Wie wint vanavond de Gouden Griffel?
Wordt het de Canadese berghond, of toch de vriendschap die eindigt met een knal? Vanavond wordt bekend welk kinderboek zich het beste van 2011 mag noemen: de Gouden Griffel wordt uitgereikt. Misschien slaat dichter Ted van Lieshout twee vliegen in één klap – en wint zijn Driedelig paard (bekroond met de Woutertje Pieterse Prijs) voor de tweede keer.
Of wordt het toch een van de outsiders: het verhaal over Piet Mondriaan, of het prentenboek over zijn werk, of de portretjes van pooldieren van Bibi Dumon Tak. Waar vorig jaar iedereen verwachtte dat Dissus van Simon van der Geest met de Gouden Griffel aan de haal zou gaan (en dat gebeurde ook), zijn de meningen nu verdeeld. We zetten de kanshebbers – allemaal al winnaar van een Zilveren Griffel – voor u op een rij. Vanavond rond 20:00 uur wordt de winnaar bekend.
Wouter van Reek – Keepvogel en Kijkvogel (tot 6 jaar)
Bijzonder is het project van Van Reek zeker en zijn Zilveren Griffel is een bekroning die dit kinderkunstboek over Mondriaan niet misstaat. Maar de trend van de afgelopen jaren lijkt dat de Griffeljury zich in de toekenning van de hoofdprijs steeds meer laat leiden door de vraag of kinderen er plezier aan beleven. Dat maakt de bekroning met Goud net iets onwaarschijnlijker.
Oordeel: outsider.
Sjoerd Kuyper – O rode papaver, boem pats knal! (tot 6 jaar)
‘Kuyper heeft weer mooi beschreven hoe de gedachten van een jong kind soms kunnen kronkelen,’ schreef NRC-recensent Marieke van Twillert. Het venijn lijkt te zitten in het woordje ‘weer’: dit boek is het negende deel over de kleuter Robin, van de dit jaar met de Theo Thijssen-prijs bekroonde schrijver en dichter. Kuyper schrijft poëtisch op maat van kinderen, in dit boek zoals in alle Robin-boeken, maar of dat genoeg is voor een Gouden Griffel? De concurrentie is misschien net iets spetterender en verrassender.
Oordeel: terechte Zilveren Griffel.
Edward van de Vendel – Toen kwam Sam (6+)
‘Het boek heeft alles in huis om het kinderhart te stelen’, schreef de Belgische Standaard over dit ‘nieuwe hoogtepunt in het oeuvre’ van Van de Vendel (dat laatste citaat kwam van Trouw). Het verhaal over een wijze, onnavolgbare berghond die het leven van de jonge Kix gaat beheersen, werd door de jury al omschreven als een ‘juweel van een verhaal dat in alle opzichten klopt’ van ‘een meesterverteller’. Zulke superlatieven passen eigenlijk alleen een hoofdprijswinnaar.
Oordeel: goede kanshebber voor Goud.
Truus Matti – Mister Orange (9+)
Dit verhaal vol vaart en kleur over de New Yorkse loopjongen Linus en de schilder Piet Mondriaan, figureerde in december hier en daar op de favorietenlijstjes van recensenten. Maar zou Matti's tweede boek al goed genoeg zijn voor een Gouden Griffel? De Volkskrant tipte haar afgelopen weekend als een van de kanshebbers: ‘Matti heeft een prettige, gedragen vertelstijl en snijdt uitdagende onderwerpen aan zonder dat het pretentieus of ingewikkeld wordt.’ Het is een mooi boek, maar het lijkt toch moeilijk voorstelbaar dat ze het wint van grote namen als Edward van de Vendel, Harm de Jonge en Sjoerd Kuyper.
Oordeel: terechte Zilveren Griffel, of gevaarlijke outsider?
Harm de Jonge – Vuurbom (9+)
De Griffeljury zei bij de uitreiking van de Zilveren Griffels het volgende over dit boek van Harm de Jonge: ‘Vuurbom is een bijzonder spannend, goed gedoceerd verhaal, dat door zijn structuur en spanningsopbouw heel uitnodigend is.’ Hoewel het boek door sommigen laaiend enthousiast maar door anderen wat gereserveerder is ontvangen, gonst de naam van De Jonge wel rond als winnaar van het Goud. De inzet van het beklemmende, reflecterende boek over een ontsporende vriendschap tussen twee jongens, is in elk geval hoog.
Oordeel: goede kanshebber voor Goud.
Jacqueline van Maarsen – ‘Je beste vriendin Anne’ (informatief)
De literaire kwaliteit van dit non-fictieboek is niet onomstreden. ‘Het volgen van de geschiedenis lijkt Van Maarsen als schrijver in de weg te zitten’, oordeelde NRC Handelsblad. Het gegeven waarop het boek van Van Maarsen drijft is wel interessant: het is de biografie van Anne Frank geschreven door de ogen van de schrijfster, die haar beste vriendin was.
Oordeel: onwaarschijnlijke winnaar.
Bibi Dumon Tak – Winterdieren (informatief)
‘Een parel binnen de non-fictie,’ noemde de Griffeljury dit boek met portretjes van dieren die in de poolstreken wonen. Bibi Dumon Tak schrijft non-fictie alsof het fictie is, is wel eens over haar geschreven: de ijsbeer verandert dankzij de beschrijving van Dumon Tak voorgoed, want zij noemt hem ‘de Rolls-Royce onder de pooldieren’. Het zou een verrassende, maar niet onterechte winnaar zijn.
Oordeel: gevaarlijke outsider.
Ted van Lieshout – Driedelig paard (poëzie)
Deze opmerkelijk toegankelijke bundel experimentele jeugdpoëzie ‘heeft het in zich – de kwaliteit én de toegankelijkheid – om een groot publiek te overtuigen van de lol van goede poëzie’, schreef NRC Handelsblad. Over Driedelig paard waren alle jeugdliteraire critici het wel eens: dit ging prijzen winnen. En het won, inderdaad, de Woutertje Pieterse Prijs. Zou dat de Griffeljury weerhouden van een tweede bekroning?
Oordeel: goede kanshebber voor Goud.
