‘Wij zijn ervan overtuigd dat de olieprijs weer zal stijgen’

Shelltopman Ben van Beurden twijfelt ondanks het wegzakken van de olieprijs van 60 naar 30 dollar, niet aan de overname van het Britse BG. „We kopen met BG een sterke marktpositie.”

Illustraties Mariëtte Twilt

Een deal van rond de 50 miljard euro middenin een oliecrisis? De overname van het Britse BG door Shell is op zijn zachtst gezegd gedurfd. Vorig jaar april kondigde Shell zijn intentie aan om de Britse gas- en oliegroep over te nemen. Sindsdien is het aandeel Shell ruim 30 procent gedaald, en de olieprijs nog veel verder weggezakt. Op 27 en 28 januari bepalen de aandeelhouders van de twee bedrijven of ze de deal steunen. Shelltopman Ben van Beurden beseft maar al te goed dat zijn reputatie op het spel staat.

Gaan de aandeelhouders dit wel steunen? Toen Shell het bod deed stond de olieprijs op 60 dollar per vat. Nu is dat nog maar 30 dollar. Is dit het moment om zo’n uitgave te doen?

„Een heel belangrijke vraag. We kunnen praten over de strategische logica van de deal, maar hij moet ook financieel houtsnijden. Wij kijken al vijftien jaar naar BG, maar een overname bleek telkens niet aantrekkelijk. Dat was vorig jaar anders door de beurswaardering van BG. De vraag was wel meteen bij welke olieprijs de overname zinvol zou zijn. Daar kun je op twee manieren naar kijken. Ten eerste moet je je afvragen welke olieprijs over de hele levensduur van de transactie, waarde toevoegt. Dat is niet de olieprijs van vandaag of morgen, of van de dag waarop de aandeelhouders stemmen. Wij hebben berekend dat zolang de olieprijs de komende dertig jaar ergens voorin de 60 dollar zit, de deal waarde zal toevoegen voor de aandeelhouder. De vraag is dus: zal de olieprijs de komende dertig jaar gemiddeld iets boven de 60 dollar liggen. Persoonlijk denk ik dat dat een veilige aanname is.

„Een tweede vraag is wat er gebeurt als de olieprijs de komende paar jaar heel laag blijft. Dat zou goed kunnen gebeuren. Komen we dan in de financiële problemen? Het verhaal achter dit aspect is dat het hele bedrijf financieel veerkrachtiger wordt doordat ik BG aan Shell toevoeg. Met BG kan ik, op korte termijn, mijn dividendverplichtingen gemakkelijker nakomen dan zonder BG. Daar zit natuurlijk een grens aan. Als de prijs echt lang op 30 dollar blijft steken zullen we misschien wat meer moeten lenen. We hebben nu een schuldenlast van 12 procent en een beetje, en dat is het afgelopen jaar niet meer geworden. Daar hebben we hard aan gewerkt om deze overname te kunnen doen. Met een schuldenlast van 50 procent waren we hier natuurlijk nooit aan begonnen.”

U wilt Shell met deze recordovername nieuwe richting geven. Waarom juist BG?

„Iedere bestuursvoorzitter wil zijn bedrijf sterker en veerkrachtiger maken. Dat doe je in onze industrie door op zoek te gaan naar de beste ondergrond, met de beste geologie, de beste markt en de laagste kosten. Door de overname verwerven we betere geologische posities, met name in Brazilië, versterken onze marktposities met een groter aandeel in de productie en verkoop van vloeibaar gas (LNG), en we kunnen de kosten verlagen. En omdat we er een groter bedrijf van maken, zijn we ook in staat om onze portefeuilles, zowel van Shell als BG, nog eens eens goed tegen het licht te houden en te kijken wat eruit kan. Doordat we betere geologie aankopen en een betere LNG-tak kunnen we onze bestaande posities versterken.”

Zijn geologische posities hetzelfde als concessies?

„Ja, en dat zijn vooral de olieposities van BG in zogeheten deep water [olie- en gaswinning in de diepe zee, red.] in Brazilië. Dat is de beste deep-water-positie op de wereld, het meest productief, de hoogste kwaliteit en de grootste concentratie. BG brengt dus heel aantrekkelijke geologie met zich mee.”

Maar het gaat ook om marktaandeel?

„We kopen ook een stuk vloeibaar gas. Die markt is heel aantrekkelijk omdat hij zo hard groeit. De oliemarkt groeit met 1 à 1,5 procent per jaar, gas groeit twee keer zo hard, en LNG groeit weer twee keer sneller dan gas. In zo’n groeimarkt kun je het beste geld verdienen. We kopen met BG een sterke marktpositie die veel lijkt op wat wij zelf al hebben, we verdubbelen de kracht die we op dit gebied al hebben.”

Dus u denkt dat de aandeelhouders het bod zullen steunen?

„Ik kan natuurlijk niet namens de aandeelhouders spreken. Maar de afgelopen negen maanden heb ik eigenlijk niemand gesproken die twijfelt aan de logica van de deal. Aandeelhouders die de sector goed kennen begrijpen dat de olieprijs ooit weer terugkomt. Maar er zijn ook aandeelhouders die naar de kortere termijn kijken en die zich zorgen maken over wat er in China gebeurt, in het Midden-Oosten.”

Het pensioenfonds Standard Life heeft al gezegd tegen te zullen stemmen en columnist Nick Butler van de Britse krant Financial Times heeft u opgeroepen op uw schreden terug te keren, voor het te laat is. De stijging van de olieprijs is en blijft een aanname, geen feit.

„Natuurlijk is dat geen zekerheid. Wij maken een beoordeling van hoe wij denken dat de oliemarkt zich de komende decennia gaat ontwikkelen. Op basis van wat wij denken dat de fundamentele drijfveren gaan worden voor de olieprijs. Dat is niks nieuws, we nemen ieder dag investeringsbeslissingen. Misschien niet ter waarde van 50 miljard euro, maar dat hoort bij onze professie en daar nemen we risicomaatregelen voor.

„Wij zijn ervan overtuigd dat de olieprijs weer zal stijgen. Op dit moment is er een fundamentele verschuiving gaande. De oliemarkt verschuift van een model dat voornamelijk in evenwicht wordt gehouden door de Opec, naar een model dat bepaald wordt door niet-Opec. Op de korte termijn zijn dat de frackers in de Verenigde Staten, op de langere termijn zijn dat investeerders zoals wij zelf. Dus we gaan van een relatief simpel model waarin een kartel de markt in evenwicht houdt naar een rommeliger model met alle daarbij behorende fluctuaties. Vraag en aanbod, en kosten, veranderen niet. Alleen de prijsdynamiek daaromheen.”

Een andere aanname is dat Brazilië orde op zaken gaat stellen. Dat is nu niet het geval. Petrobras, met wie u alleen maar meer gaat samenwerken, zit tot over zijn oren in de affaires. Ook dat is een risico.

„De geologie van Brazilië verandert niet door de economische en politieke problemen in het land. Net zo min als het belang van deep water voor de economie en de regeringsbegroting. Dat is de gans met de gouden eieren. Maar er is een risico aan verbonden en we weten dat het niet vlekkeloos zal verlopen. Dat hebben we meegerekend, we hebben daarom een korting aangebracht in de waardering van Brazilië in de portfolio van BG.”

Heeft u op enig moment overwogen de deal af te blazen?

„We hebben ons bij iedere bestuursvergadering sinds de aankondiging van de geplande overname, afgevraagd of de waarde die we aanvankelijk zagen nog steeds bestond. Er is voortdurend toezicht geweest op de ontwikkeling van de deal. Ik geloof niet dat we ooit op een punt zijn gekomen dat we zeiden: nee, eigenlijk toch maar niet. De waarde is in tact gebleven en op een aantal punten zelfs verbeterd.”

Gaat u de aandeelhouders vertellen dat hun dividend op langere termijn zeker is?

„Wij garanderen het huidige dividend, of meer, tot het einde van dit jaar. Maar wij zijn een beursgenoteerd bedrijf dat investeringen doet waarmee risico’s gepaard gaan. We zijn geen staatsobligatie dus je kunt nooit een dividendgarantie geven voor de komende decennia.”

Uw naam zal voor altijd verbonden zijn met deze overname, verbindt u ook uw lot aan de stemming in de aandeelhoudersvergaderingen van 27 en 28 januari?

„Treed ik af als we het er niet doorheen krijgen? Dat is niet mijn intentie. Maar ik besef heel goed dat mijn reputatie als bestuursvoorzitter van Shell en de manier waarop ik de geschiedenis in ga, bepaald zal worden door niet alleen wat er gebeurt op de aandeelhoudersvergaderingen van Shell en BG, maar vooral door wat we daarna met het bedrijf doen.”