Passageproces stond bol van ongerijmdheden

Aan het Passageproces, dat deze week bij de rechtbank afliep, hou ik een dubbel gevoel over. Tot hoever kun je de beginselen van de rechtsstaat oprekken voordat het ongeloofwaardig wordt? De kroongetuige kreeg een beloning die vermoedelijk tot 1,4 miljoen euro oploopt en een relatief beperkte celstraf van 8 jaar. Deze Peter la S. is

Aan het Passageproces, dat deze week bij de rechtbank afliep, hou ik een dubbel gevoel over. Tot hoever kun je de beginselen van de rechtsstaat oprekken voordat het ongeloofwaardig wordt? De kroongetuige kreeg een beloning die vermoedelijk tot 1,4 miljoen euro oploopt en een relatief beperkte celstraf van 8 jaar. Deze Peter la S. is al op vrije voeten en zit vermoedelijk ergens in de zon zijn centen te tellen. Mogelijk nerveus achterom kijkend bij onverwachte geluiden. Dat dan weer wel.

De kroongetuige rekt de rechtsstaat tot uiterste op

De strafrechter legde op basis van zijn verklaringen onder meer driemaal levenslang en éénmaal dertig jaar op. Politie en justitie wisten dankzij deze ‘zelfmelder’ uit de onderwereld een reeks liquidaties te stoppen. Zonder deze getuige was dat niet gelukt. Chapeau dus. Want dat bepaalt ook mijn dubbele gevoel – ik heb weinig twijfel dat hier een groep beroepscriminelen is afgestraft.

Maar tegen welke prijs? Wie tonnen schenkt aan een moordenaar en tegelijk beweert dat criminelen moeten worden ‘geplukt’, is niet erg consequent, om het zachtjes uit te drukken. Het hele Passageproces stond bol van dergelijke ongerijmdheden, die grotendeels verband hielden met het feit dat het vrijwel werd geregisseerd door een crimineel. Dat was ook livemee te maken in de rechtszaal. Er ontstonden geregeld gênante conflicten tussen La S. en het Openbaar Ministerie over de precieze inhoud van zijn bonusregeling.

De politie en het Openbaar Ministerie begonnen destijds vrijwel vanuit een noodsituatie aan deze lijdensweg – dankzij deze verklikker konden namelijk ook levens worden gered. Het gezag was destijds dus bereid om ver te gaan, met als gevolg dat het strafproces zo veel mogelijk werd voorgekookt. Tijdens de onderhandelingen met de kroongetuige werd onderling bepaald welke informatie er tegen wie zou worden ingebracht. Maar vooral ook welke informatie zou worden verzwegen en wie dus de schuld waarvan zou krijgen. Daardoor kreeg het haast iets van een civiel geding, waarin partijen zelf de omvang van het geschil bepalen en de rechter lijdelijk is.

Maar dat is natuurlijk niet zo. Een strafproces gaat over waarheidsvinding, waarbij de verdachten over dezelfde informatie mogen beschikken als de officier. Eerlijkheid staat voorop. Eventuele ontlastende informatie mag niet worden achtergehouden. Als strafproces stonk dit aan alle kanten – en dat werden de rechtbank en de advocaten al vroeg gewaar. Ook het Openbaar Ministerie zat er met een knoop in de maag bij. Er blijkt een tijdlang een aparte officier van justitie het proces te hebben ‘gemonitord’ om te zien of de belangen van de verdediging niet al te zeer zouden worden geschaad. Dat is vrij bizar – het tekent het ongemak. Een groot deel van de procestijd is door de rechtbank op verzoek van de verdediging dan ook besteed aan onderzoek naar één bepaalde moord waarvan het vermoeden bestond dat de kroongetuige die had gepleegd. Maar dat die met Justitie was ‘weggedeald’. De rechtbank heeft het in de uitspraak uiteindelijk ironisch over een ‘schaduwprocesdossier’, dat dankzij het eigen onderzoek aan de strafzaak kon worden toegevoegd. Het kostte de kroongetuige een deel van zijn geloofwaardigheid. De rechtbank vond uiteindelijk dat er ook altijd ander bewijs moest zijn om zijn verklaringen te kunnen geloven.

De rechtbank vond de kroongetuige enerzijds iemand die zelfverzekerd, helder en „in grote lijnen consistent” overkwam. Maar anderzijds ook in staat „met overtuiging leugens over te brengen”. De verklikker had in zijn conflicten met het OM valse, gemanipuleerde of ‘aangezette’ beschuldigingen geuit.

En daar baseer je dan een vonnis op. Ik was weer eens blij dat ik geen rechter ben. Maar de echte olifant in de kamer blijft toch Willem Holleeder, of wat in het vonnis de ‘weglatingsafspraak’ wordt genoemd. De verklikker zou zich bij de politie hebben aangeboden uit angst voor deze afperser en ontvoerder. Alleen onder de harde conditie dat hij niets over Holleeder hoefde te zeggen wilde hij zijn andere maten verlinken.

Daar trekt de rechtbank toch een paar strepen in het zand, zij het vooral voor de toekomst. Kennelijk moeten we dit meer als een proefproces zien waarin er veel nog niet echt hoeft mee te wegen. Bij onderhandelingen met een kroongetuige mag de waarheid voortaan niet meer blijvend buiten het zicht van de rechter en de verdediging worden gehouden. Goed idee! Justitie moet ook veel royaler worden met het toevoegen van de verklaringen van kroongetuigen aan het procesdossier. Dat Justitie akkoord ging met het weglaten van de Holleederinformatie wekte bij de getuige immers „ten onrechte het vertrouwen dat hij onvolledig mocht zijn in zijn verklaringen op de zitting”. Daardoor werden de rechters en advocaten dus onjuist geïnformeerd. Het Openbaar Ministerie kon dat ook niet meer corrigeren. Conclusie: er zijn belangrijke rechtsbeginselen „in aanzienlijke mate geschonden”.

Dan volgt dus vrijspraak, denk je dan. Maar nee, de rechtbank is in een tolerante bui. Omdat het OM de rechter niet „doelbewust heeft willen misleiden”, telt het niet. Justitie stond immers onder druk om toekomstige moorden te voorkomen en dus neemt de rechter de misleiding voor lief. Wat een begrip! Het OM kroop door het oog van de naald. Het doel heiligde de middelen. Echt een wonder dat er zulke hoge straffen uitkwamen.