*

Strafrechters leren 'kritisch denken' :: nrc.nl

Strafrechters leren 'kritisch denken'

Het vak van strafrechter gaat veranderen. Zo krijgen strafrechters straks bijscholing in ‘Kritisch denken’. Geert Corstens, de nieuwe president van de Hoge Raad, tilde vorige week een tipje van de sluier op. De opleiding wordt breder, met meer aandacht voor beta en gamma wetenschappen.

De strafjurist moet van meer markten thuis raken. De ontwikkelingen in vooral de beta-wetenschap maken dat nodig. Maar ook de storm van kritiek die na Schiedam, Putten, Lucia de B. loskwam zorgt voor een reactie. In mei houdt de Raad voor de Rechtspraak een workshop van wat een ‘breed inzetbare opleiding’ met de titel Kritisch Denken moet worden.

Corstens stipte het kort aan, vorige week tijdens een startsymposium voor het Nederlands register gerechtelijk deskundigen. Over dat register valt hier meer te lezen. Zo’n opleiding Kritisch denken moet strafrechters die met ingewikkelde strafzaken lang bezig zijn helpen om open te blijven staan voor tegenspraak. Daarbij gaat het om afstand leren houden, tunnelvisie vermijden en actief zoeken naar alternatieve scenario’s, zo blijkt uit navraag bij de Raad. Rechters zullen kennis maken met aspecten uit de psychologie, logica, methodologie en filosofie.

Lees hier de rede van Corstens. Citaat: ‘Strafrechters wordt verweten dat zij eigenlijk niet geïnteresseerd zijn in waarheidsvinding, dat zij niet genoeg kennis hebben, onvoldoende alert zijn, hun uitspraken nauwelijks inzichtelijk en begrijpelijk zijn en dat zij elementen die hun niet bevallen uit het dossier ‘wegstrepen’. Kort samengevat worden vooral strafrechters neergezet als ‘slapende rechters’ die eigenlijk niet ge-equipeerd zijn om hun vak uit te oefenen.’

Hij refereerde aan de titel van een recent boek van drie bekende rechtspsychologen, W.A. Wagenaar, P. van Koppen en H. Israels onlangs hier op radio 1 besproken. En hier in de krant, op te zoeken voor (web)abonnee’s. De president zei deze kritiek onjuist te vinden maar wel ‘zeer serieus’ te nemen.

Ieder jaar krijgen rechters al 30 uur verplichte bijscholing. Hij bepleitte een vaste plaats voor forensische wetenschap bij dat vaste cursusaanbod. Corstens vindt ook dat rechters op de hoogte moeten zijn van de basisbeginselen van statistiek, biologie, natuur- en scheikunde. ‘Daarnaast zullen strafrechters bekend moeten zijn met de grondbeginsel van logica, wetenschapsleer en -filosofie.’ Daarvoor moet ook in de masterfase van de rechtenstudie plaats komen. Hij herinnerde er aan dat strafrechters al zijn begonnen met het schrijven van makkelijker leesbaar en beter gemotiveerde vonnissen. Dat gebeurt volgens de zogenoemde Promis-richtlijnen.

Er zijn meer tekenen dat rechters kritischer worden op zichzelf en hun prestaties. Bij de rechtbank Arnhem is er een project ‘zelfreflectie’ gaande dat rechters leert begrijpen welke persoonlijke psychologische aspecten van invloed zijn op de eigen oordeelsvorming. En hoe ze daar dus afstand toe kunnen houden.
Ook verschijnt er binnenkort een handboek dat strafrechters moet helpen bij het op waarde schatten van deskundigeninbreng in het proces. ‘Betere opleiding, meer alertheid als het gaat om deskundigenbewijs, kritischer inzicht in de eigen beperkingen en die van de deskundigen’, moet de strafrechtspleging verbeteren, aldus de president. En zo fouten helpen voorkomen.

Reageren? Nuanceren verplicht. Net als vermelding volledige naam.

Geplaatst in:
Strafrecht
Lees meer over:
raad voor de rechtspraak

9 reacties op 'Strafrechters leren 'kritisch denken''

ijsbrand van den berg

Wagenaar publiceerde al in 1992, samen met Crombag en Koppens, het boek _Dubieuze zaken_, over de structurele problemen in de rechterlijke macht. Dit alleen al geeft aan dat kritiek van buitenstaanders er niet toe doet, en de juristerij in Nederland om meer dan éen reden een ‘closed shop’is; met alle blikvernauwing van dien.

Een extra cursusje hier of daar doet daar niets aan af.

Een extra cursusje voor rechters laat bovendien onverlet dat zaken al beginnen bij hoe de politie onderzoek doet, en of die daarbij wel de feiten mee neemt die een verdachte kunnen ontlasten.

Het heeft zo weinig zin als rechters beter leren herkennen of een zaak klopt of niet, als die zaak al kloppend is gemaakt voor zij er mee in aanraking komen.

Job te Pas

De bouwfout zit al in de rechtenopleidingen. De rechtenstudie is geen wetenschap zonder een grondige training in het methodologisch verantwoord verwerven van kennis.Het zijn nu nog steeds hooguit HBO-opleidingen van een PABO-achtig alfa-type.De schrijvers van “De Slapende Rechter” -allen psychologen- zijn gepokt en gemazeld in de methodologie. Vakken als methodologie en haar praktijk in de leer van de testconstructie vragen een hoog beta-gehalte, waar menige psychologie-student de opleiding op moet afbreken.Natuurtalenten komen echter voor, zie Peter R. de Vries.

Eenmaal in de carriere naar rechter gebeurt er dan nog veel meer dat kritisch denken belemmert. Te denken valt aan strenge hiërarchie, het ‘ons kent ons’ bij bevordering, de meedogenloze groepsdruk, de ambtelijke parafencultuur etc..

Wie niet in wetenschappelijk denken getrained is zoals o.a. in de psychologie-opleiding, heeft geen flauw idee wat dit betekent.

Meningen hierover uit de rechtelijke hoek en plannen om in deze lacune te voorzien via de 30 uur bijstudie per jaar – het idee alleen al- geven mij heel weinig vertrouwen in verbetering.

Het halfzusje van het strafrecht, het kinderrecht met haar ziekelijk nauwe verbindingen tussen kinderrechter, de Raad voor de Kinderbescherming en Jeugdzorg/Leger des Heils laat hetzelfde zien: men stemt daar dikwijls over de waarheid en verkoopt dit als wetenschap.

Menig uithuisgeplaatst of onder OTS geplaatst kind draagt daar de sporen van.

En de toegebrachte schade mogen kinderpsychologen en psychiaters dan later weer opknappen. En de categorie kinderen die -eenmaal volwassen- met de echte strafrechter wordt geconfronteerd loopt goede kans daar weer verder getraumatiseerd te raken.Een strafrecht dat zich onvoldoende op waarheidsvinding concentreert, maakt niet alleen strafklanten cynisch over de rechtsstaat. Maar eenieder die het in zich heeft om kritisch naar waarheid te zoeken.En daarmee is het vertrouwen in de rechtsstaat in het geding.

In mijn werk als vrijgevestigd kinderpsycholoog kom ik de 3 generaties in deze eeuwige cyclus geregeld tegen.

Wat een bouwfout in de opleiding te weeg kan brengen!

Drs. Job te Pas
kinderpsycholoog
Den Haag

J v Bijsterveld

Briljant project. Ik heb in Arnhem wel eens een paar rechtzaken gezien en het probleem lijkt mij dat die rechters razendscherpe hersenen hebben. Alleen het ontbreekt ze aan een “harde psychologie” training.

Als je ze alleen maar de basis bij zou brengen dan zou je volgens mij de rechtsspraak aanzienlijk scherper maken.

Het zou volgens mij ook helemaal niet zoveel studie zijn voor een rechter. Mits je precies die selectie uit de psychologie maakt die relevant is. En als je ze de manier van denken bijbrengt van de wetenschappelijke psychologie (en niet ze zogenaamde proto deskundige maakt wat een klassieke tactiek is van klinisch georienteerde psychologen)

Het grote voordeel dat je hebt bij rechters lijkt mij dat normaal mensen iets willen leren over psychologie omdat ze ongelukkig etc. zijn. Wat het dus onmogelijk maakt om ze iets zinvols te leren. Maar rechters zullen gezondere motieven hebben. Wat betekent dat je heel snel tot kernonderwerpen kunt doordringen.

Een ander voordeel is dat harde psychologie naadloos aansluit bij ICT, statistiek en logica. Gebieden waar rechters ook steeds meer tegenaan lopen. Bijvoorbeeld op het moment dat het uitlegt wat een bias is in een rechtzaak, vertel je eigenlijk meteen iets over statistiek en indirect over ict. Wat dan meteen weer gevolgen heeft voor hoe je als rechter aankijkt tegen de test waarmee een therapeut zegt de gevaarlijkheid van een veroordeelde te kunnen zien. (Rechter zullen echt een paar keer behoorlijk slikken als iemand ze dat leert)

Job te Pas

@ J v Bijsterveld

Als je bedenkt dat rechters meestal 40+ zijn en dat zij vaste routines in denken en werken hebben ingeautomatiseerd, dan ben je er niet met “een selectie uit de psychologie”. Eenmaal op zo’n leeftijd iets foutief hebben aangeleerd, betekent disproportioneel veel energie om het tij te keren.
Bovendien zitten zij -ik schreef het al- aan de beroepshandicaps vast van de tweede alinea van mijn reactie.

Een training van minstens een half jaar full-time in methodologie van kennisverwerving en toepassing daarvan op alle soorten “bewijsvoeringen” van stellingen omtrent al of niet daderschap lijkt mij noodzakelijk.

En beroepsorganisatorisch zullen zij zoveel mogelijk losgekoppeld dienen te worden van collega’s die de training nog niet hebben gehad.Geef de getrainden bijvoorbeeld een extra beroepsonderscheiding als plus boven de ongetrainden. Dit om terugval door foute groepsdruk te voorkomen.

De schande van openingen van afgesloten dossiers,meestal volkomen terecht aangewakkerd door methodologische scheermessen als Wagenaar, van Koppen, Israels en de Peter R. de Vriezen hoeven we dan minder mee te maken. De rechtsstaat zal aan kracht toenemen in plaats van wat nu gebeurt.

En laat dit ook gelden voor kinderrechters. Dat zal voldoende tegenwicht geven aan het hautaine en tekstueel eindeloze babbelboxgehalte van de stukken die de Raden voor Kinderbescherming hen voorleggen.

Misschien is het wel iets voor alle rechters.

Job te Pas
kinderpsycholoog
Den Haag

J v Bijsterveld

Beste Job de Pas,

Ik heb rechters in een dag uitgelegd hoe een psychologietest in elkaar zit. But then again: ik behoor niet tot de beroepsgroep die wil dat rechters geen inzicht hebben in psychologie.

De beroepsgroep certificeren voor methodologie en testpsychologie vind ik een hilarische gedachte. Afgezien dat ze nu beweren dat ze een testuitslag begrijpen onder ede, zou je de meest komische dingen kunnen uithalen in een rechtzaal.

Om een voorbeeld te geven: volgens beide testmodellen weet je zeker dat een gecertificeerde therapeut waarschijnlijk liegt in een rechtzaal. Immers toegang tot de beroepsgroep vereist dat je DSM-IV diagnostiek toepast.

Aangezien DSM-IV niet valide is, is die diagnostiek in juridische termen een meineed. In psychologietermen weet je dat “liegen” een persoonskenmerk is van “gecertificeerde therapeuten”.

En zo kan ik nog wel even doorgaan. Maar afgezien van dat soort leuke grapjes: rechters moeten in staat zijn om greep te krijgen op therapeuten.

J v Bijsterveld

Beste Job de Pas

NB

Rechters certificeren zal niet werken. Afgezien van de sociologische kant: therapeuten hebben veel te verliezen en zouden gaan voorschrijven wat “gecertificeerd” inhoudt. Rechters zouden zoals patienten veel leren maar niks wat gevaarlijk is voor therapeuten.

Dat is altijd de modus operandi van therapeuten geweest. Bijvoorbeeld: ik ben zwaarder opgeleid op dat gebied dan de therapeuten in een rechtszaal (daar is overigens weinig voor nodig) maar volgens de BIG certificering zit ik lager dan een mbo-er.

Echter het belangrijkste is dat methodologie kennis een nauwelijks te certificeren vaardigheid is. Is het bijvoorbeeld relevant dat iemand met “psychologenkennis”, “filosofen logica” of “Informatica technieken” kan zien dat DSM niet valide is? Drie totaal andere methodologische wegen naar precies hetzelfde punt.

Paul Kirchhoff

Zolang er nog alle ruimte is voor justitie om het Nederlandse recht bij wet te ontdoen van een aantal zekerheden die willekeur en fouten moeten voorkomen is er weinig hoop op een beter funktionerende rechtspraak. Niet alleen wil de president van de Hoge Raad voor beroep op toegang tot cassatie in de toekomst zelf toestemming verlenen maar voor een hoger beroep bij boetes tot vijfhonderd euro is er nu al toestemming nodig. Na een behandeling in eerste aanleg dient een verdachte aan te tonen dat er voldoende gronden zijn voor beroep. Zijn die naar het oordeel van justitie niet of niet voldoende aanwezig dan wordt het verzoek de zaak in hoger beroep te behandelen afgewezen.
Hoe is het mogelijk dat onze volksvertegenwoordiging heeft ingestemd met de afschaffing van het ongehinderde fundamentele recht op hoger beroep?
Dat kan alleen maar verklaard worden door een mateloos gebrek aan deskundigheid op juridisch gebied bij het parlement. De macht van politie en justitie neemt steeds meer toe.
Een verdachte heeft steeds minder rechten. De rechten die hij nog heeft worden steeds slechter bereikbaar door een nooit ophoudende afbraak van de gefinancierde rechtsbijstand.
Het is schrijnend te zien dat iemand als Holleeder wel gebruik kan maken van
een toevoeging. Dit uiteraard tot grote vreugde van de advocatuur die deze vergoeding maar
al te graag als extraatje toucheert.

Job te Pas

U slaat de plank geheel mis als U mijn advies samenvat als”de (rechterlijke) beroepsgroep willen certificeren voor methodologie en testpsychologie”.En dat vindt u een “een hilarische gedachte”. U haalt er ook nog therapeuten bij. Deze beroepsgroep komt in mijn optie al helemaal niet voor. Het wordt tijd u te realiseren dat U het niet over mijn inbreng heeft, maar over uw eigen. U vertelt uzelf moppen. En dan lacht u er zelf ook nog om. Dan lacht er tenminste iemand.

Zo heeft u geen psycholoog nodig in deze barre tijden. Prettig voor u en uw zorgverzekering.

eindredactie Uitspraak

Heren van B en te P:
hartelijk dank – discussie gesloten!