*

Bekrompen politiek :: nrc.nl

Bekrompen politiek

Geen wonder dat hij achteraf zijn gezicht in zijn handen begroef, want erger kon het niet: omdat zijn microfoon nog aanstond, kon iedereen horen dat de Britse premier Gordon Brown een kiezer met wie hij een moeizaam straatgesprek had gevoerd, in de auto een „bekrompen’’ vrouw had genoemd. Terwijl Brown en zijn campagnemedewerkers alles deden om de schade te beperken – de premier ging terug om het goed te maken – deden de Britse media er alles aan om die zo groot mogelijk te maken.

De 65-jarige weduwe Gillian Duffy werd bestormd door cameraploegen die erop uit waren haar zo sympathiek mogelijk af te schilderen: ze was gewoon een betrokken burger die haar leven lang Labour had gestemd en nu haar premier volgens een oud democratisch gebruik een paar vragen had gesteld – hoe zat het met het begrotingstekort en hoe moest het met al die immigranten uit Oost-Europa? Wie de kloof tussen burger en politiek wilde laten zien, kon zich geen betere beelden wensen.

Het is een gaffe van het ergste soort: het legt bloot wat iedereen eigenlijk al vermoedt. De meeste politici houden niet van gewone mensen, anders waren ze wel gewone mensen gebleven. In verkiezingstijd verlaten ze noodgedwongen hun vertrouwde wereld van vergaderingen en wandelgangen en trekken ze eropuit om kiezers te paaien. Wij gaan dat de komende weken ook weer beleven – het geforceerde spektakel van de strakke glimlach en de uitgestoken hand met roos of folder, de knikkende hoofden terwijl men oeverloze uitwijdingen en onzakelijke argumenten aanhoort in winkelcentra of op de markt. Ik denk niet dat er een politicus is die voor de verkiezingen graag de straat op gaat. Je wil niet weten wat er achteraf in de auto of campagnebus wordt gesputterd en gefoeterd. Ook de burger ziet zulke uitstapjes vooral als een affront. Wereldwijd klinkt dezelfde klacht: een keer per zoveel jaar hebben ze ons ineens nodig, daarna hoor je niks meer van ze.

Je vraagt je af waarom men er zo stug in volhardt. De folderende politicus die zich onder de mensen begeeft, veronderstelt een naïviteit bij de kiezer die niet meer van deze tijd is. De meeste politici zien het dan ook meer als een symbolisch moment, iets voor de camera. De burger op de markt is slechts een figurant. Eenmaal in zijn auto vroeg Brown zich af wie die vrouw op hem had afgestuurd. Veelzeggend: hij ging er duidelijk vanuit dat het een door zijn medewerkers geënsceneerd gesprek was geweest. Duffy zelf vertelde later dat het een toevallig treffen was geweest – ze had gewoon de man zien lopen op wie ze van plan was te gaan stemmen.

Wat politici kennelijk niet beseffen, is dat ook de burger wereldwijs is geworden. Ook hij is zich steeds meer bewust van hoe de media werken – en hij is ook steeds meer in staat om achter de schermen van het politieke bedrijf te kijken. Spin werkt alleen wanneer het object ervan niets in de gaten heeft – zodra de methode zichtbaar is geworden, werkt het averechts. Bij de afgelopen Amerikaanse presidentsverkiezingen probeerden de wanhopige Republikeinen het met Joe the Plumber – wat nog enig effect had. Nu zet Geert Wilders de zelfbedachte Henk en Ingrid in – wat, gezien de reacties, door vrijwel iedereen als een goedkope truc wordt doorzien. Weer een zetel eraf.

In Nederland heeft men al jaren de mond vol van bestuurlijke vernieuwing – alsof de aanhoudende onvrede als sneeuw voor de zon zou verdwijnen wanneer we zelf onze burgemeester kunnen kiezen, alsof de kloof gedicht kan worden met hier en daar wat directe democratie. Maar de kloof tussen Gordon Brown en Gillian Duffy is een sociale kloof, die met het politieke systeem weinig te maken heeft. Het gesprek tussen hen – overal op het internet te zien – was een discussie tussen doven; een stuurse litanie uit de mond van Duffy, afstandelijke geruststellingen van Brown. Zijn excuses achteraf maakten het alleen maar erger, omdat je er de raadgevingen van zijn adviseurs doorheen hoorde klinken – ronduit excuses maken, en dan snel weer over de grote thema’s van de verkiezingen beginnen. Dat is het probleem van de hedendaagse politici – ze geloven te veel in het spel. En ze beseffen te weinig dat het publiek het spel inmiddels wel doorheeft. Ik vraag me af wat het effect geweest zou zijn, wanneer Brown gezegd zou hebben dat het natuurlijk wel ongelukkig was dat zijn onflatteuze kwalificatie van zijn ontmoeting met Duffy overal te horen was geweest, maar dat het wel uitdrukte wat hij vond – en dat hij het haar in een persoonlijk gesprek nog eens had ingepeperd.

Waar nooit over gesproken wordt, is de vernieuwing van het politieke bedrijf – de omgang van politici met de kiezer. Gaat het er wel over, dan zijn het altijd discussies over nieuwe technische methoden om de kiezer te bereiken, over de nog altijd gebrekkige omgang van politici met nieuwe media. In plaats van een haastig bezoek aan de werkvloer kun je beter twitteren, het stijve spotje in de zendtijd voor politieke partijen kan maar beter zo snel mogelijk vervangen worden door een paar leuke virals – dat werk. Maar dat zegt niets over de relatie tussen de politici en de kiezer.

Een tijdlang heerste het misverstand dat wilde de politiek weer dicht bij de burger komen, men weer moest leren luisteren. Het vormde de aanleiding tot een van de grootste missers van de Nederlandse politiek: de honderd dagen dat het vorige kabinet het land introk om de bevolking aan het woord te laten. Dat was valse romantiek, ingegeven door de notie dat het volk zich niet gehoord wist. Maar het is altijd maar een beperkt deel van de bevolking geweest dat zich heeft laten meeslepen door de machtsfantasie van de aanhoudende veenbrand en de dreigende opstand. De rest van de bevolking wil gewoon serieus genomen worden.

Dat vereist een andere toon van de politiek – niet die opzichte manipulatie, die door de meeste mensen allang doorzien wordt, maar een reële toon. Wat zou er gebeurd zijn wanneer Gordon Brown echt in discussie was gegaan met Gillian Duffy, wanneer hij haar gewoon in haar gezicht had gezegd dat hij het niet met haar eens was, in plaats van zijn wezenloze, bezwerende formules, met één oog op de camera’s gericht? Dan had ze nu zeker nog op hem gestemd – en een heleboel andere kiezers ook.

12 reacties op 'Bekrompen politiek'

S. Smit

Een column naar mijn hart. Maar nog één ding: als de politicus wel een reële toon aanslaat, zal deze alsnog verdacht worden gemaakt door de media. Ook de media gaan uit van de naïeve burgers. Binnen de figuraties van de macht zijn de burgers verdwenen.

Jan Krikke

Beste Bas Heijne,
Je hoort maar weinig of geen oplossingen hoe een bestuurlijke vernieuwing eruit zou moeten zien. Maar dat er wat veranderen moet wordt met de dag duidelijker. De kloof tussen burgers en bestuurders dichten betekent dat we de verantwoordelijkheden moeten omdraaien. De burger moet meer stem krijgen, dan pas werkt de democratie zoals het zou moeten. Zie http://www.cognitieve-evolutie.nl en het onderwerp: Een Nieuwe Digitale Democratie.

Fred Versteeg

Engelse parlementsleden houden regelmatig spreekuur in hun eigen kiesdistrict. Kennelijk heeft dat de kloof tussen politicus en kiezer ook al niet weten te voorkomen. Een situatie die meesterlijk wordt verbeeld in de Britse satireserie The Thick of It en vooral in de bijhorende film In the Loop. Het is al evenzeer een teken dat in Nederland D66 denkt met districtenstelsel die kloof te kunnen dichten, terwijl de Engelse geestverwanten van de Lib-Dems juist afwillen van dat districtenstelsel. Van staatsrechtelijke hervormingen hoeven we kennelijk niet al te veel te verwachten.

Eerlijkheid dan? Zou dat werken? Dus zouden mensen naar politici willen luisteren als ze handelen zoals Heijne hier Brown influistert? Voelt men zich dan serieus genomen? Zolang politici en anderen ‘geëngageerden’ bijvoorbeeld zich ernstig zorgen maken over ‘zwarte scholen’ en met allerlei ideeën komen om dit te voorkomen maar hun eigen kinderen op witte scholen plaatsen, voelt iedereen aan zijn water dat er iets niet klopt.

Vandaag beschrijven Ramdas en Fred Feddes in Opinie vergelijkbare problemen. Te veel aandacht voor de kleine groep eeuwig ontevredenen, zeker, maar ook blindheid voor de werkelijke veranderingen die plaatsvinden en een nieuwe tegenstelling verooorzaken tussen de ‘cosmopolieten’ en de nieuwe sedentairen. De hoog- en lager opgeleiden.
De cosmopolieten die werkelijk denken dat het hun eigen kwaliteiten zijn die hen heeft gebracht waar ze zijn en dat de meritocratie bestaat. De sedentairen, de nieuwe machtelozen zoals Van Dam die beschrijft, die – bevestigd door enkele recente sociaal-economische onderzoeken – voor een groot deel ervaren dat niet elk dubbeltje een kwartje wordt, ook al doe je je best en dat zij het zijn die vooral de prijs van het globalisem en cosmopolitisme betalen.

Geen werk en een UWV dat voorlopig niets meer aan hun situatie doet, oude wijken met groot achterstallig onderhoud met corporaties die hen in de steek laten en hun ‘core business’ – volkshuisvesting – zijn vergeten, overlast en criminaliteit die zij geconcentreerd elke dag moeten ondergaan en die gebagatellisseerd worden door hen die die overlast niet aan den lijve ondervinden.

En in economisch zeer onzekere tijden zal de groep die zichzelf nu nog kan veroorloven voor te houden tot de gelukkigen te behoren, nerveus worden. Wat als ook hun banen verdwijnen? De WW duurt korter, veel steun bij herscholing of vinden van een baan hoeven ze niet meer te verwachten. Moeten ze straks misschien verhuizen naar één van die prachtwijken waar niemand terecht wil komen?

Hoe doe je dat als politicus onder deze omstandigheden: mensen serieus nemen? Ook Heijne komt helaas niet met al te veel praktische adviezen.

R. Peters

Bas Heijne verondersteld dat Gordon Brown een wezenlijk andere mening zou hebben als mw. Duffy. Ik betwijfel dat.
Zo ook andere politici: het is nog maar de vraag, waarschijnlijker is dat die politici eenzelfde soort mening hebben als het publiek, maar door hun positie dat niet kunnen/durven zeggen, ook omdat ze menen een andere cq. correctere mening te hebben

Politici abstraheren kwesties zodat het lijkt of er een afgewogen oordeel zou zijn, maar meest valt op dat die abstractie absoluut uit de pas loopt met de werkelijkheid van alledag. De onwelgevallige mening van een stukje publiek wordt dan als irritant ervaren, een sta in de weg – bigotry zoals Brown zei. Toch is het die realiteit waarmee hij rekening heeft te houden: het publiek maalt niet om de abstracte partijpolitieke schijnwereld van de politicus.

Terecht, want die doet hij zichzelf aan. en de uitkomsten van dat schimmige spel wordt de burger aangedaan: alle reden dus om te luisteren.

Alleen zal het niet gebeuren, de politicus zal weer zeggen dat ‘de mensen’ het niet begrijpen – “De Kloof”. Ook dat doet hij zichzelf aan; door niet goed te luisteren en door niet goed uit te leggen wat de burger dan wel zou moeten begrijpen. En dat niet in krukkige one-liners.

De 100-dagen toer had mijns inziens ook niet de bedoeling om te horen wat de burgers wilden, maar om te horen hoe de wensen van de burgers omgebogen konden worden tot haalbare EIGEN doelen.

Kortom, Brown kón niet echt in discussie gaan met mw. Duffy juist omdat hij in wezen dezelfde denkbeelden heeft.
Ik verdenk velen in de 2de Kamer ervan op hetzelfde spoor te zitten als Wilders, zij het minder extreem.
Er zijn er maar weinigen die zijn denkbeelden bestrijden op een overtuigende argumentatieve en met feiten gestaafde wijze die laat zien dat men zijn ideologie wezensvreend vindt.
Politici: het zijn soms net mensen – op de verkeerde momenten.

Ton Hollander

Groot-Brittannië behoorde tot de eerste landen die werknemers uit Polen toeliet op de arbeidsmarkt. De schattingen waren dat er enige tienduizenden Poolse werknemers de overstap zouden maken. Het werden er echter enige honderdduizenden. De minister die daar verantwoordelijk voor was heeft later toegegeven dat zijn inschatting nattevingerwerk was. De komst van zoveel Polen had tot gevolg dat heel veel Britse jongeren geen stageplaats of werk meer konden vinden omdat te veel werkgevers de voorkeur gaven aan de goedkope en ervaren Poolse arbeidskrachten. Vooral jongeren in achterstandswijken waren hier het slachtoffer van.

Het zou heel boeiend zijn geweest als Gillian Duffy aan premier Brown had uitgelegd dat dit slechts één van de vele voorbeelden is waaruit blijkt dat Britse politici nauwelijks weten wat de gevolgen van hun beslissingen zijn. In ons land zien we het zelfde patroon. Ook hier lopen talloze bestuurders rond die nauwelijks weten wat de gevolgen zijn van hun beslissingen.

Wie zijn er verantwoordelijk voor de “onderwijsfabrieken” waardoor de kwaliteit en het niveau van ons onderwijs hollend achteruit is gegaan?

Wie zijn er verantwoordelijk voor de “bestrijding” van de criminaliteit waardoor de criminaliteit in ons land aanzienlijk hoger is dan 50 jaar geleden?

Wie zijn er verantwoordelijk voor het geldverslindende waanzinnige immigratiebeleid waardoor ons land vooral aantrekkelijk is voor kansarme immigranten?

Wie zijn er verantwoordelijk voor de jarenlang volgehouden verkwisting waardoor ons land ondanks ons aardgas een staatsschuld heeft van vele honderden miljarden terwijl de vergrijzing nog moet beginnen?

Harm Dost

Uitstekende analyse.

Het kan wel zijn dat de kiezer onderkent wanneer hij na de mond gepraat wordt, maar betekent dat ook dat de kiezer snapt wat zijn wensen voor gevolgen hebben?

Gewoon zeggen dat de hoogte van de straf nauwelijks of geen invloed heeft op de criminaliteit? Dat de consumptie van alle drugs uit de strafwet moet en de handel in cannabis vrijgegeven moet worden? Dat de belasting op vlees en suiker naar het zelfde nivo moet als benzine of rookwaren?

Soms ben ik nog banger voor de kiezers dan voor de politici. Vluchten kan niet meer.

M. Goedegebuure

Of zoals de Arctic Monkeys zingen in ‘Teddy Picker’:

“Who wants to be man op the people, when there’s people like you.”

Egbert H.D. Willems

U legt in uw column van jl zaterdag de vinger terecht op twee zere plekken, die van de politicus die als het meezit eenmaal in de vier jaar in een rituele dans de burger een vlaggetje, een toeter of een petje uitreikt en die van de burger die meent dat de politicus er is om zijn persoonlijke belang te dienen.
Veel politici menen dat er tussen hen en de burger een kloof bestaat die gedicht moet worden,
een groot misverstand. Daar is reeds eerder in diverse publicaties op gewezen.
De kloof bestaat en is onvermijdelijk. Daarvoor is de politieke en bestuurlijke werkelijkheid te complex en de burger te ongeinteresseerd en onwetend. Het mag zo zijn dat deze wereldwijs is geworden maar dat is niet hetzelfde als verstandig, oordeelkundig en geïnformeerd. Dat maakt het luisteren naar de burger weinig zinvol en hem meer directe zeggenschap geven ongewenst. De onderbuik geeft daarvoor te onduidelijk gerommel af.
Ik ben het met u eens, de burger is volstrekt niet geïnteresseerd in de benoemingswijze van een burgemeester, of het opheffen van een waterschap. Bovendien lossen andere structuren zelden inhoudelijke problemen op. Wat de burger wil is een betrouwbare overheid die zegt waar het op staat ook als het slecht nieuws is, die geen knollen voor citroenen verkoopt en die doet wat ze zegt. De nieuwste verkiezingsprogramma’s van de grote partijen lijken hier opnieuw een kans te missen; het realiteitsgehalte van het CDA-programma haalde onlangs in een bestuurskundig onderzoek een 4 en dat van de PvdA zelfs een 0 (nul!).
In dat licht is het verademend om af en toe op een van onze stadskantoren goed, snel en effectief te worden geholpen door een vriendelijke ambtenaar. Maar ja, ambtenaren zijn dan ook geen politici en, toegegeven, hun wereld is minder complex. Of, ander voorbeeld, twee bewindslieden van Balkenende IV, Klink en Van der Laan, die rustig, zakelijk en vriendelijk zeggen dat ze goed hebben samengewerkt en daarmee zouden willen doorgaan. Dat sprak mij als burger aan en ik denk meerdere met mij. Van mij mag Van der Laan burgemeester van Amsterdam worden en benoemd door de majesteit.
En tenslotte ben ik van mening dat politici in hun mediatraining beter moeten oefenen met het
bedienen van de microfoon ter voorkoming van een Boekestijntje of Brownie.

Paul Overtoom

Politici nemen burgers terecht niet meer serieus.

Kranten, radio, televisie en het internet zijn hun vergrootglas. Veel meer dan een jaar of veertig geleden stellen de media zich op als selecteurs, beoordelaars, opblazers en verdraaiers van alles dat politici doen. Als je Balkenende heet trek je stemmen en zorg je dus dat je voor de verkiezingen zo vaak mogelijk en zo positief mogelijk te zien bent. Heet je Wilders dan weet je dat je scoort als je de zittende macht verkettert. Als je Bos bent, dan roep je gewoon dat je “een hekel hebt aan bankiers” en de media helpen je om ‘s avonds met die kreet het hart van de kiezer te raken.

Over principes, prioriteiten, keuzes en feiten gaat het allang al niet meer.

En wij, de gewone kiezers, wij zijn niet bij machte om die media een schop te verkopen en de sensatiezucht weg te zappen. Waarom zou een politicus ons nog serieus nemen als hij zo veel makkelijker kan scoren?

Eisso Post

Naar de burger luisteren kan drie dingen betekenen: 1 Als ober: Je luistert naar wat hij bestelt en geeft hem dat allemaal (onmogelijk); 2 Als therapeut: je geeft hem in alles gelijk omdat je hem niet volwaardig beschouwt en denkt dat hij dat nodig heeft (huichelachtig); 3 Als gesprekspartner: je luistert goed naar wat hij te zeggen heeft, knoopt in je oren wat je met hem eens bent en ZEGT WAT JE NIET MET HEM EENS BENT EN WAAROM. Dat laatste is misschien wel het allerbelangrijkste om wat voor kloof ook te dichten.

Anne Jongeling

Iemand al bedacht dat oplossingen niet bestaan en er niks valt te regeren, sturen of bij te poetsen?

Er zijn ontwikkelingen, dingen (gaan) gebeuren en maakbaarheid is een illusie tenzij je die met een totalitair regime afdwingt.

Niet dat ik de heer Heijne brood uit de mond wil stoten hoor. Maar ik aanschouw nu al bijna een halve eeuw hoe wereldwijd alles wat ik in mijn jeugd heb geleerd/gekend weg is, gedateerd en anders uitpakt dan verwacht. Inmiddels kan ik slechts hoofdschuddend kijken naar mensen die ‘oplossingen’ menen aan te dragen en denken ‘nee’ te kunnen stemmen tegen een toekomst die zijn eigen pad bewandelt.

anna aarts

Hahaha! Bas Heijne: “anders waren ze [politici] wel gewone mensen gebleven”.

“Gewone” Nederlandse politici zijn al opzettelijk doofstom en blind voor de stem van het volk sinds de waarschuwing van het Foruyn gebeuren.

Met Cohen als ‘heiland’, een Joodse ‘seculiere’ ayatollah die, samen met moslims, Nederland onderschuift als Sodom en Gomorrah: ‘U en ik zijn de samenleving, waar alcohol- en drugsgebruik, echtscheiding, pornografie, fraude, de commercialisering van het bestaan etc. welig tieren. Dat kan ons een spiegel voorhouden. Het [islam] kan een ook een appèl betekenen voor mensen, die de leegte van de seculiere samenleving willen ontstijgen”, met ‘Koran moet op voor ieder kind op openbare scholen’ met de voortuitgeschoven Marcouch aan het roer in al overspannen Is-lamlendige geslagen Nederland.

“Wat politici kennelijk niet beseffen, is dat ook de burger wereldwijs is geworden. Ook hij is zich steeds meer bewust van hoe de media werken – en hij is ook steeds meer in staat om achter de schermen van het politieke bedrijf te kijken…”

Inderdaad!