Ben Tiggelaar: Management-bashing
Ben Tiggelaar. Foto Jack Tillmans
Management-bashing is populair. Professionals klagen over financieel gefocuste managers die grossieren in targets en procedures. Publicisten schrijven over graaiende nitwits met een MBA die het alleen goed voor hebben met zichzelf.
En 'zakkenvullers' is het meest gebruikte woord in online reacties op economisch nieuws. Hoe redelijk is dit?
Nu kun je met recht discussiëren over de kwaliteit en integriteit van specifieke managers. Daarover straks meer. Maar waar managementhaters graag aan voorbijgaan, is dat in elke situatie waarin mensen (samen)werken een of andere vorm van management nodig is. Er zijn vele argumenten denkbaar, maar laat ik het voor nu even bij drie punten houden.
Als we alleen werken
1. Management is al nodig wanneer we alleen werken. Zonder zelfmanagement - wat ons nog niet zo makkelijk afgaat - en een beetje hulp van onze omgeving, belanden we maar al te vaak in gedrag dat op korte termijn plezierig is, maar op de lange termijn voor problemen zorgt. Er is geen psycholoog die nog gelooft dat ons handelen primair bewust en rationeel is. We zijn tamelijk slechte informatieverwerkers, irrationeel en vooringenomen. Goed, jij misschien niet, maar ik wel.
Als we samenwerken met enkelen
2. Management is nodig wanneer we met enkele mensen samenwerken. Zelfs eenvoudige projecten kunnen niet zonder afspraken, deadlines en personen die de verantwoordelijkheid voor het geheel nemen. Stelregel van een goede vriend: ik zou niet graag over een brug rijden die gebouwd is door een team waarin niemand de eindverantwoordelijkheid droeg.
Als we samenwerken met velen
3. Management is zeker nodig wanneer we met velen samenwerken. Dit geldt ook voor 'zelfsturende professionals' zoals leraren, artsen en ambtenaren. Beroepsgroepen die graag klagen over managers. Wie wel eens een school, ziekenhuis of gemeentehuis bezoekt, kan niet met droge ogen volhouden dat alles 'vanzelf' goed komt zonder sturing. Regels en procedures kun je makkelijk wegzetten als belemmering en bureaucratie. Maar voor klanten en burgers vormen ze maar al te vaak een noodzakelijke garantie voor kwaliteit en eerlijkheid in het contact met professionals.
Aristoteles beschrijft drie basisvormen van management
Ik heb niet helemaal toevallig de indeling 'één, enkelen, velen' gekozen. Een van de allereerste boeken die je tot de managementliteratuur zou kunnen rekenen, is de Politika van Aristoteles. De Griekse wijsgeer bestudeerde in de vierde eeuw voor Christus de bestuurlijke inrichting van honderdvijftig steden en kwam tot een helder model waarin hij drie basisvormen van 'management' beschrijft.
Het bestuur kon volgens hem bestaan uit één persoon, enkele of vele personen. Hierbinnen onderscheidde Aristoteles telkens een goede en een slechte variant: monarchie en dictatuur, aristocratie en oligarchie, politeia (een goede, constitutionele democratie) en 'democratie' (een slechte democratie, een dictatuur van de meerderheid).
Voor wie zitten de managers er?
Wanneer deugt het bestuur in de ogen van Aristoteles en wanneer niet? Het is goed wanneer men het algemeen belang nastreeft. Het is fout wanneer de bestuurders primair aan zichzelf of de eigen groep denken. Eenvoudig en helder. Of het management wordt gedaan door één, enkelen of velen, dat hangt af van de situatie en wat organisatietechnisch goed werkt. De hamvraag is: zitten de managers er voor zichzelf of voor de hele gemeenschap?
Conclusie? Kritisch zijn op individuele managers is goed en nodig. Kritisch zijn op management in het algemeen ook. Maar denken dat je zonder enige vorm van management kunt is een irreële wens. Een wens waarbij we lang niet altijd vanuit het algemeen belang redeneren, maar vooral vanuit de persoonlijke irritatie over het feit dat iemand anders de baas is en te weinig rekening houdt met ons.
