Stoppen
„Rook je weer?”, vraag ik mijn vriend, als hij een pakje opdiept uit zijn jas. Een maand geleden stopte hij, met veel aplomb. Om zijn stress kwijt te raken, liep hij elke avond tien kilometer hard. Hij wilde gaan trainen voor een marathon.
„Ja”, zegt hij nu. „Op twaalf januari rond ik een groot project af op mijn werk. Dan stop ik weer.”
„Loop je nog wel hard?”, vraag ik. „Nee”, zegt hij, en steekt op. „Ik kan maar één ding tegelijk.”
