Een taart is een bouwpakket
Het is raar, maar ik vind taarten vaak meer werk dan het hele diner. Dat is niet echt waar, maar het kan makkelijk zo voelen. En je hebt ook altijd veel troep van taart: je aanrecht onder de bloem, overal bakjes waar eiwit en eierdooiers in hebben gezeten, weegschalen, deegsnijders, kloppers en mixers – man. Wat een gedoe.
Van de andere kant: als je een taart beschouwt als een soort bouwpakket waarvoor je eerst zelf de onderdelen fabriceert, wordt het weer leuk. Als je, op de dag dat je de taart na wilt geven, gewoon ’s ochtends alvast het deeg kneedt en de vla maakt, dan heb je ’s avonds ineens in een wip een beeldig toetje. Hoezo werk? Niks geen werk!
En nergens, dat valt me vaak op, zijn de mensen je zo dankbaar voor als voor taart. Uren kun je aan een saus werken, dat zal wel, maar kom je met een taart, hoe weinig inventiviteit daar ook bij nodig was, dan springt iedereen een gat in de lucht.
Enfin. Deze stond, min of meer, in de Elle eten en de foto van die glanzende frambozen op zachte citroencrème overtuigde me meteen dat het de moeite waard was.
Frambozentaart met citroencrème (Taart van 10 à 12 punten)
Voor het deeg:
- 80 g suiker
- 30 g gemalen amandelen
- 125 g koude boter
- 1 ei
- 225 g bloem
Voor de citroencrème
- rasp en sap van 3 citroenen
- 3 eieren
- 200 g fijne suiker
- 50 g maïzena
- 125 g mascarpone
Erover:
- 350 g frambozen
- 2 el goede rode jam of gelei
Maak eerst het deeg. Snijd de boter snel door de bloem met de suiker en het amandelmeel. Als het deeg de structuur heeft van broodkruim, het ei toevoegen. Roer met een houten lepel tot het deeg een beetje begint te pakken, kneed het dan snel, met koele hand, tot het een bal is. Leg het twee uur (of langer) in de koelkast.
Maak nu de citroencrème. Boen de citroenen af en rasp de schil, niet het wit. Snijd ze door midden en pers ze uit. Doe het sap en de rasp in een grote kom. Splits de eieren, doe de dooiers bij het citroensap in de kom, het eiwit in een eigen, absoluut vetvrije, kom.
Zet 250 ml water op. Doe de suiker bij de eieren en het citroensap en klop met een garde of met een mixer tot een lichte schuimige massa. Klop er vervolgens de maïzena door. Roer er scheutje voor scheutje het kokende water door.
Giet het mengsel over in een steelpannetje en verwarm de massa al roerend tot de vla dik wordt. Zet het gas uit en blijf nog even roeren, zet daarna het pannetje in een laagje koud water. Als de vla is afgekoeld de mascarpone erdoorheen kloppen.
Sla de eiwitten met een snufje zout stijf en schep ze met een vork door de citroenvla.
Rol het deeg uit. Bekleed een springvorm met een doorsnee van 26 centimeter met ingevet bakpapier en leg het deeg in de vorm. Prik wat gaatjes in de bodem, bedek de bodem met aluminiumfolie en een bak knikkers of een ander bakgewicht (bijvoorbeeld oude bonen).
Bak de bodem een kwartier op 200 graden. Verwijder het gewicht en bak nog tien minuten. Laat de taartbodem afkoelen. Verwijder de taartrand.
Verwarm de jam of gelei in een steelpannetje met 2 eetlepels water tot een dunne stroop.
Schep de citroenvla in de taartbodem en strijk hem netjes uit. Leg de frambozen bovenop de vla en druppel er wat van de jam overheen.
De meeste mensen willen twee stukken van deze taart. Ik waarschuw maar.
