Duitsland gidsland

Je kunt het ook zo zien: de aanhoudende strijd tussen ‘volk’ en ‘elite’ die Nederland de laatste jaren in zijn greep houdt, heeft weinig met idealen en visie, maar vooral met nijd te maken. De begrippen volk en elite zijn harde stokken om een hond te slaan. Mensen die namens ‘het volk’ spreken, blijken meestal niet ergs volks en mensen die ervan beschuldigd worden tot de verderfelijke elite horen, hebben vrijwel altijd een achtergrond die nogal gewoontjes is. Waartegen gestreden wordt is geen elite van baronnen en dubbele namen, het is een elite van gewone jongens en meisjes die zich een plaatsje in het centrum van het openbaar bestuur hebben verworven en nooit meer achterom hebben gekeken. De bestuurlijke elite, die voornamelijk bestaat uit mannen die nauwelijks boeken lezen en alleen naar het theater gaan om elkaar te ontmoeten, zegt cultuur hoog in het vaandel te hebben, net als een pluriforme samenleving – en zo ontstaat de onheilige drie-eenheid van allochtonen, bestuurders en cultuurliefhebbers, een prachtig doelwit. Aan de andere kant, het volk dat met de rotzooi achterblijft, de miskenden en gekrenkten, die gedwongen worden te luisteren naar vioolspel terwijl Rome brandt.

Van dat heldere schema blijft overigens weinig over, zodra je de opvattingen van de betrokken partijen tegen het licht houdt. Kijk naar de heersende opvattingen van links en rechts over de maatschappij: links houdt traditioneel heel veel van gewone mensen, daar is de sociaal-democratie voor uitgevonden, maar krijgt een hekel aan het volk, wanneer het zich begint uit te leven in harde sentimenten en zich verslingerd aan afzichtelijk populisme.

Aan de rechterkant heerst een even grote gespletenheid: aan de ene kant de oprechte zorg voor de hardwerkende burger die niet meer gehoord wordt, die dagelijks lijdt onder het democratisch tekort en de zwalkende instituties – en aan de andere kant het spook van Theodore Dalrymple, een volkomen ontspoorde massa, die het aan respect voor gezag ontbreekt, geen enkele sociale verantwoordelijkheid meer neemt en eigen falen altijd aan anderen wijt. Dat is volgens rechts weliswaar de schuld van de linkse elite, die geen verantwoordelijkheid heeft genomen en niet handhaaft – maar het beeld is aan beide kanten, links en rechts, hetzelfde: het volk heeft twee gezichten, een redelijk en een onredelijk gezicht.

In de huidige discussies wisselen die verschillende gezichten van het volk elkaar af, zodat in de beeldvorming de burger zich nu eens terecht in de steek gelaten voelt en dan weer hopeloos verwend is, de ene dag gedreven wordt door intense betrokkenheid bij een falend politiek systeem en de volgende dag een grenzeloos egoïsme wordt toegedacht.

Met de elite is het niet anders – nu eens een baken van beschaving in tijden van verdwazing en hatelijk populisme, dan weer een troep volgevreten graaiers en onverantwoordelijke zelfverrijkers. Iedereen gebruikt het beeld wat hem het beste uitkomt. En er is altijd wel een passend voorbeeld uit het nieuws bij te vinden: de PvdA-directeur van een woningcorporatie die zijn eigen salaris maandelijks verhoogt of de kansarme bewoner van een kansarme buurt die niet van zijn dochter kan afblijven, op zolder een hennepplantage heeft en onbekommerd scheldt op profiterende buitenlanders. Intussen loopt de zuurgraad op.

Bij de verkiezingen in Duitsland afgelopen weekend was de teneur van Nederlandse commentatoren dat het daar eigenaardig beschaafd toeging – men vocht elkaar niet de tent uit, er vlogen geen beschuldigingen en beschimpingen heen en weer, er was geen sprake van oprispingen over ‘uitschot’ (Jan Peter Balkenende). Vertwijfeld vroegen verschillende weekbladen zich af waar de Duitse Wilders was. Hoe kon het dat de kwestie die Nederland nu al bijna tien jaar obsedeert en verscheurt – het integratiedebat – in de Duitse verkiezingen geen rol speelde? Dat moest wel een akelige vorm van ontkenning zijn. Ik was tijdens de verkiezingen in Berlijn met een groep studenten. En de Nederlanders die we daar spraken, herhaalden consequent hetzelfde refrein: wat het integratiedebat betreft, lopen wij tien jaar voor op de Duitsers, zij moeten nog ontwaken uit de multiculturele droom, enzovoort.

Hollandse hoogmoed: Nederland loopt tien jaar voor op Duitsland. In de tijd dat Nederland zichzelf gidsland waande, ging men ervan uit dat de rest van de wereld op ons wilde lijken, nu men zich van alle kanten bedreigd voelt in zijn eigenheid en de aanwezigheid van de islam tot een nationale obsessie heeft gemaakt, gaat men er opnieuw klakkeloos vanuit dat de rest van de wereld wel zal volgen. Wie zich niet uitleeft in hysterie en woede, heeft het gewoon nog niet begrepen, zo simpel is het. Anders gezegd: proberen de Duitsers het goed te doen, zitten ze toch weer helemaal fout.

Maar Duitsland is een groot land, veel groter en belangrijker dan Nederland – en grote landen voelen zich iets meer thuis in een geglobaliseerde wereld dan kleine landen. Het is geen toeval dat het integratiedebat heftiger is naarmate de landen kleiner of onbeduidender zijn – Nederland, België, Denemarken, Zwitserland en Oostenrijk. Het beeld van een Duitse politieke elite die het debat onderdrukt door een overmaat aan politieke correctheid klopt niet, want dan zou de rechts-extremistische NPD na al die jaren wel in de Bondsdag zijn gekomen – ook nu waren er lang niet genoeg ‘proteststemmen’. De Duitsers zijn te beschaafd om het te zeggen, maar misschien beschouwen ze die Nederlandse obsessie met integratie wel als een manier van wegkijken, in plaats van benoemen.

De dag voor de verkiezingen hoorde ik Angela Merkel spreken. In de Nederlandse commentaren was ze afgeschilderd als iemand zonder charisma. In een grote hal hield ze een goede toespraak, zonder retoriek of doorzichtige trucs, waarin ze de kleine wereld van het gezin moeiteloos met de grote wereld van de wereldeconomie wist te verbinden. Het was een politieke preek voor eigen parochie, maar het betoog was helder, de toon beschaafd – je kunt dat saai noemen, maar ik heb de afgelopen tien jaar geen enkele Nederlandse politicus zo’n goede speech horen houden. Denk aan Rita Verdonk in de Passengerterminal met haar insinuaties over duistere krachten die het Sinterklaasfeest willen afschaffen en je begrijpt dat het verschil tussen Nederland en Duitsland gewoon een verschil in niveau is – en die Hollandse strijd tussen ‘volk’ en ‘elite’ niets anders dan sociale nijd over en weer, die ons steeds verder doet afdrijven van de rest van de wereld.

24 reacties op 'Duitsland gidsland'

will boll

Bas je hebt gelijk. Goede observatie en juiste realistische weergave van de feiten.

M Rots

Ben blij met dit artikel en ben het dan ook eens met Heijne. Het is ook vaak beschamend hoe Nederlandse politici zich proberen te profileren ten koste van een ander. Eenheid is ver te zoeken.
Liever beschaafd en ‘saai’, dan inhoudsloos.

Paul Schulze Schleithoff

Sehr geehrter Herr Heijne,
ich lebe seit sieben Jahren als Deutscher in Holland (Arnhem). Daher habe ich sehr viele Vergleichsmöglichkeiten. Mit Interesse habe ich Ihren Kommentar gelesen, der sich in seiner Differenziertheit sehr wohltuend von den sonst üblichen negativen niederländischen Presseartikeln über Deutschland unterscheidet. Ich kann Ihnen nur zustimmen: aus der Sicht von Niederländern wird Deutschland sehr oft mit viel “Hoogmoed” beurteilt. Niederländer wollen immer gerne Ihre Vorurteile bestätigt sehen, Deutschland kann nicht gut und schon garnicht besser sein als Holland. Jammer, den Deutschland ist sicherlich nicht besser, aber auch nicht schlechter!Ich empfinde Holland inzwischen als sehr konservativ, regelsüchtig und in vielen Bereichen als intolerant. So ist es mir hier in Arnheim in meiner Sportschool verboten (20 km von der Grenze!) Deutsch zu sprechen, vor zwei Wochen wurde ich in Rotterdam von 7-8 jährigen Kindern als “Deutscher Schweinehund” beschimpft oder versuchen Sie in Arnhem mal eine deutsche Zeitung zu kaufen. Gibte es praktisch nicht ausser an der Centralstation. Offenheit sieht anders aus. Trotzdem lebe ich gerne hier, ich mag die Menschen und im Prinzip habe ich keine Probleme und es gibt vieles wo man in Deutschland von lernen könnte. Die Unterschiede sind bei Licht betrachtet auch nicht sehr gross, es sind mehr die Details die uns unterscheiden. Und dies ist wahrscheinlich auch die Ursache für die häufige niederländische Arroganz. Deutschland ist der grosse Bruder…und den mag man halt oft nicht,

mit herzlichen Grüssen Ihr Paul Schulze Schleithoff

6828 HX, Arnhem, Eusebiusbutensingel 40

Groetjes Paul Schulze Schleithoff

Anne Jongeling

Waarom worden er altijd vergelijkingen gemaakt met met andere landen, maar pakt nooit iemand de crux? De crux is dat geen ander land zoveel is kwijtgeraakt in de afgelopen decennia als Nederland.
In geen enkel ander land – als we dan toch aan het vergelijken zijn, dan ook maar grondig – is zoveel weggegeven als door de Nederlanders: veiligheid, zekerheid, ruimte (en we hadden al zo weinig)vrijheden, kapitaal, tolerantie, geduld, hele stadsdelen, zekerheden, identiteit, herkenbaarheid. Alles moest afgestaan en gedeeld worden en dat louter op basis van een ethisch principe dat ons is opgedrongen – we kregen er immers niets voor terug. Integendeel. Het werd afgedwongen als een vanzelfsprekendheid en wie protesteerde werd weggezet als hufter. Er is daarbij een klimaat gecreëerd waarin voor alle offers van de Hollanders geen enkele waardering opgebracht hoefde te worden, of ze nu vrijwillig dan wel onvrijwillig waren. Er zijn miljoenen mensen beter van geworden behalve de Nederlanders zelf. Er is immers nog niet één bestuurder geweest die in een glashelder betoog duidelijk heeft kunnen maken wat wij nou precies hiermee zijn opgeschoten, met onze filantropie.

Decennia lang in Hollandse hoofden blijven hameren dat we een stel lamzakken zijn als we niet belangeloos blijven meewerken aan het ethisch principe, heeft consequenties. Die consequenties worden nu omschreven als ‘wrok, gekte, idioterie’ etc etc etc en Heijne voegt er nu weer hoogmoed, onbeschaafdheid en sociale nijd aan toe.

Dank. We zullen het op het lijstje zetten van ‘slechte eigenschappen van die abjecte Nederlanders’.

Aldert ter Weer

Wat een geweldig stuk weer van Bas Heijne!
Alle spijkers op hun kop geslagen.
En weer memorabele zinnen.

‘…, het is een elite van gewone jongens en meisjes die zich een plaatsje in het centrum van het openbaar bestuur hebben verworven en nooit meer achterom hebben gekeken.’
‘… en zo ontstaat de onheilige drie-eenheid van allochtonen, bestuurders en cultuurliefhebbers, een prachtig doelwit.’

Dit doet me denken aan een oude uitspraak van Rudy Kousbroek: de bestuurders en politici van vandaag zijn geen cultuurdragers meer. (n.a.v. de presentatie door toenmalig premier Van Agt van een gedichtenbundel van Toon Hermans).

‘… het spook van Dalrymple …’
‘… het volk heeft twee gezichten: een redelijk en een onredelijk gezicht.’

Dit doet me denken aan de burgeroorlog cq genocide in Rwanda, toen Hutu moeders met een baby op de arm met machetes inhakten op Tutsi moeders, ook met een baby op de arm.

Ik ben echter nog niet uit Heijne’s opmerking over kleine en grote landen en hun integratieproblemen.
Hier in het zeer kleine Luxemburg kennen we eigenlijk nauwelijks integratieproblemen.
Dat zou volgens Bas Heijne dus anders moeten zijn.
Maar daar zijn natuurlijk mogelijk andere redenen voor.

Aldert ter Weer, Luxemburg

Hans van Essen

Geachte heer Heijne,

Met interesse uw artikel in het NRC gelezen onder de titel “Duitsland gidsland”. Met interesse omdat ik na het lezen van zo’n stukje altijd wacht op de logische eindconclusie. Helaas kon ik die niet vinden. In eerste gedeelte wordt getracht een beschrijving te geven van de elite en het volk. Beide begrippen waarvan je op voorhand al weet dat dit vage nietszeggende omschrijvingen zijn. Elite? Welke elite? De economische elite of de culturele elite? Waarbij de laatste nog eens kan worden onderverdeeld in de hoge cultuur en populaire cultuur. Roger Scruton gaat in zijn interessante boek “Modern Culture” uitgebreid in op het verschil tussen beide vormen. De economische elite hoeft niet noodzakelijkerwijs samen te vallen met de culturele elite. Vervolgens spreekt u over het volk. Wat moeten we hieronder verstaan? Een homogene stuurloze massa van mensen welke heen en weer wordt geslingerd door basale xenophobe gevoelens? Na deze discussie over de elite en het volk volgt dan de tweedeling tussen rechts en links waarbij voor mij, en volgens mij voor u ook, onduidelijk hoe deze is gerelateerd aan de elite en het volk. U concludeert dat het volk twee gezichten heeft; een redelijke en een onredelijke. Ik zou willen zeggen dat ‘het’ volk niet bestaat omdat zij bestaat uit vele gezichten. Het punt dat ik wil maken is dat het allemaal te makkelijk wordt afgeschilderd. De wereld is veel pluriformer dan we willen toegeven, het lijkt erop dat we altijd weer willen tenderen naar makkelijke plaatjes. Een cultuurfilosoof als Herder heeft een lans gebroken voor de heterogeniteit van de verschillende culturen. Ik ben bang dat we heden ten dage al te makkelijk voorbij willen gaan aan deze cultuurhistorische verschillen. Europa is een bonte verzameling van deze verschillen, laten we genieten van haar verscheidenheid. En dat brengt mij dan bij uw eerst conclusie voor zover ik het dan begrijp; de Nederlandse politiek is weinig beschaafd. Als ik het taalgebruik en de omgangsvormen bestudeer van de leden van de tweede kamer dan deel ik die conclusie wel. Het ware echter interessanter geweest om naar de verklaring te zoeken. Waarom is de kwaliteit van de Nederlandse parlementariërs dan teruggelopen. En waarin liggen dan de verschillen met Duitsland? Ik denk dat dit een interessant gegeven is welke volgens mij moet komen uit een verschillenanalyse van de cultuurhistorische ontwikkeling in beide landen. Ik vind het altijd wonderlijk om te lezen waarom Nederland niet zo is als andere landen zonder in achtneming van de overduidelijke cultureel historische ontwikkelingsverschillen. Nederland is geen Duitsland en Duitsland is geen Denemarken. Al deze landen hebben een unieke cultuurhistorische ontwikkeling doorgemaakt Hierbij wil ik wel duidelijk stellen dat grote denkers (denk hierbij voorbeeld aan denkers uit de Verlichting) wel degelijk grote invloed hebben gehad op deze ontwikkelingen, maar hoe deze in ieder geval is verwerkt is wel uniek. De voedingsbodem is altijd anders. U stelt dat grote landen meer uitgebalanceerd zijn in hun integratiedebat omdat ze groter en meer beduidend zijn dan de kleine landen voor wat betreft hun plaats op het wereldtoneel . Ik deel deze mening niet. Een land is niet a priori beter met zich zelf in het reine omdat het groter is, de geschiedenis heeft dit al te vaak afgestraft. Grote ideeën zijn niet voorbehouden aan grote of kleine landen maar aan mensen. U stelt dat de Duitsers te beschaafd zijn om te zeggen dat Nederland wellicht het integratiedebat gebruikt om weg te kijken in plaats van het te benoemen. Dit zou impliceren dat de Duitsers het wel hebben benoemd, maar voor mij is het niet duidelijk wat hiermee wordt bedoeld. Praat men er in Duitsland rustiger over of schijnt dit rustiger te gaan in het parlement? Duitsland is qua bevolkinggrootte een groot land maar wel met grote regionale verschillen. Het zou mij niet verbazen als het multiculturele debat heel anders wordt gevoerd in Frankfurt dan in München. Waarom? Omdat er ook binnen de grenzen van een land cultuur historische verschillen zijn. Beieren heeft een andere ontwikkeling doorgemaakt dan Hessen. Uw concludeert dat het verschil in niveau waarop in Nederland en Duitsland het multiculturele debat wordt gevoerd in het laatstgenoemde land beter is, meer beschaafder. Ik denk dat de kwaliteit van een politiek debat altijd wordt bepaald door de spelers. Ik deel uw mening dat qua taalgebruik en omgangsnormen het Nederlandse politieke debat, en niet alleen voor wat betreft de multiculturele samenleving, niet de schoonheidprijs verdient. De spelers zijn hier echter zelf voor verantwoordelijk en niet te vergeten de media. De spelers in de media bezitten helaas vaak ook niet de kwaliteit om hier enig tegengewicht aan te geven. Ten tweede hebben de politici, wellicht onder invloed van Angelsaksische beeldvorming, ook veel meer de media opgezocht en zo ontstaat een zichzelf versterkend proces. Deze ontwikkeling moet echter op zijn eigen merites worden onderzocht indien men een vergelijking met Duitsland wil maken. Dat Nederland “afdrijft van de wereld” lijkt me toch wel een overdrijving. Nederland is in de historie nog nooit afgedreven en het appelleert aan een eigen onafhankelijke koers van een land. Maar daar waren we toch veel te klein en onbeduidend voor. Toch?

ton van der weg

Geachte heer Heijne,

Als trouwe lezer van Die Zeit verbaasde deze column mij wel. Ongetwijfeld, de toon is beschaafder maar discussie is er zeker wel. Zie bijv.de discussie over de barbecue in Tiergarten.

Ton van der Weg

Koos den Boer

Meneer Heijne in een massademoicratie bestaat geen elite meer in de traditionele zin des woords. In een massademocratie wordt de elite gevormd door omhoogevallen gestudeerde plebejers die zich in geen enkel opzicht kunnen beroemen op een interessant voorgeslacht: de merendeel van hun voorgeslachtr was slavende arbeider. Donner bijvoorbeeld niet, die heeft een interessant voorgeslacht, en dat merk je aan Donners quasi-aristocratisch onverstoorbaar gedrag jegens de media en dat mag ik eigenlijk wel. Neen, de elite is allang ten grave gedragen toen de massa’s in het begin der twintigste eeuw de macht kregen.

Dat er in Duitsland nog niet zo’n volkswoede is als bij ons heeft natuurlijk met het verleden te maken, want ook in Duitsland zijn de problemen met immigatie en integratie fors; alleen het klip en klaar benoemen ervan is onmogelijk vanwege hun naziverleden, maar dat wil niet zeggen dat de feiten er minder om zijn.

Frans Smit

Helemaal mee eens, Bas Heijne verwoordt wat ik alleen voor mezelf als gevoel kan omschrijven. Duitsland beweegt zich gewoon op een veel hoger niveau. Vergelijk bijvoorbeeld het niveau van de publieke omroepen in de twee landen eens met elkaar. Vergelijk Pauw en Witteman bijv. eens met vergelijkbare talkshows in Duitsland. Redelijk beschamend voor Nederland.

Bernd Lehmann

De vraag ‘waar de Duitse Wilders was’ gaat uit van de veronderstelling dat men die ook niet zou kunnen vinden…
Als ik de media goed heb gevolgd dan heeft een van de regionale pogingen een rechts-populistische protestpartij op te richten, de ‘Schill-partij’ het zelfs een keer tot deelname in een coalitie-bestuur met de CDU van de deelstaat Hamburg geschopt.
Op deelstaatniveau boekten rechts-extremistische partijen regelmatig successen en haalden wel eens meer dan 5 procent, de drempel die gehaald moet worden om als fractie in het parlement vertegenwoordigd te zijn. Aangezien voor hen het Nederlandse ‘demoniseringsargument’ niet geldt, omdat zij openlijk racistisch resp. fascistisch optreden, is méér dan 5 procent een behoorlijk beangstigend resultaat.
Een andere niet onbelangrijke rede voor het falen van nieuwe rechtspopulisten is het fenomeen van de zogenaamde ‘volkspartijen’. In het partijenlandschap vertegenwoordigen CDU en CSU b.v. een spectrum aan politieke opvattingen, dat het mogelijk maakt ook rechts-extreme ideeën binnen deze partijen te neutraliseren. Voor de ‘volkspartij’ SPD is dat ter linker zijde met communisten al moeilijker op grond van haar anti-communistische traditie.
Trouwens geldt voor zowel CDU/CSU als FDP dat zij al direct na 1945 bereid waren om aan de ‘oude ideeën’ volop ruimte te bieden. In volgende jaren hebben zij bovendien het electoraat van vele kleine ultranationalistische en rechtse partijen opgeslokt. Enkele jaren geleden kostte een antisemitische verkiezingscampagne van een van de voormannen van de FDP deze partij vele procenten aan stemmen.
Het immuunsysteem van deze partijen, en dus de Duitse democratie, blijkt dus redelijk gezond.
In hoe verre de bewuste jaren ’68 hiermee ook nog te maken hebben zal ik nu even onbesproken laten.

R.J.Moonen

Met plezier lees ik uw columns. Complimenten voor uw beschrijvingen en analyses.Uw constatering dat het niveau in de Duitse media en politiek hoger is dan in Nederland is juist. Naar “Pauw en Witteman” kijk ik niet meer.Het gaat steeds weer over hetzelfde: allochtonen, Islam en steeds weer gebeurtenissen herhalen. Na 45 jaar heb ik mijn lidmaatschap van de Vara opgezegd.Bevragingen van Twan Huys ervaar ik als zéér agressief.Als grensbewoner kijk ik graag naar Duitse TV programma’s zoals: Anne Will, Maybritt Illner, Hart aber Fair en Kölner Tref.De interviewer geeft ruimte voor nuancering, praat er niet doorheen, geeft niet zelf antwoorden en legt niemand woorden in de mond. Ook de gesprekpartners luisteren naar ekaar en hanteren een beschaafde toon.
Met Duitser waar ik contact mee heb kreeg ik op de vraag: “Waarom hebben jullie geen Wilders “het antwoord: “Wij hebben uit de geschiedenis geleerd.”
Verder wens ik u veel lezers van uw columns

Ben van den Enden

Vanmorgen week ik tijdens het kijken naar het wat matte Buitenhof uit naar de ARD-Presseclub. Dit Duitse journalistenforum besprak de verwachtingen na de verkiezingen en de mogelijke koers van de nieuw te vormen Rechts-Liberale coalitie. Naast vele andere onderwerpen maakt een van de deelnemers ook gewag van het feit (“zum Thema Bildung”) dat 34% van de schoolgaande jeugd in NordrheinWestfalen van niet-Westerse herkomst is en steeds slechter Duits kent.
Iets later verscheen deze reactie op de site van de WDR-Presseclub:

04.10.2009 13:25 Uhr schrieb D. Krämer (65 J)
…. Was es für Berlin anprangert, ist traurige Realität und Folge einer feigen Handlungs-Verweigerung der großen politischen Parteien: Jahrzehntelang wurden statt ausgesuchter Fachkräfte – wie in USA und Australien – Millionen bildungsferner Unterschichten aus aller Welt ins Land gelassen, ohne Sprachkenntnisse, z. T. auch Analphabeten, die nun – zusätzlich zu unserem eigenen Prekariat* – auf Dauer untergebracht und durchgefüttert werden (müssen?). Beträgt doch bei Sozialhilfe-versorgten Familien mit Kindern der Ausländeranteil durchweg über 50 %!

*Prekariat =„ungeschützte Arbeitende und Arbeitslose“ als eine neue soziale Gruppierung.
Ik geef toe dat deze heer D. Krämer zich in rustiger termen uitdrukt dan menig ontstemde Nederlander, maar ik vond het naar aanleiding van uw column interessant om te kijken of er wel zoveel verschil is tussen onze beide landen. Het blijkt nu dat er wel degelijk zoiets als „wrok en nijd“ bestaat. Het gekke is alleen dat de extreem-rechtse NPD zich encanailleert met moslimfundamentalisten in een broederlijk anti-semitisme. De virulente straatgevechten van de eerste mei kan ik evenmin echt rekenen tot een beschaafd politiek landschap. Ook dat zijn verschillen met het Nederland van Wilders en Pechtold.

H.Lodder

Toevallig was er van de week een enorme rel door een SPD-politicus die zich uitermate kritisch over veel Turken in Berlijn uitsprak: geen participatie met de samenleving, geen zin in Bildung, derde generatie vijandiger jegens Duitsland dan de eerste etc, kortom geen verrijking. In de Duitse media werd veel sympathie en begrip voor deze rechtse SPD-man geventileerd door de reaguurders.. ik denk dat de knuppel van het racisme-verwijt daar toch nog steviger werkt dan bij ons .. temeer daar wij toch al de neiging hebben wat “direkter” (botter) te zijn. Maar de problemen sluimeren daar ook.. niet al te enthousiast zijn heer Heijne.. de donder is alleen nog maar wat verder weg!!

W.R. Ruitenberg

Geachte heer Heijne,

Weer een interessante beschouwing door u in de NRC van3 oktober 2009. Uw analyse dat Dld een groot land is, massa heeft dat zich niet laat wegdrukken waardoor het een vanzelfsprekend overwicht voelt, vond ik een aardige waarneming. Of het klopt weet ik niet. Toevallig trof ik in de FAZ een heel interessant artikel over hoofddoekjes. Ik stuur de tekst en de link u hierbij toe: http://www.faz.net/s/Rub4D8A76D29ABA43699D9E59C0413A582C/Doc~E2F10E2D4317B4DABACE0288DC76CC092~ATpl~Ecommon~Scontent.html

Wat mij trof in de beschouwing dat klare taal altijd wel voor mensen pijnlijk is en dat dat in het belang van de gedachtevorming dan maar geaccepteerd moet worden. Wat mij ook trof was dat ik hier ook lees over een systeem van wegstoppen van kritische opmerkingen over de gevolgen van immigratie bestaat. En uw stelling dat het er in Duitsland beschaafder aan toe gaat klopt wel, maar ze hebben natuurlijk wel, gelet op de geschiedenis, een grote angst dat ze verwijten krijgen over racisme. Wat onder de oppervlakte leeft? Ik weet het niet, maar dat beschaafde is waarschijnlijk ook wat kunstmatig (maar het is wel beschaafd).

Een ander punt waarin verschil is, is de aard van de immigranten. Wij hebben voornamelijk last van onaangepast gedrag door Marrokanen, Belgie en Frankrijk ook. Ik Nl wordt toch eigenlijk weinig geklaagd over turken. In Duitsland wonen vooral Turken, dat maakt misschien ook verschil voor de mate van onvrede.

Het blijft allemaal moeilijk, die integratieproblematiek. Wat mij als Justitieambtenaar, ik zie allerlei onthutsende dossiers, stoort, is dat over mensen die zich zorgen maken zo polariserend gesproken wordt. Het polariseren is van beide kanten, u merkt dat op. Laatst nog polarisatie in een hoofdartikel van de NRC waar voor de zoveelste keer geschreven wordt over xenofobie. Hiermee trek je het moreel gezag naar je toe, want de schrijver is natuurlijk te verstandig om xenofoob te zijn. Nee xenofoob zijn de mensen die bekrompen zijn. Misschien een idee voor u om eens een beschouwing te wijden aan xenofobie, wanneer is daarvan sprake? Als ik allerlei problemen zie, word ik weggezet als xenofoob. En ik kan u zeggen dat ik mij buitengewoon gegriefd voel als ik zo word weggezet. Misschien ben ik het wel. Hoewel met een paar jaar werken in het buitenland heb ik relativiteit in mijn meningsvorming. Maar om je argumenten zo kracht bij te zetten (ook”hatelijk populisme” is een voorbeeld, vind ik) met anderen als xenofoob te kwalificeren, dat vertroebelt de discussie, u noemt dat ook in uw stukje. We moeten daar heel voorzichtig mee zijn.

Maar goed, hieronder de Duitse tekst. Ik heb ervan genoten.

Met hartelijke groet,

Willem Ruitenberg

Kommentar
Kopftuchmädchen

Von Volker Zastrow

DruckenVersendenSpeichernVorherige Seite

linkfurloneviewyiggwebnewsfacebookwongdeliciousdigg

03. Oktober 2009 Der Nächste bitte. Diesmal ist es Thilo Sarrazin, der ehemalige Berliner Finanzsenator. Sarrazin hat in einem langen, gedankenreichen, wilden Interview in der Intellektuellen-Zeitschrift „Lettre International“ eine Art Summa seiner Berliner Jahre gezogen – es war einer von zahlreichen Beiträgen in einem der Hauptstadt gewidmeten Sonderheft. Inzwischen ist der Sozialdemokrat in Frankfurt, im Vorstand der Bundesbank, deren Präsident ihn kaum verblümt zum Rücktritt aufgefordert hat. Auch die Staatsanwaltschaft prüft schon, ob Sarrazin beispielsweise hätte sagen dürfen: „Ich muss niemanden anerkennen, der vom Staat lebt, diesen Staat ablehnt, für die Ausbildung seiner Kinder nicht vernünftig sorgt und ständig neue kleine Kopftuchmädchen produziert.“ Und da gab es noch eine ganze Reihe ähnlicher drastischer Sätze.

Natürlich ist das provozierend; kein Wunder, Sarrazin hat sich noch nie den Schnabel verbiegen lassen und dabei so manches Mal Grenzen überschritten: solche des guten Geschmacks vielleicht, der Höflichkeit, womöglich auch nur die Grenzen der gepflegten Gleichgültigkeit und des tiefempfundenen Desinteresses, das in dieser Republik unter Toleranz firmiert. Wie Sarrazin sich ausdrückt, kann verletzend wirken, es wäre nicht das erste Mal; doch kann man überhaupt Unwillkommenes aussprechen, ohne zu verletzen? Und sei es den inneren Frieden, die Gewohnheiten, die Gewissheiten derer, die vor allem nicht gestört werden wollen? Kann man über Verdrängtes sprechen, ohne zu verletzen? Kann man Missstände benennen, die Wahrheit sagen, ohne zu verletzen?

Wer aus der Reihe denkt, wird ruhiggestellt

Mag sein, dass man das kann. Aber man muss nicht. Unserer Gesellschaft scheint inzwischen etwas vorzuschweben wie ein moderierter Diskurs, in dem jeder Inhalt sich der Etikette zu beugen hat. Wobei Etikette längst in Wahrheit nicht wirklich meint, wie etwas gesagt wird, sondern was. Das erkennt man daran, dass denen, die dagegen verstoßen, sofort mit dem Berufsverbot gedroht wird, dem Strafrecht gar, dass ihnen nicht widersprochen wird, sondern dass sie nicht mehr sprechen sollen. Es soll Redefreiheit nur im Rahmen dessen geben, was man hören möchte. Der Zusammenhang zwischen Redefreiheit, Meinungsfreiheit und Demokratie: den meisten scheint er gar nicht mehr bekannt. Aber auch der zwischen offenem Wort, offenem Denken, Einsicht oder gar Umkehr.

Jahre nach der großen Kulturrevolution der sechziger Jahre ist an die Stelle der geschleiften Autoritäten ein anonymer, konturenloser Schleim getreten, die verallgemeinerte Autorität, aus dem je nach Bedarf wie Formwandler Gestalten springen und Verdikte verkünden, gegen die keine Berufung eingelegt werden kann. So wird aber auch die Gedankenfreiheit untergraben, das unabhängige Urteil entmutigt.

Zum Thema

*

Bundesbankchef legt Sarrazin persönliche Konsequenzen nahe
*

Türkische Gemeinde nimmt Entschuldigung von Sarrazin an
*

Sarrazin entschuldigt sich
*

Sarrazin-Interview: Bundesbank in Aufruhr

Maß und Mitte, sagt der niedersächsische Arbeitsminister Philipp Rösler von der FDP, lasse Sarrazin vermissen, und allein durch seine Äußerungen (die Rösler im Zusammenhang mutmaßlich nicht einmal gelesen hat) habe der Exsenator „alle Integrationsbemühungen der letzten fünf Jahre“ kaputtgemacht. Wirklich nur alle? Nicht vielleicht doch ein paar mehr? Und wirklich nur der letzten fünf Jahre, nicht eher fünftausend?

„Äußerungen gewinnen immer dann ihre Dynamik, wenn sie den Kontext verlassen“, hat Sarrazin selbst einmal gesagt. „Aber ich kann doch nicht jedes Mal, bevor ich irgendetwas sage, darüber nachdenken, wie es wo ankommen könnte.“ Das aber wird verlangt. Es gilt als „politikfähig“. Politikfähigkeit durchströmt die hohltemperierte Gesellschaft wie lauwarmes Wasser, angefangen mit den Politikern selbst, sind alle politikfähig im Übermaß; wer aus der Reihe denkt, löst umgehend Alarm aus und wird ruhiggestellt.

Merkwürdig: Der Konformitäts-, Leistungs-, Anpassungsdruck in unserer aller äußeren Autorität entkleideten Gesellschaft scheint nicht schwächer, sondern stärker geworden zu sein. Das beginnt schon in der Schule, im Kindergarten, im Mutterleib, in der Petrischale, wo nur die Tauglichsten überleben dürfen. Und niemand ist verantwortlich; Instanzen, gegen die sich ein Aufstand richten könnte, gibt es nicht mehr, sie haben sich in Wohlgefallen aufgelöst. Wehe, wenn da einer stört.

Viel von dem, was Sarrazin gesagt hat, stimmt. Er hat es hart gesagt, grob, holzschnittartig, mitunter grausam, aber vieles davon stimmt. Man kann es auch rundweg für falsch halten; schließlich hat jeder das Recht, zu glauben, dass Berlin im Grunde keine oder nur sehr überschaubare Probleme mit seiner türkischen und arabischen Bevölkerung hat, oder falls sie doch größer sein sollten als vermutet, kann man ja auch am Starnberger See wohnen statt in Neukölln. Aber in Wahrheit werden die Zonen des Unsagbaren immer weiter ausgedehnt, wird die Redefreiheit von der Redeform abhängig gemacht, die Meinungsfreiheit konfektioniert. Ach ja, die Bundesbank. Furchtbar. Wehe. Fehlt nur noch ein Merkelwort.

Text: F.A.Z.

emile vonken

Geachte Heer Heijne,

Uw registratie , mn het beleefde verschil tussen het huidige Duitsland en het , “nieuwe” Nederlandse cultuurgoed is inderdaad een opmerkelijke en zeer terechte .
De inderdaad onder veel Medelanders in zwang zijnde opinie van “cultureel” 10 jaar vooruitlopen van Nederland op andere landen , terzake van de integratiedebat , in de praktijk veelal in het gunstigste geval allobashing als hoogste kwalificatie , kan in ieder geval niet worden afgeleid uit groot historisch besef .

Deze praktijk mn het gestructureerde ervan , is immers door de eeuwen heen een beproefd middel geweest om nadelige economische /maatschappelijke situaties in een dorp, stad ic land van een gemakkelijke , “common cause ” te voorzien , zijnde de generieke “vreemde” , waarbij feitelijke onderbouwing uiteraard niet zo hard nodig was daar het “vreemde gasten” betroffen waarbij “gast” in die samenstelling van 2 woorden een versterkende ,uiterst negatieve onderstreping had/heeft …..
Recente uitwassen ervan ,reeds in de jaren 30 van de vorige eeuw , toen het begrip integreren nog beperkt werd gehanteerd , enkel voor wiskundige berekeningen, vormden bepaalde Heren in ons directe buurland mn Julius Streicher met zijn tijdschrift “Der Stürmer ” de tot op heden ongeslagen kampioenen van onderstreping van Eigen Cultuurgoed op een wijze die slechts in het gunstigste geval ,bij hoge uitzondering , diplomatiek als allo-bashing kan worden benoemd.
Kortom , het heeft er helaas schijn van , dat het nu in zwangzijnde , “nieuwe Nederlandse cultuurgoed “,i.p.v. 10 jaren “vooruitlopen” eerder wellicht bijna 80 jaren naijlt op een oude (buur) cultuur waarvan een aantal kenmerken mn gestructureerde uitvoering ervan ,algemeen onderkend en als zodanig veroordeeld door de “Gehele Beschaafde Wereld” , nog los van de bekende uiteindelijke gevolgen daarvan , geen pleidooi vormen voor openbare nastreving ervan ..
Voor onze oosterburen en de rest van de wereld lijkt dat inderdaad zondermeer gesneden koek !
Noot : Uitzonderlijke “Niet-beschaafde landen” die deze “oude” materie niet onderkennen of niet veroordelen , lopen het risico dat Beschaafde Staatshoofden of haar vertegenwwoordigers tot op de dag van vandaag weglopen als deze landen internationaal een toespraak houden.

Ps : Dankzij algemene wereldbekendheid van het woord “Apartheid” en de taaloorsprong ervan ,hebben wij reeds al genoeg voorsprong .. gehad,om er maar eens ééntje te noemen ..
Het nu kennelijk ook nog nu nastreven/cultiveren van een “Hollandse” Julius Streicher- status, anno 2000+ , ( als “nouveauté”! ) is wel hele ouwe ,internationaal niet te verhapstukken koek ….; lijkt nu wel tijd voor inburgeringscurssen voor mensen belast met het beheer van Eigen Volk Eerst -beheerders .

Groeten & veel succes
Emile Vonken

Bob Koeman

Beste heer Heijne,

ik wil hier mijn bewondering vermelden voor de zelfzaam beknopte en heldere analyse van de toestand van Nederland in de column “Duitsland gidsland”. Hoe zou ons land er voor staan als er wel politici waren die een coherente analyse van de huidige situatie konden produceren en daar ook nog een heldere toekomstvisie bij zouden bedenken? Ik vrees dat gezag alleen kan gedijen als “men” tegen het gezag kan opkijken, bijvoorbeeld vanwege de intelligentie waarmee een situatie beoordeeld wordt en maatregelen genomen worden. Er moet waarde toegevoegd worden om het eens in bedrijfsmatige termen te zeggen, en die waarde moet niet iedereen ook kunnen verzinnen of tegenspreken. En die toegevoegde waarde moet vervolgens niet in hoogdravende taal en partijpolitiek geleuter naar voren gebracht worden, een kunst die Frau Merkel blijkbaar verstaat. Wie van onze politici zou zoiets kunnen?

C.Bos

Nederland heeft grote moeite met zijn rol als middelgrote natie, midden tussen de hoofdrolspelers van Europa: Duitsland, Engeland en Frankrijk. Voor de snelle treinverbinding van Amsterdam naar Parijs wordt een beveiligingssysteem gekozen dat afwijkt van die in België en Frankrijk terwijl het stuk tussen Antwerpen en Brussel niet wordt uitgevoerd. De Betuwelijn wordt niet uitgevoerd als een verlengstuk van de Duitse spoorwegen. Voor de communicatie bij rellen of brand ontwikkelt Nederland een eigen systeem C1000. Deze Nederlandse ontwikkelingen zijn geldverspilling omdat de toepassingsmarkt te klein is om deze ontwikkelingskosten te dragen, ze duren lang en het resultaat is niet te onderhouden.
Deze Nederlandse houding van beter willen weten dan de grote buurlanden is funest voor onze integratie in Europa. Nederland zegt dat globalisering moet maar weigert de Europese integratie te accepteren en te gebruiken in de dagelijkse gang van zaken. Met als huidig dieptepunt de weigering om de afspraken met België over het uitdiepen van de Westerschelde na te komen. Nederland is geen gidsland maar een eigenwijs landje die zijn plek in europa niet kent

Kees Zwaga

Beste Heer Heijne,
Zoals steeds weer met belangstelling uw column gelezen.
Ik heb slechts één vraag: waar vind ik de integrale tekst van de rede van mevrouw Merkel?
bij voorbaat dank voor uw hulp,
Kees Zwaga

Frank Lenssen

Dit is een heldere, uitstekend geschreven column. Dat niveauverschil is er. Als een politicus steeds populairder wordt met ordinair gescheld, en het in de rede vallen van anderen die proberen een zin te bouwen van meer dan drie woorden, dan is er iets grondig mis. Ik kan niet in het hoofd van ‘de’ PVV-aanhanger kijken, maar wat me zo links en rechts bereikt heeft is inderdaad haat en nijd, gericht op intellectuelen in hun vermeende ivoren torens, elke vorm van beschaafd idealisme, subsidiërende instanties voor moeilijk toegankelijke kunstvormen en ontwikkelingshulp, enzovoort.

Onze protestkiezers draaien immer dezelfde grammofoonplaat af. Men begint de rechten van vrouwen en homo’s te verdedigen, alsof men die zelf vorig jaar uitgevonden had. En onveranderlijk koerst men na een schimmig betoog over de nadelen van integratie op de eigen portemonnee af. Men lijkt er onwrikbaar van overtuigd dat er nooit een ramp in het eigen leven zich zal voordoen. En dus moet alle ‘soepsidie’ (let op de spellingskeuze, die een diepe gemeenheid verraadt) afgeschaft worden.

Ik heb sterk de indruk dat onze opstandelingen beïnvloed zijn door zeer rechtse Amerikaanse websites. Het taalgebruik, de zinsbouw, het lijkt rechtstreeks overgenomen; en men lijkt redelijk goed op de hoogte van het ‘gedachtengoed’ van Ayn Rand en Milton Friedman.

Maar de gebrekkige argumentatie doet nog wat anders vermoeden: dat het internet een Babylonische spraakverwarring veroorzaakt. Ieder doet naar eigen inzicht aan cherry picking, i.e. men betrekt zeer fragmentarische ‘kennis’ van her en der om de eigen slecht verwoorde, schelderige betogen kracht bij te zetten. Soms is dat humoristisch, maar veel vaker is het naargeestig.

Volgens mij overigens is de sociale kaalslag in het Duitsland onder kanselier Gerhard Schröder groter geweest dan in Nederland onder Balkenende. Maar misschien gunnen de Duitsers elkaar meer, en is het plafond van de materiële wensen onder veel Nederlandse kiezers wel erg hoog geworden.

(kijk eens op http://www.freerepublic.com voor een onthullend inkijkje in de wereld van rechts Amerika)

Rutger Kuiper

Een heel helder en meer dan voortreffelijk verhaal, het is me uit het hart gegrepen. Ik vind ook de vergelijking met Duitsland buitengewoon relevant als een spiegel die we onszelf kunnen voorhouden.

In Nederland hebben we altijd een soort meerderwaardigheidsgevoel gehad t.o.v. Duitsland in termen van democratische gezindheid, maatschappelijke organisatie en wellevendheid. Als dat al ooit zo geweest is (onze ouders en grootouders hadden ongetwijfeld reden om dat te vinden), dan zijn de rollen inmiddels wel omgedraaid. Dat blijkt inderdaad (ondermeer) wel uit de recente Duitse verkiezingen, waar toch wel degelijk wat op het spel stond, maar waar niet de in NL zo gebruikelijke narrigheid, agressie en grofheid werd gebezigd.

Ik werk voor een Hamburgse firma, en verkeer dus geregeld onder Duitsers. Over het algemeen waardeer ik de Duitsers zeer, als beleefd, prettig in de omgang, competent en slagvaardig. Interessant is dat ik in Duitsland van verschillende kanten een veranderde mening over Nederland beluister. Was Nederland voorheen nog een land waar met interesse naar keek om te zien hoe politieke, economische en maatschappelijke issues konden worden opgepakt, nu is de teneur toch wel dat Nederland totaal de weg is kwijtgeraakt. Ik ben het daar hartgrondig mee eens, meer valt daar niet over te zeggen.

Inderdaad, Duitsland als gidsland. Misschien moesten we maar een voorbeeld aan onze Oosterburen nemen.

Ben van den Enden

@4 Anne Jongeling:

…Er is … nog niet één bestuurder geweest die in een glashelder betoog duidelijk heeft kunnen maken wat wij nou precies hiermee zijn opgeschoten, met onze filantropie.

Decennia lang in Hollandse hoofden blijven hameren dat we een stel lamzakken zijn als we niet belangeloos blijven meewerken aan het ethisch principe, heeft consequenties. Die consequenties worden nu omschreven als ‘wrok, gekte, idioterie’ etc etc etc en Heijne voegt er nu weer hoogmoed, onbeschaafdheid en sociale nijd aan toe.

Dank. We zullen het op het lijstje zetten van ’slechte eigenschappen van die abjecte Nederlanders’.

Hear,hear! And hear again…

anton haas

@ Frank Lenssen:
In de rede vallen?
Het is zelfs zo erg, dat een op het punt van spreken staande politicus al in de rede wordt gevallen, voordat hij ook maar een woord heeft gezegd. Weet u dat nog wel? Kereltje Pechtold zag de camera’s op Wilders gericht draaien en begon al met zijn one-man-show voordat Wilders ueberhaupt iets had gezegd. Kamervoorzitter Verbeek vond dit staaltje van onfatsoen blijkbaar door de beugel kunnen, want het kereltje werd niet terecht gewezen.
Dan heb ik inderdaad meer respect voor de duitse politici, die elkaar zelfs het woord gunnen in elke talkshow c.q. discussieprogramma.

Laurens de Graaf

Geachte heer Heijne,

Duitsland gidsland? Alleen al het feit dat er eens wat positiefs wordt geschreven over andere landen dan de VS en Engeland juich ik van harte toe. Typisch vind ik dat er bijv. nog eerder naar een vertegenwoordiger van de grootste milieuvervuiler van de wereld (VS) in de persoon van Al Gore wordt geluisterd als het gaat om milieudefensie dan dat er belangstelling is voor de forse stappen, die onze oosterburen op dit punt maken. De reactie van de groep studenten in Berlijn op het Duitse integratiedebat was ook veelzeggend.
Nogmaals dank en brengt u aub uw collega’s ook eens op het idee minder westwaarts te kijken.
Met vriendelijke groeten,
L. de Graaf

C. Rocour

Of Duitsland gidsland is weet ik niet. Dat de positie van Nederland op het Europees en wereldtoneel een stuk minder beduidend is dan de Nederlander zelf doorgaans denkt is me wel zeer duidelijk. De invloed is minimaal en relevante posities worden in afnemende mate bekleedt. De reden is de eigen blindheid en mateloze overschatting van eigen kunnen. Dus ja, die arrogantie in de analyse herken ik wel. Of is het intellectuele armoede waarin critici, politici, journalisten of commentatoren nauwelijks verder komen dan elkaar of problemen te labellen in plaats van inhoudelijke te fileren en op te lossen (Heije ook weer in zijn artikel). Of is het hopeloos gebrek aan zelfreflectie, tomeloze zelfoverschatting die ook aan de dag wordt gelegd, zoals die ook al voetbaltoernooien lang geetaleerd wordt als het op de titelkansen van ‘onze voetballers’ aankomt?
Om een politiek voorbeeld te noemen van stekeblindheid: we schuiven Balkenende naar voren als onze kandidaat als voorman voor Europa. Massaal denken de Nederlanders, het gros van het journaille en commentatoren dat ‘we’ een goede kans maken. Ik begrijp daar niets van. Ik vind dat een heel brutale keuze, dat wel. Was Balkendende niet de leider van een land dat Europa’s grondwet niet verkocht kreeg, was hij niet de leider van het kabinet dat buurland Belgie treitert i.p.v. samenwerkt en de regio als distributiecentrum slagkracht geeft, was hij niet de man die met Poetin een gascontract afsloot om wat euro’s te verdienen, terwijl wij (nog) voldoende gas hebben en andere Europese landen uit geo-politieke belangen besloot geen zaken te doen met Ruslands gewezen premier. Is Balkenende tenslotte niet de man wier kabinet het Europese Midden-Oosten beleid torpedeert tegen de zin in van zowat alle Europese bondgenoten? De man wier kabinet zo graag een Amerikaans gevechtstoestel moet kopen terwijl er een goed Europees equivalent is enz.
Nee, je hoeft het niet overal mee eens te zijn om een Europese leider te zijn, maar als je je op zo weinig fronten Europees betoont en alleen als principeloze koopman optreedt ten koste van Europa maak je weinig kans een Europese rol te spelen. Behalve als je blind bent natuurlijk. Dan ben je helemaal fantastisch als land, je kandidaat incluis, en is de winnende kandidaat een sukkel. Lekker slapen allemaal. Of je wakker bent of niet, relevant is het niet als we stekeblind rondzwalken in een steeds kleiner wordend land van zelfgenoegzaamheid en zelfgenoegzame onvrede.

Volg nrc.nl op en , lees onze dagelijkse nieuwsbrief