Eieren in een bakje met kippenlevertjes
Oeufs en cocotte maakt u als volgt:
Verwarm de oven op 170 graden. Besmeer een ramekin (een klein aardewerken schaaltje) van binnen met boter. Zet het schaaltje in een bakblik of braadslee. Breek een ei en giet het voorzichtig in het beboterde schaaltje. Giet er één eetlepel room overheen (alleen over het eiwit) zet het bakblik in de hete oven en giet er kokend water in tot halverwege de hoogte van de ramekin. Bak het ei (of uiteraard meer eieren) zo’n 10 minuten in de oven, druk even voorzichtig met een lepeltje op het wit om te voelen of het de door u gewenste gaarheid heeft.
Eet direct op, met broodruitertjes bijvoorbeeld of met kappertjes of met fijngehakte kruiden (kervel, dragon, bieslook, peterselie).
voor 4 personen:
2 dl rode wijn
1 takje tijm
1 laurierblad
1 sjalot
1 dl kalfsbouillon
4 (biologische) kippenlevers
1 el boter
1 el olie
4 eieren
Verwarm de oven voor op 170 graden
Snijd de sjalot in dunne plakjes. Breng de wijn aan de kook met de laurier en de tijm en laat hem op laag vuur tot de helft inkoken. Doe de sjalot erbij en de bouillon en laat weer tot de helft inkoken. Verwijder het laurierblad en de tijm en maak de saus zo nodig verder op smaak met zout en peper. Zet opzij.
Spoel de kippenlevers goed af, verwijder eventuele gal (groen) en vet of sliertjes. Droog de kippenlevers.
Verwarm de olie in een koekenpannetje en bak de levers in een paar minuten aan alle kanten bruin. Bestrooi ze met wat zout en peper. Doe de kippenlever bij de wijnsaus.
Vet de ramekins in met de boter en verdeel de saus met de lever over de vier bakjes. Breek in elk bakje voorzichtig een ei en plaats de bakjes in een bakblik met kokend water tien minuten in de oven.
Eet met geroosterd brood.
