Belangrijk: Voor het goed functioneren van nrc.nl maken wij gebruik van cookies (meer informatie).
Hiervoor hebben wij wel eerst je toestemming nodig. Klik op de groene knop als je hiermee akkoord gaat.

Pasteitjes waar je niks van krijgt

Vorige maand opperde de Japanse overheid om het bereiden van de giftige kogelvis, fugu, niet slechts toe te staan aan speciaal opgeleide chefs, maar gewoon aan iedereen met een scherp mes. Een tsunami aan protest van het gilde van fugufileerders volgde. Begrijpelijk: zij hadden sinds 1949 het alleenrecht op het versnijden van het beestje, een duur getrainde verworvenheid. Die hun bovendien geen windeieren legde, want voor een beetje sashimi van fugu moet je in Tokio zo 100 euro aftikken. Ze hebben een punt: jaarlijks sneuvelen ongeveer twintig thuissnijders die onkundig de toxische vissenlever aanprikken.

Je vraagt je af hoe de Japanse voorvaderen erachter kwamen wat ze wel en niet van die kogelvis konden eten, toch een soort Japans roulette. Het schijnt dat in Japanse vissersdorpen in samoeraitijden de dorpsoudste moest voorproeven – die had toch al een leven achter zich.

Die kogelvis is misschien het bekendste voorbeeld van voedsel dat verkeerd bereid extreem nare gevolgen kan hebben. Maar er zijn meer dodelijke delicatessen. Zo heb je de Namibische reuzenpad die giftig wordt wanneer hij op de paaibare leeftijd komt – toegegeven, er is maar een kleine kans dat je die straks in je winkelwagentje mikt.

Jonge inktzwammen kun je ook prima eten, maar blijf er vanaf wanneer ze een paarsige verkleuring hebben. Dan bevatten ze een toxine dat vooral heftig doet reageren met alcohol – wel prima spul dus voor drankzuchtigen.

Nog eentje waarmee je moet oppassen: geroosterde abrikozenpitten die ze in de Turkse keuken als amandelen gebruiken. Die kunnen, wanneer ze niet goed geroosterd zijn, blauwzuur bevatten: foute boel. Van het vruchtvlees krijg je daarentegen niets, zoals in deze pasteitjes.

Mijn Turks is niet best, maar waar milföy vandaan komt, dat vat ik wel. Doe het gehakt in een kom, doe er wat zout en peper door en bak dit even aan in een pan met hete olie. Voeg daar vervolgens aan toe: geraspte sjalotjes, geraspte tomaat, twee klein gesneden knoflooktenen, het fijn gesneden pepertje, de suiker, een handje munt en wat verse peterselie, en bak dit mengsel zo goed als gaar. Leg de stukjes deeg op een snijplank en doe hierin wat van het mengsel. Vouw ze dicht – ‘lijmen’ met ei is niet nodig, want het deeg is smeuïg genoeg. Daardoor smelt het vanzelf samen.

Bestrijk de pasteitjes met ei en laat ze in een ingevette ovenschaal een half uurtje bij 180 graden bruin worden. Meng intussen de yoghurt met een kneep citroen, de geperste overgebleven knoflookteen en wat sumac en meng goed.

Dien de pasteitjes op met wat yoghurtsaus, komkommersla en Turks brood.

Lamspasteitjes

8 vierkante stukken milföy

500 g lamsgehakt

3 sjalotjes

1 tomaat

6 gedroogde abrikozen

1 el suiker

3 knoflooktenen

Spaans pepertje

bosje munt

bosje peterselie

citroen

olijfolie

sumac

Turkse yoghurt

17 reacties op 'Pasteitjes waar je niks van krijgt'

Frank

Leuk om juist Sumac in dit recept te gebruiken! Het is immers zelf lid van een plantenfamilie met nogal wat giftige neefjes en nichtjes (waaronder gifsumak ofwel poison ivy).

F. Egas

Waar en wanneer voeg je de 5 gedroogd abrikozen toe? Daar begon het recept toch mee?

Frank Roos

Moet dat gehakt alleen in een kom om er peper en zout doorheen te roeren?

Dik

Inleidend stukje gaat over de niet giftigheid van abrikozen en vervolgens komen er helemaal geen abrikozen voor in het recept (wel in de ingredienten)???

hikikobo

Lijkt me een lekker hapje.

Maar wel een beetje elitair te veronderstellen dat iedereen de link milföy -> mille-feuille -> bladerdeeg begrijpt.

Menno Steketee

@ Egas. De abrikozen moeten inderdaad ook in het mengsel. En @ Hikikobo. Helemaal waar: tis een beetje elitair om op te schrijven dat je snapt wat milföy betekent.

Emma Mager

Zo elitair is dat nou toch ook weer niet, een beetje kok heeft dat echt wel een keer zien langskomen. En het lijkt me ook vrij ‘obvious’ dat de arbrikozen in de vulling gaan. Ik ga hem proberen in ieder geval. Het klinkt heerlijk.

Frans

Leuke anecdote van die dorpsoudsten Menno, mooie manier voor het dorp om van de oude knarren af te komen. In een boekje van Bertus Aafjes over rechter Ti, wordt vermeld dat de beste koks fugu op een dusdanige manier konden bereiden dat het na het eten ervan, een lichte high veroorzaakte, weet iemand of daar enige waarheid in schuilt, of zou Bertus zelf een beetje high zijn geweest toen hij het schreef.

kuilenburg

bertus aafjes ging aren lezen achter de maaiers, robert van gulik schreef de rechter ti verhalen.
wie is er high en waarvan? [grapje]

rob van middendorp

milföy kon ik nietvinden bij de lokale turk, wel iets wat ze bladerdeeg noemen. maar dat was geen succes, de vulling was lekker, maar had beter gewoon filodeeg kunnen gebruiken….

thomasbroerse

Waar is de column van Roos van woensdag 25/4?

gr brouwer

En toen….?Was dit de laatste aflevering?

dirk

@ frans: uit de boekenkast van mijn moeder: Morgen Bloeien de Abrikozen,van die Bertus Aafjes, uit een tijd dat we de abrikoos alleen in gedroogde toestand kenden van de tutti frutti!lang geleden hoor, eerstdaags liggen ze weer bij appie, vers en wel!

S.F. van Hest

@ gr brouwer

Er is een waarschijnlijk een stagiair of stagiere ziek.

(Maandag krijgen de abonnees ook niet waar ze voor betaald hebben, want de hele editie is geschrapt “wegens drukte op de grachten”. Geen grap!)

Daar kan een mens dan knorrig om worden –yup!–, maar aangezien er tóch voorlopig niemand aanwezig is, kan een mens er ook zèlf wat aan doen, door de recepten van de afgelopen dagen hier ter Vrijmarkt aan te bieden.

Pakaan!

Woensdag 25 april 2012

Dansers dansen op citroengras
Roos Ouwehand | pagina 34 – 35

Het fabeltje dat dansers op wortels en crackers leven moest maar eens de wereld uit, vond choreografe en danseres Karin Post. Dus schreef ze een kookboek (Soupez! Soupez!, uitgeverij Pels & Kemper) waarin ze haar collega’s aan het woord laat over hun eet- en kooklust. Het staat vol recepten en verhalen over wat en vooral ook wanneer dansers eten. Want opgaan met een volle maag is natuurlijk geen goed idee, maar wie te weinig brandstof binnenkrijgt, kan ook niet optimaal presteren.
Met veel plezier las ik het interview met Alexandra Radius en Han Ebbelaar, waarin Radius (O! Wat ben ik altijd jaloers geweest op die beeldschone grijze ogen!) aanstekelijk vertelt over de uitsmijters, de saignant gebakken rosbief en de chocola waarmee ze zich als jonge ballerina overeind hield. Later ontstond de gewoonte om na afloop van de voorstelling tezamen met collega’s en vrienden te souperen. Naar een restaurant gaan was te duur „en bovendien kreeg je er niet de goeie dingen naar binnen”. Dus bakte ze ’s morgens vroeg, voor de repetitie, een paté. Of zette ze vlak voor de voorstelling een groot gebraad in de oven. Als ze thuiskwamen, gingen de spitzen in de lak, de enkels in het ijs, kregen de katten eten en werd er uitgebreid getafeld. Volgens Ebbelaar is dat de belangrijkste reden dat ze het zo lang hebben volgehouden in de harde danswereld: „Tot en met de laatste voorstelling hebben we ons lijf goed gevoed.”
Vandaag een recept uit het boek, afkomstig van Tim Persent, die dit jaar 25 jaar op het podium staat. Ter ere van zijn jubileum werd een voorstelling gemaakt – Dans door Tim Persent: a Dance Concert – die nog tot eind mei te zien is.
Vet een bakvorm in met olijfolie, snij de tomaten door en leg ze erin met de gesneden kant boven. Leg de stukken ui, de knoflook en de tijm ertussen. Kneus de sereh en snij in reepjes, verdeel ze over de tomaten. Strooi er twee theelepels suiker over en begiet ten slotte met nog wat olijfolie.
Zet de vorm 50 minuten in de oven (210 graden). Schep alles na 30 minuten om. Alle ingrediënten worden heel zacht, maar Persent waarschuwt: „een beetje zwart aan de randjes is goed voor een geroosterde smaak, maar te ver aangebrand maskeert de smaak van het citroengras”.
Doe alles over in een blender, schraap ook het gekarameliseerde residu goed van bodem en zijkanten. Doe de bouillon erbij en laat draaien tot een puree, passeer alles door een zeef en breng op smaak met zout en peper.
Ik vond het een heerlijke, zomerse soep, die gekoeld vast ook prima smaakt. En je kunt er ongetwijfeld fantastisch op dansen.
Tomatensoep
Voor 4 personen:
900 g rijpe tomaten
2 uien, in 8 parten
5 tenen knoflook (gepeld)
2 takjes tijm
2 à 3 stengels citroengras (sereh)
7 dl kippen- of groentebouillon

Donderdag 26 april

Een Marokkaans oranjegerecht
Joël Broekaert | pagina 38 – 39

Maandag is het Koninginnedag. Wat een heerlijke dag. Iedereen haalt z’n oude rotzooi van zolder. Hup, kleedje op straat. En wat niet verkocht wordt, drijft achttien uur later tussen de plastic bekertjes in een poel van bier en pis. Althans zo gaat dat bij ons in de hoofdstad. Voor de gemeentereinigingsdienst.
Ik heb geleerd om van tevoren een strategische plek te kiezen, met een goede drankvoorziening en afwatering, en daar te blijven. Dan is het best gezellig.
Ook het Vondelpark heeft wel wat. Kinderen die geen blokfluit kunnen spelen, gaan dat daar dan wel doen en krijgen er nog geld voor ook. Sommigen durven zelfs viool te spelen. Elders in de stad gaan volwassenen die niet kunnen bakken, cake met oranje kleurstof maken of koekjes met kroontjes. Dat is minder schattig.
Wel fijn is dat Koninginnedag ditmaal op een maandag valt, dat levert in ieder geval een extra vrije dag op. Ook kan ik elk jaar best genieten van de ironie dat er vijf dagen later, op Bevrijdingsdag, nog steeds overal ‘bezet’ op de grond staat. Misschien moeten we, naar de tijdgeest, dit jaar gewoon overal occupied opschrijven.
Om ons te vermaken hebben we besloten dit jaar ook ‘oranje’ te gaan koken. Maar dan zonder kleurstof, met louter oranje ingrediënten. Een Marokkaans geïnspireerde linzenschotel.
Begin vandaag. Maak dunne plakjes pompoen met een dunschiller of kaasschaaf. Maak de azijn en de suiker warm met 100 ml water. Zodra het borrelt, draai het vuur uit en leg de plakjes pompoen erin. Zet weg in een weckpot zodra het is afgekoeld. De pompoen is met een dag of twee wel ingelegd.
Pof de paprika’s in de oven. Laat ze zweten in een afgesloten bak, pel ze en snij ze in reepjes. Fruit de ui met de kurkuma in een beetje olie. Vijzel de peper, komijn en koriander en bak de specerijen even mee. Voeg daarna eerst de knoflook en dan de linzen toe. Voeg de abrikozen, het laurierblad, drie soeplepels bouillon en twee soeplepels water toe. Kook de linzen in ongeveer een half uur gaar. Voeg telkens een lepel water toe, als ze wat droog komen te staan.
Wok de wortel in plakjes op zeer hoog vuur – de Engelsen noemen dat zo mooi ‘flash frying’. Als de linzen bijna gaar zijn, rasp de kaneel erover en voeg de wortel, paprika en de reepjes gesneden pompoen toe. Voeg helemaal op het einde de kleingesneden kumquats toe. Niet eerder, anders wordt alles bitter!
Ook leuk is de kumquats van tevoren te pekelen in zeezout. Daar is voor Koninginnedag wat weinig tijd voor. Maar, niet getreurd, van de zomer is het EK voetbal.
Linzenschotel
Voor 2 à 3 personen:
200 g rode/oranje linzen
4 waspeentjes
2 oranje paprika’s
halve ui, gesnipperd
3 teentjes knoflook, gesnipperd
8 gedroogde abrikozen, in reepjes
8 peperkorrels
halve tl komijnzaad
1 tl korianderzaad
2,5 tl kurkuma
1 laurierblad
halve cm kaneelstok
2 kumquats
10 dunne plakjes pompoen
3 soeplepels groentebouillon
100 ml azijn
50 g suiker

Vrijdag 27 april 2012

Een eeuwenoud Oranjesoepje
Joep Habets | pagina 38 – 39

Als het gaat om gastronomisch eerbetoon komen onze vorstinnen er bekaaid af. Tenzij we de oranje geglazuurde tompoes als zodanig beschouwen, maar deze traktatie is multi-inzetbaar feestgebak dat ook ten tijde van voetbalkampioenschappen goede diensten bewijst. Er is nooit een gerecht van belang opgedragen aan Beatrix of Juliana. Alleen de Franse chef Escoffier creëerde ooit de fraises Wilhelmina, een gerecht van in sinaasappellikeur gemarineerde aardbeien bestrooid met poedersuiker, voor onze koningin Wilhelmina. Een Wilhelminawaardig gerecht.
En de koninginnesoep, die je rond 30 april wel eens aantreft als feestelijke gelegenheidssoep? Zo veel is zeker, die heeft niets met onze koningin of haar voormoeders te maken.
De koninginnesoep boogt, als potage à la reine, op een rijke geschiedenis. Wie daarover alles wil weten raadpleegt coquinaria.nl. De website biedt het oerrecept uit 1651 van de Franse chef La Verenne. Op de ingrediëntenlijst staan geroosterde kapoenen, brood en amandelbouillon. Gegarneerd met hanenkammen – geen paddenstoelen, maar de hoofdtooi van kippenmannen – pistachenootjes en granaatappelpitten is het een echte showsoep.
Voor een koningin mag het natuurlijk niet minder zijn, maar voor de hedendaagse thuiskok is het wat bewerkelijk. We houden het bij de simpele Nederlandse huisvrouwenversie.
Zet de kip op het vuur met 2,5 liter water. Breng het water aan de kook en schuim de soep af. Voeg laurierblad, foelie, peperkorrels, een doormidden gesneden ui toe en laat de bouillon op een laag vuur 2 à 2,5 uur zachtjes trekken. Laat de laatste drie kwartier de gesneden groenten meetrekken. Haal de kip uit de bouillon. Zeef de bouillon. (De groenten zijn niet veel soeps meer, die worden niet gebruikt.) Ontvet de bouillon en laat hem inkoken tot 1,5 liter.
Haal het kippenvlees van de botten. Wie een royaal gevulde soep wil, gebruikt alle kippenvlees, maar met de helft is de soep ook aardig gevuld.
Maak een roux door 40 gram boter in een grote pan te laten smelten. Voeg al roerend de gezeefde bloem toe. Laat een paar minuten zachtjes pruttelen. Roer regelmatig. Giet er in delen de bouillon bij en roer na elke toevoeging stevig. Voeg zout en witte peper naar smaak toe. Laat de soep 15 minuten zachtjes pruttelen.
Kluts de eidooiers door de room. Meng er een paar lepels van de hete soep door en roer het mengsel door de soep. Laat de blokjes kip nog even meewarmen, maar zorg dat de soep niet meer kookt. Garneer de soep met erwtjes en wortelblokjes. Dat kleurt toch nog wat oranje.
Koninginnesoep
Voor zes borden:
1 (soep)kip
2,5 liter water
300 g gesneden soepgroente (selderijstengel, prei en wortel)
1 ui
1 laurierblad
3 takjes peterselie
1 takje tijm
stukje foelie
6 gekneusde peperkorrels
40 g boter
40 g bloem
2 eidooiers
125 ml slagroom
peper en zout
60 g beetgare doperwtjes
60 g beetgare wortel in blokjes

En ten leste die van zaterdag 28 april 2012

Marjoleine de Vos (met inleidend stukje voor op ‘t web, zoals ze beloofd heeft!)

Tomatensoep, zoete aardappelen met sinasroom en salade
| pagina 10 – 11

Door-de-weeks eten, of een gewone-zaterdag-thuis eten, kan gemakkelijk en toch heel smakelijk zijn als je er een beetje je best op doet. Maak bijvoorbeeld tomatensoep met selderij of lavas en witte kaas, doperwtjes met ham en crème fraîche, kippenlevers en aardappelen die in de schil gekookt zijn en even geprakt met wat olijfolie. Of (zelfgemaakte en ingevroren) worstjes, zoete aardappel met sinasroom uit de oven en een salade van fruit en groenten.
Tomatensoep met een volle smaak
voor 4 personen
1 sjalotje, paar takjes lavas of selderij, 1 pak tomaten in blokjes, 2,5 dl bouillon, 5 Tasty Toms, 1 bolletje mozzarella (mag best van de supermarkt zijn), wat bieslook, olijfolie
Snijd de tomaten doormidden en bestrooi ze met een beetje peper en zout en een paar korreltjes suiker. Zet ze in een ingevette ovenschaal in de oven op 150 graden en laat ze daar zo’n drie kwartier staan.
Fruit de fijngehakte sjalot in een soeppan met de lavas of de selderij (kruiden geven hun smaak aan het gerecht beter af als ze in vet verwarmd worden dan in waterachtige vloeistof). Doe de tomatenblokjes erbij, peper en zout, de bouillon en laat een half uurtje zachtjes koken.
Voeg de geroosterde tomaten toe en maal de soep wat fijner. Snijd de mozzarella in stukjes en leg die even op folie in de nog warme oven zodat de rubberen stukjes wat zachter worden.
Knip de bieslook fijn over de soep, leg in elk bord wat van de mozzarella stukjes die een frisse beet geven aan het geheel en besprenkel met een paar drupjes olijfolie.
Zoete aardappel met sinaasappelroom
voor 2 personen
1 zoete aardappel, beetje olijfolie, 2 el crème fraîche, 1 klein teentje knoflook, sap van ½ sinaasappel, 1 takje lavas (neem anders basilicum of peterselie of salie of selderij of dragon)
Snijd de aardappel in dunne plakken, doe die in een ingevette ovenschaal en bestrooi met peper en zout. Meng de crème fraîche met het sap, de gehakte knoflook en de fijngehakte kruiden en meng dat door de aardappel. Zet een kleine 40 minuten in de oven op 175 graden.
Fruit- en groentensalade met citrussmaak
voor 2 personen
1 rijpe peer, 3 kumquats, ½ komkommer, 3 tasty-Tom tomaten, 1 rode puntpaprika, citroensap, paar blaadjes munt, peterselie, koriander, scheutje olijfolie
Snijd, schil en hak alles naar eigen inzicht. Doe in een kom en knijp daar boven een paar keer in een halve citroen. Bestrooi met een kleine beetje zout, veel peper en giet er wat olijfolie overheen. Hussel. Dit is niet alleen een heel lekkere salade, maar ook een die vrolijk is om te zien.

===================

Zo, we zijn weer bij!
Mocht u nu nimmer meer van mij horen, dan heb ik een ban… ;-)

S.F. van Hest

@ Frans & dirk

Rechter Tie was een Chinees, die doen niet aan kogelvissen, maar Bertus Aafjes schreef de vergelijkbare, maar Japanse Rechter Ooka Mysteries.

Aafjes kwam zelf in Japan, o.a. voor reserch voor deze detectiveomans.
Hierover schreef hij dan weer reisverhalen, waaronder eentje over ‘vergiftigde rijst’, in het boek Mijn ogen staan scheef.

Dat wat Frans beschrijft staat waarschijnlijk in één van die ‘mysteries’.

En dirk, vroeger geen verse abrikozen?
Jawel hoor, maar omdat er vers ‘niks aan’ is eten we ze gedroogd, of als compôte of gelei.

Vooral door koken krijgt een abrikoos zijn uitgesproken smaak.
Gedroogd verdwijnt het fel-zure én het nare stroeve van een verse abrikoos, en in combinatie met de wat laffe gedroogde appeltjes en de mierzoete pruimedanten brengt het zuurtje de tutti-frutti juist wat in balans.

Ook een pâtissier gebruikt abrikozenjam voornamelijk vanwege dat zuurtje.

De lekkerste abrikozen komen uit blik, echt waar!

(Die verse kun je wèl lekker meebakken in een clafoutis of zelfs Tatin. Of gewoon gehalveerd met boter en bruine suiker in een ovenschaal, in een van het grootvlees afkoelende oven terwijl men het hoofdgerecht eet. En dan serveren met lobbige room en wat kaneel en likeur, of custard en koekkruimels.)

K. de Bree

Gelukt & lekker maar …
geen milföy te krijgen & ook niet lamsgehakt , dus kalfsgehakt … zie http://bouillabaiseworkinprogress.blogspot.com/2012/05/pasteitjes-waar-je-niks-van-krijgt.html

Niels Schoot

Hier hetzelfde. Ze zijn prima gelukt, maar met bladerdeeg en rundergehakt. Ik heb ook het aantal abrikozen wat vergroot. Erg smakelijk! Volgende keer probeer ik gewoon eens pasteideeg…