*

Advocaat bij verhoor (2) – Straatsburg houdt aan :: nrc.nl

Advocaat bij verhoor (2) – Straatsburg houdt aan

En toen zei Straatsburg het nog een keer. “….the concept of fairness enshrined in Article 6 requires that the accused be given the benefit of the assistance of a lawyer already at the initial stages of police interrogation.”  Bij de beginfase van het politieverhoor moet er hulp van een advocaat zijn.

De uitspraak van het EVRM Hof is van 11 december, de zaak heet “Panovits tegen Cyprus” en het citaat is ontleend aan rechtsoverweging no 66. Het ging in deze zaak om een jongen van 17 die uiteindelijk werd veroordeeld wegens moord.

In het Advocatenblad schrijft de Maastrichtse hoogleraar Taru Spronken morgen dat hieruit alleen kan worden afgeleid dat ook in Nederland ‘de verdachte recht heeft op aanwezigheid van zijn advocaat tijdens de verhoren’. En dat de de huidige praktijk worden veranderd en de wettelijke regeling op dit punt worden verhelderd. Het Europese Verdrag voor de rechten van de mens heeft immers directe werking in Nederland.

Spronken herhaalt haar standpunt dat ze innam na de recente uitspraak in de Turkse zaak Salduz. Eerder hier besproken op dit weblog. Inmiddels heeft minister Hirsch Ballin de Kamer laten weten voor Pasen met een standpunt te komen. Ook de rechtspraak is al geconfronteerd met eisen van advocaten om al bij het eerste verhoor aanwezig te mogen zijn. Die zijn voorlopig afgehouden.

In de zaak Salduz ging het ook om een minderjarige. In de zaak op Cyprus werd de minderjarige verdachte naar het politiebureau ontboden, samen met zijn vader. Hij werd op het bureau door een vijftal politiemensen stevig ondervraagd – daarbij kwam ook een pistool op tafel. Hij bekende binnen een paar minuten. Zijn verklaring werd in het proces vervolgens als bewijs toegelaten.

Reageren? Mits niet anoniem. Nuanceren en argumenteren verplicht.< >< ><–>

Geplaatst in:
Strafrecht
Lees meer over:
advocatuur
EVRM

3 reacties op 'Advocaat bij verhoor (2) – Straatsburg houdt aan'

A.M. Klaver

De uitspraak in de Panovits-zaak is niet zo absoluut als Jensma weergeeft. Het Hof geeft in dezelfde paragraaf ook aan dat er dwingende redenen kunnen zijn, waarom de advocaat niet hoeft te worden toegelaten. Als ondergrens wordt vervolgens wel gesteld dat dit niet ertoe mag leiden dat de procedure in zijn geheel oneerlijk verloopt. Ongetwijfeld zal minister Hirsch Ballin een zeer ruime interpretatie geven van wat moet worden verstaan onder ‘dwingende redenen’. Argumenten als ‘kostenefficientie’ en ‘het belang van het onderzoek’ zullen de verhorende politie voldoende manouvreerruimte moeten bieden.
In de praktijk zal de verhorende ambtenaar met een routineus uitgesproken standaard-riedeltje de minderjarige verdachte wijzen op zijn recht op rechtsbijstand, wat vaak het ene oor ingaat en het andere weer uit. Als de verdachte vervolgens (uren later) verklaringen gaat afleggen, zal dit worden geinterpreteerd alsof de verdachte impliciet afstand heeft gedaan van zijn recht op fysieke rechtsbijstand. Hij is immers vooraf op zijn rechten gewezen… Tegenstribbelende verdachten zullen er subtiel op gewezen worden dat de inzet van een advocaat veel tijd zal kosten, en dat als hij snel weer buiten wil staan, beter niet al te lastig kan zijn. En opnieuw zal de Nederlandse praktijk langs de ondergrens schuren van wat Straatsburg eist.

Matthias Borgers (VU, Amsterdam)

De discussie over het recht op aanwezigheid van de raadsman bij het politieverhoor duurt maar voort. In het Nederlands Juristenblad van deze week staan daarover uitvoerige beschouwingen, van Taru Spronken en van mijzelf.
Eén van de belangrijkste punten in mijn betoog is dat uit de uitspraken in de zaken Salduz en Panovits niet onomstotelijk blijkt dat het Straatsburgse hof ook daadwerkelijk wil dat de advocaat fysiek aanwezig mag zijn bij het politieverhoor. Met de uitspraken is ook verenigbaar de minder verstrekkende conclusie dat het volstaat wanneer de verdachte voorafgaand aan het verhoor een raadsman kan consulteren, of dat hij het verhoor voor een dergelijk consult kan laten onderbreken.
Want dat is het opvallendste element in de uitspraken van het Straatsburgse hof: begrippen als ‘attendance’ en ‘presence’ worden zorgvuldig gemeden. In plaats daarvan wordt veel vagere begrippen als ‘assistance’ en ‘access to a lawyer’ gehanteerd. Het is goed mogelijk dat Straatsburg rekening houdt met het feit dat niet alle aangesloten staten het recht op aanwezigheid van de raadsman bij het politieverhoor kennen en dat Straatsburg een zekere marge voor die staten wil behouden om de rechtsbijstand rondom het verhoor op een andere wijze invulling te geven. De tijd zal moeten leren welke koers het Straatsburgse hof zal varen.
Eén ding is wat mij betreft echter duidelijk: van een onomstotelijk recht op de fysieke aanwezigheid van de raadsman bij het politieverhoor is op dit moment geen sprake.

Remy Lang

Het verbaast mij keer op keer dat in Nederland deze discussie zoveel stof doet opwaaien. Is het Buruma niet die al eerder aangaf dat het overgrote deel van de EU lidstaten de aanwezigheid van een advocaat bij het eerste politieverhoor verankerd hebben, zoals dat bij onze grote Amerikaanse broer ook is?

Wat is de belangrijkste overweging om NIET de advocaat bij een eerste politieverhoor aanwezig te hebben? De feitenvinding. Is dat niet gewoon een kwestie van behoorlijk, onbevooroordeeld en objectief politiewerk? Een verklaring van een verdachte is tenslotte nooit en te nimmer het enige bewijs in een zaak, dus waarom doet de politie en het OM zo moeilijk over de aanwezigheid van een advocaat die de verdachte zal wijzen op zijn bij wet verankerde zwijgrecht? Het is niet alsof de politie er duidelijk is met het geven van de cautie in de vorm van “u hoeft niet te antwoorden maar….”