Het dilemma bij een kookfiasco
Terwijl ik het deed dacht ik al aan Meryl Streep in Julie and Julia: „Néver, néver apologize.”
Het eten dat de gasten krijgen is het eten dat ze krijgen en nooit, vond Julia Child, moet je je daarvoor verontschuldigen. Hoe mislukt ook.
Ik weet eigenlijk niet waarom niet – als het nu echt mislukt is, moet je dan net doen alsof je dat zelf niet merkt? Net doen alsof deze taaie schoenzool een smakelijke karbonade is, alsof de harde stronkjes witlof een smeltend stoofgerecht zijn? Vind ik ook wel gek.
Een dergelijke ramp was er in de verste verte niet aan de hand, bij wat bedoeld was als auberginebitterballen met daslookyoghurtmayonaise. Waarin de gemankeerde ballen direct uit elkaar vielen als je probeerde iets te doen dat op dopen leek.
Dus ik kamde ze direct krachtig af terwijl ik ze op tafel zette, en hoorde het mezelf doen. Fout!
Had ik dan met een stralende lach moeten zeggen: „Hier zijn de auberginebitterballen!” terwijl elk normaal mens zou denken: „Bitterballen, me neus.” Je komt er niet uit. Excuses dwingen de gasten om meteen beleefd te roepen dat het juist prachtig en heerlijk is, maar stellen ze, als het niet al te bangelijke gasten zijn, ook in staat om te zeggen: ze zien er wel een beetje gek uit. Of: hard gebakken maar wel lekker. Of: bitterballen had ik er niet in herkend, maar het idee spreekt me erg aan.
Of is het het beste om gewoon helemaal niet over het eten te praten? Gewoon zo goed mogelijk je best doen en verder zal het allemaal wel. Dat verlost iedereen van de plicht om zich steeds uit te spreken over het eten.
Hoe dan ook was het een leuk idee, auberginebitterballen. Afgeleid van de auberginekroketten uit het nieuwe kookboek van Yotam Ottolenghi. Plenty heet dat kookboek en het bevat uitsluitend aantrekkelijke groentegerechten.
Gril de aubergines in de oven tot ze helemaal zacht zijn en aan alle kanten geblakerd, dat duurt ongeveer een uur. Prik er wel van tevoren gaatjes in, anders kunnen ze ontploffen.
Snijd ze doormidden en leg ze met het vruchtvlees naar beneden in een vergiet of een zeef. Laat ze een uur uitlekken en schep dan het vruchtvlees eruit.
Kook of stoom de aardappelen gaar. Snijd ze in stukken en laat afkoelen.
Prak de feta met het ei, de aardappelen, het auberginevlees en de kruiderij tot een stijve brij. Voeg voldoende peper en zout toe – het mengsel moet hoog op smaak zijn. Zet die eventueel nog in de ijskast om op te laten stijven.
Strooi paneermeel op een bord en vorm balletjes, schijfjes of kroketjes van het auberginemengsel. Rol die door het paneermeel.
Verwarm een laagje olie in een koekenpan en maak dat flink heet. Bak de auberginedingetjes aan alle kanten bruin.
Stamp in een vijzel wat bieslook fijn met een snufje zout en voeg de yoghurt en de mayonaise toe.
Auberginekroket
Voor 12 stuks:
2 aubergines
2 aardappelen
50 g feta
1 tl oregano
1 ei
flinke hand bieslook of daslook
2 el mayonaise
2 el Griekse yoghurt
