Mooi, zo’n mond van letters?
NW, de nieuwe roman van de Britse schrijfster Zadie Smith, is het nieuwe Twitlit-boek. Over de stijl is al veel geschreven, over de vorm niet.
Wow, wat een sterrenensemble!’ twitterde journalist Tim de Gier toen Bas Heijne bekend maakte wie in oktober meedoen aan zijn Twitterleesclub #twitlit. Heijne kiest de Britse schrijfster Zadie Smith. Van haar is vorige maand, zeven jaar na haar derde roman Over schoonheid, de nieuwe roman NWverschenen. Gastlezers zijn Femke Halsema en David Van Reybrouck. Zij gaan op respectievelijk 24 en 26 oktober met Heijne en twitterende lezers in debat.
Heijne benadrukte vorige week al dat Smiths nieuwe roman veel stof heeft doen opwaaien. De een vindt NW ‘briljant’, ‘een buitengewoon beeld van de tijd waarin wij leven’, de ander vindt de roman boek te ‘theoretisch’ en ‘ernstig gemankeerd’. De een prijst de stijl, die duidelijk is beïnvloed door James Joyce en Virginia Woolf; de ander vindt juist die modernistische technieken nogal gedateerd aandoen.
Over NW valt genoeg te zeggen. Op het oog is het een ideaal leesclubboek. Dat zal tv-persoonlijkheid Arie Boomsma bedoeld hebben toen hij over NW twitterde: ‘In meerdere opzichten een mooie keuze, Bas’.
Over de stijl van NW, verwant met de stream of consciousness van Woolf, Joyce en Faulkner, is al veel geschreven. Over de vorm van NW minder, hoewel die even opmerkelijk is. Blader bijvoorbeeld even naar het begin van hoofdstuk 7. Smith luidt dat hoofdstuk in met een kort, staccato verhaal over een appelboom. Bij dat poëtisch aandoende stukje blijft het niet, want het vlak waarin de tekst is gevat, is vormgegeven als een boom.
Hetzelfde gebeurt enkele pagina’s verder, aan het begin van het achtste hoofdstuk. In het witte vlak tussen Smiths verhaal over het open en dichtgaan van de mond van het personage Adina is een opengesperde mond getekend. Niet met lijnen, maar met woorden. In de Nederlandse editie zijn de dunne onder- en bovenlip samengesteld uit woorden als ‘tand’ (een hele rij), ‘gat’, ‘gebroken tand’ en ‘vulling’. Middenin deze lettermond gaapt het woord ‘TONG’. Wellicht wil Smith ons hiermee duidelijk maken dat die woorden in ons opkomen als we tijdens het praten geconcentreerd naar iemands mond kijken. Deze typografische trucjes kennen we van iemand als Jonathan Safran Foer, die ze gebruikte in Extremely loud & incredibly close. Maar werken ze ook in NW? Is de vermenging van woord en beeld steeds noodzakelijker in een tijd waarin beeldcultuur langzaam de overhand krijgt?
Laten we de komende tijd over deze en andere vragen die NW opwerpt op Twitter (met de hashtag #twitlit) in discussie gaan. Volg Bas Heijne op @NRCTwitLit. Het is tijd om te beginnen. Of, zoals online strateeg Willem Dudok twitterde: ‘Enfin. Mijn gesigneerd & hardcover exemplaar van Zadie Smiths NW is binnen. Laat dat #twitlit gerust beginnen.’
