Speld
Als ik mijn pleidooi bij de belastingrechter wil beginnen, onderbreekt deze mij. „Voor we beginnen, moet u eerst vertellen wat voor mooie speld u op de revers van uw colbert heeft.”Ik leg uit dat ik die heb gekregen van mijn medeappellant die werkt voor de Landeshauptstadt Hannover. Dan krijgt de tegenpartij het woord. De rechter zegt: „Uit het oogpunt van rechtsgelijkheid moet ik u natuurlijk ook complimenteren met uw outfit.”
Om na een korte stilte te vervolgen: „En dan mag u zeggen dat ik een mooie jurk aanheb.”
