Schotelverbod wel uit de tijd? (2)
Is het tij voor het schotelantenneverbod gekeerd? Met dank aan inzender Antje Hages op ‘Uitspraak 55′ die wijst op een uitspraak van het Hof Amsterdam uit maart, waarin een schotelverbod in een huurcontract juist ongeldig werd verklaard. De uitspraak werd inderdaad al eerder, hier op deze site gesignaleerd en ook hier op het ‘Vastgoedjournaal‘. Daar concludeerde advocaat Jurjan Andriaansens dat in de toekomst het contractuele verbod van schotelantennes ‘geen stand meer zal houden’. Oftewel: de rechter is ‘om’ en de verhuurders moeten schotels voortaan toestaan.
Maar commentator Barkhuysen verwelkomde het eerdere arrest van het Hof Den Bosch juist als voorbeeld van de vaste lijn in de rechtspraak die schotelverboden goedkeurt. Alleen in uitzonderingsgevallen sneuvelen ze, schreef hij hier. Daarmee doelde hij op een uitspraak van het hof Straatsburg in een Zweedse zaak. Daarin werd een schotelverbod doorgehaald omdat de bewoners geen alternatief hadden om hun (Bosnische) voorkeurzenders te kunnen ontvangen. En er was geen sprake van ontsiering, omdat hun woonwijk al behoorlijk lelijk was.*
De vraag is dus nu of de casus ‘Amsterdam’ uit maart een uitzondering op de vaste regel is, of aankondiging van een nieuwe lente met ‘vrije schotels’. Zijn beide gevallen wel vergelijkbaar? In de casus van de flatwoning vond het Hof Den Bosch in februari dat de huurder over voldoende alternatieven kon beschikken om tv te kijken. Diens argument ‘geen computer want te duur’, werd afgewezen. Van hem kon verwacht worden internet te proberen. Een schotel aan een gevel van zijn flat was bovendien wel lelijk. Het heeft invloed op de leefbaarheid van de wijk, vond de rechter. Het schotelverbod bleef staan.
In het Amsterdamse geval betrof het woningen op een Fries waterpark: vakantiehuizen van It Soal in Workum. Die werden aangeboden door deze exploitant. Deze woningen beschikten over maar zeer matig functionerend internet, zo kan uit het arrest worden afgeleid. Het Hof Amsterdam concludeerde in overwegingen 2.6 en 2.7 dat de toeristen ‘onvoldoende adequate alternatieven’ hebben voor tv-signalen. Zowel via internet als draadloos is het signaal zwak en het aanbod beperkt.
Maar het belangrijkste is wellicht dat de schotelantennes in Friesland verdekt werden opgesteld. Van ‘ontsiering’ was dus geen sprake. Volgens het hof gaat het hier om schotels ‘die niet of nauwelijks zichtbaar zijn’. Geen ontsiering, geen alternatief en dus ook geen schotelverbod. Het Hof Amsterdam zegt dat de Zweedse uitzondering dan van toepassing is. Het bezwaar van de eigenaar is onvoldoende zwaarwegend. “Naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid” is een schotelverbod op het waterpark dus niet aanvaardbaar.
Mijn conclusie: schotels mogen van de rechter door huiseigenaren niet worden verboden als ze verdekt worden opgesteld, dus niet ‘ontsieren’ en de huurder onvoldoende alternatieven heeft voor schotelontvangst. In andere gevallen zal de rechter een schotelverbod door de eigenaar wel kunnen toestaan.
Update:
Lees dit recente artikel van bijzonder hoogleraar vastgoedrecht mr. C.A. Adriaansens aan de Universiteit Maastricht uit het NJB. Hij concludeert dat schotelverboden nòg moeilijker zijn geworden. Uit recente Straatsburgse jurisprudentie blijkt volgens hem dat vast staat ‘dat schotelantennes door huurders ook aan de buitenzijde van hun woning mogen worden aangebracht, ongeacht het gestelde in art. 7:215 lid 6 BW, en ongeacht enig contractueel verbod.’
En: ‘een schotel mag en kan alleen worden verboden als er sprake is van geconcretiseerde zwaarwegende belangen om ze tegen te gaan.’
Esthetische bezwaren gelden volgens hem alleen als het gebouw van een ‘bijzondere architectuur’ is.
En risico op schade of gevaar moet heel concreet zijn. Alternatieve signaalontvangst weegt alleen mee als die precies hetzelfde kan bieden als de schotel.
*LJN BH1809, Europees Hof voor de Rechten van de Mens, 23883/06 (niet on line gepubliceerd)
Reageren? Nuanceren en argumenteren verplicht. Volledige naamsvermelding.
