Cavendish pakt wereldtitel
Mark Cavendish is in Kopenhagen wereldkampioen wielrennen geworden. De Britse sprinter klopte na 266 kilometer de Australiër Matthew Goss, André Greipel uit Duitsland en de Zwitser Fabian Cancellara in de massaspurt.
Cavendish is de eerste Britse wereldkampioen sinds Tommy Simpson in 1965 in San Sebastian de titel veroverde.
Vanaf het begin werd in Kopenhagen hard gekoerst, maar toch ontstond een kopgroep die lang overeind bleef. Daarachter controleerden vooral de Britten en de Duitsers de race. Het grootste spektakel kwam ondertussen van een valpartij die een breuk in het peloton veroorzaakte. Onder anderen uittredend wereldkampioen Thor Hushovd en Niki Terpstra reden achter de vallende renners en verloren de aansluiting.
In de laatste paar ronden waagde een aantal avonturiers, onder wie Johnny Hoogerland, een uitstapje. De Britse ploeg zorgde er echter voor dat geen enkele vluchtpoging succesvol werd en de vooraf verwachte massasprint bewaarheid zou worden.
In de slotfase kwam Cavendish op het juiste moment naar voren. De man van het eiland Man viel nog wel enigszins stil waardoor Goss dichtbij kwam, maar de finishstreep lag iets te dichtbij voor de Australiër.
Nederlanders tamelijk onzichtbaar
De Nederlanders reden een tamelijk onzichtbaar WK. Behalve Hoogerland liet ook Pieter Weening zich even van voren zien, maar echt meespelen deden de oranjehemden niet. Pim Ligthart en Lars Boom probeerden mee te sprinten, maar waren niet goed genoeg om zich met de wereldtop te meten. Ligthart werd op de 21e plaats de beste Nederlander. Boom finishte als 29e.
