Tactisch corvee doen rond de heilige graal van drie procent

schaduwspringen

Die pronte bossen tulpen op de onderhandelingstafel van de Regenboogcoalitie hadden bijna het profiel van minister De Jager. De ‘onpartijdige’ minister van Financiën sjouwde deze week een akkoord bij elkaar dat hem definitief het leiderschap van het CDA kan bezorgen. Als hij wil. Montere technocratie doet ’t goed in tijden van lastige, nieuwe waarheden.

NL Doet, de grote vrijwilligersactie, leek dinsdag bezit te nemen van drie oppositionele middenpartijen en de verlaten ex-PVV-partners CDA en VVD. Gevijven zetten zij de schouders onder de opgave Brussel vóór het weekeinde te laten weten hoe dit land het tekort op de begroting 2013 onder de 3 procent denkt te brengen. Het succes van die operatie gold als lange neus naar zeven weken treiteren op het Catshuis.

Het was de voorlopige bezegeling van de geldende wijsheid dat een tekort van 3 procent het aanvaardbare maximum is. Wat bleef, was de kloof tussen de aanhangers van de klassieke economie en de Keynesianen: het huishoudboekje van vraag en aanbod klopt altijd versus stimuleren bij economische zwakte. Aan de Keyneskant kregen de PVV en de  SP gezelschap van de PvdA, die onder de nieuwe leider Diederik Samsom kleur op de wangen zoekt. Met aanzienlijke risico’s.

D66, GroenLinks en ChristenUnie  waren zo tactvol de kabinetspartijen niet door te zagen over anderhalf jaar rondhangen op xenofoob en marktdogmatisch rechts. Zij waren bereid ‘hun verantwoordelijkheid te nemen’, ‘over hun schaduw heen te stappen’ en zij beperkten zich ertoe  de ergste onrechtvaardigheden weg te poetsen uit het Catshuisakkoord van vorige week. Afrika werd gered.

Zo kon er een sfeer ontstaan van opgestroopte mouwen, waar het kabinet zich stilletjes bij aansloot. De VVD en het CDA, die altijd claimen dat het land alleen bij hen in goede handen is, voegden zich moeiteloos in de nieuwe realiteit. Niemand zag zich genoodzaakt tot zelfreflectie. Nederland maakt zich op voor zijn zevende kabinet sinds 2000. Het veel gehoonde Italië heeft met Monti zijn zesde sinds het begin van de eeuw.

In die sfeer van doorpakken was er ook  geen noodzaak of tijd om stil te staan bij de vraag wat het heeft gedaan voor de rechtsstaat dat de VVD en het CDA anderhalf jaar Wildersvisies op immigratie, toegankelijkheid van het recht en Europese samenwerking  als beleid herhaalden of salonfähig maakten door ze niet te bestrijden. Kijk hoe het in Frankrijk werkte. Sarkozy heeft geen stemmen gewonnen door zich ver op het terrein van het Front National te begeven; Marine Le Pen deed het extra goed.

In Spanje laait de crisis weer op. Europa vraagt zich af wat François Hollande als president in Frankrijk gaat betekenen voor de euro en de Frans-Duitse economische motor. Tegen die achtergrond verschaft Nederland zich via het Wandelgangenakkoord van de Regenboogcoalitie op het nippertje een nuttig verlengd brevet van degelijkheid. Om de sportzomer door te komen.

In werkelijkheid zijn ook hier de verkiezingen begonnen en zitten we tot ver na 12 september in de babbelstand. Wat dat betreft is het begrotingscorvee dat D66, GroenLinks en ChristenUnie deze week deden ook tactisch corvee: wij zijn het verantwoordelijke centrum, betrouwbaar als de nood aan de man is. Wie hoopte op een politiek daluur, waarin de noodzakelijke hervormingen gedepolitiseerd konden worden aangepakt, komt bedrogen uit. Ook iedere vorm van moed of zelfopoffering is vanaf nu een verkiezingsattribuut.

Zo gaan we naar de stembus zonder dat iemand in Den Haag hardop durft te denken aan de houdbaarheid van het stelsel. Zolang de PvdA snelle bezuinigingen volgens de Europese afspraken blijft afwijzen, is bij de huidige stand van de peilingen ruwweg de helft van de Tweede Kamer (met de PVV en de SP als vaste waarden) 3-procentssceptisch. PVV-leider Geert Wilders kreeg voor zijn daad van verlating steun van economen die evenmin geloven in de 3-procentsnorm. De breuklijn loopt dan ook  dwars door economenland.

Wat moeten politici daarmee? Als zelfs economen met verve het tegendeel beweren van hun even gekwalificeerde collega’s? Paul Krugman, de Amerikaanse Nobelprijswinnaar en geen naïeve idealist, waarschuwt al maanden tegen de „eurosuïcidale neigingen” van het dominante bezuinigingsdiscours. Merkel en haar economen daarentegen vetoën losbandigheid; Duitsland wil niet opdraaien voor andermans potverteren en heeft er even goede argumenten bij.

Het fascinerende van Geert Wilders’ theorie van alle dingen is dat hij én tegen Grieks/Italiaanse balksmijters is én niets moet hebben van ‘Brusselse’ pogingen iedereen zijn begroting op orde te laten krijgen. Hij maakt Europa en de Nederlandse soevereiniteit tot inzet van de verkiezingen. Door alleen te zeggen wat hij niet wil, maar weinig reputatie te ambiëren op het gebied van oplossingen, dwingt hij de ja-partijen verantwoordelijkheid te nemen voor de Nederlandse én de Europese economie en democratie. Ook in dat opzicht behoort  de uitdaging  van Diederik Samsom het komend half jaar tot de lastigste uit de huidige politiek.

Is er dan geen knappe kop die voor het kiezen tussen zoiets aan beide zijden redelijk klinkends als wel of niet snel bezuinigen een overtuigende procedure heeft ontwikkeld? Ik heb het vier vooraanstaande economen gevraagd. Het antwoord stemt tot bescheidenheid. Er is geen meta-economie. Politici moeten zelf het perspectief schetsen van de beste samenleving die hun voor ogen staat. Met hulp van de economie die hun het beste bevalt. Niemand heeft gelijk, behalve degene die u overtuigt.

 

 

 

 

 

 

Geplaatst in:
column
economie
parlement
partijen
politiek
verkiezingen

Volg nrc.nl op en , lees onze dagelijkse nieuwsbrief