Zoetekauwen bestaan ook
Eten vegetariërs meer zoetigheid? Het lijkt wel eens of geen-vleeseten een mens als vanzelf verlokt tot meer bakken, dat geldt althans voor de meeste vegetariërs die ik ken. Maar het kan wel een nergens op slaand verband zijn, omdat vleesetende zoetekauwen door mij niet in een eigen kaartenbakje opgeslagen worden. Misschien zijn er gewoon zoete en hartige types. Mensen die altijd kaas bestellen voor toe en mensen die liever languit in het zoete schuim vallen.
Dat laatste kan ook verband houden met drank natuurlijk: wie denkt nog best een glaasje rode wijn of port te lusten, verkiest kaas en degenen die gewoon van ophouden weten en nemen ter afsluiting iets zoets. Of helemaal niets. Enfin. Zo kun je snel ontzaglijk veel indelingen maken die ongetwijfeld een hoge mate van willekeur hebben.
En algemene geldigheid of niet: mijn vegetarische broer is heel goed in taarten. Ik kan net zo goed zeggen: mijn broer die advocaat is, houdt erg van zoet. En dan een verband leggen tussen advocaten en baklust. Belachelijk. Want toen-ie nog géén vegetariër was at-ie ook altijd al zoet. Maar toen was-ie weer geen advocaat -
Oh hou op! Deze abrikozentaart heeft mijn broer ontworpen, in ieder geval.
Ik zei het laatst al: abrikozen kunnen nog wel eens tegenvallen. Als ze niet tegenvallen zijn ze heerlijk, en als wèl, dan worden ze toch heerlijk als je ze maar gaar maakt.
En gare abrikozen zijn weer verrassend lekker met lavendel. Gedroogde lavendel is te koop in sommige heel goed voorziene winkels of via internet (www.lavendelmarkt.nl) maar je kunt ook denken: de lavendel bloeit. En dan pluk je er gewoon wat van af. Een paar jaar geleden was lavendel erg in de mode in het eten en ik moet eerlijk zeggen dat ik er nooit héél erg kapot van ben geweest omdat ik het al snel te schuimbadderig vind, maar in deze taart: top. En heel zomers.
Tot het eind van de maand blijft het zomer zeggen de weermannetjes. Dus we gaan almaar verrukkelijke zonnige dingen maken.
Abrikozenkaastaart met lavendel
deeg:
- 275 gr. zelfrijzend bakmeel
- 200 gr boter
- 100 gr suiker
- 20 g amandelmeel (gemalen amandelen)
vulling:
- 1pond abrikozen
- 3 eieren, gesplitst
- 30 gr. zelfrijzend bakmeel
- 100 gr boter
- 150 gr roomkaas
- 100 gr witte basterdsuiker
- geraspte schil van een kleine citroen
- 2 dessertlepels lavendel
Verwarm de oven voor op 180 graden. Meng het zelfrijzend bakmeel, het amandelmeel en de suiker, snijd de boter er doorheen met een deegsnijder of met twee messen, kneed kort tot een samenhangend deeg.
Vet een springvorm van 26 cm in met boter en bekleed hem met het deeg door dat gewoon in de vorm uit te drukken.
Was en halveer de abrikozen en bedek er de bodem mee. Zet dit een half uur in de oven.
Smelt intussen de boter voor de vulling.
Klop de eigelen met de basterdsuiker tot het mengsel als een lint van de lepel stroomt, voeg er het zelfrijzend bakmeel bij, de roomkaas, de lavendel en de geraspte citroenschil en meng goed. Klop de eiwitten stijf en spatel ze er voorzichtig door.
Haal de taart uit de oven, giet de vulling erin en bak nog zo’n 25 tot 30 minuten – de vulling moet vast zijn.
Laat de taart op een rooster afkoelen – hij is ook lekker als-ie nog ietsje warmer is dan kamertemperatuur.
