Tegen het ochtendhumeur
Zoon en ik zijn allebei opgelucht dat de eerste, donkere maanden van het jaar voorbij zijn. En dat het weer licht is, als we ’s morgens ons bed uit moeten. Hij heeft mijn ochtendhumeurigheid geërfd en zat de hele winter als een boos, ineengedoken molletje aan het ontbijt. ‘Humeur’ is eigenlijk niet het goede woord. Het is meer dan dat. Het is ochtendpijn. Ochtendschmerz.
Ik weet nog goed hoe ik me voelde op die koude, donkere ochtenden, vroeger, in de keuken. Als er alleen oud brood was, met dingen erop die ik niet lekker vond. En keiharde boter waarmee je grote gaten trok in je overblijfboterhammen. Zo’n pesthekel had ik daaraan dat ik tot mijn moeders afschuw overstapte op Bona. Dat kon je tenminste smeren. Misschien was de overstap ook wel een eerste, puberale verzetsdaad. Roomboter was heilig thuis. En waarschijnlijk had het ook wel iets te maken met de reclame van Bona, waarin een dolgelukkige familie, na een rit met paard en wagen, knotsgezellig ging zitten picknicken in een weiland.
Op die winterochtenden, onder de te fel schijnende keukenlamp, leek de wereld één groot tegen mij gericht complot, waarin niets zachts en moois te vinden was en alles pijn deed. Gelukkig weet ik inmiddels dat er dingen bestaan die je weer verzoenen met het leven. Zoete, geurige dingen. Zoals deze rijstroom – het woord ‘pap’ ontneemt mij altijd de eetlust – met gekonfijte sinaasappelschilletjes.
Trek met een dunschiller mooie repen schil van een sinaasappel – een Navelina bijvoorbeeld, die heeft ook lekker veel sap – en snij die in reepjes ter grootte van een lucifer. Doe deze in een pan, voeg het sap van de sinaasappel toe, plus een paar eetlepels water en vier eetlepels suiker. Breng dit al roerend aan de kook. Laat de schilletjes een klein half uur zachtjes pruttelen en haal ze er dan uit. Trek ze met een vork los van elkaar en leg ze op wat bakpapier te drogen.
Doe de rijst, de kristalsuiker, het opengesneden vanillestokje, de geplette pitjes uit de kardemompeulen en een paar slierten citroenschil in een andere pan. Giet de melk erbij en breng dit (regelmatig roerend) aan de kook. Doe een deksel op de pan en laat de rijst ongeveer 25 minuten héél zacht koken. Roer af en toe even door en proef of de korrels al gaar en zacht zijn. Laat de rijst een beetje afkoelen, verwijder vanillestok en citroenschillen en roer er ten slotte een theelepel sinaasappelbloesemwater door.
Serveer dit heerlijke toetje lauw, in een mooi glas, met een paar gekonfijte sinaasappelsliertjes erop. Geef er eventueel een amandelkrul bij.
Sinaasappelpap
120 gram arborio rijst
5 dl melk
40 gr kristalsuiker
1 vanillestokje
2 kardemompeulen
1 (bio)citroen
1 grote (bio)sinaasappel
4 el suiker
sinaasappelbloesemwater
