Een groot Hollands hart
Morele moed komt in Nederland altijd achter de feiten aangesukkeld: toen eind 2008 het IJslandse bankwezen in elkaar stortte, was minister Wouter Bos (Financiën, PvdA) heel even de held, omdat de meeste spaarders ogenblikkelijk schadeloos werden gesteld en de rekening met een forse rente bij het nagenoeg failliete IJsland werd gedeponeerd. Nergens heb ik toen gelezen dat men het in IJsland al moeilijk genoeg had, dat de IJslandse burger toch niet financieel verantwoordelijk gehouden kon worden voor een malafide bank, dat de Nederlandse spaarders bij Icesave misschien gewoon pech hadden gehad of wat minder rentebelust hadden moeten zijn – dat was toen niet het moment.
Nu wel. Ineens lees en hoor ik overal dat de eisen die Bos aan IJsland heeft gesteld draconisch zijn, het is plukken van een kale kip, een failliet en boos IJsland bezorgt de wereld alleen maar economische last – de wurgende herstelbetalingen van Duitsland na de Eerste Wereldoorlog worden er zelfs bij gehaald.
Een voormalige Icesave-spaarder stelde in de Volkskrant ontsteld vast dat hij van gedupeerde ineens beklaagde was geworden: „Ik begin me schuldig te voelen dat ik het spaargeld voor mijn dochter op een bank parkeerde die de hoogste rente gaf. Een bank die in de media werd genoemd als een van de banken met de hoogste rente. ‘Het loont om de rentes te vergelijken’, kopten kranten en consumentenorganisaties. Waarschuwingen waren er niet.” Direct daaronder publiceerde dezelfde krant een lezersbrief waarin de stemming van dit moment wordt verwoord: „Waarom zouden de IJslandse belastingbetalers financieel moeten opdraaien voor de misdadige praktijken van een paar bancaire criminelen? Waarom moeten de Nederlandse belastingbetalers opdraaien voor het inhalige gedrag van een aantal spaarders, die met enkele procenten hogere rente van hun spaargeld hun inkomen probeerden te verhogen? Alles kwijt? Eigen schuld, dikke bult, zou ik denken.”
Misdadig, inhalig, Nederlandse belastingbetalers, criminelen, eigen schuld – het standaardrepertoire van de PVV, maar het perspectief is nu radicaal gewijzigd. Toen Bos zijn ferme afspraken met de IJslandse overheid maakte, was de stemming gericht op het nationaal belang. Die kleine Hollandse spaarder die vermorzeld dreigde te worden door machinaties van een grote, ongrijpbare wereld – wie voor hem opkwam, was de held. Nog geen anderhalf jaar later is die spaarder een nare graaier geworden, die alleen maar aan zijn eigenbelang dacht, en de IJslandse burgers onwetende slachtoffers die we in ons oneindig ruime Hollandse hart moeten sluiten. Verontwaardiging en sentiment zijn de enige constanten hier.
Vanwaar die omslag? Je zag hem al bij het laatste bankdebacle, de ondergang van de DSB Bank van Dirk Scheringa. Toen die op de fles ging maakten de gezamenlijke media zich al op voor een reusachtige dosis volksgevoel, met Scheringa als Hollandse held die door een ongevoelige elite de nek was omgedraaid, en met hem de eeuwig lijdende, maar toch tegen de klippen op hardwerkende Hollandse burger. Dat beeld hield geen stand. Scheringa probeerde het nog met een beschuldigende vinger die alle kanten opwees, behalve naar zichzelf. Hij kondigde een boek, een film en een nieuw bedrijf aan, en natuurlijk een nieuwe politieke partij – en toen werd het ineens heel erg stil. Van zijn heldenstatus, en ook van zijn slachtofferschap, is niets meer over. In de overzichten en conferences van Oudjaar kwam hij naar voren als een megalomane schurk.
De val van Scheringa luidde het einde in van de romance van het Nederlandse volk met zichzelf – vooral toen er daarna nog wat Hollandse helden sneuvelden, zoals de Utrechtse ‘reladvocaat’ Dion Bartels. Die laatste was heel even de afgod van gedupeerde beleggers, totdat bleek dat ook zijn ego oneindig veel groter was dan zijn talent – en hij zijn successen helemaal zelf verzon. Het dagblad De Pers noemt het faillissementsverslag „vernietigend”. Bartels, die aan het woord mediageil een nieuwe betekenis gaf en zich volledig met zijn held Napoleon vereenzelvigde, loog niet zuinig over het aantal klanten dat hij had, rommelde in zijn jaarrekening, moffelde zijn verliezen weg. Allemaal uit solidariteit met de gedupeerde burger. Ongetwijfeld zal hij binnenkort een politieke beweging beginnen, omdat het in Nederland echt niet langer zo kan.
Sentimentele solidariteit met het volk wordt steeds weer ontmaskerd als een megalomane egotrip – en bij iedere gevallen held wordt de deceptie groter. Tegelijkertijd blijven de bewijzen van bestuurlijke zelfoverschatting in het establishment binnenkomen. Wie zich verlustigt in leedvermaak over de provinciale hoogmoed van Scheringa is de jammerlijke internationale ambities van ABN Amro kennelijk alweer vergeten. Egomanie en zelfoverschatting is geen exclusieve ziekte van zelfgemaakte vrije jongens; er is geen wezenlijk verschil tussen de potsierlijke zelfvergroting van Dion Bartels en die van Geert Dales, de voormalige wethouder van Amsterdam die de stad opzadelde met een slecht doordacht bouwproject waarvan de uit de hand gelopen kosten gemakkelijk een middelgrote bank overeind hadden kunnen houden. Er is geen kloof. Er is alleen het onvermogen om je ego ondergeschikt te maken aan de publieke zaak – of beter gezegd, er is alleen het hardnekkige verlangen om de publieke zaak in dienst te stellen van je eigen ego. Vroeger dachten alleen gekken dat ze Napoleon waren.
Dat besef dringt nu door en het verklaart de omslag in de publieke discussie over de Icesave-kwestie. In plaats van het nationale eigenbelang wordt nu ineens het internationale belang benadrukt: Nederlanders moeten niet alleen maar aan zichzelf denken! Weg met dat benepen egoïsme, die kinderachtige angst dat een ander misbruik maakt van jouw goedheid, dat zwelgen in eigen leed. Leve de ruimhartigheid. Nederland steunt IJsland!
Ik ben zelf erg voor ruimhartigheid, maar alleen als die mijzelf ook echt tot iets verplicht. De bepleite ruimhartigheid in de Icesave-kwestie komt verdacht laat. Je kunt je er geen buil meer aan vallen, het is mosterd na de maaltijd. De gedupeerden zijn al schadeloos gesteld, er ligt een akkoord, die arme Bos kan allang niet meer terug. Dan kan ik ook moedig zijn. Ik pleit hier dan ook graag voor een volledige kwijtschelding van de IJslandse betalingen door de Nederlandse belastingbetaler, die zuiver uit solidariteit met zijn gedupeerde landgenoten alsnog de geleden schade voor zijn rekening neemt. En nu ik toch bezig ben – nodig tijdens de aanstaande dodenherdenking nu eindelijk eens de Duitse ambassadeur uit en maak van het Suikerfeest voortaan een nationale feestdag. Eens kijken hoe groot en oprecht die nieuw ontdekte Hollandse ruimhartigheid zal blijken te zijn.
