Gewoon eten voor je plezier
Nigella Lawson had vooral in het begin een gelukkige hand van titels How to be a domestic goddess en, haar beste boek vind ik, How to eat.
Hoe te eten klinkt nogal simpel als titel maar het is heel goed. Kookboeken houden zich immers voornamelijk bezig, niet ten onrechte, met hoe te koken. Ze laten je van alles doen en als je dan alle aanwijzingen hebt gevolgd zeggen ze dat je op kunt dienen. Doe ik zelf ook vaak.
Ja opdienen, opdienen, dat is mooi, maar waar dient dit alles voor? Om te eten. Precies. Vroeger las je wel van die fantasieën over astronautenvoedsel voor iedereen, of dat er een pil zou komen die je kon nemen en dan hoefde je helemaal niet meer te eten. Wat waren dat voor mensen die zulke dingen als aantrekkelijke toekomstfantasieën opdisten? Niet meer hoeven eten. Alsof dat fijn is!
Al moet ik toegeven dat ik het soms ook wel eens een opgave vind, al dat eten. Dan mopper je tegen jezelf: Moet ik nu alweer eten? Ik had me nog zo gevraagd om dat vandaag eens over te slaan.
Dan lijkt eten wel op zwemmen: altijd fijn als je het eenmaal doet, maar je hebt niet altijd zin om eraan te beginnen. Er zijn meer prettige dingen waarbij het zo werkt.
Hoe te eten gaat natuurlijk niet over kauwen en verteren en gezond en enzymen – het is wel een kookboek. Het gaat eigenlijk over een houding ten opzichte van eten, meer dan ten opzichte van koken. De vraag is vooral: wat vind ik lekker, wat eet ik graag als ik alleen ben, wat vind ik feestelijk om bij een lunch voor te schotelen. Dat laatste begint toch alweer kookboekerig te klinken maar het uitgangspunt is echt steeds wat iemand goed smaakt.
Tijdens het schrijven van het boek had Lawson natuurlijk niet steeds veel tijd om te koken, zo gaat dat. Dus ze schrijft soms dat ze deze heerlijke dingen allemaal aan het opschrijven is terwijl ze een plastic boterham met smeerkaas zit te eten en daar nog van geniet ook.
Zulke dingen mag ik graag horen. We eten allemaal wel eens erg incorrect, onmodieus, smakeloos en ordinair – met plezier. Het is niet alle dagen biologisch feesthoen. Soms doe je gewoon een beschuit met pindakaas, sambal en komkommer. Mmm!
Bij eten en eetkoken hoort dat je in de ijskast kijkt naar wat er ligt en denkt: als ik niet gauw iets met die sla doe dan hoeft het niet meer. En de courgettes blijven maar komen. Gestoofde sla met courgette, doperwtjes en eh, hoe ging dat Franse recept ook alweer, lenteuitjes en – oh ja!
Zomergroentenstoof (voor 6 personen)
- 1 el boter
- 2 kroppen sla
- 3 courgettes
- 500 g sperziebonen
- 1 komkommer
- 1 bosje lente-uitjes
- 500 g doperwten (gedopt)
- bosje bonenkruid
- 4 tomaten
- 2 el olijfolie
- peterselie
Schil en was alle groenten en laat ze uitlekken. Snij de sla in fijne sliertjes, de courgettes in blokjes, de sperziebonen en de komkommer in staafjes. Dop zonodig de erwtjes. Snijd het groen van de lente-uitjes maar laat de uitjes heel.
Smelt de boter in een braadpan, doe er de sla, de doperwtjes, de lente-uitjes en het bonenkruid bij. Doe een deksel op de pan en laat zachtjes stoven, doe er wat water bij als het dreigt aan te branden, maar alleen dan.
Pel en ontpit intussen de tomaten en snijd ze in kleine stukjes. Bak ze even zachtjes in wat olie in een koekenpan en voeg ze dan toe aan de andere groenten. Laat nog 5 minuten staan en dien op, bestrooid met peterselie.
