Inhoudelijk, dat wil zeggen militair en bondgenootschappelijk, blijven er krachtige argumenten om ondanks alle bezwaren toch naar Uruzgan te gaan. Deze krant was daarvan aanvankelijk, en onder de toen heersende omstandigheden, geen voorstander. Maar de afgelopen weken is er het nodige veranderd. De eisen en voorwaarden die de Tweede Kamer en anderen aan de missie verbonden zijn deels gehonoreerd. Het is te zuinig, maar het is beter dan niets. Dan blijft het een gegeven dat Afghanistan het alleen niet redt in zijn strijd tegen de terroristen en Talibaan-strijders. Het is een westers, en dus Nederlands, belang om het land weer in het gareel te krijgen. De Nederlanders moeten orde en veiligheid brengen waar de Britten, de Russen en de Amerikanen faalden. Dat wordt dus duimen voor de troepen. Vraagtekens blijven er genoeg. Over de kwestie met de krijgsgevangenen en hun mogelijke verbanning naar Guantánamo Bay. Over de financiering van dergelijke peperdure operaties. En over de termijn, want over twee jaar zal Uruzgan nog niet zijn gepacificeerd.
Eén ding is wel duidelijk. Anders dan bij voorgaande militaire missies is de Kamer doordrongen van het besef dat er wel eens slachtoffers kunnen vallen. Meedoen in het 'hoogste geweldsspectrum' kan lijkzakken noodzakelijk maken. Deze kennis stemt nederig. Het dwingt de politiek tot rust en eensgezindheid, in het belang van de militairen. De teerling is geworpen, maar hún werk moet nog beginnen.

AEX: 338,65 



