Den Haag, 31 jan. Medefinancier, inspirator en bindend element. Dat moet de rol zijn van de rijksoverheid in het „offensief om probleemwijken te ontwikkelen naar prachtwijken”. Minister Vogelaar (Wonen, Wijken, Integratie, PvdA) toert sinds haar aantreden elf maanden geleden door Nederland met haar plannen voor wijkverbetering. Met de nadruk op plannen, want bijna een jaar na de aangekondigde „aanvalsplannen” uit het regeerakkoord is nog steeds onduidelijk wie welk deel van de rekening betaalt.
De minister stuurde gisteren een brief aan de Tweede Kamer waarbij zij een nieuw voorstel van de woningbouwcorporaties voor extra geld voor de veertig zogeheten Vogelaarwijken „niet acceptabel” noemt. Het is het tweede voorstel sinds Vogelaar één dag voor Prinsjesdag een akkoord sloot met de koepel van woningcorporaties (Aedes) over extra investeringen, energiebesparing en hun toekomstige relatie.
De corporaties zouden de komende tien jaar 2,5 miljard euro extra in de wijken investeren met een apart investeringsfonds. Het bedrag klinkt in Den Haag indrukwekkend en is een eigen leven gaan leiden. Vogelaar is een winnaar met extra geld voor ‘haar’ wijken. De corporaties zijn in de beeldvorming ook een winnaar: kijk, dit is sociaal ondernemerschap. En: onze reden van bestaan, de volkshuisvesting, is bij ons nog steeds in goede handen.
In de praktijk valt het bedrag tegen. De beoogde 2,5 miljard euro is een investering in vastgoed, waarvan, volgens de boekhoudregels van de corporaties, 750 miljoen euro niet wordt terugverdiend uit toekomstige huren. De 750 miljoen is ‘verliesfinanciering’, de rest wordt gewoon terugverdiend door huren en waardestijging.
Het ‘nee’ van Vogelaar is de zoveelste tegenslag voor de corporaties. De eerste was de huurverhoging die beperkt werd tot de inflatie. Daarna volgde invoering van winstbelasting voor corporaties. Toen bleek de ingewikkelde constructie met de 2,5 miljard investeringen niet het beoogde doel te halen. Het nieuwe plan waarover de corporaties nog moeten stemmen wijst minister Vogelaar nu al af. En op lokaal niveau, waar de gemeenten en de verschillende corporaties het echte werk moeten doen, rijst de vraag: hoeveel van deze investeringen zijn werkelijk nieuw en hoeveel investeringen hebben alleen maar nieuwe verpakking met feestelijke strik gekregen? En wie beslist erover of dat zo kan?
Het gesteggel over de financiering van de extra investeringen in de achterstandswijken heeft de afgelopen maanden de corporatiesector verdeeld. Ook hier ging de discussie na enige tijd alleen nog maar om het geld: wie betaalt wat?
De veronderstelling dat corporaties in de probleemwijken arme corporaties zijn bleek onjuist. Doordat de meeste achterstandswijken zich in grote steden bevinden zijn de corporaties uit grote steden bovengemiddeld vertegenwoordigd. Zij delen één eigenschap: ze zijn groot. Maar ze zijn niet armer of rijker dan andere corporaties, constateerde het Centraal Fonds voor de Volkshuisvesting – de toezichthouder. Het investeringsfonds van 2,5 miljard wil een probleem oplossen dat niet bestaat. Tegelijkertijd ontstaat wel een nieuw probleem: tweespalt tussen de corporaties binnen en buiten de Vogelaarwijken.
Het departement van Wonen Werken en Integratie is er nog niet in geslaagd zelf een bedrag te noemen dat wordt geïnvesteerd in de wijken. Binnenkort zal het getal bekend zijn wat het kabinet nu zelf in de 40 wijken investeert, voor zover dat te oormerken is. Want hoeveel geld van de inburgeringscursussen mag aan de wijken worden toegerekend? Boekhoudvraagstukken.
De minister en de corporaties zijn in de wijken tot elkaar veroordeeld, waardoor escalatie van het conflict in niemands belang is. Zeker niet dat van Vogelaar. De druk op haar om prestaties te tonen met de wijkplannen loopt op. De komende weken verlopen weer een aantal (verschoven) deadlines in de actieplannen: afspraken met gemeentes, afspraken met Aedes.
De oppositie in de Tweede Kamer had al veel moeite met de introductie van vennootschapsbelasting door minister Bos van Financiën, hoewel dat buiten Vogelaar om gaat. Bij de kritiek van de socialistische en liberale oppositie op de winstbelasting zou bijna worden vergeten dat de meeste politieke partijen een vorm van heffing op de corporatievermogens in hun verkiezingsprogramma hadden staan.
Volgend week houdt Aedes een ledenraadpleging over het door Vogelaar afgewezen tweede investeringsplan. Daarna beslist de minister: hoe nu verder.
Dat kan helderheid scheppen. De corporaties hebben de ministers in het kabinet niet uit elkaar gespeeld, maar hun eigen sector wel. Vogelaar kan nu een heffing op de corporaties voorbereiden om haar wijkaanpak te redden.
In de complexe vierhoeksverhouding van corporaties, gemeentes, koepelorganisatie Aedes en de minister kan een heffing een doeltreffende manier zijn om vooruitgang te boeken in een weerbarstig dossier.
Maar daar hangt wel een prijskaartje aan. Er is een jaar lang vruchteloos gehannest over het geld en, nog belangrijker, de verhoudingen met haar belangrijkste partner om 40 wijken te verbeteren zijn er niet op vooruitgegaan.

AEX: 343,08 


