Belangrijk: Voor het goed functioneren van nrc.nl maken wij gebruik van cookies (meer informatie).
Hiervoor hebben wij wel eerst je toestemming nodig. Klik op de groene knop als je hiermee akkoord gaat.

Gestoofde ossenstaart met wijn en chocola

Hoe zou de topvijf van prettige huiselijke geuren eruitzien? Er zou in ieder geval de geur van verse koffie op moeten staan, die van taart of cake in de oven, die van een kerstboom in de kamer, de geur van een houtvuur in kachel of open haard, en de geur van een stoofschotel die zachtjes staat te pruttelen.

Er zijn natuurlijk meer heerlijke geuren – die van gebakken spek voor bij de eieren aan het ontbijt, de geur van vers brood, van pasgewassen lakens en zomerwind in de slaapkamer, de geur van soep, van boenwas, van oude boeken – ach als je even doordenkt zijn er veel geuren die allemaal zeggen: hier wordt gewoond en dat is prettig. Voor sommige mensen hoort misschien ook nog wel de geur van sigarenrook en sherry erbij, op zondag vroeg in de middag. Maar daar begint de lijst al aan de nostalgie te grenzen. En je kunt alles nog verfijnen natuurlijk – wélke soep dan, wat voor koffie enzovoort. En waar is de gebraden kip? Die moet er ook op.

Maar we gaan nu werken aan die stoofschotel. Van alle stoofschotels is die van ossenstaart wel een van de allerheerlijkste, omdat het vlees van de ossenstaart zo lekker geleert en zo zacht wordt en zo’n uitgesproken smaak heeft. En van alle ossenstaartstoofschotels is deze Italiaanse, van Patricia Wells, mijn favoriet. Begin er liefst een dag tevoren aan, dat komt de smaak ten goede.

Doe de olie en de pancetta in een grote geëmailleerde pan die ook in de oven kan. Bak de pancetta een paar minuten tot die krokant is en haal het spek dan uit de pan. Leg zolang apart.

Verwarm de oven voor op 150 graden.

Braad de stukken ossenstaart in de olie aan alle kanten aan, doe het in porties anders wordt niet alles bruin maar gaat het vlees stoven in plaats van bakken. Als al het vlees bruin is gaat het allemaal weer in de pan, bestrooi met peper en zout. Halveer de uien, steek de kruidnagels erin en doe ze bij het vlees, samen met de pancetta en de gesnipperde knoflook. Laat een paar minuten koken.

Giet de wijn erbij en de gezeefde tomaten. Doe de deksel op de pan en zet hem in de oven. Laat daar staan tot de ossenstaart heel zacht is geworden, dat duurt drie tot vier uur. Keer het vlees in die tijd af en toe om. Het kan zinvol zijn om een ingevet stuk bakpapier op het vlees te leggen, dan drogen de stukken die boven de saus uitsteken niet uit.

Het is voor de smaak het beste om de stoofschotel nu af te laten koelen en morgen verder te gaan (dat duurt nog een half uur). Maar wie daar geen gelegenheid voor heeft gaat meteen verder.

Schep het (gestolde) vet zoveel mogelijk van de saus en breng indien nodig de stoofschotel weer zachtjes aan de kook. Snijd de bleekselderij in stukken en duw die in de saus. Laat een half uurtje stoven. Voeg na twintig minuten de chocola toe en, desgewenst, de pijnboompitten en de rozijnen.

Eet de schotel zo, met brood om in de saus te dopen, of kook er wat pasta of rijst bij.

Gestoofde ossenstaart met wijn en chocola

voor 6 personen

3 el olijfolie

60 g pancetta of ongerookt spek

2,5 kilo ossestaart, in stukken

2 kruidnagels

3 kleine uien

3 teentjes knoflook

½ l witte wijn (Chardonnay)

2 pakken van 400 g gezeefde tomaten (passata)

8 stengels bleekselderij

30 g extra bittere chocola

evt. 2 el pijnboompitten

evt. 2 el rozijnen

Geplaatst in:
Hoofdgerecht
Lees meer over:
chocolade
ossenstaart

15 reacties op 'Gestoofde ossenstaart met wijn en chocola'

josé

Bij vele stoofgerecht wordt benadrukt dat koken stoofvlees taai maakt, ongeacht de stooftijd. Geldt dat niet voor ossenstaart?
En, de werveltjes/het kraakbeen worden niet genoemd, die ik heus niet eten wil.

marjoleine de vos

Ossenstaart is vlees dat veel bindweefsel bevat. Dat heeft hoge temperaturen nodig om zacht te worden. Als u de ossenstaart zo stooft als boven beschreven wordt-ie werkelijk heel zacht en valt zo van de werveltjes af – daar zit het vlees aan vast ja. Die kun je niet eten, ook al zou je het wel willen.

S. van Hest

@2 m. de vos

Wat u nu beweert over bindweefsel en hoge temperaturen staat diametraal tegenover de werkelijkheid.

Alle vlees dat taai is bevat veel bindweefsel en wordt het best voor lange tijd op lage temperatuur –in zuur vocht– gestoofd. Slow cooking, petroleumstelletje, lang in lauwe oven: het is allemaal al eens voorbij gekomen hier. Pas nog zelfs, bij dat konijn. (Dat er ook na een nachtje staan malser op wordt…)

Ossestaart is hierop geen uitzondering.

Wat josé op 1#1 stelt is dan ook correct: juist van koken wordt vlees met veel bindweefsel taai. Het is juist mals vlees, dus arm aan bindweefsel, dat met hoge temperaturen wordt bereidt.

Hanneke

Pas nog runderlappen gemaakt in de snelkookpan, temperatuur daarin is boven de 100 graden en als het dan nog niet kookt! Na een uur heerlijk mals vlees.
Dus hoe zit het nou echt?

S. van Hest

De snelkookpan is een autoclaaf en werkt onder zeer hoge druk. Dan gelden er andere (natuurkundige en chemische) wetten. Vandaar dat het ook zo snel gaat!

Harold McGee legt in ‘Over Eten & Koken’ de wetenschap achter koken prima uit. Een aanrader voor iedere serieuze ‘koker’.

marjoleine de vos

@ van Hest, nee onzin is dit niet, maar een beetje te kort samengevat wel. Harold McGee schrijft: ,,Taai vlees bevat veel bindweefsel. (-) Matige hitte lost het in de loop van uren deels tot gelatine op. Hoge hitte maakt het zacht en lost het op in een uur of twee.” Onder hoge temperatuur verstaat hij: ongeveer 80 graden. Het duurt een poos voor het vlees in een pan die de hitte van de oven tegenhoudt, zelf ook tachtig graden is.
Hij raadt af, wat iedereen eignelij kzel fook wel weet, om wat voor vlees ook te koken. Dan wordt het droog.
De ossestaart met al zijn gelatineuze stukken wordt werkelijk heel zacht na een paar uur in de oven op 150 graden.
Ik ben een grage McGee lezer en citeer hem ook vaak trouwens, maar ik vraag me wel eens af hoe hij ossestaart klaar maakt.

S. van Hest

@6 m. de vos

Volgens mij gaat het mis bij stoven in de oven:
Stukken staart in een slede aanbraaden/bruneren op 180ºC en de oven daarna terugdraaien naar 120ºC, en het vlees bedruipt met uitlopende sappen/vet.
Maar da’s braden, geen stoven.

Stoven doet men onder vocht. De Franse naam ‘pot au feu’ geeft al aan dat dat het best boven vuur gebeurt. En –net als bij het petroliestel– rustigjes, beneden het kookpunt. Stoven in de oven kan natuurlijk wel, maar dan zou ik het gerecht eerst op de juiste temperatuur brengen om het er in de oven op te houden. (Dat lijkt me nogal energie-inefficiënt overigens.)

Bij braden is de uiteindelijke kerntemperatuur van het vlees van belang, bij stoven is de temperatuur door het hele gerecht gelijkmatig voor langere tijd. Ik denk dat McGee voor dit gerecht het petroleumstel zou kiezen…

UPDATE

McGee zegt in ‘On Food and Cooking’ [p.164] o.a. het volgende over taai vlees.:

“Collageen(bindweefsel) wordt omgezet in gelatine bij 70-80 ºC. Dat is echter ruim boven de 60-65 ºC waarbij spierweefsel zijn sappen gaat verliezen.”

Hij noemt het mals maken van taai vlees een uitdaging. ‘The key is to cook slowly, at or just above the collagen dissolving minimum, to minimize the drying-out of fibers. [...] One useful ingredient in long-cooked braises can be a prolonged time –an hour or two– during which the cook carefully manages the meat’s temperature rise up to the simmer.’

‘De tijd dat het vlees beneden 50ºC blijft telt op bij de periode van ‘versnelde veroudering’ die het bindweefsel verzwakt en reduceert de tijd dat het gerecht op vezeluitdrogende temperatuur is.” [vert. SvH]

Voorts merkt hij nog op dat op deze wijze gestoofd vlees rood blijft, ook als het goed gaar is.

Eén pagina verder, op 165, legt hij uit hoe en waarom een snelkookpan werkt voor stoven, en dat het vlees daar goed vet voor dient te wezen: sucadelappen bijvoorbeeld.

Ankie van der Bol

Ik ga dit recept a.s. zondag voor mijn gasten maken. Ik houd mij maar aan de richtlijnen van mw De Vos. Daar heb ik inmiddels goede ervaringen mee. En ik mag aannemen dat zij het gerecht zelf gemaakt en dus beproefd heeft. Ik heb alleen een vraag: is 2,5 kg voor 6 personen niet veel te veel? Het wordt mijn eerste ossenstaart, dus ik weet niet goed hoeveel vlees er aan zit. Maar bij een 3-gangenetentje is wat minder vlees misschien ook wel goed.

S. van Hest

@8 A. van der Bol

Het is met ossestaart net als met tuinboontjes: je gooit meer weg dan je opeet.

(Overigens is het bij een etentje altijd beter iets te maken waarvan men weet hoe het moet en wordt: ossestaart is weliswaar goed van smaak, (te vgl. met sucadelappen) maar een alles behalve elegant gerecht. Veel been, kraakbeen, vet, vliezen en fliebers, en bovendien erg herkenbaar als ‘stukken dood beest’. Als u niet weet of uw gasten zo ‘dapper’ zijn kunt u dit recept ook met rib-of sucadelappen maken. Smaakt net zo, toont smakelijker en eet een stuk prettiger.)

Huub

Ik heb gisteren met dit gerecht zes gasten verrast. Voor de bereiding de in het recept aangegeven temperatuur aangehouden (150 graden). Het resultaat was verbluffend lekker. Voor zes personen zou ik zeker 2 kilo aanhouden. Voordat ik het gerecht op tafel zette heb ik het vlees van de botten gehaald. Het is even een werkje, maar dan wordt het wel degelijk een ‘elegant’ gerecht. Anders (lekkerder) dan ander runderstoofvlees.

marjoleine de vos

Ossestaart smaakt zeker anders dan ander rundvlees, dat vind ik ook. Lekkerder ja. Het wordt zo heerlijk smeuiig. En die botten, ach, daar valt het vlees zo vanaf, ik heb eigenlijk nog nooit mensen aan tafel gehad die dat een probleem vonden.

Ankie van der Bol

Dag allemaal, ik was geruime tijd met mijn pc uit de lucht, met wederom véél dank aan KPN. Ik wil even melden dat ik het gerecht gemaakt heb. We waren met z’n 7-en en ik had 2,2 kg gekocht bij de biologische slager. Ik had 2 à 3 porties over en heb die ingevroren (één is al door mij soldaat gemaakt). Het vlees was héérlijk (gaar en al) en de saus idem. Ik heb op ieder bord een flinke schep vlees incl. botjes en saus opgeschept (rijst en pasta, ter keuze, apart in schalen) en gewaarschuwd voor botjes e.d. Was absoluut geen probleem. Eén vriend ging lekker zitten kluiven. Van mij mag dat. Kortom: groot succes! Ik zet het recept op mijn Facebookpagina waar ik makkelijke, lekkere en leuke recepten verzamel. Met groeten, Ankie

Ankie van der Bol

Excuses, vergat nog wat: @ S. van Hest(9).
Ik maak er een gewoonte van, als ik eters heb, gewoon iets nieuws te maken en heb daar goede ervaringen mee. Ik kies de recepten er wel op uit. Ik kan kwalijk, in mijn eentje, steeds ieder gerecht uitproberen. Eén keer, jaren geleden met kerst, waren de van tevoren gemaakte “îles” van de ‘drijvende eilanden’ ingestort, maar nog goed eetbaar. Ik maak altijd een grapje: als het eten mislukt gaan we gewoon naar McDonald’s. Nooit gebeurd.

anne uuldersma

Ankie vd Bol, leuk.
Ik zeg altijd bij wijze van grapje: niet genoeg gehad of niet gelust, dan is de eerste de beste gelegenheid op de hoek: Mariannes Snackbar en nog een eindje verderop de Shellpomp.
Ook nog nooit gebeurd, altijd teveel en over;-)
Kan je dan weer beter niet zeggen waar kleinkinderen bij zijn is mij gebleken. Yes omi, mogen wij een patatje halen? Je hebt het zelf gezegd.

Peter Haak

Geachte mevrouw Marjoleine de Vos,
Eindelijk had ik gisteren de gelegenheid om dit recept van u uit te proberen. En wat een resultaat, het is werkelijk geweldig. Een aantal van voorgaande reacties verbazen mij, het lijkt wel alsof reacties kunnen voortkomen uit het lezen van het recept en dat niet de moeite wordt genomen om eerst eens te doen waarvoor een recept wordt gemaakt, namelijk koken!
De chocola vond ik spannend, de pijnboompitten zorgden voor een prachtige binding en samen met een weinig spatzle waren mijn gasten en ik in vervoering. Tot slot heb ik uw Kooklust nog eens voorgedragen. Dank voor al het moois en lekkers.
Peter