Het perpetuum mobile blijkt niet te bestaan

Het leek ooit bijna een soort perpetuum mobile: biobrandstof. Gebruik planten om brandstof te produceren en de CO2 die vrijkomt als die brandstof wordt gebruikt, wordt weer opgenomen door de planten die vervolgens een nieuwe voorraad brandstof produceren. Mooier kon het niet.

Maar helaas het perpetuum mobile bestaat niet. Ergens wordt de rekening neergelegd. En in de codetaal die beleidmakers graag hanteren is daarvoor een woord gevonden: ILUC, een afkorting die verwijst naar ‘Indirect Land Use Change’ (hier en hier meer).

ILUC gaat over het gebruik van de landbouwgrond waar de voedselproductie is vervangen door de productie van biobrandstof. Omdat mensen niet minder gaan eten, moet dat voedsel dus elders geproduceerd worden. Als daarvoor bossen worden gekapt, zorgt dat voor extra uitstoot van CO2 en daarbij is het klimaat dus helemaal niet gebaat.

De Europese Commissie heeft intussen begrepen dat ILUC een groot probleem kan zijn en vindt daarom dat de eerdere richtlijn (een bijmenging van 10 procent biobrandstof aan fossiele brandstoffen) moet worden genuanceerd. Vorig jaar bedacht de Commissie dat ten minste de helft van de bijgemengde biobrandstof ‘schoon’ moet zijn.

Maar zo simpel gaat dat natuurlijk niet (zie hier). Toen de richtlijn voor biobrandstof werd geïntroduceerd, leidde dat tot veel commotie over haalbaarheid. Inmiddels zijn veel boeren om en produceren ze koolzaad en andere gewassen waaruit brandstof gemaakt kan worden, waardoor inmiddels een industrie is ontstaan waarin jaarlijks zo’n 17 miljard euro omgaat.

Het gevolg is dat varkens- en pluimveehouders gedwongen worden hun veevoer uit andere landen te halen. Bijvoorbeeld Braziliaanse soja, waarvoor tropisch regenwoud wordt gekapt (lees bijvoorbeeld hier).

Vorig najaar besloot de Europese Commissie om de richtlijn aan te passen. Maar daardoor vrezen boeren voor verliezen op hun investeringen. De Europese ministers van Energie – die over het algemeen wat minder oog hebben voor milieu en klimaat – hebben vrijdag hun aarzeling uitgesproken, vooral de Oost-Europese. Ze eisen afzwakking van de strengere regels. Eurocommissaris Oettinger zegt daartoe wel bereid te zijn.

De Ierse minister Pat Rabitte heeft beloofd in juni met een ‘meaningful progress report’ te komen. Dat is te mooi om te vertalen, maar voor het klimaat lijkt het me weinig goeds te beloven.