Als een trein
Het wordt ons voortdurend gemakkelijker dan gemakkelijk gemaakt en daardoor zijn best wel veel dingen ingewikkeld. De NS wil de Xtra reisplanner invoeren, gisteren is de proefperiode gestart. De bedoeling is dat je voordat de trein nog maar op het station aankomt (en de vraag blijft altijd óf en wanneer dit gebeurt) op je smartphone kunt zien of er nog zitplaatsen zijn en in welke coupé je het beste kunt instappen als je bijvoorbeeld een fiets bij je hebt of in stilte wilt reizen. Als je in stilte wilt reizen moet je de trein sowieso maar overslaan. Ik zal niet ouderwets doen en de smartphones weer overal de schuld van geven, maar die ellendige krengen zijn natuurlijk overal de schuld van.
Straks meldt de Xtra reisplanner via je beeldscherm dat er in de intercity naar Roosendaal voldoende plek is in coupé 3478, je vogelt uit waar op het perron je positie in moet nemen, of beter: je smartphone leidt je naar het juiste vak toe. Tot je (als je af en toe nog durft op te kijken van je telefoon) ziet dat er samen met jou een horde forensen voor de treindeur staat te wachten, klaar om hun lege coupé te bestormen, straks heb je een probleem, dit wordt ellebogenwerk. Wat dat betreft blijft alles hetzelfde.
Je volgt de smartphone naar je zitplaats maar: wat is dit? Er zit verdomme iemand op jouw plek.
‘Ehm, mevrouw. Mijn telefoon heeft mij beloofd dat ik hier mag zitten.’
Nee, het wordt er echt niet makkelijker op, er komt weer een Xtra stressfactor bij. Ik kan bijna niet wachten op de eerste Xtra reisplanner ruzie. Reizigers die verongelijkt elkaars telefoon op het spoor gooien. En dat de NS vervolgens kan melden dat het experiment mislukt is. We kunnen best wel eens een keer staan en bij een spoorwissel zachtjes tegen een onbekende aanvallen, voor we ook dat verleren.
