Alweer een nieuw begin voor Prada
Veel succesvolle Pradacollecties zou je kunnen ontleden tot het volgende recept: een origineel idee, bijzondere stoffen en kleuren, een perfecte snit, een aardige dosis retro, een vleugje lelijkheid en wat rarigheid. Miuccia Prada’s vrouwencollectie voor najaar 2012, nu al een enorme hit onder modemensen (en in de filialen van Zara) is er een goed voorbeeld van: gekleurde, gedessineerde broekpakken met een lichtelijk militaire snit, gecombineerd met schoenen met aan de onderkant een laag gekleurd rubber eroverheen.
Maar Prada staat bekend om nog iets anders: ze kan haar kenmerkende stijl opeens geheel los laten, om tot iets heel nieuws te komen.
Donderdagavond, toen ze in Milaan haar vrouwencollectie voor voorjaar 2013 liet zien, deed ze dat.
De show begon al verrassend genoeg: ogenschijnlijk simpele zwarte kledingstukken van dik zwart satijn, versierd panelen met daarop met een witte print van een enkele bloem, gedragen met platte schoenen met glanzend leren sokjes erin. Minimalistische outfits, die streng en jong tegelijk waren; een intrigerende combinatie. Net op het moment dat je het gevoel had het wel erg veel van hetzelfde was gebeurde er opeens van alles op de catwalk. Zwart werd donkergroen en donkerblauw, waarna de collectie een gevoelige, vrouwelijke wending nam: kunstig gevouwen kleren in zachte tinten, bontstola’s en -jassen met bloedrodebloemen erop, hier een daar een beetje lingerie.
Oosterse bloemdessins, de manier van vouwen, het satijn, de ‘sokschoenen’ met een losse teen en dikke plateauzolen refereerden duidelijk aan de traditionele Japanse kimono, de obi-ceintuur en de teenslippers met sokken; de kleding van de onderdanige geisha.
De abstracte bloemmotieven leken te verwijzen naar de jaren zestig, maar ook naar de Japanse obsessie voor kawaii (schattig), waarvan de gothic lolita’s en Hello Kitty uitvloeisels zijn. In sommige sportievere outfits zou je vechtsportoutfits kunnen zien.
Oosterse referenties zijn een terugkerend gegeven in de mode; afgelopen seizoen gebruikte Dries van Noten bijvoorbeeld foto’s van antieke Japanse en Chinese kledingstukken voor zijn dessins.
Maar Prada’s show, die werd begeleid door een nummer van Megumi Satsu, die in het Frans liefde en zelfmoord bezong, was veel meer dan een nieuwe manier om Japanse invloeden te gebruiken. De collectie was complex en emotioneel, een mengeling van lieflijkheid, erotiek, strengheid en kracht. Of zoals de ontwerpster zelf na afloop zei: al die tegenstellingen waarmee vrouwen worstelen. “Het gaat over gevoelens.”
Het leverde geen kleren op die je waarschijnlijk niet vaak letterlijk op straat zult terugzien, maar wel een van de spannendste vrouwencollecties van de afgelopen seizoenen.
Fotografie: Peter Stigter (teampeterstigter.com)
Eerder gepubliceerd in NRC Handelsblad







