|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
HOOFDARTIKEL - Zaterdag was Dodenherdenking en zondag Bevrijdingsdag, momenten waarop Nederland stilstaat bij de Tweede Wereldoorlog. Bij uitstek een moment van morele bezinning, op vragen van goed en kwaad. Joden zijn uit Nederland afgevoerd, verzetsmensen hebben het uiterste offer gebracht, militairen zijn voor de vrijheid van Nederland gestorven. Dat we zestig jaar later een vrij en welvarend land zijn, in een Europa van partners, zonder dreiging van nazisme of communisme, is een groot goed, dat als te vanzelfsprekend wordt ervaren.
Feyenoord kreeg woensdagavond waar het op hoopte, het Nederlandse voetbal kreeg wat het niet meer verwachtte en Rotterdam deed wat het moest doen: rustig blijven. De stad vormde het merkwaardige, want dubbele, decor van rouwenden om Pim Fortuyn en feestvierders die Feyenoords eerste Europese cup sinds 28 jaar bejubelden.
Het besluit van het kabinet de parlementsverkiezingen volgende week woensdag doorgang te laten vinden, doet recht aan het vertrouwen in de kracht van het politieke bestel en de nuchterheid van de kiezers. Hoe aangeslagen mensen ook zijn, de moord op Pim Fortuyn heeft hierin geen verandering gebracht.
Rotterdam, de stad waar de politieke zegetocht van Pim Fortuyn begon, heeft gisteren en eergisteren massaal en waardig eer betoond aan zijn vermoorde medeburger. Het stadsbestuur, in het bijzonder burgemeester Opstelten, heeft de emoties op de juiste manier gekanaliseerd. Opstelten opende onmiddellijk na de moord op Fortuyn het Rotterdamse stadhuis, zette in de hal tafels en stoelen neer en gaf het toestromende, geschokte publiek de gelegenheid de condoleanceregisters te tekenen.
Een politieke aardbeving in Nederland. Hoeveel op de schaal van Richter is nog onduidelijk. Het epicentrum is wel bekend: Rotterdam. De kiezers hebben daar de traditionele bestuurscultuur op een haar na gevild. De PvdA, die de havenstad decennialang in handen had, is gereduceerd tot het landelijk gemiddelde. En de VVD, die sinds vier jaar weer de burgemeester levert, is nog net geen splinterpartij geworden. Alle partijen zijn verslagen door Leefbaar Rotterdam en het bliksemoffensief van lijsttrekker Pim Fortuyn die er zelfs in is geslaagd kiezers te mobiliseren die vier jaar geleden nog verstek lieten gaan. Want behalve het feit dat Fortuyn met 17 zetels nu de grootste is, is ook de opkomst in Rotterdam een signaal: 6 procent meer dan in 1998. De schokgolven zijn niet tot het epicentrum beperkt gebleven. In bijna alle grote steden hebben de partijen die zich tooien met een lokaal leefbaarheidsetiket de raadsverkiezingen gewonnen. Ook in Almere, Apeldoorn en Eindhoven zijn de leefbaarpartijen vanuit het niets de grootste geworden. In Haarlem zijn ze daarin op één zetel na geslaagd. In Den Haag zijn de leefbaren nu de vierde partij. Overal zijn VVD, PvdA, GroenLinks en soms de SP het slachtoffer. Alleen het CDA is overeind gebleven.
Er is één geruststellende gedachte: het per gemeente variërende beeld bij deze verkiezingen wijst er in ieder geval op dat de kiezer op lokaal niveau zich niet al te zeer van de wijs heeft laten brengen. Bovendien was de opkomst alleszins redelijk. Dat betekent dat lokale issues gelukkig wel degelijk een belangrijke rol hebben gespeeld en we dus nog altijd mogen spreken van raadsverkiezingen.
Nog tien weken resten de gevestigde partijen die gisteren zo zwaar verloren om te recupereren. In die periode moet blijken of het slagveld dat Fortuyn en de Leefbaren gisteren wisten aan te richten de opmaat vormt voor iets soortgelijks aan het Binnenhof. Duidelijk is dat de campagne voor de Tweede-Kamerverkiezingen geheel gedomineerd zal worden door het verschijnsel Fortuyn. Tot nu toe bestond hij nog slechts in de peilingen. De uitslag van de raadsverkiezingen heeft laten zien dat de Fortuyn/Leefbaar-beweging niet langer genegeerd kan worden. Er is nu een feit gecreëerd.
Moeten er nog gelijkenissen zijn? In de tweede stad van Nederland, havenstad en groeipool Rotterdam, stemt een derde van de kiezers voor een charismatische en slimme populist, die de gevestigde orde uitdaagt met politiek niet-correcte standpunten over migranten, islam en veiligheid. Door zijn succes dwingt hij de verslagenen in een vreselijk dilemma. Ze kunnen hem mee in het bad nemen in de hoop dat hij snel zijn aantrekkingskracht verliest. Of, de zuivere optie, ze kunnen hem negeren en isoleren. Maar dan moeten ze, verzwakt en verdeeld, voortmodderen, wachtend op de volgende afstraffing.
De dag na de avond van de verkiezingen ligt Rotterdam er uiterlijk onveranderd bij. Op de Lijnbaan winkelt de multiculturele samenleving, de dealers op het Stationsplein zijn nog even brutaal en de Nieuwe Maas mondt als Waterweg bij de Hoek net zo in zee uit als vóór de komst van Pim Fortuyn. Maar op het politieke slagveld is de ravage immens en de verandering compleet. Decennialang maakte de Partij van de Arbeid in deze stad van noeste werkers de dienst uit. De wederopbouw, het wonder van de grootste haven ter wereld, de bestuurscultuur van weinig woorden en grote daden, gedragen door een bevlogen college van burgemeester en wethouders dat de publieke zaak was toegedaan – dit alles leek hier het monopolie van de socialisten. Jarenlang was de Maasstad hun heimelijke trots: rood zijn en daadkracht tonen, geld verdienen met de haven om het terug te ploegen in die schitterende, onvolmaakte stad.
Ad Melkert is hardleers. Hij zette zich in het eerste lijsttrekkersdebat met Fortuyn neer als een chagrijnige machthebber, die het debat met een gewone schreeuwlelijk en nieuwkomer maar te min vindt. Dat terwijl hij in zijn eigen partij had kunnen leren van de afstraffing van kandidaat-voorzitter Sharon Dijksma. Deze door de partijtop vooruitgeschoven Haagse praatpop werd hardhandig de kop afgehakt, en de meer integere underdog Ruud Koole werd tot nieuwe voorzitter gekozen. Verantwoordelijk hiervoor waren de congresafgevaardigden, die volgens cultuurhistoricus Thomas von der Dunk behoren tot de ,,verloren generatie'', een generatie dertigers en veertigers die zich belazerd voelt door de ,,protestgeneratie'' uit de jaren zestig die nu nog aan de macht is.
De houding van de belangrijkste paarse politici tijdens het lijsttrekkersdebat woensdagnacht na de gemeenteraadsverkiezingen was niet louter een tactische fout. Het was erger. Het was een uiting van een soort politieke surseance. En het is niet onopgemerkt gebleven. Ongeveer één miljoen stemgerechtigden zijn ervoor opgebleven. Circa 15 procent van de kiezers – het kernelectoraat – heeft gezien hoe PvdA-leider Melkert zich in woord en gebaar gedroeg, hoe VVD-leider Dijkstal op de vlucht sloeg, hoe Pim Fortuyn-leider Fortuyn zout in de wonden smeerde.
Pim Fortuyn is weg bij Leefbaar Nederland. Beter gezegd: lijkt weg. Zelf houdt de veelbesproken lijsttrekker er rekening mee dat hij alsnog een leidende rol kan spelen in de partij, die tot afgelopen vrijdag in de peilingen op niet minder dan 22 zetels kon rekenen. Belangrijker is echter zijn belofte dat de kiezers op 15 mei hoe dan ook op hem kunnen stemmen. Wat dat betreft zijn de opgeluchte reacties van de gevestigde partijen op het vertrek van Fortuyn als aanvoerder van Leefbaar Nederland dan ook tamelijk voorbarig.
Hij vond misschien dat hij niet ver genoeg was gegaan. Pim Fortuyn keek de beide Volkskrant-journalisten nog een keer goed aan. Hij had al een tijdje georeerd over wat er mis was met Nederland: het poldermodel, de gezondheidszorg, Paars, de krullenbollen van D66; uitgekauwde thema's waar Pim zich blijkbaar al een tijdje mee verveelt, want er komt niks nieuws ter tafel dat hij niet al heeft gezegd. Misschien voelde hij dat de aardigheid er wat dit betreft nu echt vanaf was.
Sinds gisteren kent ook de Nederlandse politiek haar onvoorspelbare outsider. In overgrote meerderheid gaf het congres van Leefbaar Nederland steun aan Pim Fortuyn als lijsttrekker van de partij bij de verkiezingen van volgend jaar. Daarmee staat nu reeds één ding vast: kleurrijker zal de verkiezingsstrijd zeker worden. Dat de `Leefbaar-beweging' electoraal potentieel heeft, hebben lokale verkiezingen de afgelopen jaren bewezen. Met sterk bij de kiezer levende plaatselijke onderwerpen wisten de Leefbaar-partijen in zowel Utrecht als Hilversum uit te groeien tot niet te negeren gemeenteraadsfracties. De lokale identificatie bleek het unieke punt van de Leefbaar-partijen. Juist daarom was de vraag dan ook met welk onderwerp de plaatselijke politieke pioniers verenigd in Leefbaar Nederland zich op landelijk niveau zouden kunnen profileren. Maar heel slim is echter voor de Tweede-Kamerverkiezngen gekozen voor een in het oog springende figuur in de persoon van Pim Fortuyn. Een persoon overigens waar zoals uit zijn vele publicaties blijkt, ook tal van onderwerpen aan vastzitten.
Lang gewacht, niet gekregen. Sinds gisteren ligt het verkiezingsmanifest van Pim Fortuyn in de winkel. De titel en ondertitel klinken manhaftig: De puinhopen van acht jaar paars. Een genadeloze analyse van de collectieve sector en aanbevelingen voor een krachtig herstelprogramma. 'Puinhopen', 'genadeloos' en 'krachtig' zijn trefwoorden waar zijn electoraat van houdt, bleek vorige week in Rotterdam en andere grote en middelgrote steden. In zijn nieuwe boek - met €14,95 het duurste verkiezingsprogramma aller tijden - doet Fortuyn er nog een paar schepjes bovenop. Nederland lijkt volgens hem op ,,het Irak van Saddam Hoessein en andere dictaturen''. Dat is een dolzinnige vergelijking. Want Fortuyn roemt in hetzelfde boek de ,,voorbeeldige democratische gezindheid'' van Nederland. Het probleem is hooguit dat dit land in handen is gevallen van ,,incestueuze'' regenten: ,,zieke en hypocriete'' politici, bestuurders en commissarissen met een ,,grote bek'' of anderszins ,,malloten'' en ,,zo rot als een mispel''. Zijn strijd tegen dit ,,regentendom'' is ,,burgerplicht''. Vandaar dat 'ik' een van de meest gebruikte woorden is in De puinhopen van acht jaar paars.

AEX: 338,65 

