Daarna hield hij een brood omhoog. „De prijs van tarwe is sinds vorig jaar 120 procent gestegen. De prijs van een brood is voor veel mensen meer dan verdubbeld. In Jemen betalen mensen een kwart van hun dagelijkse inkomen voor een brood.”
Zelden waren bijeenkomsten van de Wereldbank in Washington zo concreet. „Praten en plannen maken volstaat nu niet meer. Het is tijd voor actie”, zei Zoellick.
De voedselprijzen en de daardoor veroorzaakte rellen en stakingen in de armste landen staan bovenaan op de agenda van de traditionele voorjaarsbijeenkomst van het Internationaal Monetair Fonds (IMF) en de Wereldbank. Die wordt dit weekeinde in Washington gehouden. Voedselprijzen zullen ook hoog op de agenda staan van de G7-bijeenkomst, die vandaag in Washington is.
Deze week publiceerde de Wereldbank een rapport over de oorzaken en oplossingen van de voedselcrisis. In de Economic Outlook die het IMF uitbracht, werd uitgebreid stilgestaan bij de gevolgen van klimaatverandering voor de armste landen. „Arme landen zullen eerder én harder geraakt worden door klimaatverandering, vanwege hun geografische ligging, hun grotere afhankelijkheid van landbouw en hun beperkte vermogen zich aan te passen Hun gezondheidszorg en drinkwatervoorziening kunnen onder druk komen te staan door natuurrampen, zoals overstromingen, waardoor de bevolking weg trekt”, aldus het IMF.
Daarbovenop kwam de noodkreet van de Britse premier Gordon Brown dinsdag aan zijn Japanse collega verstuurde. Japan is voorzitter van de groep van grote industrielanden. Brown riep op tot wereldwijde actie, waarbij de Verenigde Naties, het IMF en de Wereldbank samen de problemen moeten bestrijden. Hij pleitte onder meer voor gerichte financiële steun aan de allerarmsten, de efficiency van de landbouw vergroten en een onderzoek naar andere vormen van biobrandstoffen, die níet ten koste gaan van de voedselproductie.
Zijn oproep werd bijna met gejuich ontvangen in Washington. Zowel IMF-voorzitter Dominique Strauss-Kahn als Zoellick van de Wereldbank prezen Brown. Strauss-Kahn, die een kopietje van de brief had ontvangen, verzekerde de pers dat op de bijeenkomst van de G-7, vandaag, de voedselprijzen hoog op de agenda zullen staan. Hij toonde een wereldkaart waarop te zien is wat de effecten van de hoge voedselprijzen zijn op de economische groei in 2007 en 2008. Veel landen in Afrika en Azië leveren een procent of meer van hun groei in door de hoge voedselprijzen. Landen in Europa, Midden-Amerika en delen van Azië leveren tot een procent in. De 'profiteurs' van de voedselcrisis zijn de exporterende landen: Delen van Zuid-Amerika, Rusland, Noord-Amerika, Australië, allemaal gaan ze er op vooruit.
Zoellick hoopte dat mede dankzij Brown er een „momentum” zou ontstaan. Hij zei dat zijn bank al volop bezig is de problemen te bestrijden. Zo kwam er 10 miljoen dollar aan noodhulp voor Haïti, waar deze week vijf doden vielen bij rellen. Ook is Zoellick in gesprek met de rijke staatsfondsen uit landen als China en de Arabische Emiraten om hen te bewegen 1 procent van hun geld ter beschikking te stellen aan de armste landen.
„De huidige crisis in de voedselprijzen heeft nu al grote gevolgen”, zei Zoellick. „De armoedebestrijding van de afgelopen zeven jaar wordt er door teniet gedaan.” Zoellick verwacht dat de hoge voedselprijzen geen tijdelijk fenomeen zijn. De beste oplossing op dit moment is volgens hem om extra geld te geven aan de mensen die het hardst geraakt worden door de hoge prijzen. „Zo wordt voorkomen dat de productie van voedsel wordt afgeremd en de inkomsten van de arme voedselverkopers blijven op peil", zei hij. De Wereldbank heeft al toegezegd dat het de leningen aan de Afrikaanse landbouwsector zal verhogen en private initiatieven in die regio zal steunen. Voor de lange termijn moet alles op alles gezet worden om de productie van voedsel te vergroten en handelsbarrières te slechten, menen Wereldbank én IMF.

AEX: 341,95 





