Colombia wil einde aan geweld in ruil voor vrede met FARC
De persconferentie van de eerste dag van vredesbesprekingen tussen de FARC en de Colombiaanse regering. Links Iván Márquez , guerrilla leader en lid van de FARC, de Cubaanse ambassadeur in Canada Carlos de Cossio (2e van rechts) en rechts Colombia's afgevaardigde Humberto de la Calle, Foto AFP/Jorgen Braastad
De Colombiaanse regering eist einde aan het geweld als voorwaarde voor vrede met de linkse guerrillabeweging FARC (Revolutionaire Strijdkrachten van Colombia). Dat zei de regering bij de start van de vredesonderhandelingen in de Noorse stad Oslo. De FARC eiste vooral landhervormingen. De gesprekken gaan 15 november verder.
De vredesbesprekingen moeten een eind maken aan een halve eeuw van geweld tussen het leger en de FARC. Volgens persbureau Reuters zou de FARC bereid zijn om op elk moment een staakt-het-vuren te bespreken. De Colombiaanse vertegenwoordiger Humberto de la Calle zei eerder dat er wat betreft Colombia geen staakt-het-vuren zal zijn tijdens de besprekingen.
"Er zal geen stop zijn op militaire operaties, we zullen doorgaan met onze militaire verplichtingen."
De la Calle was gematigd optimistisch in zijn verklaring tijdens de persconferentie over de kans op vrede, maar eiste wel een eind aan het geweld:
"De wapens moeten worden neergelegd. Retoriek is niet genoeg. De regering wil echt iets veranderen. We zijn hier met de goede bedoelingen. De FARC hoeft zijn idealen niet af te zweren, maar moet zijn idealen wel op legale wijze nastreven. We verwachten geen valse vriendschap en we willen ook geen hypocrisie. We nodigen wel de FARC uit om deze uitnodiging voor vrede aan te grijpen. Er zijn al genoeg mogelijkheden voorbij gegaan. Natuurlijk zal er niet meteen vrede zijn. Het eindigen van de strijd zal pas het begin van de vrede zijn. Toch zijn we optimistisch. Er zijn enorme moeilijkheden, maar dit is wel een moment van hoop."

De Colombiaanse vertegenwoordiger op de persconferentie Humberto de la Calle. Foto AFP/Jorgen BraastadDe Colombiaanse vertegenwoordiger op de persconferentie Humberto de la Calle. Foto AFP/Jorgen Braastad
De verklaring van de FARC
Iván Márquez, commandant bij de FARC, benadrukte met name de armoede onder de Colombianen in zijn verklaring. De guerillaleider bleef met allerlei cijfers strooien over de economie, het inkomen en de verdeling van land:
"De FARC wil vrede met sociale rechtvaardigheid. We hebben altijd het beste voor Colombia gewild. We zijn naar Noorwegen gekomen met een olijftak in onze hand. We zijn niet de guerillastrijders die de media van ons maken. Voor ons is het belangrijkste onderwerp de landhervormingen. De ongelijke verdeling van land, veroorzaakt en gestolen door rijke grootgrondbezitters, is een van de belangrijkste problemen in het land."
Na dit begin ging de speech van Márquez al snel over in een sterk marxistisch getinte aanklacht tegen het kapitalisme en 'staatterrorisme' dat de exploitatie en 'landroof' van grote bedrijven ondersteunt:
"Het land wordt uitgebuit door multinationale mijnbedrijven, terwijl boeren worden verdreven. Onze soevereiniteit staat op het spel. Het kapitalisme en liberalisme vermoordt onze mensen. De grote landheren hebben bloed aan hun handen. Buitenlandse mijnmaatschappijen buiten onze mensen uit als slaven. Laten we deze trein stoppen, die ons land plundert."

Iván Márquez, commandant bij de FARC aan het woord tijdens de persconferentie in Oslo. Foto AFP/Jorgen BraastadIván Márquez, commandant bij de FARC aan het woord tijdens de persconferentie in Oslo. Foto AFP/Jorgen Braastad
Vervolg van de onderhandelingen zijn in Cuba
De besprekingen zullen naar verwachting nog maanden duren. Onder begeleiding van Noorwegen en Cuba hadden Colombia en de FARC een half jaar lang in het geheim overleg gevoerd in Havana. Lovende woorden waren er dan ook van beide kanten voor de bemiddelende rol van Noorwegen. Na deze eerste ronde in Oslo zullen de vredesonderhandelingen 15 november worden voortgezet in Havana. Om die reden waren ook vertegenwoordigers uit Cuba bij de persconferentie aanwezig, evenals afgevaardigden van Venezuela en Chili.
De Nederlandse Tanja Nijmeijer was er vandaag wegens juridische problemen nog niet bij, maar zal naar verwachting aankomend weekend aanschuiven. Voordat ze kan afreizen naar Oslo moet eerst het internationale arrestatiebevel tegen haar worden opgeschort. Zowel de VS als Colombia willen haar berechten. Mocht dat niet lukken dan heeft ze nog een kans in Havana om zich bij het overleg te voegen. Op de agenda staan dan de landhervormingen in Colombia.
Retoriek voor de buitenkant
Volgens NRC-buitenlandredacteur Ykje Vriesinga, was die retoriek van de FARC vandaag te verwachten, zélfs op een gelegenheid als deze:
"Het discours van de FARC is sinds de jaren zestig niet veranderd. Er zitten wel een paar nieuwe elementen in, zoals de 'plundering' van grondstoffen door multinationals. Dat is ook enorm aangeslagen bij de boerenbevolking op het platteland. Maar verder hebben ze nog steeds hetzelfde marxistische jargon."
Volgens Vriesinga moet de propaganda van de FARC gezien worden als iets dat puur voor de bühne is. De werkelijkheid is dat de beweging ernstig verzwakt is en meer dan ooit belang heeft bij een omslag tot een legale politieke beweging. Ook voor de Colombiaanse regering komen de besprekingen op een gunstig moment. De Colombiaanse president Santos weet zich in zijn vredespoging gesteund door een grote meerderheid van de Colombianen, die genoeg hebben van de gewapende strijd.
Vredesbesprekingen timing is goed
Een makkelijke te bereiken vrede wordt het allerminst schrijft Vriesinga vandaag in een reportage vanuit San Vicente del Caguán in NRC Handelsblad:
Terwijl de FARC in de grote steden van Colombia wordt gezien als een terroristische organisatie, is er hier op het platteland begrip, zelfs respect, voor de guerrilla. De misère waaruit de FARC in 1964 ontstond, bestaat nog steeds. De FARC is vaak de enige partij die hun helpt in deze zuidelijke oerwoudregio, zeggen de boeren en inheemsen. De guerrilla beschermt tegen de grootgrondbezitters en de bedrijven die uit zijn op olie en andere grondstoffen in hun gebied. De verwevenheid van de campesinos en de guerrilla heeft ervoor gezorgd dat kleine boeren in Colombia vaak automatisch worden gezien als sympathisanten van de FARC. Legersoldaten en paramilitaire groepen hebben in het verleden keihard opgetreden tegen vermeende hulp van plattelanders aan de guerrilla.
De boeren zijn wel blij dat de onderhandelingen plaats vinden in het buitenland. Na de vorige mislukte poging tot vredesonderhandelingen hebben ze in dit gebied veel te lijden gehad. San Vicente was tijdens die periode van 1999 tot 2002, immers de officieuze hoofdstad van de FARC. Toen de stekker uit het vredesproces getrokken werd, bombardeerde de reging het gebied plat, waarbij de lokale bevolking ook flink getroffen werd.
Lees meer over dit onderwerp vandaag in NRC Handelsblad.