Sterven
De oude man naast me in het ziekenhuis is ’s nachts erg onrustig. Hij dommelt, sluimert, schrikt wakker en is dan elders, in plaats en in tijd. „Opstaan!” hoor ik hem z’n kinderen verordonneren. Of hij constateert verontwaardigd dat de vergadering niet op tijd begint. „Gaat u maar weer liggen”, zeg ik dan, en telkens doet hij dat ook. Ik dommel en sluimer mee.
Nu komt hij overeind en wijst op zijn mond en onderkaak. „Helemaal weggeschoten”, zegt hij indringend. „Kunt u mij helpen, ik ga sterven.” „In dat geval zou ik beslist weer gaan liggen”, adviseer ik. Hij schuift tussen de lakens, trekt alles keurig recht en vouwt z’n handen op de borst.
Sytse van der Veen
