China wil ontwikkelingslanden pacificeren
De BASIC-landen hebben daarom wel wat uit te leggen aan de kleinere ontwikkelingslanden (lees hier en hier). In de laatste fase in Kopenhagen hebben ze de inbreng van de rest van de G77 genegeerd en hen in ieder geval niet meer geconsulteerd. In de onderhandelingen ontlenen de vier, en met name China, hun machtsbasis juist aan deze grote, gemêleerde groep ontwikkelingslanden.
Dus hebben ze op hun eerste onderlinge overleg na Kopenhagen, afgelopen weekeinde, duidelijk stelling genomen (lees hier hun officiële reactie). Ze noemen het akkoord waardevol en ze zullen, zoals beloofd, voor 31 januari ook hun vrijwillige bijdrage aan emissiereducties tot 2020 bekendmaken.
Maar het akkoord, zeggen ze, kan alleen een aanvulling zijn op de bestaande onderhandelingen (lees hier). Het echte werk blijft volgens BASIC het overleg in het kader van de VN. Dat is verdeeld over twee sporen: de reductie van broeikasgassen vanaf 2012 in het kader van het Kyoto-protocol en de lange termijn afspraken.
Om de arme landen verder te pacificeren heeft BASIC hen een klimaatfonds in het vooruitzicht gesteld – de afspraken die over financiering zijn gemaakt in het Kopenhagen-akkoord, zijn voor rekening van de geïndustrialiseerde landen. Brazilië wilde wilde snel geld op tafel leggen, maar de vier kwamen er in New Delhi nog niet uit.
Dit zei de Nieuw-Zeelandse minister van Klimaat, Tim Groser over de gebrekkige strategie van China en India, waardoor er ruimte kwam voor de ‘vergiftigde’ inbreng kleinere ontwikkelingslanden:
‘In the first eight days of that conference, we heard almost nothing from India and China’, leaving free air-time for other developing countries that portrayed proposals to cut their rate of emissions growth as an attempt to stifle their development.
Maar er zijn nog meer kritische reacties. Zoals van milieugroepen in ontwikkelingslanden, en uit de Filippijnen, Nigeria en Indonesië.
Wat ondanks alle goede bedoelingen van BASIC moeilijk blijft uit te leggen is, dat zij de wereldwijde reductie van CO2-emissies met 50 procent in 2050, waarvan de rijke landen bereid waren 80 procent voor hun rekening te nemen, uit het akkoord hebben laten schrappen. Begrijpelijk is dat wel, want er is geen ingewikkelde rekensom voor nodig om te beseffen dat die andere 20 procent voor een heel groot deel op het conto van China geschreven zal moeten worden (lees ook hier).

