Een balorige dienstmaagd
Soms denk ik wel eens dat het hele idee van ‘diners’ een vergissing is als je geen personeel hebt, dat het een atavisme is, een overblijfsel uit heel andere tijden, toen een goede gastvrouw gewoon tegen de kokkin zei wat ze wilde dat er op tafel kwam en zelf tot taak had om de gasten aangenaam bezig te houden zonder zorgen over de zich achter haar rug steeds hoger opstapelende afwas. Wij moeten alles zelf doen, van de boodschappen tot de vloer dweilen als de afwas gedaan is en we stellen intussen doodleuk eisen aan etentjes waar een groepje gedrild personeel nog moeite mee zou hebben.
Niet dat personeel altijd zo makkelijk was – in The hours, film en boek, zien we hoe moeilijk Virginia Woolf het vond om een beetje geslaagd met het personeel om te gaan. Ze was eigenlijk bang voor ze en gedroeg zich juist daardoor hooghartig. En wat tobde Cissy van Marxveldts Joop ter Heul niet met het personeel toen ze eenmaal Joop van Dil-ter Heul was. Zo erg dat ze het hele huwelijk maar matig vond, ondanks haar Leo: „Alsof er aan Leo niet een huis, een dienstmaagd en een huishouding vastzit”. Zo vertelt ze dat ze onverwacht gasten kreeg en toen ze aan tafel zouden gaan ,,liet de maagd uit balorigheid over de onverwachte drukte [...] de aardappels in de gootsteen vallen. Ze riep me erbij met een nijdig en hevig verongelijkt gezicht.
„Wat nu?”zei ze, met een dramatische armzwaai naar de stomende gootsteen.
„Uil,” zei ik, „je vist ze er allemaal weer uit.” En ik begon direct dapper aan de redding mee te helpen.”
Natuurlijk vraagt Leo aan tafel meteen wat er met de aardappels gebeurd is.
Hoe kan zo’n man dat merken? Wat ligt er in vredesnaam in de gootsteen in huize Van Dil-ter Heul. Volgens Joop niets, maar als ze vertelt wat er gebeurd is, schuift Leo meteen zijn bord weg en zegt: ,,Dank je wel, Joop, dan zal ik niet meer eten.”
Om te ranselen zo’n man, zeg ik maar in Joop ter Heul-taal, en Joop vindt ’m ook onuitstaanbaar, maar het hoorde destijds niet dat een meisje genoeg kreeg van dat getut van zo’n man die iemand met normaal verstand opsluit in een huis en verwacht dat ze nooit meer aan iets anders denkt dan aan theedoeken, aardappelen en dienstbodes en dus leert Joop in de loop van dit boek om dergelijke opmerkingen met een braaf gezicht te slikken.
Enfin, het ging over personeel en dat dat niet altijd makkelijk is. Dan kun je beter zelf deze worteltaart maken – een handomdraai.
Worteltaart met marmeladeglazuur (voor 6 personen)
- 3 ons geraspte wortelen
- 1 ons rozijnen
- 200 g gele basterdsuiker
- 180 g zelfrijzend bakmeel
- ½ tl bakpoeder
- snufje zout
- ½ tl kaneel
- 1 tl koekkruiden
- snufje geraspte nootmuskaat
- 1,4 dl maisolie
- 2 losgeklopte eieren
- 1 bakje ricotta
- 2 el sinaasappelmarmelade
Vermeng de wortelen met de suiker, de rozijnen, bakpoeder, specerijen en het zelfrijzend bakmeel. Klop de eieren los en schenk die met de olie bij de wortelen. Roer goed door elkaar. Bekleed een springvorm (doorsnee 18 cm) met bakpapier en vet dat in. Giet het beslag erin en bak de taart anderhalf uur op 150 graden.
Verwarm de marmelade met 4 el water en roer tot het geheel vloeibaar is. Laat afkoelen en vermeng met de ricotta. Smeer de sinaasappelricotta in een laagje over de bovenkant van de afgekoelde taart.
