Fuk

Ik was bij een lagere school waar in de voordeur stond gekrast: ‘Fuk you’. Vervolgens was het ‘fuk’ doorgekrast en was er ‘fuck’ boven gezet. Het was niet netjes wat de kinderen wilden overbrengen, maar de school had er blijkbaar wel goed ingeramd dat een correcte spelling belangrijk is.

Fuckfuckfuckfuckfuck past goed bij ‘langzame rampen’

Er zijn verschillende manieren om ‘fuck’ te zeggen. Je hebt bijvoorbeeld mensen die proberen om hun ‘fuck’ zo Amerikaans mogelijk te laten klinken, en daarom iets zeggen dat klinkt als ‘fak’. Een beetje overcorrect, maar wel handig als je ‘fuckfuckfuckfuckfuck’ wilt zeggen: dat gaat gemakkelijk met de ‘a’-klank. (Fuckfuckfuckfuckfuck past bij ‘langzame rampen’, denk aan een bak beslag die traag kantelt en dan helemaal op de grond druipt. Of je bent net een gat aan het boren en de ladder schuift onder je weg, waardoor je je nog probeert vast te klampen aan de boormachine, maar dat slaat natuurlijk nergens op. Ondertussen zeg je fuckfuckfuckfuckfuck.)

Een tweede mogelijke uitspraak van ‘fuck’ is ‘fok’. Fok is vooral handig in constructies als ‘fokking niet normaal’ en ‘wat de fok’. Fok wordt over het algemeen gebruikt door mensen die cooler zijn, of willen zijn, dan anderen.

Ten derde zijn er de mensen die alle ambitie op uitspraak- of coolheidsvlak hebben laten varen en dus maar gewoon ‘fuk’ zeggen. Met de ‘u’ van kruk. Een gezellige, oer-Hollandse fuk, die je kunt gebruiken om kleine irritaties te versieren met wat taal. Je zakt met je voet door het ijs en nu heb je een natte schoen: „Fuk.” Je ging naar de supermarkt om wc-papier te kopen maar nu ben je uitgerekend dat vergeten: „Fuk.”

‘Fuck’ spellen als ‘fuk’, zoals op de schooldeur, heeft datzelfde gezellige. Maar ‘fuk’ is meer dan alleen maar gezellig. Ik zou zelfs zover willen gaan dat ‘fuk’ de ultieme ‘fuck’ is, namelijk de ‘fuck’ die ‘fuk’ zegt tegen ‘fuck’ zelf. De metafuck, de zelfreferentiële, postmoderne fuck. Dat is fuk.

Volg nrc.nl op en , lees onze dagelijkse nieuwsbrief