Boodschappen zoeken
Is boodschappen doen een noodzakelijk kwaad als je nu eenmaal wilt koken en eten, of is het een prettig onderdeel van de voorpret en voorbereiding? De moderne chefkoks laten ons onafgebroken weten dat zonder goede ingrediënten nooit iets etenswaardigs ter tafel kan komen en hoe immens belangrijk ze dus hun leveranciers vinden, maar het woord ‘leveranciers’ geeft al aan dat zij in een andere positie verkeren.
Wij gewone thuiskoks hebben geen leveranciers. Wij moeten er zelf op uit en soms is dat leuk, dan heb je de tijd, dan is er markt en op de markt hebben ze alles en meer en je komt enorm geïnspireerd en beladen met fijne spullen weer thuis. Een andere keer regent het en kun je niet krijgen wat je hebben wilt en wat er wel is, is stom en dan wil je verbitterd nooit meer iets anders koken dan andijviestamppot, want daarvoor is altijd alles voorradig.
Wie in de stad woont, heeft het gemakkelijker dan wie het moet stellen met een supermarkt in een dorp, want we kunnen nog zo lovend doen over het assortiment van sommige supermarkten, die sommige supermarkten staan nooit in Herwijnen, Boekelo of Loppersum. De dorpssupermarkten maken je al gelukkig als ze een keer een basilicumplantje hebben, maar daar kunnen we bepaald geen burghul verwachten.
Daarvoor moet je naar de stad. En zelfs dan. Een lezer schreef laatst dat-ie half Amsterdam-West doorkruist had op zoek naar zoute citroenen en sumac, maar zonder resultaat. Of ik voortaan geen adreslijst met verkooppunten bij zulke recepten kon doen.
Tja. Ik zou gezworen hebben dat je in Amsterdam-West, waar de helft van de winkels Marokkaanse of Turkse eigenaren heeft, gemákkelijk, ja, op iedere straathoek, aan zulke dingen zou kunnen komen, maar dat blijkt dus niet zo te zijn. In de Amsterdamse Pijp kun je zelfs hele emmertjes van die citroenen krijgen als je wilt, ben je in één keer voor tijden van het probleem af. En die sumac – sumac is een zuur besje dat gedroogd en verpulverd wordt verkocht – heb ik ook gewoon bij zo’n winkel betrokken.
Tegenwoordig woon ik op het platteland en daar zijn zulke dingen niet voorhanden, maar in de stad in de buurt: jawel hoor. Dan moet je alleen wel bereid zijn om zulke dingen mee te slepen op momenten dat je ze niet direct nodig hebt.
Of zelf, zoals die getergde lezer ook al suggereerde, je citroenen inleggen. Laten we daar dan maar eens mee beginnen. Dat is makkelijk en het staat ook leuk, zo’n glazen pot met citroenen en gemaakt zoals Sam en Sam Clark van Moro dat doen, zijn ze ook nog lekkerder dan die uit de winkel. Het duurt alleen wel twee maanden voor ze goed zijn.
Koop écht biologische citroenen zonder waslaag, want van zoute citroen eet je juist de schil en niet het vruchtvlees.
Zoute citroenen
- 10 biologische citroenen
- 1 kilo grof zeezout
- 3 kaneelstokjes, in stukken
- 1 el korianderzaad
- 1 el komijnzaad
- 2 tl zwarte peperkorrels
- 2 tl kruidnagel
- 3 kleine gedroogde chilipepers
- 5 (verse) laurierbladeren
- sap van 8 extra citroenen
Snijd de citroenen aan de bovenkant kruislings in tot op een derde, duw ze een beetje open en druk er wat zout in. Leg in een gesteriliseerde inmaakpot van 1,5 liter (even helemaal in kokend water zetten) om en om zout, specerijen en citroenen. Druk flink aan, er moet weinig ruimte tussen zitten. Schenk er zoveel citroensap bij dat alles onderstaat, sluit de pot en laat hem twee maanden bij kamertemperatuur staan. Als de schillen van de citroen zacht zijn, zijn ze goed.
