De Eerste Kamer heeft vorige week ingestemd met een nieuwe Paspoortwet. Vanaf 21 september aanstaande moeten mensen voor een nieuw paspoort hun vingerafdrukken afgeven. Die komen in een chip in het paspoort en worden bovendien opgeslagen in een centraal databestand. Zo wordt identiteitsfraude tegengegaan. Een goede zaak dus.
„Ja, dat lijkt op het eerste gezicht een goede zaak. Je identificeren via vingerafdrukken is een vorm van biometrie – identificatie via een uniek persoonskenmerk – en is relatief betrouwbaar. Maar biometrie, en dan vooral de vingerafdruk, is zeer privacygevoelig. Een vingerafdruk laat je overal achter. Niet voor niets wordt de vingerafdruk in opsporingszaken gebruikt om een persoon naar het plaats delict te herleiden. De nieuwe wet betekent dat van alle Nederlanders de vingerafdrukken in de nabije toekomst worden opgeslagen. Dat is een heel grote stap.”
Nederland gaat verder dan wat de Europese Unie voorschrijft?
„De EU schrijft alleen voor dat de vingerafdruk in de chip op het paspoort wordt opgeslagen. Daarbovenop heeft Nederland besloten de vingerafdrukken van alle Nederlanders straks op te slaan in een centrale database. Verder krijgt de officier van justitie onder bepaalde voorwaarden toegang tot de database in opsporingszaken.”
Juist door dat centrale databestand is look-a-like-fraude gemakkelijker tegen te gaan (paspoortfraude waarbij een persoon zich voordoet als iemand op wie hij lijkt). Als je dat allemaal decentraal regelt, dan duurt het veel langer om te zien of Pietje inderdaad Pietje is.
„Inderdaad, look-a-like-fraude valt zo veel beter te bestrijden. Maar dat voordeel moet je afwegen tegen het feit dat de overheid zijn houding ten opzichte van de privacy van burgers fundamenteel verandert. Tot dusver werd alleen de vingerafdruk van verdachten opgeslagen.”
Het is niet erg dat mijn vingerafdrukken worden opgeslagen. Ik heb niets te verbergen.
„Het gaat er niet om wat u te verbergen heeft. Het gaat erom wat anderen kunnen doen met uw vingerafdrukken waardoor u verdacht wordt van iets wat u niet heeft gedaan. Door te sjoemelen met een vingerafdruk kan iemand zich voordoen als iemand anders.”
Zo gemakkelijk gaat dat niet. Op het paspoort zit ook nog een biometrische gezichtsscan. Dus die sjoemelaar moet ook nog eens heel erg op lijken op de bezitter van de echte vingerafdruk. Dat zou allemaal wel heel erg toevallig zijn.
„Onderschat de inventiviteit van de criminaliteit niet. Dit wordt voor criminelen een heel interessante database. Dat is het paradoxale aan deze wet. We zetten de vingerafdrukken van alle Nederlanders in een bestand omdat we look-a-like-fraude willen tegengaan. Maar juist die inzet op vingerafdrukken kan leiden tot nieuwe vormen van identiteitsfraude.”
Feit is dat het databestand streng wordt beveiligd.
„Het is inderdaad een zorgvuldig opgebouwd en goed beveiligd systeem. Maar tijdens het debat vorige week in de Eerste Kamer heeft staatssecretaris Bijleveld (Binnenlandse Zaken, CDA) ook gezegd dat kraak niet kan worden uitgesloten.”
Het College Bescherming Persoonsgegevens (CBP) heeft nota bene zijn waardering voor de beveiliging uitgesproken. Bovendien is de wet heel nauwkeurig geformuleerd. U zei zojuist dat de officier van justitie toegang kan krijgen tot de database. Dat klinkt ernstiger dan het is. Het gaat puur om het vergelijken van de identiteit van een fysieke verdachte met de vingerafdruk in het databestand. En dat alleen bij misdrijven waar vier jaar of meer voor staat.
„De wet is inderdaad strak. Tweede Kamerlid Hero Brinkman (PVV) had nog een amendement ingediend om de wet te verruimen, maar dat heeft het niet gehaald. Maar het valt niet uit te sluiten dat de recherche het bestand gaat gebruiken om te vissen. Dus dat de recherche een vingerafdruk vindt, en dan in het centrale bestand gaat kijken of de afdruk aan een persoon kan worden gekoppeld.”
Vissen in het databestand? Daar is absoluut geen sprake van, aldus de staatssecretaris tijdens het debat in de Eerste Kamer.
„Nu is daar geen sprake van, nee. Maar hoe is het over vijf jaar? Stel dat die meneer Brinkman dan minister is. Of dat er iets ernstigs gebeurt waardoor er een politieke drang ontstaat om iets te doen aan een bepaald soort misdaad. Wat we nu met z’n allen hebben gedaan, is de fundamentele stap zetten om de vingerafdrukken op te slaan van onschuldige mensen. We begeven ons op een glijdende schaal.”
Oh ja?
„Zo werkt dat. Zodra zo’n bestand met vingerafdrukken er is, gaat het op een steeds grotere schaal worden gebruikt in een steeds groter aantal gevallen. Een kwestie van wennen. Natuurlijk zijn daar wetswijzigingen voor nodig. Maar dan ineens is er een nieuwe minister en die zegt: met die vingerafdrukken kunnen we heel effectief de uitkeringsfraude aanpakken. En op een gegeven moment vindt iedereen het dan heel normaal dat die vingerafdrukken overal voor worden gebruikt.”
U zegt het zelf: dan moet eerst de wet worden veranderd. Dat gebeurt echt niet zomaar.
„Die glijdende schaal is een politieke realiteit. Dus dít moment is belangrijk. Je moet er nú zeker van zijn dat je je vingerafdruk wilt afgeven. Daar had het debat over moeten gaan in de Eerste en Tweede Kamer. Het verbaast mij dat daar zo weinig bij is stilgestaan. Ook door het publiek en de journalistiek. Ik denk dat mensen zich pas achteraf gaan realiseren wat er eigenlijk gebeurd is toen die wet werd goedgekeurd. Ik hoop dat er in elk geval nu een discussie gaat plaatsvinden.”
Ik zie vooral de voordelen van de wet. Zo kan ik straks gemakkelijker in het buitenland een paspoort aanvragen. En ik kan straks in elke gemeente een Nederlands paspoort aanvragen – lekker shoppen naar de goedkoopste tarieven.
„Het gebruiksgemak is inderdaad een van de bestaansredenen van deze wet. Maar het afgeven van een vingerafdruk gaat heus niet altijd goed. Het systeem kan de vingerafdruk soms niet opslaan, of de vingerafdruk komt verkeerd in het systeem terecht. Er is een foutmarge van 0,5 procent. Per dag worden ongeveer 15.000 paspoorten afgegeven. Dus dan gaat het om 75 mensen per dag bij wie er straks iets fout gaat. Hun gebruiksgemak gaat er niet op vooruit. Daar moeten gemeentes zich op voorbereiden. En ook moet de politiek gaan nadenken over mensen die gewetensbezwaren hebben tegen het afgeven van hun vingerafdrukken. Gaat de overheid daar een aparte categorie voor creëren? Wordt het voor die mensen mogelijk om een paspoort te krijgen zónder vingerafdruk?”
U praat over een minderheid.
„De overheid is er voor iedereen. En die kleine groep kan nog weleens groter worden, zeker als er iets fout mocht gaan met het databestand. Kijk naar Groot-Brittannië, waar in 2007 van 25 miljoen mensen ineens de persoonsgegevens en bankrekeningnummers op straat lagen. De Britten zijn terecht een stuk wantrouwender geworden. Nederlanders zijn over schending van hun privacy zeer ongeïnformeerd. Studenten van mij ondervragen deze weken mensen op straat over maatregelen die mogelijk hun gevoel van privacy aantasten. Men beseft het gewoon niet. Men beseft niet dat een Nederlander die zich tamelijk gedeisd houdt toch al gauw in 250 databestanden staat. Iemand die maatschappelijk en op internet wat actiever is, staat er in 800.”
Wat is nu het probleem? Ik verlies geen controle over mijn identiteit.
„U weet niet meer wat er straks met uw vingerafdruk gebeurt.”
Het databestand wordt beschermd met de best beveiligde digitale handtekening die er is. Het systeem zal voortdurend worden getest op bestendigheid tegen hackers. En er zijn komt ook nog eens een apart logbestand waar alle oorspronkelijke gegevens in blijven staan. Wat wilt u nog meer?
„Nogmaals, de overheid sluit expliciet niet uit dat het databestand met uw vingerafdruk kan worden gekraakt. Met biometrie is er sprake van tunnelvisie. Biometrie wordt gezien als een soort gouden oplossing tegen identiteitsfraude. Maar er zitten nog zwakke kanten aan de technologie. Als het krakers straks lukt toegang te krijgen tot het bestand, treffen ze daar ook echt de vingerafdrukken. Dat is gevaarlijk. Het zou veel veiliger zijn als vingerafdrukken versleuteld als code in het systeem zouden worden opgeslagen. Aan zo’n nummer hebben krakers namelijk niets. De overheid had dus beter even kunnen wachten totdat de technologie iets verder ontwikkeld was geweest.”
Wat is nu het ergste wat kan gebeuren?
„Het allerergste is een grote kraak van het bestand. Dan is identificatie via vingerafdrukken meteen voor altijd afgelopen.”
Dan zijn we toch van het probleem af?
„Ja. Maar daar hoop ik niet op. Biometrie is een ontzettend mooi middel. Alleen is de vingerafdruk de meest problematische toepassing. Ik vrees dat we met deze stand van de technologie de biometrie gaan verpesten. Het zou zo maar eens kunnen dat we onszelf over tien jaar heel hard uitlachen dat we in 2009 al deze wet hebben ingevoerd.”
Helaas. Ook uw vingerafdruk komt in die database terecht.
„Voorlopig niet. Ik heb mijn nieuwe paspoort en die van mijn kinderen expres vervroegd aangevraagd. Als in september die wet ingaat hebben wij al een nieuw paspoort, zonder vingerafdrukken.”
Biometriedeskundige en oud-inspecteur
Annemarie Sprokkereef (1964) verricht onderzoek naar de privacygevoeligheid en betrouwbaarheid van vingerafdrukken, irisscans en andere biometrische toepassingen.
Zij werkt voor het Tilburg Institute for Law, Technology and Society (TILT), aan de Universiteit van Tilburg. Zij is een van de ondertekenaars van een kritische open brief aan de Eerste Kamer over de nieuwe Paspoortwet.
Van 1996 tot 2000 deed Sprokkereef de Politieacademie in Apeldoorn. Ze werkte o.a. voor de recherche, en werd later één jaar gedetacheerd als de Nederlandse liaison bij Europol, de politiedienst van de Europese Unie.

AEX: 310,03 




