De taart van Mark Rutte
‘De kiezer heeft een uiterst ingewikkelde uitslag gebakken”, zei Mark Rutte. Over zo’n uitspraak moet je even nadenken. Eigenlijk, denk ik, als thuiskok, dat de kiezer helemaal niets gebakken heeft. Mark Rutte moet bakken! De kiezers – dat enkelvoud ‘kiezer’ vind ik altijd een beetje merkwaardig, het punt is nu juist dat er niet maar één kiezer is – hebben de ingrediënten bijeengebracht, aan Rutte om er een taart van te maken.
En wat een rare ingrediënten zijn er aangedragen. Het lijkt wel of iemand de ijskast opentrekt en daarin een bakje champignons aantreft, een makreel, een bakje spekjes, twee struikjes lof en een ijsbergsla. Ga er maar aan staan. Maak er maar iets lekkers van.
Er zijn kookprogramma’s waarin ze het min of meer zo aanpakken, ze zadelen daar een paar koks op met uiteenlopende ingrediënten en zeggen: we verwachten over drie kwartier een heerlijke maaltijd, liefst met meerdere gangen. Eigenlijk is dat nu ook de opdracht voor Mark Rutte, want hij heeft zelf een tijdslimiet aangebracht, van tevoren, in de verwachting blijkbaar dat de uitslag zonneklaar zou zijn. Maar het enige wat zonneklaar is, is dat er heel verschillende opinies bestaan over welke kant het op moet.
Gisteren hoorde ik op de radio een interessant gesprek tussen drie heren die veel van politicologie en staatsinrichting afwisten en die het hadden over of de partijendemocratie nog wel houdbaar is. Eén van hen zei van niet: partijen zijn overbodig, met behulp van de moderne communicatiemiddelen (en dan bedoelde hij niet allerlei stompzinnig getwitter) kan er per onderwerp worden gediscussieerd, en beslist, welke kant het op moet. Het klonk interessant, maar wie stelt de vragen, wie maakt de boodschappenlijst?
Ai, nu ophouden. Hoe verder je een vergelijking doordrijft, hoe idioter ze doorgaans wordt en voor je het weet heb je Mark Rutte als huismoeder aan de keukentafel zitten, tobbend over hoe de verschillende diëten van de familieleden te verenigen zijn. Wat schieten we daarmee op.
Niet uit leedvermaak, maar gewoon, omdat-ie zo lekker is, gaan wij de allereenvoudigste taart ter wereld bakken, en om er een beetje inventieve allure aan te geven gebruiken we daarbij citroenverbena. Dat is een heerlijk geurend kruid dat je wel eens als plantje op goed gesorteerde groente- of plantenkramen ziet. Maar wie het niet ziet gebruikt bijvoorbeeld citroenmelisse of citroenbasilicum, of munt of niets. Het gaat vooral om de tegenstelling tussen knapperig zoet deeg en zachte, zure abrikozen.
Abrikozentaartje
- 1 pond abrikozen
- 200 g bloem
- 100 g boter
- 50 g suiker
- 1 ei
- 1 el basterdsuiker
- citroenverbena
Snij de in blokjes gesneden boter door de bloem en de suiker. Als het geheel kruimelig is geworden gaat er een ei bij, goed doorroeren met een houten lepel, 1 flinke lepel water erbij en dan even snel met de handen tot een samenhangend deeg kneden.
Maak er een bal van, wikkel het deeg in aluminiumfolie en leg het een uur in de ijskast.
Snijd de abrikozen doormidden en ontpit ze. Leg ze met de bolle kant naar beneden op een bord, bestrooi ze met wat basterdsuiker en laat ze een half uurtje zo liggen.
Rol het deeg uit en bekleed er een kleine springvorm mee. Leg de abrikozen flink dicht tegen elkaar aan op de bodem van de taart. Bestrooi ze met de fijngesneden citroenverbena.
Bak de taart 35 minuten op 200 graden.
