Apen krijsen dreigend
Het rare van een land als Zuid-Afrika is, dat je er met elke mogelijke indruk vandaan kunt komen. Wie bijvoorbeeld een groot vleeseter is kan er zijn hart ophalen: overal is gelegenheid om te braaien (te grillen) en dan niet op kleine houtskoolbarbecues maar altijd met grote vuren en grote roosters. Dat is veel comfortabeler dan het gepruts op zo’n mini-dingetje, vooral omdat er vaak stenen vuurplaatsen zijn, zodat er ook niets op wankele pootjes staat, klaar om om te vallen.
Op zo’n braai hoeft natuurlijk niet per se vlees te liggen, vis kan ook heel goed – ik heb in Zuid-Afrika wel zelf kreeft, of eigenlijk langoust, gevangen en die daarna op de braai klaargemaakt. Lekkerder kun je kreeft niet eten denk ik. Ik zie ze nog in het net zitten bij het ophalen uit het blauwe water. Je laat een soort kokertje van touw neer met in het midden een vissenkop. De langousten komen daarop af en eten aan die kop.
Op een gegeven moment (je kunt natuurlijk in het geheel niet zien wat zich meters lager op de bodem afspeelt) geef je een ruk aan het net zodat het van een liggend boodschappennetje een staand kokertje van touw wordt en dan moet je zo snel mogelijk ophalen, sneller dan de kreeften kunnen zwemmen, anders zwemmen ze er aan de bovenkant uit. Een heerlijk gezicht, die drie kreeften in één keer die ik ophaalde. We hadden een maat bij ons om bij twijfelgevallen te kijken of ze groot genoeg waren, en aan de wal werd gecontroleerd hoeveel en van welke grootte je gevangen had.
Soms lijkt het een immens keurig geregeld land.
Op andere momenten, als je in een voormalig thuisland door een supermarkt loopt, waar ze weinig anders lijken te hebben dan kilozakken bonen en kilozakken mais, en als je dan met je paar boodschappen bij de slagboom komt van het kleine, onberoemde en doodstille wildpark waarin je een huisje hebt gehuurd, en je hoort dat er zojuist hier een wachter is doodgeschoten door een stel idioten, lijkt het heel anders. Dan braai je ’s avonds minder vrolijk en klinkt het gekrijs van de apen uit het donker eerder dreigend dan geruststellend.
Eerst dan maar geruststellende visbobotie.
Visbobotie (voor 6 personen)
- 750 g visfilet van witte vis
- 2 sneden witbrood, 1 dag oud
- 250 ml melk
- 1 ei
- rasp en sap van 1 citroen
- boter
- 1 ui
- 1 rode chilipeper
- 2 tl kerriepoeder
- 12 citroenblaadjes (djeroek poeroet)
- 12 amandelen
Bovenop: - 2 eieren
- 125 ml melk
Verwarm de oven op 180 graden. Beboter een ovenschaal met een inhoud van 2 liter. Snijd de vis fijn. Verkruimel het brood, met korst en al, schenk er de melk over, kluts het ei en roer dat erbij met het sap en de rasp van de citroen. Doe de vis erbij, en zout en peper.
Bak in een koekenpan de fijngehakte ui en de fijngesneden chilipeper tot de ui goudbruin is en strooi er het kerriepoeder over. Doe dit bij de vis.
Schep het geheel in de ovenschaal en strijk de bovenkant glad. Rol de citroenblaadjes op en steek ze hier en daar, in de bobotie. Doe dat ook met de amandelen.
Meng voor eroverheen het ei met de melk en peper en zout. Schenk dat over de pastei. Dek hem af met folie en zet hem in een grotere schaal. Giet kokend water in de onderste schaal tot halverwege de visschaal en laat het geheel zo 40 minuten bakken. Verwijder het folie en bak nog een kwartier.
Eet met rijst en verschillende soorten sambal.
