Pas op: Overstekende rechters
Een rechter mag niet oordelen over zaken waar hij zelf bij is betrokken. Maar de verleiding kan groot zijn. Bij het Hof Den Bosch deed een raadsheer de toga uit om een partij in het proces actief te gaan helpen. Als deskundige.
De raadsheer was in een vorig leven directeur Verbruiksbelasting bij het ministerie van Financiën. In heel wat fiscale kwesties tekende hij namens de staatssecretaris van Financiën besluiten of schreef hij mee aan regelingen. Als rechter komt hij die nu weer tegen: letterlijk omdat er in procesdossiers soms besluiten zitten met zijn handtekening. Of omdat er een dispuut is over een regel of wet die hij hielp formuleren. In dat opzicht is mr. G. van Norden zelf een stuk levende wetsgeschiedenis. Aard, doel, strekking, formulering van de wetgeving – hij kent vaak het antwoord. Omdat hij het zelf schreef.
Een rechter wordt geacht deskundig te zijn, maar ook afstand te houden. Hij is belangeloos en partijloos. Eerder vergiste raadsheer Van Norden zich al in de eisen van zijn nieuwe betrekking. In 2007 vernietigde de Hoge Raad een vonnis omdat zijn optreden “niet beantwoordde aan de eis van rechterlijke onpartijdigheid”. Lees hier het arrest. Toen wees Van Norden als rechter een beroep af tegen een beslissing die hij als ambtenaar ook had afgewezen. Tegen een beslissing van zichzelf. Daar greep de Hoge Raad in. Dat vonnis werd ambtshalve vernietigd, een zeldzaamheid. In overweging 3.2 werd de raadsheer met naam en toenaam op zijn nummer gezet.
Nu ligt er weer een arrest waarbij de Bossche raadsheer was betrokken in Den Haag bij de Hoge Raad. Lees de kwestie hier. Een fiscaal geschil tussen een sigarettenfabrikant en de belastingdienst over een overgangsregeling met accijnszegels. De naam van de raadsheer komt er twee keer in voor. In rechtsoverweging 1.6 is hij nog behandelend raadsheer. In overweging 1.8 blijkt hij zich op verzoek van de belastingplichtige als rechter te hebben ‘verschoond’ (terug getrokken). En in overweging 1.9 doemt raadsheer Van Norden weer op, alleen nu in burger. Niet meer als raadsheer maar als iemand die de inspecteur ‘tot bijstand (heeft) vergezeld’. Toga aan, toga uit dus, in dezelfde zaak. De raadsheer stak de zittingszaal over om de staatssecretaris van Financien, zijn oude werkgever, een handje te gaan helpen.
Daar kwam natuurlijk gedonder van. Lees hier het cassatieschrift dat de advocaat naar de Hoge Raad stuurde, in het bijzonder de punten 2.2 en 2.3 De advocaat meent dat de raadsheer hier heeft geprobeerd om een geschil ‘persoonlijk te beslechten’.
Ook de advocaat-generaal bij de Hoge Raad was niet blij. Lees hier zijn advies. Dat is niet bindend, maar wel gezaghebbend. De AG vindt dat de raadsheer zijn geloofwaardigheid op het spel heeft gezet. En er is sprake van een schending van de scheiding der machten, in dit geval tussen de wetgevende en de rechterlijke macht. Maar de AG beoordeelt de fout niet als voldoende ernstig om de uitspraak te vernietigen. Zou de Hoge Raad dat ook vinden? Wordt vervolgd.
Reageren? Niet anoniem, argumenteren en nuanceren verplicht.

