Kan de politiek weer politiek doen?


Twee interessante beschouwingen over politiek en democratie deze week. Beide auteurs vragen de politiek weer aan te geven wat moet en wat hoort. En niet de manager uit te hangen.
Twee verhalen die het waard zijn om in hun geheel te worden gelezen. Met een door de crisis volstrekt actueel thema dat in de nu gepubliceerde verkiezingsprogramma's amper wordt benoemd.
Vandaag verscheen het Jaarverslag van de Raad van State, met daarin de 'algemene beschouwingen' van vice-president Herman Tjeenk Willink. De SP in de Tweede Kamer heeft er een spoeddebat over aangevraagd. Oud-SP-leider Jan Marijnissen is het eens met de vice-president: ,,Zonder kompas komt niemand thuis.''
Hier het slotakkoord van Tjeenk Willink:
Een belangrijke taak van bestuurders in een democratische rechtsstaat is ruimte geven. Ruimte voor het
eigen vakmanschap van de leraar, de dokter, de politie-agent; ruimte voor een actief burgerschap. Ruimte
geven, betekent echter ook risico nemen. Het risico dat er in de uitvoering fouten worden gemaakt waarop
de politiek verantwoordelijke bestuurder zal worden aangesproken. Het risico dat verscheidenheid wordt aangemerkt als ongelijkheid. Bestuurders moeten het inzicht en de ervaring hebben om die risico’s te kunnen wegen en om te beseffen dat die risico’s kleiner zijn dan het blijven vervolgen van de marktlogica in het openbaar bestuur.
De maatschappelijke verscheidenheid organiseren én de publieke rechtsgemeenschap handhaven, zijn de voor-
naamste taken van het bestuur in een democratische rechtsstaat.
Gisteren hield Jan Marijnissen de Thorbeckelezing onder de titel 'Dimmen of gas geven: Hoe de parlementaire democratie overeind te houden in moeilijke tijden'. Ook hij hekelde de commercialisering van de overheid.
Recht is gestolde ethiek, politiek is vloeibare ethiek. Lange tijd was het taboe om in de politiek te spreken over waarden en normen, over de publieke moraal. In 1996 heb ik er een heel boek over geschreven en bij velen was hoon mijn deel. Lange tijd werd door de heersende politiek verondersteld dat de BV Nederland eerder behoefte had aan goede managers dan aan politici begaan met het lot van de mensen; eerder behoefte aan bestuurders op afstand dan mensen die zich verantwoordelijk weten en daarom ook de verantwoordelijkheid nemen.
Maar politiek is iets willen, en politiek is inzet tonen. Beide kunnen niet bestaan zonder een stelsel van waarden dat er aan ten grondslag ligt, een visie op wat goed en fout is als het gaat om beschaving, een visie op mens en maatschappij. Want, zonder kompas komt niemand thuis.
