Belangrijk: Voor het goed functioneren van nrc.nl maken wij gebruik van cookies (meer informatie).
Hiervoor hebben wij wel eerst je toestemming nodig. Klik op de groene knop als je hiermee akkoord gaat.

"Gevonden: tas met dossiers, vermoedelijk van raadsheer"

bagagedragerMag een rechter dossiers mee naar huis nemen om daar verder te werken? En zijn er eigenlijk regels voor het transport? Die vraag is actueel nu eind september een raadsheer van de Hoge Raad zijn tas met twee vertrouwelijke strafdossiers in de trein kwijtraakte. Lees hier het bericht. Rechters blijken met enige regelmaat hun stukken te verliezen.

Enige tijd geleden verloor een fietsende  Haagse politierechter een aantal dossiers die ze in een plastic tas op de bagagedrager met een snelbinder had bevestigd. Lees hier het bericht. Een Haarlemse rechter vergat zijn tas uit de trein mee te nemen. Maar kreeg deze een dag later van de conducteur terug. Lees hier de mededeling van de rechtbank. Bij de nationale ombudsman werd dit jaar thuis ingebroken – er werden twee aktetassen ontvreemd, met klacht-dossiers. Lees hier het bericht. En dan was er natuurlijk de Amsterdamse strafrechter die zich vergiste bij het opruimen en een aantal dozen met dossiers zèlf aan de stoeprand zette. Zij nam meteen ontslag. Lees hier het bericht.

Er is dus wel wat aan de hand. Pech, slordigheid en soms nalatigheid – dat is het beeld tot nu toe. Dat rechters ook thuis werken is een praktijk die al decennia oud is. Gebaseerd op de gedachte dat studie en reflectie, net als bij wetenschappers, niet aan kantoortijden of -locaties is gebonden of zou moeten zijn. Net zoals docenten ‘s avonds hun colleges voorbereiden, schrijven rechters thuis vonnissen.

Over het transport van de vertrouwelijke dossiers blijken inderdaad voorschriften te bestaan. Maar hoe hoger de rechter hoe informeler die richtlijnen – en hoe lager, hoe gedetailleerder. Zo kent de Hoge Raad intern geen enkele richtlijn. Navraag bij de Hoge Raad leert dat de diefstal in de trein er wel voor zorgt dat er “intern nog eens op de risico’s van verlies en diefstal van stukken als gevolg van reizen” wordt gewezen. Eigen verantwoordelijkheid dus. De betreffende rechter had zijn tas en zijn jas in het bagagerek gedeponeerd. Bij aankomst, in Breda, lag alleen de jas er nog. Van alle dossiers die op pad gaan wordt wel een digitale kopie binnen het gebouw van de Hoge Raad gehouden. Maar voor de rest mogen raadsheren het zelf weten.

De Raad voor de Rechtspraak, waar de Hoge Raad overigens niet onder valt, heeft voor de rechtbanken en gerechtshoven wel een richtlijn paraat, lees hier. Daarin staat onder meer dat dossiers in een ‘geschikt transportmiddel’ moeten worden meegenomen. Dus geen plastic tasjes. Als het vertrouwelijke dossiers zijn dan mag dat voor buitenstaanders ‘niet zichtbaar zijn’. Wie met de auto reist moet z’n dossiers in de afgesloten kofferbak doen. Dus niet op de achterbank. Of de rechter in de trein zijn tas in het bagagerek mag leggen wordt niet vermeld. Wel dat de vertrouwelijke informatie  “die u bij u heeft of waar u desnoods over spreekt niet voor derden beschikbaar komt. Denk hierbij ook aan werken tijdens het reizen per openbaar vervoer. Voorkomen wordt dat derden (per ongeluk) de stukken in kunnen zien of delen van gesprekken opvangen”. Rechters moeten dus discreet zijn in de trein met hun stukken en met gesprekken over hun werk.

Hoe wordt dat protocol bij rechtbanken uitgevoerd? Daar blijken soms gedetailleerde regels te bestaan. Dit zijn de gedragsregels van één van de grote rechtbanken:

“Fysieke documenten worden deugdelijk in een (af)gesloten (fiets)tas of koffer vervoerd. [ .... ]  Tijdens het fysieke transport blijven de stukken in het persoonlijke bezit dan wel onder direct toezicht van de medewerker. Vervoer stukken bij voorkeur met de auto in de afgesloten kofferbak uit het zicht van toevallige passanten. Gebruik op een fiets bij voorkeur een stevige fietstas of desnoods een boodschappenmand (stukken blijven visueel onder toezicht). Laat de stukken niet onbeheerd achter, en houd de stukken in het openbaar vervoer binnen handbereik. Leg stukken (in een tas of koffer) niet in een bagagerek of onder een stoel.”

Kortom: ziet u in de trein iemand met een aktetas op schoot geklemd en de blik erop gericht, dan is het een rechter. Ligt de aktentas echter casual in het bagagerek, dan is het vermoedelijk een raadsheer van de Hoge Raad.

Reageren? Nuanceren en argumenteren verplicht. Volledige naamsvermelding.

Geplaatst in:
Civiel recht
Lees meer over:
diefstal
raad voor de rechtspraak

10 reacties op '"Gevonden: tas met dossiers, vermoedelijk van raadsheer"'

Lisa de Wit

Het lijkt of men in die branche ICT nog niet ontdekt heeft. Ongetwijfeld is van alles een digitaal bestand. Dat is ook niet waterdicht, maar je zou zeggen dat dat beter te beschermen is.

Iemand die belangrijke stukken in een bagagerek legt, is ietwat wereldvreemd.

Rik van der Schalie

Dat rechter stukken mee naar huis nemen om ze daar door te lezen is op zich niet zo vreemd. Hordes mensen nemen werk mee naar huis, althans werken een deel van hun tijd thuis. Wat wel aandoenlijk is zijn de instructies die worden uitgevaardigd omtrent het vervoer; in een fietstas, dus niet op de bagagedrager, in de trein onder handbereik, dus niet in het bagagerek. Dat laatste zal zal dan op de doorlopers slaan, want in de dubbeldekkers van de NS zijn geen bagagerekken meer te vinden.
Wat in dit alles opvalt is dat in deze tijden van technologie rechters bijna alles nog van papier lezen. Dossier moeten blijkbaar fysiek vervoerd worden om er thuis aan te werken, terwijl de informatietechnologie inmiddels toch voldoende mogelijkheden biedt om thuis via een beveiligde verbinding de dossiers elektronisch te raadplegen. Kost weliswaar wat, maar je voorkomt er wel gênante vermissingen van dossiers mee. Helpt bovendien ook (indien goed ingericht) tegen incidenten met PC’s die langs de stoep worden gezet (mag dat trouwens wel? Is een PC geen chemisch afval dat gecontroleerd verwerkt moet worden? Oeps, ook nog een milieudelict).
Kortom, laat de rechterlijke macht eens een beetje mee opstomen in de vaart der volkeren. Kunnen ze zich concentreren op de inhoud, in plaats van op het papier.

Johan Nijhof

Dat er bij het transport van documenten ongelukken kunnen gebeuren, is niet vreemd. Een vergissing is menselijk, en rechters zijn gelukkig meestal ook menselijk.
Wat nauwelijks voorstelbaar is, is dat in onze tijd zulk transport überhaupt plaatsvindt. Een kopie van alle materiaal op de computer met een deugdelijke toegangscode zou beter zijn voor de rechterlijke rug en zelfs bij inbraak veel meer veiligheid bieden.
Het illustreert toch een zekere wereldvreemdheid, en in die zin stoort het gebeuren wel

Jan Muters

[...]
Deze jongens en meisjes zitten in de [...] voorbeeldgroep van integriteit, waarheidsvinding en meer van die zaken. Ze worden allemaal vet betaald. Genoeg om te weten dat men secuur moet omgaan met het materiaal dat door hun handen gaat.
Van die beroepsgroepen mag men verwachten dat ze in die zaken geen fouten maken.
Als er dan toch iets verloren wordt moet de burger uitgaan van opzet en de hele handel meteen op internet zetten.
Als de desbetreffende rechter, medewerker van het OM daarmee problemen krijgt omdat het privacygevoelig materiaal was dan kan hij strafrechtelijk vervolgd worden. Maar gezien de opleiding beloning etc.. van die personen moet de burger ervanuit kunnen gaan dat zulks niet gebeurt. Dus alles op internet. En bij problemen moet degene die het materiaal verloren heeft op staande voet ontslagen worden wegens incompetentie.

John Compter

Als ik als freelance ICT interim-/projectmanager/docent werk mee naar huis neem en het lef heb stukken of gegevensdragers met vertrouwelijke bedrijfsgegevens ergens te laten slingeren, dan kan ik er bijna vergif op in nemen dat dit leidt tot ´einde opdracht´. Het lijkt mij zeer zinvol die ambtenaren van de rechtbanken, hoog of laag, eens even flink te doordringen van hun verantwoordelijkheden op het gebied van privacybescherming. Mocht ze dat zelf niet lukken, dan ben ik best bereid hun hersenpan even op te frissen met een cursus ´Hoe ga ik om met vertrouwelijke stukken´.

Jan Hendrik Kraal Zeeman

Hoe nauwkeurig je moet zijn met dossiers hangt af van de inhoud. Een dossier van een rechtbank is een openbaar document, maar een patient-dossier van een arts is heel vertrouwelijk. Ik heb veel thuis gewerkt, maar nooit een patient-dossier mee naar huis genomen. Patienten dossiers gingen alleen het gebouw uit op bevel van een rechter.

johan van schaik

Wat is het probleem als een rechter stukken mee naar huis neemt, en kwijt raakt ?

Stel dat dat gebeurt als gevolg van een brandje dat uitbreekt in de woning van de rechter. Ik denk niet dat er iemand is die zich er druk om maakt, omdat van elk stuk tenminste een aantal kopieen zich elders bevinden; is het niet bij de rechtbank zelf, dan altijd nog bij advocaten, politie, of andere instanties. Het kan er hooguit toe leiden dat er vertraging optreedt. En een schaduwdossier in digitale vorm beperkt de schade ook nog eens tot hetgeen de betrokken rechter de avond voor het brandje zelf aan aantekeningen maakte bij de concept-uitspraak.

Het lijkt anders te worden wanneer de stukken “op straat” geraken. Er komt dan een dimensie bij, want dan kan elke burger zo maar kennis nemen van dat dossier, of van die stukken.

En dan ? Niets is zo oninteressant voor de gemiddelde vinder als een rechtbankdossier. Die gemiddelde vinder is immers in bijna geen geval betrokken bij die zaak, en meer opwinding dan een gemiddeld rechtbankverslag in een krant zal het de bij de lezer niet veroorzaken. Zeker als je daarbij bedenkt dat nog geen tiende promille van alle zaken die er jaarlijks bij de rechtbanken, -hoven en Hoge Raad passeren de krant haalt, omdat al het andere de lezer voorpselbaar niet boeien zal.

Blijft over het punt van de privacy. Als nieuwsgierige vinder heb ik op zich weinig aan de opeens verkregen wetenschap dat een mij totaal onbekende mevrouw X uit Y een andere bezoekregling voorstelt dan haar ex, of dat een mij even onbekende mijnheer Z ook zeven jaar geleden al eens met een borrel te veel op is gepakt. Anderzijds zullen de betreffende mevrouw X, of de second-offender Z het voor zichzelf misschien niet prettig vinden dat “hun hebben en houden” op straat ligt, maar omdat de rechtspraak een openbare aangelegenheid is, en eenieder die zich wenst te verlustigen aan wat een ander op zijn levenspad zoal kruiste ook gewoon een dag in een rechtszaal op de publieke tribune kan gaan zitten om die kennis te vergaren, en mevrouw X en mijnheer Z ook behoren te weten dat zij ter zitting door “jan en alleman” kunnen worden medebeoordeeld, lijkt mij de privacy van de dader, behoudens in zogenaamde besloten zaken, geen zwaar argument te kunnen zijn.

Om met Shakespeare te spreken: Much Ado about Nothing !

C Wildschut

Ter info: er zíjn geen digitale dossiers in de rechtspraak. Er loopt momenteel een (wat moeizame) proef om in strafzaken dossiers te digitaliseren, voor het overige is de rechtspraak bij mijn weten zo papier als wat. En er is ook niet direct geld om dat anders te maken. Overigens; ook bij digitaal transport zijn er de nodige risico’s; een thuis-pc of verbinding met justitieservers hacken kan best makkelijker zijn dan een fysieke diefstal van dossiers. (ik weet het niet)
@4: uw instelling draagt nergens aan bij. Natuurlijk imogen er geen fouten gemaakt worden (zou salarisniveau daar echt invloed op hebben?), maar als het toch gebeurt (feit) is het zaak de nadelige gevolgen te beperken. Alles op internet kwakken lijkt mij juist de zaak te verergeren.

Martin van de Wardt-Olde Riekerink

Die openbaarheid mag wat mij betreft wel wat steviger, zodat ook duidelijk wordt wat wel en wat niet het beschermen waard is.
Het beschermen van de ” privacy” van verdachten en veroordeelden is wat mij betreft niet nodig.
Vervelend als ik verdacht word van zeg heling of verkrachting, maar fijn te weten dat de status ” verdacht” dan niet meer automatisch “schuldig” betekent, omdat er zovelen met mij zijn. En voor de veroordeelden: pech, dan had je je niet schuldig moeten maken aan het tenlastegelegde.

mr drs R. Winter

In de tijd dat ik bij de Rechtbank in Maastricht werkte, was het gebruikelijk dat ook de griffiers de stukken mee naar huis namen om thuis te werken. Griffiers doen het meeste werk, want die schrijven de vonnissen. De rechter doet alleen de uitspraak. Burgers denken dat de rechter het vonnis schrijft, maar dat is in de praktijk niet zo, waardoor de vonnissen vaak onvoldoende gemotiveerd zijn, geen academisch gehalte hebben en zelfs in strijd zijn met de bepalingen van EU-verdragen.