Hij claimt ‘product falen’, dwaling en onrechtmatig handelen. Hij meent dat de verkoper hem, een zichtbaar lange klant, had moeten behoeden voor een te kleine auto, zeker nu het om een dure ging. De dealer heeft zijn ‘actieve zorg en mededelingsplicht’ verzaakt, vooral omdat hij wist dat autokopers kiezen ‘gebaseerd op emotie’. Achteraf vindt hij de coupe ook geen auto die je normaal kunt gebruiken, terwijl hij er toch op mocht vertrouwen er in te kunnen rijden. Dat de verkoper een lange klant niet behoedde voor de aanschaf vindt hij onzorgvuldig. BMW moet dus het inruilverlies betalen.

Hoe onderbouwt hij zijn claim? Een deskundige van de Technische Universiteit Delft zoekt uit of hij in de BMW coupe vergeleken met andere bestuurders ‘een gebruikelijk en lichamelijk acceptabel zitcomfort’ heeft. Dat blijkt niet het geval. Maar dat ligt aan hem. Hij blijkt een ‘uitzonderlijk lange romplengte van 103 cm’ te hebben. Ergonomisch verantwoord zitten is voor hem onmogelijk. Namelijk in een houding ‘waarbij zijn rug niet op korte termijn overbelast wordt en hij ook nog de verkeerslichten kan zien’. Als de bestuurder de stoel ‘in de correcte stand gebruikt’ dan is de ruimte tussen hoofd en dak maar 5 mm. De norm is 76 mm. Zijn knie is dan ook maar 5 mm van het stuur. De man zat vermoedelijk wat onderuitgezakt om dat te vermijden.

Wat vindt de rechter? Die weegt mee dat de eiser erkende dat zijn ‘extreem lang bovenlijf’ hem nooit was opgevallen. Bij het kopen van kleding was het geen factor. Rugpijn had hij nooit. Als de eiser het zelf niet wist, dan hoefde de autoverkoper dat ook niet op te merken. Van autoverkopers hoeft geen bijzondere ergonomische deskundigheid te worden gevraagd. BMW verkoopt dit model vaker aan lange mensen, zonder klachten. De deskundige vond evenmin dat dere persoon van 1,94 niet in de coupe kon zitten. Maar alleen deze. Het is dus de bijzondere lichaamsbouw van de eiser die de problemen veroorzaakte. Niet de auto. Het inruilverlies is voor rekening van de koper. Evenals de proceskosten, ruim 3.800 euro.

Lees hier de uitspraak. LJ nummer BN 1725

Reageren? Nuanceren en argumenteren verplicht. Volledige naamsvermelding.

Geplaatst in:
Civiel recht
Lees meer over:
bewijslast

15 reacties op 'Uitspraak 66: Is de dealer aansprakelijk als je de verkeerde auto koopt?'

NJB medewerker Eric Tjong Tjin Tai, hoogleraar privaatrecht in Tilburg:

Achteraf weet je het altijd beter. Wat de koper genekt heeft is het ongunstige deskundigenbericht. Niet de auto is fout, hijzelf is bijzonder. En ja, dan is de zaak snel bekeken. Als je vindt dat de verkoper je op dit probleem had moeten wijzen, is het immers nodig dat de verkoper wist van die bijzondere omstandigheid.
Voor juristen gaat het om twee vragen. Ten eerste is er de vraag of dit een geval is van wederzijdse dwaling, dat wil zeggen dat beide partijen zich vergisten en het risico bij de verkoper moet liggen. De koper heeft dit overigens niet gezegd, hij vond dat het ging om zogenaamde eenzijdige dwaling, dat wil zeggen dat de verkoper had moeten mededelen dat de auto niet geschikt voor de koper was (wat de verkoper dus niet wist of kon weten). Ten tweede gaat het erom of is geleverd wat is gekocht, dus of de auto ‘non-conform’ was. Voor beide vragen draait het er in wezen om wat de koop precies inhield. Werd een auto verkocht die geschikt is (voor de meeste gewone mensen) om in te rijden, of een auto die ook geschikt moet zijn voor déze koper? Het antwoord is het eerste. Het gaat immers om een massa-product.
De directeur lijkt te hebben gedacht dat de verkoper meer voorlichting zou moeten geven. Volkomen onredelijk is dat niet. Verkopers doen wel vaker gevraagd of ongevraagd suggesties: “zou u dat nu wel doen, mevrouwtje”, “als ik u was, nam ik een andere”. De ene keer is dat nodeloos bevoogdend, de andere keer goedbedoelde voorlichting. Motorverkopers schijnen er op te letten dat de koper zijn motor zelf kan optillen (omdat je anders na een valpartij klem zit), schoenenverkopers letten (hopelijk!) op of de schoenen fijn zitten. Maar uiteindelijk is de koper degene die beslist. Je mag schoenen kopen die niet lekker zitten, louter omdat je ze mooi vindt. Wil je dat iets echt goed past, dan moet je een maatproduct kopen.
Misschien dat de directeur dacht dat een BMW, gelet op de prijs die je ervoor betaalt, een maatproduct is. Dat is dan toch echt verkeerd gedacht. Alleen in bijzondere gevallen, zoals bij aandelenlease-overeenkomsten en andere beslissingen met mogelijk dramatische financiële gevolgen, kan een verkoper verplicht zijn je af te raden om het contract te sluiten. Een directeur kan daarentegen wel een BMW lijden. Alleen de zwakken willen we tegen zichzelf beschermen. “Zou u dat nu wel doen, meneertje”, hoeft de verkoper niet te zeggen.

NJB medewerker H.C.F. Schoordijk, emeritus hoogleraar (anglo amerikaans) privaatrecht:

In de korte samenvatting van het vonnis van de Rb Arnhem, gelijk ook in het vonnis zelf, valt te lezen dat de autoverkoper niet op de hoogte kon zijn van de extreme lichaamsbouw (romplengte) van de koper van de BMW die dit type auto voor hem ongeschikt maakte. Opgemerkt wordt dat er daarom van dwaling geen sprake was. Zo zou ik het niet willen formuleren. De koper dwaalde wel degelijk maar deze dwaling komt voor zijn risico.
Dwaling is ten onrechte lang aangemerkt als een wilsgebrek. Met de wil in het recht is het moeilijk werken. Wat mensen op het oog hebben, is niet zichtbaar. Het dwalings-vraagstuk is dan ook slechts een toerekeningskwestie. De goede trouw tussen partijen brengt met zich mee dat een verkoper erop gericht moet zijn vergissingen bij een koper te voorkomen, maar anderzijds dient laatste zonodig op onderzoek uit te gaan. De Hoge Raad heeft in het ‘landmark’ arrest Baris/Riezenkamp van 1957 (NJ 1958, 167) deze denklijn uitgezet.
Gezien dit uitgangspunt lag het gelijk bij de verkoper. Deze kon gezien de feiten niet weten dat de koper uiteindelijk rugklachten zou krijgen en de BMW voor hem dan ook ongeschikt was. De koper wist dit evenmin en er was voor hem dan geen reden anders te handelen dan een proefrit te maken, de stoelleuning wat te verzetten om zo beter te zitten. Zijn lichaamsconditie lag in zijn risicosfeer.
Of een beroep op dwaling gerechtvaardigd is, hangt –zoals betoogd- af van gedrag over en weer. Ook een beroep op zgn non-conformiteit staat in deze sleutel. Bij een koop is bepalend om welke eigenschappen het voor de koper te doen is en of de verkoper dit moet begrijpen. Opvallend is dat de koper eerst na 4½ maand gaat klagen, zodat de niet gestelde vraag van rechtsverwerking gerechtvaardigd zou zijn geweest.
Sprake was in casu van een kansloze procedure. Ik vraag mij af of het aanspannen hiervan geïndiceerd was door het feit dat de koper tegen rechtsbijstand verzekerd is. Ik weet het niet. Verzekeraars hebben het soms moeilijk verzekerden van een procedure af te houden hoezeer procedures als deze als vervuiling van het rechterlijk apparaat aangemerkt kunnen worden. Moeten we niet terug naar het oud-hollandse recht waar voor het voeren van een procedure toestemming van de rechter nodig was (rechtsingang)? Bij cassatie kan de HR een procedure blokkeren wegens gebrek aan belang. Waarom niet een soortgelijke regeling bij geschillen in lagere instanties?

Jaap Uithof

Ik ben geen jurist, maar het lijkt mij dat een directeur die een afschrijving van 55% op een auto van 4 maanden oud accepteert in ieder geval een beroerd onderhandelaar is.

Mike van Eerd

Ik vind de case hilarisch. sorry hoor maar 1.94m is niet bepaald lang, er lopen heel wat langere mensen rond in Nederland – ik ben er zelf ook 1. Een andere stoel had al veel geholpen (kosten waarschijnlijk minder dan de proceskosten), en als je echt lang bent neem dan een auto met hoge instap, zoals bv een Ford Galaxy. Een Q7 is ook een mooie keus.

En tja, die directeur had blijkbaar gewoon interesse in iets anders en wilde de dealer het probleem laten slikken. Terecht niet gelukt.

Marnix Koedam

“… vooral omdat hij wist dat autokopers kiezen ‘gebaseerd op emotie’.”
Betekent dit dat verkopers verantwoordelijk gehouden kunnen worden voor de emoties van de kopers? Kan iedere aankoop dan vanaf nu teruggebracht worden bv. onder het mom van impulsaankoop zolang de verkoper bij aanschaf niet heeft gezegd: “Als dit een impulsaankoop is kunt u er beter nog een nachtje over slapen”?

Eelco de Vries

@Jaap Uithof (#3): en iemand die een inruilprijs van 78.748,92 op een aanschafprijs van 118.353,48 een afschrijving van 55% noemt, een beroerd rekenaar (of wellicht lezer) :-P

evert willebrands

De case is inderdaad hilarisch, maar tegelijkertijd triest. Het weerspiegelt een beetje de hedendaagse “claimcultuur”. Wat ik mij afvraag, wat voor man is deze directeur? Een omhooggevallen 18-jarige die voor het eerst een auto koopt en geen enkele ervaring/kennis heeft van auto’s? Wellicht ietsjes ouder en nu voor de Bühne een dure auto onder zijn kont wil en alle negatieve ervaringen uit het verleden vanwege zijn (in zijn ogen) uitzonderlijke lengte en lichaamsbouw?
In ieder geval een directeur die zijn bedrijf snel naar de knoppen zal helpen vanwege zijn drang naar uiterlijk vertoon.

peter ten have

Zoals gezegd, een auto is emotie. De een voelt zich lekkerder in een 2cv, de ander in een oude Peugeot. En deze man kennelijk in een BMW, type Coupe 630i. Als de man een dermate grote romplengte heeft dat hij er nek- en rugklachten aan overhoudt dan is een alternatieve stoel mijns inziens een goede optie. En 55% retour bij het terugbrengen is zo gek nog niet, er gaat 18.5% BTW vanaf en dit heeft de dealer al afgedragen.

Muskens

De koper heeft zeker een onderzoeksplicht.
Hij moet zélf beoordelen of het product wat hij op het oog heeft datgene is wat hij er zich van voorstelt en wat hij zich wenst én, zeker zo belangrijk, of het product voor hem geëigend is.
Het gaat niet aan om je als koper maar willoos naar de slachtbank te laten leiden en dan later te klagen dat je je eigen verstand niet hebt gebruikt om vervolgens de schuld bij de verkoper te leggen.

Reinier Bakels

De hooggeleerde commentatoren hierboven gaan er aan voorbij dat hier eigenlijk consumentenrecht van toepassing zou moeten zijn, al is dat hier formeel niet het geval, want de koper was een bedrijf. De wetgever beschermt bedrijven die iets kopen minder dan consumenten, omdat die beter in staat zouden zijn hun aankopen te beoordelen. Dat is hier ook van belang. Dat dient zelfs een wederzijds belang, want de klant betaalt er uiteindelijk toch voor als verkopers extreem moeten opletten.

Consumentenrecht verleent extra bescherming aan een koper. Dat gezegd hebbende, vraag ik mij af of dat hier tot een andere uitkomst had geleid, en, belangrijker nog, had moeten leiden. Een overmatige bescherming van de “zwakkere partij” (consument) leidt menigmaal tot irritante betutteling.

Voorbeelden: banken moeten tegenwoordig alles van je te weten voordat ze aandelen transacties voor je mogen uitvoeren. Een apotheek verkoopt je geen pillen meer zonder je hele doopceel gelicht te hebben. Advies moet beschikbaar zijn, maar niet verplicht.

Moeten autoverkopers hun potentiële klanten medisch laten keuren? Ik dacht het niet!

Muskens

10 Reinier Bakels

Of het consumentenrecht tot een andere uitkomst had moeten leiden vraag ik mij af.

Het grootste probleem lijkt mij dat veel consumenten en burgers overigens in het algemeen hun verstand in een kast leggen en het denken door anderen laten doen.
Nu ben ik van mening dat je vrijwel alles kunt uitbesteden behalve het gebruik van je eigen kritisch verstand.
Wanneer dat laatste niet meer gebruikt wordt door de eigenaar ervan dan is iedere niet-gebruiker een speelbal voor krachten die niet het belang van de niet-denker voor ogen hebben. Politieke partijen, autobedrijven, grootwinkelbedrijven etc.
Dit achterlijk gedrag van non-kritisch leven leidde in het verleden al tot zulke absurditeiten als de bekende voorbeelden uit de US met het hondje drogen in de magnetron met haché tot gevolg en koken op schoot omdat de ovendeur als opstapje werd gebruikt terwijl de pannen stonden te koken op het fornuis erboven.
Vandaag de dag leidt dat massaal uitschakelen van het kritisch verstand bijvoorbeeld tot politieke constellaties waar je als kritisch en weldenkend mens alleen maar paf van kunt staan.

T Spiridonov

Ik vind dat je voor de koop goed moet kijken en proberen of deze auto wel goed is.

Ik wist dat de instap van mijn belastingvrije Seat iets lastiger en lager was dan mijn vorige SUV, en ook de hoofd ruimte en voeten ruimte minder was.
Dus uitgebreid testen voor de aankoop, een lange proefrit en als die niet gemaakt werd gewoon niet klagen.
Ik wist dat mijn nieuwe auto vrij dikke balken heeft dus minder zicht in bepaalde hoeken en daar heb ik Dat deze auto maar €17.450,- koste maakt niets uit, elke auto heeft altijd voor en nadelen dus kijk of de auto bij jou en de rest van familie past!

Bert Kloosterziel

Wat ik mis in het artikel zijn de aspecten ‘omstandigheden van het geval’ en ‘eigen kennis’.
omstandigheid hier is dat door NA het maken van een proefrit, pas de koop is gesloten, en de dealer dus redelijkerwijs erop mocht vertrouwen dat eiser met meer dan alleen ‘proefzitten’ in de showroom ook in de praktijk de auto als passend heeft ervaren voor hemzelf zittend en rijdend in auto alvorens hij tot koop overging. Eigen kennis houdt in dat deze meneer zijn hele leven al al zijn eigen bijzondere lichaam ket en dus MEER DAN DE DEALER verdacht had behoren te zijn op de practische implicaties van zijn lijf rijdend in een auto. Per slot is was het hier wel heel waarschijnlijk niet de eerste auto die eiser in zijn leven zal heben gekocht; het is dus ronduit onwaarschijnlijk dat eiser niet eerder een pas-probleem in een heeft ervaren. Nergens blijkt dat eiser zijn keenis over zijn eigen lichaamsbijzonderheid voor de koop uit naar voren heeft gebracht in het verkoopgesprek. Eiser heeft dus zelf eeen mededelingsplicht die hij door zijn speciale kennis heeft, verzaakt. De simpele vraag “past die auto echt wel bij mijn apart lange lijf?” heeft hij zelf nagelaten, terwijl hij die redelijkerwijs had en ook behotren te stellen, in het kader van de mededelingsplicht over-en-weer.

Timo van Esch

Jaap Uithof zegt:
dinsdag 16 november 2010, 17:04 uur

Ik ben geen jurist, maar het lijkt mij dat een directeur die een afschrijving van 55% op een auto van 4 maanden oud accepteert in ieder geval een beroerd onderhandelaar is.

Mijn rekenmachine komt uit op 33,75%
En het is niet ‘na 4 maanden’, maar na 4000km.
Wat de auto in principe bijna nagelnieuw maakt.

Die korting is niet onrealistisch, gezien het feit dat die auto doorverkocht zal moeten worden als bijna-nieuw en dus met een interessante korting moet worden aangeboden. Zelfs als dat 95.000€ zou zijn, is er al bijna geen winst meer op te behalen voor de handelaar…

Als alle kosten (BPM; BTW?) en de werkuren van de dealer worden afgetrokken van die 118.000€, blijft er wellicht maar 78.000€ over!

Willem van Doorn

Ik ben iemand met soortgelijke ervaring als betreffende lange man, ik ben vrijwel zo lang als hij en heb in verhouding tot mijn beenlengte een lange rug. Kleding moet ik op maat laten maken. (Doe ik in Thailand). In auto’s kan ik nauwelijks in of de rugleuning moet ver achterover. Zo niet, bijvoorbeeld wegens ‘normale’(dus onbegrijpende) passagiers achterin, dan krijg ik rug- en nekklachten; een bestuurder kan ik niet zijn of het moet echt om wel een heel kleine afstand gaan. Ik laat mij dus rijden. Duur? Ja, maar liever duur uit dan almaar met doordringende rugpijnklachten opgezadeld te zijn. Je loopt die klachten gemakkelijk zonder er erg in te hebben op, maar zijn ze er weer, dan ben je er een hele tijd mee opgezadeld.
Wat is dat toch in deze maatschappij, dat als je afwijkt van het gemiddelde, je buiten de boot (in casu de auto) valt. Altijd zijn er hoofdstotende elementen aangebracht en altijd hangt de luif (of wat dan ook) niet te laag, maar -ha,ha,ha- ben ik te lang. Ik vind dat beledigend. Rechters in hun oordeel en wetsuitleggingen in hun toepassing zijn uiteraard ook aangepast aan dit principe dat een afwijking van het gemiddelde niet mag; niet eens mag je intelligenter zijn dan gemiddeld (weet ik als zoon van een intelligente vader en als vader van een intelligente zoon, ze zijn er allebei aan kapot gegaan, er -beter gezegd- om kapot gemaakt. Let wel het gaat hier om eigenschappen die niet iemands eigen schuld zijn (te dik bijvoorbeeld kan wel je eigen schuld zijn), maar het gaat om jou, zoals je geboren bent. En dat zijn we als het goed is in gelijkgerechtigheid. Het zou -om op het onderwerp auto terug te komen- standaard moeten zijn dat bij ieder model is aangegeven voor welke (rug)lengte een model geschikt is. Dat onder wettelijke controle.